Zaterdag 21/09/2019

Terrorisme

Hoe politie en gerecht terrorist Khalid El Bakraoui lieten ontkomen: "We hadden àlles"

Khalid El Bakraoui . Beeld EPA

Zijn gsm werd afgeluisterd terwijl hij de aankoop van veertien kalasjnikov-laders regelde. Men schaduwde hem, men wist dat hij jihadistische websites bezocht. En zijn broer Ibrahim werd aangehouden aan de Turks-Syrische grens. Toch kon Khalid El Bakraoui de aanslagen in Parijs plannen, en uiteindelijk zichzelf opblazen in metrostation Maalbeek.

Dinsdag 4 augustus 2015, Emile Bockstael­plein, Laken. We zijn drie maanden en negen dagen verwijderd van de aanslagen in Parijs.

Vanuit een anonieme politiewagen maakt een agent van de Brusselse federale politie foto’s van Mohamed B. De politie volgt B. al enkele dagen. Ze probeert uit te vissen in wiens op­dracht hij doet wat hij doet. Mogelijk is het de man die hij nu, om 19.22 uur, begroet aan de roltrap van metro­station Bockstael. De man is in het zwart gekleed, hij heeft een groot rond gezicht, de haren naar achteren gekamd. Hij heeft een snor en een fijn baardje.

Hij gaat mee op de foto.

De twee mannen praten wat en nemen na drie minuten plaats in een grijze Skoda Fabia met nummerplaat 1-HKJ-210. De man in het zwart gaat achter het stuur zitten, Mohamed B. naast hem. De Skoda rijdt weg en na een kort ritje stopt hij om 19.40 uur voor een woning in de Heizel­straat 140 in Laken.

De man in het zwart gaat een huis binnen. Na een minuut of twintig komt hij weer buiten, stapt terug in de Skoda en rijdt weg.

Aanleiding tot het schaduwen van Mohamed B. is gerechtelijk onderzoek NL.45.L5003944/15, dat drie weken eerder is geopend bij het parket in Nijvel, en dat te maken heeft met laders voor kalasjnikovs. Het begon op 7 juli 2015, toen kort voor de middag bij wapenhandelaar Daniël Dekaise in Waver een jongen met Noord-Afrikaan­se roots was komen binnenstappen. De conversatie wordt achteraf als volgt gereconstrueerd.

“Verkoopt u laders voor kalasjnikovs?”

“Welk model?”

“Euh, het meest voorkomende model?”

“Er zijn meerdere modellen.”

“Het maakt niet uit, het is voor een verzamelaar in Frankrijk.”

“Hoeveel had u er gewenst?”

“Zoveel mogelijk.”

Daniël Dekaise was in 1982 een van de eerste slachtoffers van de Bende van Nijvel. Sindsdien dekken bewakingscamera’s elke centimeter van zijn zaak. Dankzij de beelden kan de politie de klant identificeren als Zoher E.H., een werkloze hangjongere uit Laken. Hij betaalt met een bankbiljet van 500 euro contant voor de tien laders die Dekaise die dag in voorraad heeft.

De verkoop van laders voor de AK-47, dat kromme ding onderaan het kalasjnikov-machinegeweer, is in de meeste van de ons omringende landen verboden, in België is dat in 2015 nog niet zo. Dat zal pas gebeuren na de 130 moorden die op één avond met onder meer deze laders zullen worden gepleegd in Parijs. Tot dan toe beschouwt de wetgever de lader als een op zich ongevaarlijk wapenonderdeel.

Een van de processen-verbaal die laten zien dat de speurders Khalid El Bakraoui en zijn handlangers in het vizier hadden. Beeld rv

De speurders van de federale politie zien dat anders. Begin 2015 hebben ongeveer alle Franse en Belgische politiemensen met afgrijzen zitten staren naar de online geplaatste video van de broers Kouachi tijdens hun vlucht na het bloedbad bij Charlie Hebdo. Daar hebben ze een hele redactie gedecimeerd door te vuren, hun kalasjnikovs met één klik te herladen, opnieuw te vuren en opnieuw te herladen. In de video zie je de broers op straat voorbij de door een eerdere kogel geraakte agent Ahmed Merabet lopen. Hij ligt op de grond, smeekt om genade. Een van de broers richt zijn AK-47 en vuurt z’n lader leeg op de agent.

