Zondag 25/10/2020

Hoe koop jeIron Maiden?

666, the number of the beast! Iron Maiden is al 35 jaar een beest van een band. Een pionier van de hardrock. Na vijftien cd's en zeventig miljoen verkochte exemplaren staat Iron Maiden straks voor het eerst op Rock Werchter. Hoog tijd om het kaf van het koren te scheiden in die omvangrijke discografie.

De classics HHHHH

Powerslave (1984)

Powerslave heeft alles wat een Iron Maiden-cd hoort te hebben: van het concept tot de hoes en de songs toont deze plaat een groep op haar artistieke hoogtepunt. Gebaseerd op thema's als de Egyptische oudheid, een eeuwenoud Engels gedicht en de Tweede Wereldoorlog (altijd een favoriet onderwerp in de hardrockscene): Iron Maiden neemt je mee op avontuur. Terwijl mascotte Eddie je vanaf een piramide aanstaart, worden de motoren opgeschroefd met 'Aces high' en zoef je in een razend tempo voorbij luchtduels en degengevechten (Bruce Dickinson haalde haast écht het olympische Engelse degenteam), om mee te rouwen bij een stervende farao en weg te dromen bij een herwerkt gedicht van Samuel Taylor Coleridge. Een classic.

Piece of mind (1983)

Het laatste puzzelstuk wordt aan Iron Maiden toegevoegd: drummer Nicko McBrain vervangt Clive Burr, voor wat de beste bezetting van de Britse metalband zal worden. Al in openingsnummer 'Where eagles dare' toont McBrain dat hij de groep naar een hoger niveau tilt. Zijn furieuze enthousiasme doet de galopperende ritmes van de dubbele gitaaraanval Smith-Murray nog beter uit de verf komen, en hij geeft ook bandleider Steve Harris een stevige trap in de edele delen. Harris is zoveel meer dan een bassist die het ritme houdt: hij doet de toonladders op en neer botsen, kronkelt, springt en duikt maar gaat nooit uit de bocht. Piece of mind is het geluid van een groep die de wereld wil veroveren, en daarvoor geen veldslag uit de weg gaat.

The number of the beast (1982)

Met haar eerste twee cd's vestigde Iron Maiden zijn reputatie op het Europese vasteland, maar met The number of the beast wordt het vijftal plots wereldberoemd. Ergens tussen euforie en controverse, want wanneer de langspeler in Engeland op één in de charts binnenkomt, wordt de groep door Bijbelfanatici als satanisten versleten. Zelfs nadat Steve Harris blijft herhalen dat het titelnummer eigenlijk over een nachtmerrie gaat, worden in de Verenigde Staten platenverbrandingen gehouden. Niettemin, niemand die er nog onderuit kan: Iron Maiden is een fenomeen. De nieuwe zanger Bruce Dickinson demonstreert meteen waarom hij als bijnaam 'de luchtsirene' meekreeg. Zijn hoge, harde uithalen doen de concurrentie blozen, en hoewel Dickinson contractueel niets mocht bijdragen aan deze plaat, draagt The number of the beast toch echt de stempel van de nieuwe frontman.

Zeer Goed HHHH

Killers (1981)

Het laatste exploot van het 'andere' Iron Maiden. Dat met zanger Paul Di'Anno niet alleen een rauwer geluid heeft, maar duidelijk ook stamt uit de punkperiode. Di'Anno, met zijn korte, stekelige haar en dito mentaliteit moet het meer hebben van enthousiasme dan van scholing, en blijft voor veel fans van het eerste uur de enige échte frontman van Iron Maiden. Killers toont niet alleen dat Iron Maiden ook een ander gezicht had, op deze plaat wordt een cruciaal en kruidig element aan de groepsformule toegevoegd: producer Martin Birch (bekend van zijn werk met onder meer Deep Purple, Whitesnake) die de mooie, dynamische en vooral melodieuze fraseringen van Iron Maiden tot een universeel herkenbare sound kneedt.

Somewhere in time (1986)

We schrijven midden jaren tachtig: de prefab-pop van producerstrio Stock, Aitken & Waterman is alomtegenwoordig in de charts en Van Halen lanceert 'Jump' op het ritme van synthesizers. Iron Maiden, het eindeloze toeren meer dan beu, wil iets anders en werkt in de Bahama's aan een zesde plaat, die een koersverandering teweegbrengt: dit keer wordt er volop geëxperimenteerd met gitaarsynthesizers. Het geeft Iron Maiden een zoete, soms nog bombastischere aanblik, die niet meteen gesmaakt wordt door de trouwe fans. Maar de band toont desondanks dat hij nog steeds rocksongs kan schrijven. Gebalde en krachtige nummers ook. Vooral gitarist Adrian Smith komt uit zijn schelp en ontpopt zich tot een begenadigd songschrijver.

Iron Maiden (1980)

Na vier jaar aanmodderen in clubs (punk was alles wat de klok sloeg) krijgt Iron Maiden eindelijk een platencontract bij EMI. Hun titelloos debuut staat vol met wervelende nummers, waar jarenlang aan was geschaafd tot alleen de essentie overbleef. Het zijn stuk voor stuk classics. Iron Maiden wordt de vaandeldrager van de 'new wave of British heavy metal', en doet ook de jonge Lars Ulrich wegdromen om later met Metallica songs in diezelfde lijn te gaan maken. Iron Maiden gooit nog een opvallende troef op tafel: de verschijning van mascotte Eddie, die alle latere hoezen zal sieren. Een ontwerp van tekenaar Derek Riggs, die de ontzagwekkende horrorfiguur van een Vietnamtank haalde. Terwijl de band een reputatie opbouwt, toont Eddie zich in al zijn glorie.

