Zondag 28/02/2021

Analyse

Hoe eindigt een pandemie? Wat we kunnen leren van de epidemieën die vóór corona kwamen

Leden van het Amerikaanse Rode Kruis vervoeren een slachtoffer van de Spaanse griep in St. Louis in 1918. Beeld TNS via Getty Images
Leden van het Amerikaanse Rode Kruis vervoeren een slachtoffer van de Spaanse griep in St. Louis in 1918.Beeld TNS via Getty Images

We kijken reikhalzend uit naar het einde. Het punt waarop Covid-19 tot het verleden behoort. Maar hoe en wanneer eindigt een pandemie eigenlijk? Wat leren eerdere epidemieën ons? ‘Het einde zal onoverzichtelijk en slordig verlopen.’

De pest

1666. Er is een consensus onder historici dat 1666 het einde betekende van de pest in onze contreien. De ziekte heeft West-Europa vier eeuwen lang geteisterd. Tussen 1347 en 1351 stierf een derde van de Europese bevolking aan de pestbacterie, die door vlooien van besmette ratten op mensen werd overgebracht.

Maar het is niet dat ze in dat gezegende jaar 1666 een groot feest hebben gehouden om het einde van de pestpandemie te vieren. Integendeel. “In de jaren 1711 tot 1713 was er in de Verenigde Nederlanden veel schrik dat de ziekte opnieuw zou opduiken via handel met de Baltische regio”, vertelt Frank Huisman, hoogleraar medische geschiedenis aan de Universiteit Utrecht. “De Staten-Generaal besloten een cordon sanitaire uit te vaardigen. Er werden soldaten naar de oostgrens gestuurd en het gebied werd hermetisch afgesloten.”

Alleen zorgde zo’n lockdown ook toen voor een economisch bloedbad. “Amsterdam, de rijkste stad van de republiek, vroeg een uitzondering voor zijn graanhandel”, zegt Huisman. “Absurd natuurlijk. Want graan zit vol ratten, en ratten zitten mogelijk vol met pestbacteriën.” Er zou uiteindelijk geen pestepidemie uitbreken in de republiek.

Het voorbeeld van professor Huisman is een detail in een eeuwenlange geschiedenis van de ziekte. Maar het toont mooi aan dat een pandemie op twee manieren eindigt. Er is het medische luik: de vraag in hoeverre de geneeskunde erin slaagt om een bepaalde ziekte onder controle te krijgen. Soms kan een ziekte ook plots verdwijnen, door een mutatie bijvoorbeeld. En er is het sociale luik. Dat gaat meestal over het moment of de periode waarin de angst voor een ziekte verdwijnt.

De pest komt vandaag nog altijd voor, maar is te behandelen met antibiotica. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) stierven er tussen 2010 en 2015 nog 584 mensen aan de pest. In 1666 bestond er nog geen behandeling met antibiotica. Historici zijn er vandaag nog steeds niet uit waarom de pest vanaf de achttiende eeuw nauwelijks nog slachtoffers maakte in onze contreien.

Er is bijvoorbeeld een theorie dat de bacterie vanaf de negentiende eeuw vooral op bruine in plaats van zwarte ratten overleefde. Die ratten waren sterker en leefden minder dicht bij de mens. Een andere theorie is dat de bacterie muteerde en minder dodelijk werd.

Pokken

We zijn er als mensheid één keer in geslaagd om een ziekte helemaal zelf uit de wereld te verbannen. Het gaat over het pokkenvirus. Onder wetenschappers wordt deze prestatie hoger ingeschat dan de landing van de mens op de maan.

In 1980 verklaarde de WHO de ziekte als uitgeroeid. Vaccineren was niet meer nodig. Dat is allemaal te danken aan de Britse wetenschapper Edward Jenner die, twee eeuwen eerder in 1796, het vaccin tegen variola vond. Het laatste bekende geval van pokken was een man in Somalië in 1977. Hij genas van de ziekte om in 2013 aan malaria te overlijden, schreef The New York Times.

Tot die tijd hadden de pokken lelijk huisgehouden. Met een mortaliteitsgraad van 30 procent was het een van de dodelijkste ziektes die je als mens kon oplopen. Net als bij corona verspreidt het virus zich via vernevelde speekseldeeltjes. Besmet linnengoed of kledingstukken konden de ziekte ook overbrengen. In de twintigste eeuw alleen al zijn meer dan driehonderd miljoen mensen eraan gestorven.

“In tegenstelling tot Covid-19 kennen de pokken, net als polio, mazelen en rode hond, enkel de mens als gastheer”, zegt epidemioloog Anne-Mieke Vandamme (KU Leuven). Dat zorgt ervoor dat zulke ziektes effectief uit te roeien zijn. Wie door vaccinatie een ziekte niet meer kan krijgen, kan ook niemand besmetten. Als er uiteindelijk niemand meer is om de ziekte aan over te dragen, kan de ziekte uitsterven. Zo staan we op dit moment heel dicht bij het voor eeuwig neerslaan van polio.

