Zondag 08/12/2019

Trump, één jaar later

Hoe speciaal aanklager Mueller het Russische net rond Trump almaar strakker aantrekt

Beeld REUTERS

Speciaal aanklager Robert Mueller voert sinds mei, samen met de FBI, een onderzoek naar mogelijke banden tussen de Trump-campagne en Rusland. Illegale geldstromen – onder meer met een Brusselse vzw als dekmantel – werden blootgelegd, mede­standers van de president een voor een aangeklaagd. Maar Trump zelf bleef buiten schot. Kan hij standhouden?

Op 3 juni, 2016, om 10u36, schrijft Rob Goldstone:

Goeiemorgen, 
Emin belde me net en vroeg me je te contacteren over iets zeer interessants. De openbaar aanklager van Rusland ontmoette deze ochtend zijn vader Aras en tijdens hun ontmoeting boden ze de Trump-campagne enkele officiële documenten en inlichtingen aan die Hillary en haar omgang met Rusland in een slecht daglicht zouden stellen en zeer waardevol zouden zijn voor je vader. Dit is uiteraard zeer hoog niveau en gevoelige informatie, maar maakt deel uit van Rusland en de steun van zijn regering voor Mr. Trump – geholpen door Aras en Emin.
Beste groet,
Rob Goldstone

Op 3 juni, 2016, om 10u53, schrijft Donald Trump Jr.:

Dank je Rob, dat waardeer ik. Ik zal met Emin spreken (…). Als het is wat je zegt, dan hou ik ervan, vooral later in de zomer. Bellen we volgende week?
Beste groet,
Don

Deze twee e-mails vormden de directe aanleiding voor een vandaag omstreden vergadering met een niet-officiële Russische delegatie die op 9 juni 2016 in New York plaatsvond op de 25ste verdieping van de Trump Tower, de wolkenkrabber waar presidents­kandidaat Donald Trump toen zijn campagne­hoofdkwartier had.

Naast Trumps zoon Don Jr. was ook de afzender van de eerste mail aanwezig, Rob Goldstone. Deze Britse publicist werkt samen met de vermelde Emin, die de zoon is van de Russische oligarch Aras Agalarov. De vastgoed­magnaat Agalarov staat dicht bij president Vladimir Poetin, maar kent ook Trump persoonlijk en zakelijk, sinds ze in Moskou samenwerkten om de Miss Universe-verkiezing van 2013 te organiseren.

Nog aanwezig die dag: Irakly ‘Ike’ Kaveladze, vertegenwoordiger van de Agalarovs; de Russische advocate Natalia Veselnitskaya, die in rechtbanken procedeerde tegen VS-sancties tegen Russen; Rinat Achmetsjin, een lobbyist; Trumps schoonzoon Jared Kushner en Paul Manafort, die eind juli de Republikeinse Conventie zou organiseren en daarna, heel even, Trumps campagne­manager zou worden.

Toen deze meeting net na de presidents­verkiezingen uitlekte in de pers, ontkende Trump Jr. dat er gesproken zou zijn over een Russische smeer­campagne tegen Hillary Clinton. Hij erkende wel dat er gelobbyd was om Russische sancties op te heffen.

Toch speelt de ontmoeting vandaag een hoofdrol in het onderzoek naar het vermeende pact tussen de Trump-campagne en Rusland, dat sinds 17 mei vorig jaar wordt gevoerd door
special counsel (speciaal aanklager) Robert Mueller, die werd aangesteld nadat president Trump FBI-directeur James Comey aan de deur zette.

Special counsel Robert Mueller voert het onderzoek naar banden tussen de Trump-campagne en de Russische regering. Beeld CQ-Roll Call,Inc.

De reden voor alle argwaan is de achtergrond van de aanwezigen. Veselnitskaya en haar advocatenkantoor, Kamerton Consulting, verdedigde tussen 2005 en 2013 de Russische inlichtingendienst FSB in een rechtszaak over een vastgoed­geschil. Akhmetshin werkte tijdens de laatste jaren van de Sovjet-Unie, eind jaren 80, voor de militaire contra­spionage en verhuisde daarna naar de VS, waar hij bleef lobbyen voor zijn moederland.

