Vrijdag 07/08/2020

Vluchtelingencrisis

Hoe vroeger aan de slag, hoe beter

Beeld © bas bogaerts

De Belgische werkgevers zoeken morgen uit hoe meer vluchtelingen sneller aan het werk kunnen. 'Wie nu arriveert, zou het weleens makkelijker hebben dan de klassieke migrant', voorspelt migratie-expert Johan Wets.

Zes maanden moeten oorlogsvluchtelingen nu wachten voor ze hier de hand aan de ploeg mogen slaan. Veel te lang, beseften de regeringen, vakbonden en werkgevers, waarop ze beslisten om die periode in te korten tot vier maanden. Of ze dan al een erkenning hebben of niet, maakt niks uit. Ze mogen sowieso na die periode aan het werk. Onderzoek van de KU Leuven en ULB toont aan dat werken tijdens de asielprocedure positief is. Het helpt erkende vluchtelingen later sneller aan een job.

Toch zijn de globale cijfers nu niet erg hoopgevend. Migratie-expert Johan Wets (KU Leuven) en collega Andrea Rea bestudeerden het parcours van 70.000 nieuwkomers die tussen 2000 en 2010 in ons land arriveerden. Op het moment van hun erkenning had een vijfde werk, vier jaar later was dat meer dan de helft. Wets merkt wel op dat de jobkansen voor de vluchtelingen die hier nu aankomen minder desastreus kunnen zijn. "Ze zijn hoger opgeleid en hebben een betere talenkennis. Dat kan maken dat ze sneller ingeschakeld kunnen worden in onze arbeidsmarkt."

Werkgevers zullen er wel genoegen mee moeten nemen, waarschuwt Wets nog, dat de oorlogsvluchtelingen die ze aannemen niet per se decennialang voor hen zullen blijven werken. Velen zullen subsidiaire bescherming krijgen, wat betekent dat de situatie van de asielzoeker elk jaar opnieuw onderzocht wordt. Eens de oorlog voorbij is, moeten ze in principe terug. "Ze zullen hen dus telkens voor één jaar moeten aannemen", legt Wets uit.

Nu kunnen asielzoekers tijdens hun procedure na vier maanden vrijwillig begeleiding krijgen. VOKA roept op hen vanaf dag één al de taal aan te leren en te helpen met hun integratie. Die begeleiding 'loont' ook meer, voor wie het eng economisch wil bekijken, dan enkele jaren geleden. "Nu piekt het erkenningspercentage tot boven de 90 procent. Toen lag dat tientallen procenten lager", zegt Wets. "Crashcursussen Nederlands en inburgering voor Syriërs hebben dus echt wel nut."

In zijn groots opgezet onderzoek vergeleek Wets de arbeidsmarkt in Vlaanderen en Wallonië. Er bleek uit dat nieuwkomers in Vlaanderen tot 90 procent meer kans maken op een job. Dat hemelsbrede verschil wordt niet enkel verklaard door de betere economie. Vlaanderen verplicht sinds 2004 lessen Nederlands en maatschappelijke oriëntatie, in Wallonië gebeurt dat vrijwillig.

Al die lessen hoeven zelfs niet van de overheid te komen. "Veel ondernemers zijn bereid deze vluchtelingen op de werkvloer op te leiden", zegt Sonja Teughels, senior adviseur arbeidsmarkt bij VOKA. "De vele stelsels, statuten en overheidsdiensten mogen hen dit niet beletten." Wets haalt ook aan dat niet iedereen perfect Nederlands moet kunnen. "Een ICT'er kan zich ook perfect met Engels uit de slag trekken."

Vluchtelingenorganisaties waarschuwen wel dat België deze oorlogsvluchtelingen niet mag overbevragen: ze hebben vaak een helse tocht achter de rug en een al even gruwelijke oorlog in hun thuisland.

Dirty, dangerous & demeaning

De erkenning van buitenlandse diploma's is een oud zeer. "Geen wonder," zegt Wets, "Hoe kun je als Vlaams ambtenaar oordelen of een diploma van een obscure universiteit enige waarde heeft?" Als oplossing raadt Wets aan dat de vluchtelingen via testen hun kennis en vaardigheden kunnen bewijzen. Opnieuw speelt hier het ongewone profiel van deze - voornamelijk - Syrische asielzoekers. Ze hebben betere diploma's dan de doorsnee nieuwkomer en zullen dus geschikt zijn voor andere jobs.

Normaal gezien moeten nieuwkomers kiezen voor de zogenaamde 3D-jobs: dirty, dangerous en demeaning (vuil, gevaarlijk en vernederend). Door de hogere opleidingsgraad in hun eigen land hoeft dat voor Syriërs niet de enige uitweg te zijn.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234