Na massale vaccinatie in Nigeria werd het volledige Afrikaanse continent vrij verklaard van wilde polio. En dat was niet vanzelfsprekend, verklaarde Matshidiso Moeti, de Afrikaanse directeur van de Wereldgezondheidsorganisatie, deze zomer. Volgens haar was de grote uitdaging om de geruchten te ontkrachten. Veel Nigerianen zouden geloven dat het vaccin niet veilig is, dat het zou leiden tot aids, of dat het vrouwen zou steriliseren met het oog op een bevolkingsdaling.

Stel dat er binnen afzienbare tijd een vaccin tegen Covid-19 komt, dan zal die oefening op wereldschaal moeten worden uitgevoerd. Iets waar vaccinologen vandaag al mee bezig zijn. “Uit onze barometers blijkt dat de bereidheid van mensen om zich te vaccineren schommelt tussen de 70 en 90 procent. Het wordt belangrijk om heel transparant te communiceren over waar we staan met het vaccin”, zei epidemioloog Pierre Van Damme (UAntwerpen) eerder al in De Morgen.

De hoop dat Covid-19 voor eeuwig zal verdwijnen, is dus ijdel. Vorige week bewees het coronavirus nog dat het van mens op nerts en terug op mens overdraagbaar is. Het virus zal altijd blijven sluimeren.

Cholera

In de negentiende eeuw werd Europa geteisterd door steeds terugkerende epidemieën van cholera of de blauwe dood. In onze contreien zijn vooral de uitbraken van 1848-1849 en 1866 bekend. In dat laatste jaar vielen in België 43.000 dodelijke slachtoffers op een bevolking van net geen 5 miljoen inwoners.

“Het is interessant hoe de media er in die tijd mee omgingen”, zegt historicus Joris Vandendriessche (KU Leuven). “Ook toen brachten de kranten al statistieken over het aantal mensen dat stierf aan de ziekte.” Die media werden daarnaast ook gebruikt om het publieke debat te voeren.

Met andere woorden: de cijfers in de kranten waren belangrijk om de ziekte als een ‘epidemie’ te benoemen. Om het kind een naam te geven. “Zonder die cijfers, geen epidemie”, zegt Vandendriessche zelfs. “De dynamiek die we vandaag kennen waarbij Sciensano statistieken en inzichten deelt, waar we dan als maatschappij mee moeten omgaan, kent haar wortels in de negentiende eeuw.”

In die tijd bleef het sociale leven grotendeels ongemoeid, al werden kerkelijke bijeenkomsten en kermissen wel verboden. “De belangrijkste maatregelen toen kwamen er op het vlak van hygiëne”, zegt Vandendriessche. De leefomstandigheden in dichtbevolkte arbeiderswijken met gedeelde waterputten zorgden ervoor dat de lagere sociale klasse het hardst getroffen werd door cholera. De Vibrio cholerae-bacterie verspreidde zich vooral via besmet drinkwater. “Wanneer er een geval van cholera werd vastgesteld, moest soms het hele huis ontsmet worden”, vertelt Vandendriessche. “Daardoor moesten ze tijdelijk ergens anders onderdak vinden.” De cijfers in de kranten verantwoordden dergelijke acties.

Ook vandaag moeten cijfers helpen om de Covid-19-pandemie uiteindelijk klein te krijgen. De exponentieel stijgende cijfers over de bezetting van intensive-carebedden en doden onderbouwen het belang van maatregelen als regelmatig de handen wassen en een mondmasker dragen. “Een epidemie bestaat maar als je die met zijn allen samen erkent. Enkel op die manier zal de bevolking ook het belang inzien van de maatregelen”, zegt Vandendriessche.

(Spaanse) griep  

De meest dodelijke pandemie in de recente geschiedenis is die van de Spaanse griep in 1918. Er zouden naar schatting vijftig miljoen mensen gestorven zijn aan het H1N1-griepvirus. “Wetenschappers zijn nog altijd doodsbang voor een griepvariant van dat virus”, zegt Huisman (Universiteit Utrecht).

Het griepvaccin dat we vandaag jaarlijks verspreiden is het resultaat van extrapolatie. “Wiskundige modellen voorspellen, of beter uitgedrukt: speculeren, hoe het griepvirus van het volgende seizoen er zal uitzien”, zegt Huisman. Dat geeft volgens de hoogleraar medische geschiedenis een vals gevoel van controle. “We blijven een heel kwetsbaar wezen, alleen denken we van niet.”

Het einde van de Spaanse griep is trouwens nog steeds een raadsel. Al is er wel een vermoeden, weet medisch historicus Robrecht Van Hee (UAntwerpen). “De verspreiding is vermoedelijk spontaan gestopt. Op een gegeven moment neemt de immuniteit van de niet-dodelijke slachtoffers toe. Om te overleven moet het virus op zoek naar een oplossing, een mutatie. Als het gemuteerde virus minder virulent is , eindigt de epidemie ook spontaan.” Ook voor het coronavirus is zo’n scenario niet uitgesloten, zegt Van Hee.

