Woensdag 05/08/2020

Reportage

Hoe in Bristol de antiracistische beeldenstorm begon

Een beeld van Edward Colston wordt uit de haven van Bristol gehaald, nadat het er door activisten in werd gegooid. Colston bracht in de 17de eeuw door middel van slavenhandel rijkdom naar de West-Engelse havenstad.Beeld AFP

In Engeland halen woedende demonstranten standbeelden neer van ‘foute figuren’ uit de koloniale tijd. In Bristol, gebouwd met geld van slavenhandelaren, is er kritiek op de actie, maar ook bijval. ‘We zien de statige panden, niet het bloed dat als onzichtbaar cement heeft gediend.’

Andrew Ndekwe heeft een drie uur durende autorit van Londen naar Bristol gemaakt om naar een lege sokkel te kijken. Tot zondag stond op die sokkel Edward Colston, de man die in de 17de eeuw door middel van slavenhandel rijkdom bracht naar de West-Engelse havenstad. Zondag is de ‘deugdzame zoon van de stad’ door antiracisme-activisten in de haven gegooid, aan de kade waar ooit de slavenschepen vertrokken. 

“Toen ik als chauffeur in Bristol werkte, deed het telkens weer pijn als ik hier langsreed”, zegt Ndekwe, de 41-jarige zoon van een Nigeriaanse immigrant. “Voor mij voelt dit als erkenning. Nu weet iedereen wat voor man het was.”

De postume val van de politicus, filantroop en slavenhandelaar - een tafereel dat deed denken aan de verwijdering van Saddam Husseins standbeeld in Bagdad in 2003 – was de voorlopige climax van de Britse Black Lives Matter-protesten. Het historische moment is deze week zelfs gememoreerd tijdens de uitvaart van George Floyd, de zwarte Amerikaan die in Minneapolis door politiegeweld om het leven kwam. Er circuleert nu een lijst van 78 beelden die uit het Britse straatbeeld zouden moeten verdwijnen. Colstons Schotse collega Robert Milligan is dinsdag reeds uit de Londense Docklands verwijderd. Cecil Rhodes wankelt, net als Willem III van Oranje.

Een beeld van Edward Colston wordt uit de haven van Bristol gehaald, nadat het er door activisten in werd gegooid. Colston bracht in de 17de eeuw door middel van slavenhandel rijkdom naar de West-Engelse havenstad.Beeld AFP

Poort naar West-Indië

Dat de beeldenstorm in Bristol begon is geen verrassing. Voor de buitenwereld is dit de stad van Burke, Brunel en Banksy, maar het is toch vooral de stad van Colston. Hij stond aan het hoofd van de Royal African Company, die slaven van de Afrikaanse westkust naar West-Indië vervoerde. Zeker 19.000 mensen stierven tijdens de oversteek en werden voor de haaien gegooid, ‘schade’ die de handelaren op de verzekering probeerden te verhalen. Van de opbrengst bouwde Colston scholen, kerken en ziekenhuizen. De rijkste handelaren woonden in de wijk Clifton, waar de Whiteladies Road naar de Blackboy Hill loopt, namen die buschauffeurs niet meer omroepen.

De stadsvader is vereerd met een Colston’s School, Colston-pub, Colston Avenue, Colston Tower, Colston Yard, Colston Road en een Colston Street. Te midden van dit alles stond het 125 jaar oude beeld, versierd met vier vissen. Al twintig jaar lagen er plannen om het beeld weg te halen, maar de Society of Merchant Ventures, Colstons oude club, stribbelde tegen. Bovendien waren er andere prioriteiten, zoals de woningnood en de Brexit. Er bestonden wel vergevorderde plannen om voor een naamsverandering van Colston Hall, met als bijkomend voordeel dat Massive Attack er dan zou kunnen optreden. De plaatselijke triphoppers boycotten het muziekpaleis vanwege de omstreden naam.