En dan is er vooral Paul Manafort, die op het moment dat hij bij het campagne­team van Trump aansloot, in maart 2016, al een berucht lobbyist was voor Russische belangen­groepen. Mueller nam hem bewust als eerste in het vizier. Manafort stond zwak: Trump had hem op 19 augustus al bedankt als campagne­manager, nadat de kranten vragen stelden bij zijn zakenverleden.

Muellers onderzoek resulteerde snel in een zware straf­aanklacht tegen Manafort eind oktober vorig jaar. Samen met zijn zakenpartner Richard Gates wordt Manafort er door Mueller van beschuldigd via offshore­rekeningen in belasting­paradijzen geld van pro-Russische Oekraïense belangen­groepen te hebben witgewassen, en dat tot in verkiezingsjaar 2016. Via de rekeningen, in onder meer Cyprus, passeerde maar liefst 75 miljoen dollar (ruim 60 miljoen euro). Manafort waste daar minstens 18 miljoen dollar van wit, onder meer door talrijke vastgoed­aankopen in de VS.

Paul Manafort, een berucht lobbyist voor Russische belangen­groepen, werd in maart 2016 door Trump aan boord gehaald en was even diens campagne­manager. Beeld EPA

Een ander deel van het geld was in de jaren daarvoor al gebruikt voor illegale lobby­praktijken in het voordeel van Viktor Janoekovitsj, die van 2010 tot 2014 president was van Oekraïne én trouwe mede­stander van Poetin. Janoekovitsj vluchtte hals­overkop naar Moskou nadat zijn sluipschutters honderd opposanten hadden vermoord op het Maidan-plein in Kiev. Poetin greep Janoekovitsj’ omverwerping daarna aan om de Krim te bezetten en separatistische rebellen te bewapenen in oostelijk Oekraïne, waarna de VS en de EU de Russen nieuwe sancties oplegden.

Geld uit de Weten­schaps­straat

Manafort gebruikte voor zijn pro-Russisch Oekraïne-gelobby een Brusselse vzw, zo blijkt uit Muellers aanklacht van eind vorig jaar. “Het European Centre for a Modern Ukraine (ECMU) werd in 2012 opgericht in België als een spreekbuis voor Janoekovitsj en zijn Partij van de Regio’s”, leest het document van de special counsel. “Het Centrum werd ook gebruikt door Manafort, Gates en anderen om te lobbyen en een pr-campagne in de VS én Europa uit te werken in opdracht van het toenmalige regime.”

Gevestigd in de Brusselse Weten­schaps­straat, een zijstraat van de Belliard­straat, kwam de vzw in 2014 al even in opspraak omdat haar bestuurders directe banden hadden met Janoekovitsj. Nu blijkt dat de vzw ook een dekmantel is geweest voor illegale geld­stromen die door speciaal aanklager Mueller aan zijn Rusland-onderzoek worden gelinkt.

Mueller voert aan dat Manafort de vzw als een cover-up gebruikte om illegaal, want via offshore­rekeningen, twee grote Amerikaanse lobby­firma’s te betalen die vervolgens zowel Republikeinse als Democratische politici probeerden te beïnvloeden met pro-Russische Oekraïne-standpunten.

Uit de aanklacht: “Bedrijf A en Bedrijf B werden voor hun diensten niet betaald door hun nominale klant, het Centre, maar via offshore­rekeningen van Manafort en Gates – genaamd Bletilla Ventures Limited (in Cyprus); Jeunet Ltd. en Global Endeavour Inc. (in de Grenadines-eilanden). In totaal werd aan beide firma’s tussen 2012 en 2014 meer dan 2 miljoen dollar betaald.” De twee bedrijven, Mercury en de Podesta Group, ontkenden dat ze van de oorsprong van het geld op de hoogte waren.

