Zaterdag 21/09/2019

Honderdduizend Congolezen op de vlucht voor geweld

In Oost-Congo vechten rebellen van oorlogsmisdadiger Bosco Ntaganda tegen het Congolese regeringsleger. Allerhande gewapende groepen maken van de chaos gebruik om de bevolking te terroriseren. Honderdduizend mensen zijn op de vlucht.

Hoewel de situatie in Oost-Congo de afgelopen jaren bijzonder zorgwekkend bleef, leek het erop dat de veiligheidstoestand beetje bij beetje aan het verbeteren was. Sinds 2009 waren er geen grootschalige militaire acties meer geweest en buurland Rwanda had aan zijn westerse bondgenoten in Washington en Londen beloofd om geen rebellenbewegingen in Oost-Congo meer te steunen. Dat leidde zowaar tot een politieke toenadering tussen Kinshasa en Kigali.

Voorzichtig begonnen Afrikakenners te dromen van een situatie waarbij Congo en Rwanda hun oorlogsrivaliteit zouden laten varen om op termijn uit te groeien tot vreedzame handelspartners, een scenario dat zich lang geleden ook in Europa heeft afgespeeld.

Maar die droom lijkt nu aan diggelen te liggen. Twee maanden geleden begon de door het Internationaal Strafhof gezochte oorlogsmisdadiger Bosco Ntaganda met zo'n zeshonderd man een nieuwe rebellie, die in enkele weken tijd een vluchtelingenstroom van 100.000 mensen op gang bracht. De provincies Noord- en Zuid-Kivu raakten totaal gemilitariseerd. Niet enkel Ntaganda greep naar de wapens, ook andere rebellengroeperingen maakten van de hernieuwde chaos gebruik om terrein en grondstoffenmijnen te veroveren.

Voor de bevolking van Oost-Congo betekent dit een ramp. Dorpen worden aangevallen en geplunderd; vrouwen en meisjes zijn opnieuw het slachtoffer van weerzinwekkend seksueel geweld. Voor de zoveelste maal ziet de wereld foto's passeren van lange rijen haveloze mannen, vrouwen en kinderen die met enkele goederen op hun hoofd op zoek gaan naar veiligheid. "We waren bang", vertelt leraar Ngahaga, die met zijn vrouw en drie kinderen naar buurland Oeganda vluchtte. "De rebellen waren gewapend met geweren en machetes. Ze stalen onze kleren, lakens, geiten, aardappelen en geld. Alles." Ngahaga en zijn familieleden leven momenteel onder een zelfgemaakt afdakje van takken en bladeren.

Het geweld tussen allerlei gewapende groepen bracht een kettingreactie van wraak en weerwraak op gang. In verschillende dorpen leidde dit tot massaslachtingen die amper aandacht kregen in de internationale media. Zo vielen de zogenaamde Raia-burgermilities tussen 1 en 4 maart de plaats Bunyakiri aan. Tweeëndertig mensen verloren hierbij het leven; de meesten werden afgemaakt met machetes. Een maand later kwamen er in hetzelfde gebied represaille-acties van FDLR-rebellen, waarbij 51 mensen werden gedood.

De gruweldaden deden zich voor op amper 3 kilometer van een post van de VN-blauwhelmen. Die post werd even later bestormd door dorpsbewoners die woest waren omdat de vredestroepen niets hadden ondernomen om het geweld te stoppen. Bij die confrontatie raakten elf vredessoldaten gewond. De jongste dagen vielen bij wraakacties tussen Raia-milities en FDLR-rebellen nog eens minstens 48 doden. Bijna altijd gaat het om burgers. Geweld tegen ongewapende mannen, vrouwen en kinderen wordt duidelijk gebruikt als oorlogswapen om de vijand te demoraliseren.

"Het gaat om de grootste moordpartijen die we sinds lang in Congo hebben gezien", zegt Grote Meren-expert Kris Berwouts. "De geweldsecalatie die we nu meemaken, heeft ook te maken met het feit dat de meeste gewapende groepen zich tijdens de verkiezingen van vorig jaar gedeisd hielden. Krijgsheren wachtten af of probeerden op een of andere manier voordeel te halen uit de verkiezingen. Tegelijk bereidden ze nieuwe offensieven voor: ze bewapenden zich en rekruteerden strijders. Na de verkiezingen hebben de meesten gemerkt dat er voor hen niets zou veranderen, waarna de boel is ontploft."

Ook Bosco Ntaganda heeft op deze manier geredeneerd. Begin 2009 had hij na een vredesakkoord zijn rebellenleger laten inlijven bij het Congolese regeringsleger en was hij zelf generaal geworden. Het feit dat het Internationaal Strafhof hem wou arresteren voor oorlogsmisdaden verhinderde niet dat Ntaganda in de stad Goma een luxeleventje kon leiden. Zijn krijgers gedroegen zich als een leger binnen het regeringsleger en bleven zich schuldig maken aan oorlogsmisdaden en grondstoffenplunderingen.

