Woensdag 25/05/2022

Hoeveel rondes nog in de match tussen waarheid en leugen?

'Hoeveel simpele deelnemers aan partouzes van Nihoul sidderen niet bij de gedachte dat hun naam zou kunnen worden genoemd?'

De dag waarop Sabine en Laetitia werden bevrijd zal ongetwijfeld als een keerpunt geboekstaafd blijven in de Belgische geschiedenis. Voordien verdwenen kinderen, werden hun lijkjes teruggevonden en werd af en toe een sadist gearresteerd. Daar werden dan een paar regels aan besteed tussen de faits divers. Het was alsof wij een paar stilstaande beelden te zien kregen uit een horrorfilm die zo mijlenver verwijderd stond van ons dagelijks leventje dat wij er nauwelijks aandacht aan besteedden. En toen, op 15 augustus 1996, konden wij er allemaal in real time getuige van zijn hoe twee jonge meisjes werden bevrijd die waren ontvoerd en opgesloten door Marc Dutroux. De ontroering die zich van mij meester maakte toen ik naar de televisie keek, werd gedeeld door miljoenen mensen in België en in de wereld. Die ontroering lag aan de oorsprong van de Witte Mars, die op haar beurt weer leidde tot die merkwaardige primeur voor ons land: de rechtstreekse uitzending van een parlementaire onderzoekscommissie over de verdwijning van kinderen.

Ik was dan ook helemaal niet verbaasd toen ik Gini - bijgenaamd X1 - in een interview in De Morgen (10 januari) hoorde verklaren hoe doorslaggevend de bevrijding van Sabine en Laetitia voor haar was geweest: "De politiemensen die Sabine en Laetitia in een auto hielpen stappen - dát waren de witte ridders waar ik al die jaren van had gedroomd." Het is op dat moment dat zij besloot in Neufchâteau getuigenis af te leggen.

De arrestatie van Dutroux en Nihoul brengt echter ook de kloof aan het licht tussen 'gevoeligen' en 'ongevoeligen'. De meeste mensen hebben ten volle meegeleefd met de kinderen die het slachtoffer werden van allerlei wreedheden. Maar een flink aantal stoere geesten begonnen van meet af Connerotte en Bourlet te bekritiseren als de 'witte ridders', de 'cowboys' van Neufchâteau. Toen Connerotte van het onderzoek werd ontlast is die beslissing niet alleen toegejuicht door het conservatieve establishment maar ook door een aantal linkse intellectuelen. Om redenen die nader ontleed zouden moeten worden stonden die laatsten wantrouwig tegenover de emoties en de 'overdreven mediatisering' van de hele affaire. Als psychotherapeut koester ik het vermoeden dat die mensen het moeilijk hebben met hun eigen lijden in het reine te komen en dat zij zich daarom onbewust aan de zijde van de agressors scharen. Het staat evenzeer vast dat duistere beïnvloedingsmechanismen aan het werk zijn gezet door prominenten die zich terecht of ten onrechte gecompromitteerd voelden door de onthullingen. Hoeveel simpele deelnemers aan partouzes van Nihoul sidderen niet bij de gedachte dat hun naam zou kunnen worden genoemd? Gini - getuige X1 - wijst er overigens zelf op dat een aantal van die 'feestjes' door het netwerk juist werden georganiseerd met het oog op chantage.

In de media werd al spoedig een andere breuklijn duidelijk. Men begon Dutroux af te schilderen als een roofdier dat op zijn eentje toesloeg, een psychopaat zonder weerga, een geniale waanzinnige. Nihoul werd geportretteerd als een levensgenietende zakenman en oplichter, die Dutroux pas onlangs tegen het lijf was gelopen en op de onzalige gedachte was gekomen zijn auto door hem te laten herstellen. Die voorstelling van zaken werd ondersteund door een heuse campagne in de media, die haar hoogtepunt bereikte met de RTBF-uitzending Au Nom de la Loi van 17 september 1997. Onmiddellijk daarna greep een soort 'zwijgcampagne' om zich heen: Nihouls naam dook (althans in de Franstalige media) nauwelijks nog op in de volgende zes maanden.