De activisten haalden Colston met touw en mankracht binnen een half uur van zijn voetstuk. ‘Het was indrukwekkend’, zegt de 20-jarige student neurowetenschappen Ella Warwick, die met haar vriendinnen aanwezig was bij de beeldenstorm. “Colston verdiende het niet om zo te worden geëerd.” Warwick geeft grif toe dat ze Colston voor zondag alleen van naam kende. “Ik woon aan Colston Street, vandaar.” Twee oudere vrouwen, op stepjes, houden hun mening over het beeld voor zich, net als hun namen, maar spreken wel schande van pogingen om het lokale oorlogsmonument te bekladden. “Gelukkig waren er Bristol City-fans om het te beschermen”, zegt een van hen.

Beeld Carlotta Cardana

Educatieve functie

Terwijl de dames aan het woord zijn, duikt er een oudere man op die een volgeklad A4’tje onder aan de sokkel vastpint met drie losse stenen en dan snel wegloopt. Op het papier staat dat Colston in zijn tijd een groot man was en dat Black Lives Matter zich moet richten op problemen die zwarte jongeren nu hebben. Minder schichtig is Alistair Small, een arbeidsongeschikte man die is komen kijken. “Ik vind het jammer dat het beeld weg is’, zegt hij. ‘Het was beter geweest om een route van dit beeld naar het plaatselijke slavernijmuseum aan te leggen en het een educatieve functie te geven. De geschiedenis kun je niet uitwissen.”

In plaats daarvan loopt nu een wit sleepspoor naar de plek waar Colston te water is gelaten, een spoor dat langs de standbeelden van Burke en Neptunus loopt en netjes het zebrapad oversteekt. Dinsdag hebben schroothandelaren een kansloze poging ondernomen het beeld boven water te halen. Volgens de historicus Richard Stone, verbonden aan Bristol University, hoort het beeld thuis in een museum. “Met het verhaal over de val van zondag erbij. Dat is ook geschiedenis. Het probleem hier in Bristol is dat Colston altijd als een held is vereerd, zeker sinds de hagiografie die honderd jaar geleden over hem is verschenen.”

Een nadeel bij de omgang met het slavernijverleden in wat de gelukkigste stad van Engeland heet, is dat de donkere kanten ervan hier niet zichtbaar zijn. Het menselijk leed voltrok zich op zee en in de kolonieën, anders dan bij de wereldoorlogen. “Je ziet hier geen rottende rompen van slavenschepen, geen rijen kettingen”, zegt Stone.”‘We zien de statige panden, niet het bloed dat als onzichtbaar cement heeft gediend. Het gevolg is dat aanvallen op Colston voor veel Bristolians ongemakkelijk zijn. Ze voelen die als een aanval op Bristols identiteit, niet als kritiek op iemand die de belichaming was van racistische ideeën.”

Beeld Carlotta Cardana

Thee met een bijsmaak

Wat Stone zegt, geldt ook voor de rest van het land. Er zijn verscheidene slavernijmusea, scholieren leren steeds meer over de donkere kanten van de Britse geschiedenis, maar kritiek op het Empire blijft gevoelig. Bij het Britse slavernijdebat blijft nooit onvermeld dat het de Britten waren die twee eeuwen geleden als eersten de slavernij afschaften en zelfs de marine inzetten om andere naties te dwingen dat voorbeeld te volgen. Maar ook beelden van de premier onder wie de slavernij werd afgeschaft, Charles Grey, staan op het Topple the Racists-lijstje. Hij heeft de slavenhandelaren immers compensatie gegeven. Voor sommige Britten heeft Earl Grey-thee dan ook een bittere bijsmaak.

Hoog op dat lijstje prijkt ook de laat-victoriaanse premier William Gladstone, de vader van het moderne sociaal-liberalisme die zich inzette voor progressieve zaken – zoals de zelfbeschikking van Ierland – maar wiens vader rijk was geworden van de slavernij. En in Poole hebben padvinders donderdag het bedreigde beeld van Robert Baden-Powell verdedigd. 

Maar de grootste naam op de lijst is Horatio Nelson. Die wordt vereerd als de held van de zeeslag bij Trafalgar, maar heeft volgens zijn critici zwart bloed aan zijn handen. Het zal een karwei zijn om hem van de 46 meter hoge zuil op het Londense Trafalgar Square te trekken.

In de haven van Bristol, ondertussen, wijst een standbeeldtoerist op een onderbelicht probleem bij de beeldenstorm: “Waar moeten de duiven nu op schijten?”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234