Maar Ntaganda's geluk keerde na de omstreden presidentsverkiezingen van 28 november, die president Joseph Kabila op zeer discutabele wijze won. Om de internationale gemeenschap te paaien besloot Kabila bij wijze van pr-stunt om Ntaganda te arresteren. Mede op initiatief van België wordt er een informele deal gesloten: westerse leiders beloofden om niet te veel over verkiezingsfraude te morren op voorwaarde dat Kabila de jacht op Ntaganda zou openen. Die laatste kreeg lucht van dit plan en vluchtte in april met zo'n zeshonderd strijders de brousse in.

Sindsdien leden Ntaganda en zijn mannen enkele zware nederlagen. Ze moesten hun basis in Masisi ontvluchten en trokken zich terug in een noordoostelijke hoek van het beroemde Virunga-natuurpark, net aan de Rwandees-Oegandese grens. De rebellen herdoopten zich tot M23-beweging, naar de datum van 23 maart 2009, de dag dat de rebellen een vredespact sloten met de regering in Kinshasa.

Eind april zag het ernaar uit dat de M23-rebellen in de pan gehakt zouden worden. Het Congolese leger zette duizenden manschappen in en gooide gevechtshelikopters, tanks en artillerie in de strijd. Maar op een bepaald moment begonnen de rebellen zich steeds krachtiger te verweren en bleken ze ook over betere wapens te beschikken. Dit deed het vermoeden ontstaan dat buurland Rwanda zich opnieuw met de situatie aan het moeien was (zie interview met Filip Reyntjens).

De geruchten werden deze week bevestigd door een geheim rapport van de Verenigde Naties dat via de BBC uitlekte. In het rapport beweerden elf gedeserteerde M23-strijders dat ze in Rwanda gerekruteerd en opgeleid waren en vervolgens door Rwandese regeringsmilitairen de grens met Congo waren overgesmokkeld om ingezet te worden bij de M23-beweging. De strijders waren ingelijfd onder het voorwendsel dat ze in het officiële Rwandese leger zouden dienen. Rwanda zou de M23-rebellen ook bevoorraden met zware wapens en munitie.

De Rwandese minister van Buitenlandse Zaken, Louise Mushikiwabo, ontkent elke betrokkenheid en haalt uit naar de VN-vredesmissie die "miljarden dollars kost en vanaf dag één een totale mislukking is". Veelzeggend was de reactie van de Congolese communicatieminister Lambert Mende. Hij ontkende de inlichtingen van het VN-rapport niet en verklaarde dat de informatie onderzocht zou worden. Iets wat door de meeste experts beschouwd wordt als een de facto bevestiging van de VN-informatie.

In ieder geval zorgt de mogelijkheid van Rwandese inmenging voor een bijzonder gevaarlijke situatie. Het was Rwanda dat in augustus 1998 de Congolese oorlog ontketende, die tot 5,5 miljoen doden zou leiden, en datzelfde Rwanda gaf in 2008 cruciale steun aan de rebellen van Laurent Nkunda toen die het Congolese regeringsleger nabij Goma onder de voet liepen. Een open oorlog tussen Congo en door Rwanda gesteunde rebellen behoort plotseling opnieuw tot de mogelijkheden.

Toch blijven meerdere experts geloven dat deze crisis geen einde zal maken aan de toenadering tussen Kinshasa en Kigali. "Dit is natuurlijk een zeer zorgwekkende situatie", zegt Kris Berwouts. "Maar aan de andere kant blijven Rwandese en Congolese topministers elkaar ontmoeten op zogenaamde gemengde commissies over veiligheidszaken die afwisselend in Rwanda en Congo plaatsvinden. Beide landen hebben overduidelijke gemeenschappelijke belangen. Een normalisering van de relaties heeft grote voordelen voor Rwanda, dat zich op vreedzame wijze kan ontpoppen tot de dominante economische kracht in de regio van de Grote Meren. Kinshasa heeft er dan weer alle belang bij dat Rwanda de veiligheid in de regio niet meer in het gedrang brengt. Als je dezer dagen naar de verschrikkelijke feiten kijkt, is zo'n scenario van verzoening ondenkbaar. Maar wie iets meer afstand neemt, kan niet anders dan concluderen dat een precair evenwicht tot de mogelijkheden behoort."

Venant Tshipasa, een nationaal parlementslid voor Noord-Kivu, maakt zich op dit vlak geen illusies: "Terwijl onze eigen regering met de twee handen boven tafel onderhandelt, maakt Rwanda met zijn ene hand het vredesteken om met de andere hand een kalasjnikov op ons leeg te schieten." Vandaag vindt in Kinshasa een betoging plaats tegen de oorlog.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234