Vandaag lijkt het – met die jaarlijkse vaccinatieprogramma’s – alsof we het griepvirus helemaal onder controle hebben. Wat ons dan maar meteen doet besluiten dat we op termijn een gelijkaardige oplossing voor covid zullen hebben. Maar eigenlijk gaat het om een vals gevoel van veiligheid, want bij een stevigere griepvariant blijven we uitermate kwetsbaar. “De opeenvolging van pandemieën zou ons vooral moeten leren dat er niet zoiets is als een ‘magic bullet’ om die op te lossen”, zegt Huisman. Volgens hem moeten we dringend onze mentaliteit wijzigen. 

Om zijn punt te maken verwijst hij naar de Amerikaanse historicus William McNeill. “Hij beschreef de wereldgeschiedenis aan de hand van virologie. Zo bracht Napoleon in de 19de eeuw niet alleen soldaten naar Moskou, maar ook bacteriën en virussen waartegen de lokale bevolking nog niet beschermd was.” Met andere woorden: Napoleon Bonaparte heeft zijn veroveringen niet per se te danken aan zijn strategisch inzicht, maar ook aan de ziekte­kiemen die hij overal introduceerde bij bevolkings­groepen die daar nog niet tegen beschermd waren.

Vandaag zijn er geen staatshoofden met grootheidswaanzin meer nodig om ziektes en mutaties van ziektes de wereld rond te brengen. Enkel mensen die om allerlei redenen constant de wereld rondreizen. “Het duurde ongeveer twee maanden vooraleer het corona­virus van China tot bij ons kwam”, zegt Huisman. “Bij sars duurde het nog minder lang.”

Als we echt het risico op een nieuwe corona- of griep­pandemie willen vermijden, moeten we volgens Huisman dringend ons gedrag aanpassen. “We beseffen niet meer dat wij een deel van de voedings­keten zijn op deze aarde. We staan daar niet buiten. Durven we onszelf in vraag te stellen? Want hoe vaak willen we eigenlijk de wereld nog rond? Is Brussels Airlines of KLM dan echt zo heilig? Is het recht op een wereldreis voor iedereen het risico op een wereldwijde pandemie waard?”

Huisman ziet het somber in. “We denken nog allemaal dat alles na het vaccin opgelost zal zijn, maar dat is niet zo. De geschiedenis leert ons dat pandemieën onoverzichtelijk en slordig eindigen. Dat zal nu niet anders zijn.”

Hiv

Heel wat pandemieën zijn in de loop van de geschiedenis geëvolueerd naar een zogenaamde endemische toestand. Ziekten die nog steeds slachtoffers maken, maar niet meer in die hoedanigheid dat ze een samenleving ontwrichten. 

Het meest sprekende voorbeeld is het hiv-virus. “Uit puur biologisch perspectief is de aids­epidemie eigenlijk nooit geëindigd”, zegt Anne-Mieke Vandamme (KU Leuven). Het virus verspreidt zich nog altijd heel snel over de wereld. In 2018 raakten 1,7 miljoen mensen besmet, 770.000 mensen overleden aan het virus. Toch zien we – op enkele pancartes in de Brusselse metro na – geen grote sensibiliseringscampagnes zoals eind jaren tachtig. ‘Don’t die of ignorance’, was de boodschap van de Britse regering aan haar bevolking toen. 

“Veertig jaar later hebben we nog steeds geen vaccin voor het virus”, zegt Van Hee (UAntwerpen). We beschikken wel over doeltreffende tritherapie die ervoor zorgt dat aids een chronische ziekte wordt. Door de medicatie wordt het virus zodanig onderdrukt dat het zelfs niet meer kan worden doorgegeven aan anderen. “Maar dat betekent niet dat het virus weg is”, zegt Van Hee. “Het slaapt hoogstens.”

Met andere woorden: de angst­psychose uit de jaren 80 is verdwenen. Als samenleving hebben we als het ware leren leven met het virus. Maar dat betekent niet dat de angst voor het virus daarom verdwenen is. 

Hij benadrukt dat mensen nog steeds bang zijn om de ziekte op te lopen. En dat – als het gebeurt – ze zich nog vaak buiten­gesloten en gediscrimineerd voelen. “Op sociaal vlak is deze ziekte zeker nog niet uitgeraasd” zegt Van Hee. De ziekte heeft er wel voor gezorgd dat zaken als condooms, voorvocht en anale seks niet alleen bespreekbaar werden. Bij een groot deel van de bevolking heeft deze pandemie zeker tot een gedrags­verandering geleid. Seks met meerdere partners? Dat kan, maar dan wel op een veilige manier. 

De vraag is of we ons gedrag dat we door corona­maatregelen hebben aangeleerd, ook zullen blijven voortzetten zodra het virus het dagelijkse nieuws niet meer domineert. Denk aan quarantaines bij ziekte­verschijnselen, regelmatig de handen wassen, elleboogjes geven of mondmaskers dragen. Waarom zouden werkgevers hun werknemers niet tegen ziektes blijven beschermen door ze af te schermen met plexi­glas?

“Uiteindelijk zijn dat allemaal varianten op oeroude technieken die we als mensheid al zeer lang toepassen zodra er een dodelijke ziekte de kop opsteekt”, zegt Van Hee. “Zodra de urgentie weg­ebt, verdwijnen ook de preventie­maatregelen.”    

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234