Vanuit het perspectief van een politie­rechercheur vallen er sindsdien niet direct veel alternatieve scenario’s te bedenken waarvoor iemand ‘zoveel mogelijk’ AK-47-laders nodig zou kunnen hebben.

Kalasjnikov-broers

Analyse van het gsm-verkeer van Zoher E.H. laat zien dat hij bij het verlaten van de winkel van Dekaise Mohamed B. heeft gebeld, een andere werkloze Lakense hangjongere. Die heeft op zijn beurt meteen het nummer 0484/566.205 gebeld.

Als Zoher E.H. op dinsdag 11 augustus opnieuw naar wapenwinkel Dekaise rijdt en nog eens vier laders koopt, meldt hij de goede afloop van de deal onmiddellijk in een sms’je aan B., die op zijn beurt opnieuw het 0484-nummer belt. Dat nummer wordt inmiddels door de politie afgeluisterd en dat gesprek gaat zo:

0484-nummer: “Hoe gaat het met de kat met de lange haren?”

Mohamed B.: “Alles goed.”

0484-nummer: “Het speciale ras?”

Voor de politie is dit overduidelijk codetaal.

De man in het zwart, de man van het 0484-nummer, is intussen ook geïdentificeerd. Hij heet Khalid El Bakraoui, de man die we vandaag kennen als de IS-zelfmoordterrorist van metrostation Maalbeek, op 22 maart 2016.

Speurders van de sectie antibanditisme bij de federale politie in Brussel hebben in de zomer van 2015 geen weet van zijn bekering tot IS. Voor hen is hij een kleine crimineel, maar als iemand als El Bakraoui plots de behoefte voelt om een zo groot mogelijk AK-47-arsenaal uit te bouwen, is dat op zich verontrustend genoeg.

Khalid El Bakraoui is in 2009 gearresteerd toen hij op het punt stond om samen met de Brusselse topgangsters Yassine Dibi en Mohamed Nouiyer een overval te plegen. Het trio was gewapend met kalasjnikovs. El Bakraoui is in 2011 voor die feiten en een reeks carjackings veroordeeld tot vijf jaar cel. In maart 2013 is hij vrijgekomen met een enkelband en sinds 19 december van dat jaar is hij vrij onder voorwaarden.

De politie ziet eerder zijn oudere broer Ibrahim El Bakraoui als een wandelend levens­gevaar. Hij beschoot begin 2010 na een wilde achtervolging in het centrum van Brussel een politieman met een kalasjnikov – het incident dat achteraf door toenmalig burgemeester Freddy Thielemans (PS) werd bestempeld als een “fait divers”.

Kalasjnikov. Beeld RV

Twijfel over de man in het zwart is er overigens niet. In het labo is de aan metro­station Bockstael gemaakte foto vergeleken: perfecte match. De op 4 augustus 2015 gevolgde Skoda staat op naam van El Bakraoui’s zus. Het adres van Khalid El Bakraoui was Heizelstraat 140 in Laken, waar de speurders de man in het zwart zagen uitstappen. Zoher E.H. en Mohamed B. zijn allebei jeugdvrienden van de El Bakraoui’s.

Dubbelleven

Naar buitenuit, zeker in de ogen van zijn familie, lijkt Khalid El Bakraoui weer op het rechte pad te zijn. Hij is begin 2015 getrouwd met Nawal. De laatste twee weken van juli is hij, volgens wat hij haar vertelde, op familiebezoek geweest in Algerije. Later worden sms’jes van en naar Nawal teruggevonden in zijn telefoongeheugen.

Zij: “Ik hou van je, mijn hartje. Ik mis je te hard. Het huis is leeg zonder jou.”

Hij: “Twee weken zijn snel voorbij.”

Hij heeft haar doen geloven dat hij in het Algerijnse Ain Azel zit. In werkelijkheid is hij eerst een week in Brussel gebleven. Op 23 juli is hij naar Venetië gevlogen, een dag later van daaruit naar Athene en twee dagen daarna van Athene naar Düsseldorf. Aangenomen wordt dat hij tijdens deze eendagsreizen ontmoetingen heeft gehad met tussenpersonen van Islamitische Staat (IS), dat de Molenbeekse Syrië-strijder Abdelhamid Abaaoud naar Europa heeft gestuurd. Die is volop bezig met de voorbereidingen van het bloedbad in Parijs, op 13 november 2015.