Goed HHH

Seventh son of a seventh son (1988)

Iron Maiden in zijn meest pompeuze vorm: ijsschotsen, helderzienden en het hiernamaals. Waar de gitaarsynths twee jaar eerder nog dienden als ondersteuning, blazen ze je hier haast omver. Seventh son is een conceptplaat (over de zevende zoon van een zevende zoon), met een handvol songs die overeind blijven. Iron Maiden heeft met 'Can I play with madness' ook een hitsingle te pakken en neemt in de videoclip afscheid van goede vriend en Monty Python-lid Graham Chapman (ter ere van hem sluit Iron Maiden sindsdien elk concert af met 'Always look on the bright side of life').

Fear of the dark (1992)

Een laatste krachttoer voor de split met zanger Dickinson. De brulboei heeft het allemaal wel gehad, is de interne strijd om het leiderschap met bassist Steve Harris beu en wil weg. Maar vooraf maakt hij met de klassieke line-up van Iron Maiden nog één gebalde vuist. Vooral titelsong 'Fear of the dark' heeft impact, en niet alleen om de vele fraaie tempowisselingen, het duistere thema en het meezingbare refrein. De zanger heeft de groupies definitief afgezworen en pleit - jawel - voor échte liefde.

Brave new world (2000)

De triomfantelijke terugkeer van zanger Dickinson. Alles is vergeten en vergeven. Verklaring: Dickinsons solocarrière bleek niet echt een succes en Iron Maiden zelf zag zijn status (ook door de grunge) spectaculair afkalven. Gelukkig klikt het opnieuw, en vloeien de songs weer vlot uit de pennen. Al missen ze de kracht en de dynamiek van het oudere materiaal. De nummers zijn langer en zachter, en moeten het tot spijt van de taalliefhebbers voortaan zonder ingewikkelde refreinen stellen. Maar het zijn wél songs die geschreven worden met een volksmassa in het achterhoofd. Kortom: gemaakt om tussen de massa op de festivalwei (of alleen in de wagen) mee te brullen tot de stembanden uit je keel hangen.

Alleen voor de fans HH

No prayer for the dying (1990)

Na alle bombast, terug naar de essentie. Dat was alvast de bedoeling van Steve Harris die in een schuur op zijn landgoed een studio liet bouwen. Helaas klinkt de plaat ook vaak zo: bewust ondergeproduced, ietwat vuil en smerig. Er wordt niet te lang aan gewerkt, en het vertrek van Adrian Smith (altijd al de meest melodieuze gitarist) laat zich voelen. Hoewel Iron Maiden een nummer 1-hit scoort met 'Bring your daughter... to the slaughter' (uit de vijfde A Nightmare on Elm Street-film), blijven eerder de songs bij die over tv-evangelisten en de Sovjet-Unie handelen.

A matter of life and death (2006)

Conceptplaten: nieuw zijn ze niet. Iron Maiden maakte er achttien jaar eerder al eens eentje en gezien het thema -oorlog - werpt A matter of life and death zich op als de natuurlijke opvolger van Dance of death, waarop de slag bij Passendale in de Eerste Wereldoorlog wordt bezongen. Op deze plaat staan een handvol knappe nummers die live perfect overeind blijven. Maar het geheel is moeilijk in één maaltijd te slikken. Zowel de thema's als de lang uitgesponnen songs eisen (te) veel aandacht op.

The final frontier (2010)

Iron Maiden ontdekt progrock, met de single 'El Dorado' als frappantste voor- beeld. Jammer genoeg verdrinkt deze plaat - die op meer dan zeventig minuten afklokt - in te lange en weinig opzwepende songs. Nochtans opent de cd sterk en avontuurlijk, met machinale drums en een staccato Dickinson. Maar dan verzandt alles tot een vormloos en routineus geheel. De jongste Iron Maiden is dus niet meteen een hoogtepunt. Maar volgens oprichter Steve Harris is dit geen eindpunt. Benieuwd of ze vroeg of laat nog een écht meesterwerk in zich hebben.

Het dieptepunt H

The X factor (1995)

Bandleider Steve Harris voelt zich door alles en iedereen verlaten: zijn vrouw, zijn zanger, zijn fans. Het levert de meest deprimerende plaat op die Iron Maiden ooit maakte. Met nieuwe frontman Blaze Bayley (ex-Wolfsbane) heeft de band dan wel een leuke drinkebroer en voetballer aangeworven, zijn stembereik is veel beperkter dan dat van zijn geroemde voorganger. Bayley toont zich op het podium even stug als fragiel, en kan de grote massa ook op plaat niet overtuigen. Gruwelijk lelijke Eddie-hoes ook: een duidelijk teken aan de wand, vonden de liefhebbers. Toch staat ook hier één parel op, het openingsnummer 'Sign of the cross'. Een episch nummer, dat ook na de reünie met Bruce Dickinson nog gespeeld zal worden en de tand des tijds doorstond.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234