De Brusselse vzw ontbond zich na de val van Janoekovitsj, maar Manafort bleef nog minstens een jaar voor pro-Russische politici uit Oekraïne lobbyen. Enkele maanden later werd hij door Trump aan boord van z’n campagne gehesen.

Schemerzone

De vraag stelt zich of er via Manafort ook buitenlandse geld­stromen naar Trumps campagne zijn gevloeid, wat een inbreuk zou zijn op de wet op campagne­financiering. De reden van deze focus is dat op Manaforts nota’s over de ontmoeting in de Trump Tower verwijzingen zijn gevonden naar mogelijke giften.

Dankzij Manafort vloeide er dan al rijkelijk geld naar de Republikeinen van legitieme donoren die nauwe banden hebben met de Russische president Poetin. Dat bleek eind vorig jaar uit een onderzoek van economie­professor en Rusland-experte Ruth May van de University of Dallas. Zo doneerde Len Blavatnik, een Amerikaans-Brits zakenman met familie­wortels in de ex-Sovjet-Unie, in 2015 en verkiezings­jaar 2016 meer dan 6 miljoen dollar aan politieke actie­comités van de Republikeinen. Na Trumps verkiezing betaalde Blavatnik, via zijn bedrijf Access Industries, liefst één miljoen dollar aan Trumps ‘Inaugural Committee’ – een tijdelijke commissie die een verkozen president helpt om zijn ceremonie te betalen.

Blavatniks giften zitten in een juridische schemerzone omdat er ‘onrecht­streeks’ Russisch geld mee gemoeid is. Blavatnik bezit samen met een zakenpartner immers een vijfde van de aandelen van Rusal, ’s werelds tweede grootste aluminium­bedrijf. Het wordt geleid door Oleg Deripaska, een oligarch die kind aan huis is bij Poetin en zaken doet met staatsbank VTB – waartegen VS-sancties lopen.

Deripaska deed ook zaken met Manafort, aan wie hij volgens een NBC News-onderzoek de voorbije tien jaar minstens 60 miljoen dollar ‘leende’ via offshore­bedrijven.

Duizenden mails gehackt

Manafort was niet de enige in Trumps omgeving die intens de Russische belangen behartigde, zo achterhaalde Mueller al snel.

De speciaal aanklager liet zijn oog vallen op George Papadopoulos, die als 28-jarige buitenland­adviseur aan Trumps campagne was verbonden. Tegen hem werd in oktober vorig jaar een aanklacht ingediend wegens meineed tegenover de FBI.

Centraal in zijn beschuldigings­akte staat een Maltese professor, Joseph Mifsud, die verbonden is aan de Valdai Debatclub in Moskou – een denktank die ‘de dialoog tussen Rusland en internationale intellectuele elites’ wil bevorderen.

Het is Mifsud die de Trump-campagne voor het eerst zal vertellen dat de Russen gehackte mails bezitten van Hillary Clinton, de Democratische kandidate die toen al onder vuur lag omdat ze als buitenland­minister een onveilige privé­server gebruikte waarvan al enkele mails op het internet waren beland.

“Zij (de Russen) hebben modder over haar”, vertelde Mifsud aan Papadopoulos in Londen. “De Russen hebben mails over Clinton... Ze hebben duizenden mails.”

Papadopoulos verzweeg dit tijdens zijn ondervragingen eerst voor de FBI en zei dat hij de professor gewoon als kennis had ontmoet voor hij het campagne­team van Trump begin maart 2016 versterkte. Zijn leugen werd door de speurders doorprikt. Hij had pas contact met Mifsud nadat hij zich bij het Trump-team had gevoegd, op of rond 14 maart. Over de mails spraken ze eind april.

Wat Papadopoulos met de informatie over Clintons mails deed, maakt nog deel uit van Muellers onderzoek, want wie op de hoogte is van strafbare feiten moet daar aangifte van doen – en al zeker als de dader een buitenlandse mogendheid zou zijn. Voor zover bekend repte de Trump-campagne daar echter met geen woord over tegen de veiligheidsdiensten, ook niet toen de publieke opinie in juli te horen kreeg dat het Democratische hoofdkwartier was gehackt.