De cash, onder meer dat biljet van 500 euro, komt rechtstreeks uit het kalifaat en is El Bakraoui meer dan waarschijnlijk tijdens een van zijn ontmoetingen in de laatste twee weken van juli toegestopt. Bij zijn terugkeer in Brussel wacht Khalid El Bakraoui groot nieuws. Nawal is zwanger. De baby wordt halfweg mei 2016 verwacht.

Moustapha Benhattal, zijn oom: “Hij was daarmee bezig, hij gaf ons op z’n minst die indruk. Hij zou met een schone lei beginnen, zijn verleden achter zich laten en zijn verantwoordelijkheden nemen. Hij had nog altijd geen recht op een uitkering. Daarvoor moest hij een tijdje gewerkt hebben, dus daar ging hij tegen het eind van die zomer prioritair werk van maken.”

Ibrahim El Bakraouii, Khalids broer Beeld ap

Op 26 augustus 2015 ondertekent Khalid El Bakraoui een arbeidscontract bij LHN&Co, het bedrijf achter de Brusselse halal fastfoodketens Thai Wok en Chicken Cottage. Zaakvoerder Nasser E. is ook iemand uit Laken, zijn wijk.

Nasser E.: “Ik kende Khalid nog van in het jeugdhuis aan het Willemsplein. Dat contract is buiten mijn weten ondertekend. Het is wat mij betreft vals. Khalid en zijn broer hingen vaak in mijn zaak rond. De politie heeft op een gegeven moment gedacht dat de aanslagen in Parijs en Brussel zijn georchestreerd vanuit mijn Thai Wok aan de Stalingrad­laan. Ze hebben mij tweemaal ondervraagd, nogal agressief trouwens. Hoe dat contract tot stand is gekomen, weet ik niet. Mogelijk heeft hij aan de toog een stuk papier gejat en dat dan vervalst. In elk geval heeft Khalid geen dag bij ons gewerkt.”

Khalid El Bakraoui heeft geen inkomsten of een verbeterd sociaal statuut nodig. Hij heeft geld zat. Op 3 september 2015 heeft hij onder de valse naam Ibrahim Maaroufi een huurcontract voor een jaar ondertekend én deels vooruitbetaald voor een flatje in de rue du Fort in Charleroi. Het is het safehouse waar Abdelhamid Abaaoud zich tot een dag voor de aanslagen in Parijs zal schuilhouden met de jonge Brusselaar Bilal Hadfi. Die laatste zal zich op 13 november 2015 opblazen voor het Stade de France.

Hadfi’s bommengordel is genaaid in een flatje op de derde verdieping van de Henri Bergéstraat 5 in Schaar­beek. Ook dat pand is gehuurd voor een jaar, opnieuw door Khalid El Bakraoui. Hij heeft hiervoor zijn jeugdvriend Mohamed Bakkali ingeschakeld. Die huurt het flatje onder de valse naam Fernando Castillo.

Een vorige poging van Abaaoud om vanuit België een terreurcel op te richten, is in januari 2015 mislukt doordat de politiediensten één verdachte op het spoor kwamen, hem gingen achtervolgen en uiteindelijk ook afluister­apparatuur konden plaatsen in het safehouse van IS in Verviers. Het huis werd bestormd door de speciale eenheden, twee IS-terroristen werden gedood. Deze keer, zo heeft Abaaoud bedacht, moeten er meerdere safehouses zijn, met telkens een andere huurder en een andere valse identiteit, zodat de risico’s maximaal worden gespreid. Eén door de politie ontdekt adres of één voortijdige ontmaskering van een verdachte zal deze keer niet noodzakelijk het einde hoeven te betekenen van de hele cel.

En toch zit de politie de cel veel dichter op de hielen dan ze zelf beseft.

Huiszoeking geweigerd

Op woensdag 21 oktober 2015 gaat de federale politie in Brussel over tot actie. De speurders hebben huiszoekingsbevelen voor de woningen van Zoher E.H., Mohamed B. en Khalid El Bakraoui. Samen­vattend proces-verbaal 000930/2016 beschrijft: ‘Zoher E.H. erkent dat hij de laders is gaan kopen, maar op vraag van Mohamed B. Hij verklaart niet te weten waar de laders zich nu bevinden en legt de verantwoordelijkheid bij B.’

Als de speurders om 7 uur ’s ochtends aankloppen op het adres van B., blijkt die daar niet te wonen. Hij is ingetrokken bij zijn zus in de Charles Ramaekersstraat in Laken. Vervelend: het huiszoekingsbevel geldt enkel voor het eerste adres.

