Vrijdag 03/12/2021

Hoe dieper in het dal, hoe minder greep sommigen hebben op de landstalen

null Beeld Kos
Beeld Kos

Bilal Benyaich is onder meer als docent verbonden aan de HUB en als vrijwillig wetenschappelijk medewerker aan de VUB.

De nieuwe taalbarometer van het Brussels Informatie-, Documentatie- en Onderzoekscentrum van de VUB toont aan dat taaldiversiteit de norm geworden is in Brussel. Brusselaars uit eentalige Frans- en Nederlandstalige gezinnen blijken geen meerderheid meer te vormen. Maar liefst de helft van de Brusselaars jonger dan vijfentwintig jaar groeit op in een meertalig gezin. Maar ook: het Arabisch is aan een sterke opmars bezig. Bijna één op de vijf Brusselaars spreekt Arabisch.

Toen ik de resultaten van deze derde BRIO-taalbarometer bekeek, moest ik haast ogenblikkelijk denken aan een zaalvoetbalwedstrijd van vorige week vrijdag. We verloren met onze ploeg, Rue de Flandre, van de ketten van Centrum West. Er was niet veel aan te doen, zij waren jonger, maar vooral: beter. Centrum West telde trouwens uitsluitend Brusselse spelers van Marokkaanse afkomst in zijn rangen. Tegen de scheids praatten ze in onberispelijk Nederlands, tegen elkaar in het Frans en vloeken deden ze in het Arabisch - tegen mij combineerden ze de drie talen; het vloeken lieten ze achterwege. Het toenemende gebruik van een combinatie van de 'contacttalen' (Nederlands en Frans), en het gebruik van een 'migrantentaal' (Arabisch), waarvan in het onderzoek sprake, in levende lijve dus.

Geproblematiseerd
Dat de Arabische taal aan een opmars bezig is in Brussel mag niet verbazen. Dit is het logische gevolg van demografische ontwikkelingen. Doorheen de jaren is het aantal Marokkaanse Brusselaars sterk toegenomen. Marokkaanse Brusselaars vormen veruit de grootste groep Brusselaars van buitenlandse herkomst. Ze maken ook meer dan twee derde uit van de Arabische Brusselaars. Niet voor niets wordt in Marokko, en onder Marokkaanse Europeanen, wel eens met een knipoog gezegd dat Brussel de hoofdstad van de Marokkanen in Europa is. Uiteraard stimuleert ook het immer uitdijend aanbod van Arabische taallessen aan instituten en culturele verenigingen allerhande, maar ook in moskeeën, de positie van het Arabisch.

De vaststelling in het BRIO-onderzoek dat dik de helft van de Arabischtaligen thuis uitsluitend Arabisch spreekt wordt echter geproblematiseerd. Vlaams minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel, Pascal Smet, verklaarde het volgende in dit verband: "Ondanks de toenemende meertaligheid is er ook een groep van nieuwe Brusselaars die eentalig is en geen aansluiting vindt met de meertalige sociaaleconomische realiteit. Dat vormt een probleem en voor deze mensen hebben we dringend nood aan een open en echt inburgeringsbeleid. We mogen hen niet aan hun lot overlaten", aldus de minister.

De minister heeft natuurlijk een punt. Er zijn een aantal nieuwe Brusselaars die eentalig zijn gebleven. Dat is jammer, want uit welbegrepen eigenbelang, en in het belang van het samenleven, zou elke Brusselaar minstens één der landstalen min of meer onder de knie moeten hebben. Niemand die hier aan twijfelt. Het sociaaleconomische probleem waar de minister op alludeert bevindt zich echter ook bij Brusselse jongeren die hier geboren en getogen zijn. Het zou verkeerd zijn om de thuistaal als dé oorzaak te zien van de schoolse achterstand bij velen. Onderzoek van onder meer Dirk Jacobs en Andrea Rea (ULB) heeft aangetoond dat het opleidingsniveau van de moeder een belangrijkere rol speelt in de schoolse carrière van het kind.

Arme sikkel
In feite zijn de uitdagingen in het onderwijs en de arbeidsmarkt in Brussel al lang gekend. De focus verbreden naar taal is niet onzinnig; ze verschuiven naar taal zou dat wel zijn. Het leeuwendeel van de Marokkaanse Brusselaars leeft geconcentreerd in achtergestelde wijken in het centrum en het westen van het Brussels gewest - in de zogenaamde arme sikkel. Het betreft een gebied waar haast alle indicatoren op rood staan: het laagste scholingsniveau, de hoogste werkloosheidsgraad, de laagste gemiddelde levensverwachting, de minst aangepaste huisvesting. Bart Eeckhout, journalist bij De Morgen, en zelf inwoner van Molenbeek, verwoordde het ooit treffend. "In onze heuvelachtige hoofdstad", zei hij, "is de sociale demografie vaak nog die van de middeleeuwen. Hoe dieper in het dal, hoe meer ellende." (DM, 16/06/'11) Vandaag kunnen we ook zeggen: hoe dieper in het dal, hoe minder greep sommigen hebben op de landstalen. Dat wel, maar nee, Brussel heeft geen 'Arabisch probleem', wel een sociaal probleem.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234