Precies om tegen die campagnes te reageren hebben wij de vereniging 'Pour la vérité' opgericht. Die bestaat uit mensen vanuit heel verschillende hoeken, die alle de zorg gemeen hebben kritisch te blijven tegenover de voortijdige bereidheid om te bevestigen dat de bescherming van Dutroux en Nihoul slechts een product is van fantasie. Wij hebben twaalf vragen geformuleerd over de aan de gang zijnde onderzoeken en zelfs voor een volle pagina in Le Soir betaald om die vragen te publiceren onder de titel 'Wij zullen de zaken niet op hun beloop laten'. Wij wensten op die manier met onze boodschap het brede publiek te bereiken en ook de media wakker te schudden. Op dat tweede punt hebben wij maar weinig succes geboekt.

De zwijgcampagne is tenslotte slechts doorbroken door de publicatie van het getuigenis van X1. Zes maand lang heeft zij in Neufchâteau verklaringen afgelegd over het netwerk waarmee Nihoul en Dutroux verbonden zijn. Haar getuigenis beschrijft heel precies tientallen moorden op jonge vrouwen en kinderen. Maar het kreeg niet zijn natuurlijk verlengstuk in de gerechtelijke onderzoeken en huiszoekingen die waren voorzien door de ploeg speurders die X1 ondervroegen; die speurders werden integendeel zelf van het onderzoek weggehaald in juli 1997. Sindsdien houdt men zich bezig met een 'herlezing' van het dossier. Die herlezing - gepaard gaande met een stilleggen van het onderzoek - vormt zeker een juridische nieuwigheid. Het is alsof een arts de behandeling van een patiënt in kritieke toestand zou stopzetten om rustig nog eens diens dossier door te nemen. Indien men weet dat die herlezing nu al langer heeft geduurd dan het onderzoek zelf, en dat het beëindigen van de herlezing wordt uitgesteld telkens wanneer de einddatum van de parlementaire onderzoekscommissie wordt verschoven, dan kan men inderdaad vrezen dat het woord 'herlezing' in feite staat voor 'doodsteek'.

Voor de scherpzinnige waarnemer lijkt het evident: zonder dat men dat met evenveel woorden wil erkennen bestaat de bedoeling om de onderzoeken stil te leggen. Die bedoeling gaat schuil achter het 'schandaal' van de lekken. Het parket en sommige media winden zich op over lekken zonder zich ook maar iets gelegen te laten liggen aan de inhoud daarvan, terwijl ze anderzijds zelf lekken organiseren die het getuigenis van X1 zogenaamd op de helling zetten (zoals met de partiële publicatie van een samenvatting van de herlezing, of van geïsoleerde passages uit een psychiatrisch rapport over X1). De discussie over de inhoud van wat X1 getuigt, wordt eveneens uit de weg gegaan door het mediadebat te concentreren op de geloofwaardigheid van X1: is die niet te zeer getraumatiseerd, gek, mythomaan?

Als psychiater vind ik het daarentegen juist veel interessanter vragen te stellen aangaande de geloofwaardigheid van justitie, in plaats van die van X1. In plaats van zich tot psychiaters te wenden om uit te vissen of alles wat X1 vertelt waar is, zou men zijn belangstelling beter richten op de precieze feiten die door X1 worden beschreven, en controleren wat nog gecontroleerd dient te worden. Men weet bijvoorbeeld dat X1 over de moorden op Christine Van Hees en Carine Dellaert gedetailleerde informatie heeft verstrekt die overeenstemt met de gegevens in het dossier en soms zelfs nauwkeuriger is dan die gegevens (de spijker door de hand van Christine bijvoorbeeld). Zij heeft ook een meisje uit Gent als slachtoffer genoemd: V, officieel overleden aan kanker. Als dat geen gedroomde gelegenheid is om na te gaan of X1 betrouwbaar is: laat men het medisch dossier ontleden, laat men de twee artsen ondervragen die de overlijdensakte hebben ondertekend, en laat men het lijk opgraven voor onderzoek. Die voor de hand liggende onderzoeksdaden zijn door de speurders aangevraagd sinds januari 1997 maar werden tot hier toe geweigerd door het parket van Gent.

Moet men zich dan inderdaad niet ernstig beginnen afvragen of voor het stilleggen van de onderzoeken wellicht een andere reden bestaat dan het eventuele gebrek aan geloofwaardigheid van X1? Zouden de problemen niet eenvoudigweg voortspruiten uit het feit dat het getuigenis van X1 belangrijke personages - als industriëlen, politici en zelfs een voormalig eerste minister - in het gedrang brengt?

'Ik was helemaal niet verbaasd toen ik X1 hoorde verklaren hoe doorslaggevend de bevrijding van Sabine en Laetitia voor haar was geweest.' (Foto Isopress)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234