De speurders gaan er aankloppen op de derde verdieping. B. opent de deur, het pv beschrijft: ‘Wij vragen hem of hij bereid is om ons een huiszoeking met toestemming te laten uitvoeren. Betrokkene weigert categoriek. Hij eist een huiszoekingsbevel.’

Terwijl de speurders op de gang staan te wachten op een nieuw huiszoekingsbevel, gebeurt dit: ‘We horen van alles verplaatst worden in het appartement. Op zeker ogenblik horen we een metalen geluid. We horen B. ook bellen. Hij drukt zich enkel uit in het Arabisch.’

De ‘jammer’

Als de speurders om 7.45 uur eindelijk de flat kunnen binnengaan, blijkt dat B. een simkaart uit z’n telefoon heeft doen verdwijnen. Hij heeft ook kans gezien om drie zakken door het raampje van het toilet naar buiten te gooien. Ze zijn geland op het platform van een buurvrouw. In de zakken zitten een Medion-laptop, een Smith & Wesson-revolver 3.57, vijftig bijbehorende kogels en twee transponders waarmee je de digitale sleutel van een BMW kunt kopiëren.

Ook bij Khalid El Bakraoui wordt een huiszoeking uitgevoerd. Wapens worden niet gevonden, maar als de speurders in zijn Packard Bell-laptop gaan neuzen, is het schrikken.

Het proces-verbaal: ‘Op de harde schijf vinden we meerdere religieuze video’s met oproepen tot de jihad. We vinden ook meerdere mp3-bestanden, eveneens met een religieus karakter. We vinden ook erg veel foto’s rond hetzelfde thema, en ook foto’s van bekende terroristen. De grote meerderheid van de op Facebook gevoerde discussies gaat over verschillende aanslagen en islamitische opvattingen. De meeste opzoekingen op YouTube hebben betrekking op ‘anachid jihad islamique’, zijnde gezangen die oproepen tot de jihad.’

De speurders vinden nog iets. Een nog maar net aangekochte
jammer van het model 1207i S/N. Het proces-verbaal: ‘Dit apparaat wordt via internet in Duitsland verkocht aan 799 euro. Het dient om te zien of er een microfoontje of een gsm open staat om je af te luisteren zonder dat je dat weet. Het apparaat detecteert verschillende soorten golven. Het is de eerste keer dat onze diensten een dergelijk apparaat in beslag nemen.’

Metrostation Maalbeek, na de aanslagen. Beeld EPA

Achteraf bekeken had deze jammer, die overduidelijk was aangeschaft door toedoen van de gebeurtenissen in Verviers, misschien de alarmsignalen moeten doen afgaan.

Maar de speurders van de cel antibanditisme zijn op zoek naar veertien AK-47-laders en – logisch – de bijbehorende wapens, zodat El Bakraoui kan worden aangehouden en vervolgd voor verboden wapenbezit.

Tijdens de huiszoeking vinden de speurders nog iets wat hen helaas pas achteraf luid kan doen vloeken: de sleutel van een Volkswagen-huurauto. De auto is in Brussel gehuurd op naam van Mo­ha­med Bakkali, die ook het Schaarbeekse bommen­atelier heeft gehuurd. Waarom zou iemand een auto huren en die dan doorverhuren aan een vriend? Pas op 9 december 2015 is het bommen­atelier ontdekt, doordat Bakkali het aanwees tegenover de speurders. Dan pas wordt duidelijk dat Bakkali maandenlang loopjongen is geweest voor de latere aanslagplegers. Pas die dag, 9 de­cem­ber, wordt het dossier 157/2015 van de Brus­selse onderzoeksrechter Sophie Grégoire over de AK-47-laders gevoegd bij het dossier van haar collega Isabelle Panou, die het onderzoek voert tegen Salah Abdeslam en andere Belgische daders in Parijs.

Na de aanslag van 22 maart in Zaventem en Maal­beek wijst federaal minister van Binnen­landse Zaken Jan Jambon met een beschuldigende vinger naar Sébastien Joris, de verbindingsofficier van de federale politie in Turkije. Die zou in de zomer van 2015 te laat hebben gereageerd, toen Ibrahim El Bakraoui, de oudere broer van Khalid, op 15 juni 2015 in het Turkse Gaziantep werd opgepakt omdat hij volgens de lokale autoriteiten op het punt stond door te reizen naar Syrië en zich aan te sluiten bij IS.

