Maandag 23/09/2019

Hogescholen leggen de lat hoger

Vlaamse hogescholen willen eerstejaarsstudenten de verplichting opleggen om voor minimaal 60 procent van de opgenomen vakken te slagen. Momenteel halen 4 op de 10 eerstejaars in het hoger onderwijs die lat niet.

De Vlaamse hogescholen willen ingrijpen om studenten tijdig te laten afstuderen. De aankondiging komt er nadat minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) meedeelde dat de universiteiten en hogescholen voortaan via een databank kunnen nagaan welke vakken instromende studenten aan hun oude instelling hebben gevolgd en welke punten daarbij werden gehaald (DM 2/3). Dat moet voorkomen dat studenten zo dwingende maatregelen ontlopen door aan een andere instelling te herstarten.

Daarbovenop willen hogescholen nu ook hun bindende studievoorwaarden, verplichtingen die ze opleggen aan studenten in verband met slagen, opvoeren. De meeste hogescholen hadden de lat al op 50 procent gelegd. Dat wil zeggen dat een student voor de helft van de opgenomen vakken moet slagen. Doet hij dat niet, dan krijgt hij het volgend academiejaar dwingende maatregelen opgelegd. Dat kan gaan van verplichte studiebegeleiding tot het weigeren van een herinschrijving.

"Nu zal in nagenoeg alle hogescholen die lat dus opgetrokken worden tot 60 procent", zegt Marc Vandewalle, secretaris-generaal van de Vlaamse Hogescholenraad (Vlhora), aan De Morgen. "We hopen dat de invoering hiervan bij studenten voor een mentaliteitswijziging zal zorgen en dat zij zich vanaf het begin meer gaan inspannen. We leggen de lat hoger in de hoop dat de studenten daardoor ook hoger zullen springen."

Begeleiding

Of ze dat zullen doen, is wel de vraag. Nu al halen heel wat studenten die 60 procent niet. Uit cijfers van minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) blijkt dat 4 op de 10 eerstejaars in het hoger onderwijs (hogescholen én universiteiten samen) die lat niet haalt. Aan de hogescholen ligt dat percentage volgens het kabinet zelfs nog iets hoger. Om een idee te geven: dit jaar hebben zich 28.312 jongeren voor het eerst aan een hogeschool ingeschreven. Van die groep zullen er dus 11.324 te weinig studiepunten behalen. Zij kunnen onder de nieuwe regeling dwingende maatregelen tegemoetzien.

De hogescholen beseffen dat ze voldoende begeleiding zullen moeten voorzien voor die studenten. Ze voelen naar eigen zeggen een grote verantwoordelijkheid, omdat die studenten nergens anders meer naartoe kunnen. Wie niet slaagt aan de universiteit, komt doorgaans op een hogeschool terecht. Wie daar niet slaagt, komt vaak ongekwalificeerd op de arbeidsmarkt.

In theorie moeten zulke jongeren ook kunnen aankloppen in het hoger beroepsonderwijs (HBO5). Dit studieniveau ligt tussen het middelbaar en het hoger onderwijs en bereidt specifiek voor op de arbeidsmarkt. Daar kunnen studenten bijvoorbeeld een opleiding boekhouden, elektromechanica of maatschappelijk werk volgen.

Dat klinkt goed, geeft de Vlhora aan, alleen ontbreekt de financiering en is het hoger beroepsonderwijs bijgevolg onvoldoende uitgebouwd. Minister van Onderwijs Hilde Crevits gaf eerder al aan werk te willen maken van een uitbouw van HBO5. Ook de financiering ervan zal worden onderzocht en eventueel bijgesteld.

►3

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234