De jonge buitenland­adviseur stond dan al in contact met vertegenwoordigers van het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken. Uit Muellers aanklacht tegen Papadopoulos blijkt dat Russische ambtenaren via talrijke mails in mei en juni probeerden om, via hem, Trump te bewegen tot een ontmoeting met een hoge Russische delegatie.

Uit een mail die de FBI aantrof, blijkt dat een kaderlid van Trumps campagne dat te riskant vond, maar tegen voortdurende contacten tussen Russen en Papadopoulos maakte hij geen bezwaar.

De joker

Zodra Trump de nominatie had binnengehaald, richtte het Kremlin zijn energie voluit op hun joker in de campagne: Michael Flynn. Deze voormalige luitenant-generaal werd na de presidents­verkiezingen door Trump aangezocht om zijn Nationaal Veiligheids­adviseur te worden, ondanks zijn openlijke bewondering voor Poetin.

Na zijn vertrek als hoofd van de militaire inlichtingen­dienst in 2014, in onmin met president Obama, werd Flynn gast­commentator voor de Russische propaganda­zender Russia Today, die hem 45.000 dollar betaalde om in december 2015 in Moskou een gala­diner bij te wonen waar hij aan dezelfde tafel mocht zitten als Poetin.


Na de presidents­verkiezingen had Flynn meteen een veelvoud aan contacten met de Russische ambassadeur in de VS, Sergej Kisljak. Zo ook op 29 december 2016, daags nadat ontslagnemend president Obama sancties tegen de Russen had aangekondigd omdat er bewijzen waren dat ze het Democratisch hoofdkwartier hackten. Beiden belden elkaar toen maar liefst vijf keer én onderhandelden over een zacht Russisch antwoord op de sancties.

Michael Flynn, een oud-generaal met een bewondering voor Poetin, schopte het onder Trump tot Nationaal Veiligheids­adviseur. Beeld AFP

Wanneer het gesprek twee maand later uitlekt, maakte het Witte Huis prompt bekend dat Flynn hierover loog in zijn gesprekken met vice­president Mike Pence, waarop president Trump geen andere keuze heeft dan hem al op 13 februari 2017 aan de deur te zetten.

Daags nadien vraagt Trump aan toenmalig FBI-directeur Comey om het onderzoek naar Flynn stop te zetten. Deze ruikt onraad, en pookt van de weeromstuit het Rusland-onderzoek op. Comey wordt daarop zelf ontslagen in mei. Officieel omdat hij het onderzoek naar Hillary’s mails fout aanpakte, maar twee maand later laat Trump zich toch ontvallen dat hij hem aan de deur zette “omwille van dat Russia thing”.

Speciaal aanklager Mueller heeft met Flynn alvast een kroongetuige beet. Eind november vorig jaar maakt hij bekend dat Flynn wordt beschuldigd van meineed over zijn gesprek met Kisljak omdat hij ook al op 24 januari loog tijdens een ondervraging door de FBI. Mueller wist Flynn tegelijk te bewegen tot een plea deal: in ruil voor een schuld­bekentenis en medewerking riskeert hij nu enkel een lichte straf.

Het blijft vooralsnog een goed bewaard geheim wat Flynn nog aan Mueller heeft verteld. Deze week raakte bekend dat de speciaal aanklager ook Trumps oud-strateeg Stephen Bannon heeft gedagvaard om onder ede voor een jury te komen getuigen.

De cruciale vraag voor Mueller blijft: was Donald Trump zelf op de hoogte over mogelijk ongeoorloofde contacten tussen zijn naaste medewerkers en de Russen, en dat financieel (Manafort), politiek (Papadopoulos) of diplomatiek (Flynn)?

De president bezweert van niet, maar de kans dat Mueller hem dit onder ede zal vragen groeit met de dag. En dan gaan de poppen pas echt aan het dansen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234