Met wat afstand bekeken lijkt het hooguit een anekdote in vergelijking met de kansen die de cel antibanditisme van de federale politie in Brussel heeft laten liggen. Onder hun neus werd een aanzienlijk deel van het arsenaal voor de aanslagen in Parijs aangelegd, maar op geen enkel moment is dat ter sprake gekomen in de onderzoeks­commissie-aanslagen in de Kamer. In juni 2016 beklaagden de advocaten van nabestaanden van de aanslagen in Parijs zich er in de Franse media over dat de Bel­gische politie Khalid El Bakraoui had laten gaan. De hier gepubliceerde details over de schaduwactie, de jammer en de IS-propaganda op de laptop van El Bakraoui waren tot op heden nauwelijks bekend.

Proces-verbaal 000930/2016 beschrijft hoe de speurders reageerden op de ontdekking op El Bakraoui’s laptop: ‘Wij doen een beroep op onze collega Alain Grignard van de sectie terrorisme. Hij signaleert ons dat dergelijke consultaties (online opzoekingen, DDC) reeds wijzen op een zekere graad van radicalisering bij de betrokkene.’

En daar stopt het.

Een speurder van de cel antibanditisme: “We hadden álles. Hadden we toen alle puzzelstukken bij elkaar kunnen leggen, hadden we net als in Ver­viers de cel op tijd kunnen ontmantelen. Achter­af praten is natuurlijk makkelijk. Wij zagen de jongste El Bakraoui als een klassieke crimineel. Oké, er wa­ren die filmpjes, maar de link met IS is niet gelegd.”

Hoewel onder een en hetzelfde dak actief, werkten de secties terrorisme en antibanditisme in die periode blijkbaar eerder naast dan met elkaar.

Een speurder van de cel-terrorisme: “We hadden in die periode 120 mensen opgesloten in de gevangenis op verdenking van sympathieën met IS of plannen om naar Syrië te trekken. In totaal hadden we 500 mensen die we moesten monitoren. Het was helemaal niet uitzonderlijk dat je op de pc van een kleine crimineel als El Bakraoui dit soort filmpjes aantrof. Het was in die kringen een hype, en die zomer kende de hype z'n hoogtepunt. De link met zijn broer, die was opgepakt in Turkije, hebben wij niet kunnen leggen. We kregen de info te laat.”

Ondergedoken

Khalid El Bakraoui wordt op 21 oktober 2015, de dag van de huiszoekingen, ook verhoord. Hij zegt dat Nawal sinds haar zwangerschap allergisch is voor katten en dat het telefoongesprek (dat begon met ‘hoe gaat het met de kat met de lange haren?’) in die sfeer dient gesitueerd. Ze hadden een kat, en die moest weg. Van AK-47-laders zegt hij “niets, helemaal niets” af te weten.

Onderzoeksrechter Grégoire moet die dag oordelen over zijn aanhouding of niet. Ze besluit van niet. Er zijn geen laders gevonden, en ook geen wapens. Die zijn rond die tijd allang verstopt en verspreid over de verschillende safehouses in Schaar­beek, Charleroi en Auvelais.

El Bakraoui mag beschikken, op voorwaarde dat hij binnen de vijf dagen terugkeert met een bewijsje dat zijn zus ermee instemt dat hij af en toe haar Skoda gebruikt. Op 26 oktober, minder dan drie weken voor de moordpartijen op de terrassen rond­om de Place de la Nation en in de Bataclan in Parijs, meldt Khalid El Bakraoui zich in de kantoren van de federale politie in de Koningsstraat in Brussel. Met het gevraagde bewijsje.

Hij zal kort hierna ondergronds gaan, volkomen onbereikbaar voor familie, vrienden en Nawal. Hij komt ook geen enkele keer meer opdagen op zijn maandelijkse afspraken met zijn justitie­assistent.

Achteraf blijkt dat Khalid El Bakraoui via tussenfiguren als Zoher E.H. en Mohamed B. niet minder dan 31 kalasjnikov-laders heeft weten te verzamelen. Franse en Belgische politiediensten gaan ervan uit dat er daarvan minstens 28 zijn gebruikt in Parijs. Vooral dan in de Bataclan, waar 89 mensen om het leven kwamen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234