Vrijdag 12/08/2022

Hoe Fellini zijn eigen wereld tekende

EYE, het filmmuseum aan het IJ in Amsterdam, zet deze zomer filmreus Federico Fellini in de spotlights met een zeer boeiende, want verrassende tentoonstelling én een compleet retrospectief filmprogramma. Een must voor cinefielen en Italofielen.

Van goede films blijven ons vele jaren later citaten, personages of flarden van de intrige bij. Van Fellini-films herinneren we ons voornamelijk beelden. Exuberante en barokke, voluptueuze en provocerende, grappige en groteske, poëtische en nostalgische beelden.

Beelden die inmiddels tot het collectieve cultuurpatrimonium behoren en die meteen herkend én gelabeld worden als Felliniaans, want Federico Fellini (1920-1993) is een van die weinige filmmakers van wie de naam inmiddels ook als adjectief voortleeft. Net als het woord paparazzo, want dat was de familienaam (zonder voornaam) die Fellini bedacht had voor het personage van een persfotograaf (vertolkt door Walter Santesso en geïnspireerd door de echte fotograaf Tazio Secchiaroli), die in La dolce vita de internationale jetset achtervolgde in het nachtelijke uitgaansleven op de Via Veneto.

"Uiterlijk is hij een goedmoedige, zachtaardige reus, maar in werkelijkheid een door demonen bezeten, nerveus man. Hij 'maakt' zijn films eigenlijk niet. Ze komen uit de diepste lagen van zijn herinnering opdoemen. Zijn hele werk schept hij uit zijn onderbewuste." Zo definieerde de Belgische schrijver Georges Simenon ooit zijn vriend Federico Fellini. In 1960 had hij, als juryvoorzitter in Cannes, samen met Henry Miller een bikkelharde strijd moeten leveren om de zogenaamde schandaalfilm La dolce vita met de Gouden Palm te laten bekronen.

Het is een mooie omschrijving. En Fellini zelf zal er zich zeker in herkend hebben. Hij heeft de invloed van zijn demonen, vooral de vrouw en het katholicisme, en het artistieke reservoir van zijn onderbewuste nooit ontkend. Alleen praatte hij daar niet zo graag over. En als hij het toch deed, liet hij steevast horen dat het eigenlijk met tegenzin was: "Als ik mij op een andere manier kon uiten, waarom zou ik dan films maken?"

Spotprenten

Toch laat de tentoonstelling in EYE duidelijk zien dat Il Maestro wel degelijk een andere manier had om zich te uiten. Fellini debuteerde namelijk als tekenaar, of beter gezegd: als karikaturist en cartoonist, in tijdschriften zoals Il Travaso en Marc' Aurelio. In Amsterdam hangen bij voorbeeld enkele spotprenten. Tekenen is FeFe zijn hele leven blijven doen. Tijdens telefoongesprekken, in het restaurant of op café: steeds opnieuw zat hij te schetsen en te krabbelen. Het bleken vaak nuttige richtlijnen voor zijn medewerkers. Of leuke memorabilia. Er liggen bij voorbeeld ook enkele servetten met tekeningen op.

Maar Fellini tekende meer dan alleen maar droedels. Op aanraden van de psychanalist Ernst Bernhard, door wie hij geïnteresseerd was geraakt in het gedachtegoed van Carl Gustav Jung, begon hij zijn dromen op te tekenen én uitgebreid te beschrijven in een dik boek, met de toepasselijke naam Il Libro dei Sogni. Zo bleef hij gedurende meer dan dertig jaar zijn obsessies en angsten heel kleurrijk en gedetailleerd toevertrouwen aan het papier. Er waren wel onderbrekingen, voornamelijk in de periodes dat hij aan het filmen was!

Maar in tegenstelling tot wat Georges Simenon beweerde, schiep Fellini toch niet alles uit zijn onderbewuste. Het meest verrassende aspect van de expositie, met honderden tekeningen, krantenknipsels, foto's en tientallen grote en kleine schermen waarop alle mogelijke fragmenten uit zijn films defileren, is het onweerlegbare bewijs dat Fellini zijn inspiratie ook vaak gewoon uit de realiteit haalde en er dan Felliniaanse beelden van maakte. Dat is vooral duidelijk bij La dolce vita. De bekende openingsscène met dat grote Christusbeeld dat onder een helikopter bengelt? Oude televisiebeelden laten zien hoe er vier jaar eerder, meer bepaald op 1 mei 1956, een beeld van Christus de Arbeider met een Agustahelikopter vanuit Milaan, als geschenk voor de paus, naar Rome werd gevlogen. De legendarische fonteinscène? Twee jaar eerder was er in Il Tempo een fotoreportage verschenen van fotograaf Pierluigi waarop te zien is hoe Anita Ekberg verfrissing zoekt in diezelfde Trevi-fontein. De schandaalverwekkende striptease? De inspiratie daarvoor kwam uit een echt schandaal, twee jaar eerder, toen de jonge starlet Aiché Nana in de mondaine nachtclub Il Rugantino resoluut uit de kleren ging, nadat (opnieuw) Anita Ekberg de temperatuur daar enkele graden had opgekrikt met een sensuele dans op blote voeten. Het sensatieblad Whisper titelde 'Anita Ekberg and the Wild Party that shook Rome' op de cover. Ook L'Espresso drukte foto's af, met van die typische zwarte balkjes over borsten en billen.

Fellini mocht zich dan wel door de realiteit laten inspireren, maar hij maakte er wél zijn eigen versie van en daarvoor trok hij zich steevast terug in de veilige, controleerbare omgeving van Cinecittà, het Romeinse Hollywood aan de Tiber. "Naar een feest gaan zonder dat je de meubels kunt veranderen of de kleren en make-up van de gasten kunt corrigeren, is een kwelling", vertelde hij ooit. "Ik heb vaak het idee dat de dingen buiten de set geënsceneerd zijn door een andere regisseur en dat ik daaruit materiaal mag kiezen om naar Cinecittà te brengen." Fellini creëerde zijn eigen wereld. De tentoonstelling in het EYE biedt ons nu de kans om daar nog eens in rond te lopen.

Fellini - The Exhibition, tot en met 22 september in het Filmmuseum EYE in Amsterdam. ww.eyefilm.nl

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234