Zaterdag 05/12/2020

Congo

Hoe de tentakels van de Kabila-clan tot elke uithoek reiken

Beeld AFP

Joseph Kabila en zijn familie bouwden een onwelriekend zakelijk netwerk uit met vertakkingen tot in de verste uithoeken van Congo. Nu dat familiefortuin op de helling staat klampt de president zich vast aan de macht.

Tijdens zijn enige openbare toespraak in het parlement dit jaar was Joseph Kabila (45), president van de Democratische Republiek Congo, duidelijk over zijn weigering om de macht uit handen te geven voor vandaag, 19 december, wanneer zijn laatste termijn had moeten aflopen: "Ik sta niet toe dat de republiek gegijzeld wordt door een kleine groepering." Dat werd op gejuich onthaald.

Zijn presidentschap had volgens hem voor vrede en economische groei gezorgd en hij verwees naar hervormingen in de mijnbouw, telecom-, energie- en bankensector. Hij vermeldde echter niet dat zijn eigen familieleden, onder wie zijn zus Jaynet en broer Zoe - beiden aanwezig in het parlement - vaak het meest profiteerden van de veranderingen.

De Kabila's bouwden samen een bedrijvenconcern uit met vertakkingen tot in elke uithoek van de Congolese economie. Het leverde de familie honderden miljoenen euro's op. Dat zakelijk imperium kan verklaren waarom de president de smeekbedes van de VS, EU en een meerderheid van de Congolese bevolking om de macht over te dragen negeert.

Zijn adviseurs betwisten dit evenwel. Dat Kabila weigert af te treden zou voor het land weer tot de chaos kunnen leiden die miljoenen mensen het leven kostte nadat zijn vader bijna twee decennia geleden aan de macht kwam. Het kan ook de tijdelijke stabiliteit die internationale investeringen met zich meebrachten, waardoor Congo de grootste producent van koper, tin en kobalt in Afrika werd, op de helling zetten.

Buitenlandse investeringen leidden, nog steeds volgens de Kabila-adviseurs, sinds 2003 tot meer dan 100.000 banen in de mijnbouw en oliesector alleen, en verdrievoudigde de omvang van de economie. Het familie-imperium groeide en bloeide. In die periode bouwden Kabila en zijn broers en zussen een internationaal zakelijk netwerk uit dat zich uitstrekt over ten minste 70 bedrijven. Volgens de Congolese wet mogen politici of hun familieleden zakelijke belangen hebben, maar de omvang van hun imperium werd pas onlangs duidelijk, dankzij vrijgegeven documenten. Daarin staat onder meer dat zijn vrouw, twee kinderen en acht van zijn broers en zussen samen meer dan 120 vergunningen hebben om goud, diamant, koper, kobalt en andere mineralen te delven. Twee van de familiebedrijven hebben vergunningen in handen waarmee ze over een gebied van meer dan 720 kilometer langs de zuidwestelijke grens van Congo met Angola naar diamant mogen graven. Familieleden hebben ook belangen in banken, bedrijven, brandstofdistributeurs, luchtvaartmaatschappijen, hotels, een geneesmiddelenleverancier, reisbureaus, boetieks en nachtclubs. Een van hun ondernemingen ondernam zelfs een poging om een rat te lanceren in de ruimte.

De exacte waarde van de familiebedrijven is moeilijk in te schatten. De weinige beschikbare cijfers tonen bij twee van hun bedrijven investeringen van meer dan 30 miljoen euro. De geraamde inkomsten van een andere onderneming bedragen meer dan 350 miljoen euro in een tijdspanne van vier jaar, en dat in een land waar bijna twee derde van de 77 miljoen inwoners moeten rondkomen met minder dan 1,8 euro per dag.

Hoewel sommige van de bedrijven hun directe eigendom zijn, heeft de familie ook tientallen joint ventures in allerlei industrieën. Op die manier kan het zijn dat zelfs schijnbaar onschuldige betalingen - zoals de huur die de VN betalen voor een politiebureau - uiteindelijk ook hun weg vinden naar de Kabila's.

Regeringswoordvoerder Lambert Mende weigert commentaar te geven op kwesties met betrekking tot de familie van de president, omdat hij ze beschouwt als privé. Hij zei ook dat de president de westerse media hierover niet te woord wil staan.

President Kabila's tweede ambtstermijn eindigt vandaag, en volgens de grondwet kan hij niet opnieuw verkozen worden. Maar de kiescommissie heeft de verkiezingen uitgesteld tot ten vroegste april 2018 en een grondwettelijk hof, waarvan de meeste rechters pro-Kabila zijn, heeft beslist dat hij op post moet blijven totdat er een stemming wordt gehouden. In het openbaar ontkent Kabila dat hij iets te maken heeft met het uitstel, maar binnenskamers vertelt hij dat hij niet van plan is plaats te ruimen. Hij zou gezegd hebben president voor het leven te zijn.

Sancties

Voor de meeste Congolezen is het verhaal van de economie veel minder positief dan het rooskleurige verhaal dat Kabila de wereld wil doen geloven. De overheid heeft de economische groei dit jaar al drie keer moeten herzien als gevolg van zwakke grondstoffenprijzen. Aanvankelijk mikte men in de begroting 2016 op 9 procent, maar het is nu gestrand op 4,3 procent.

joseph kabilaBeeld AP

In september doodden Kabila's veiligheidstroepen meer dan veertig pro-democratie-demonstranten in hoofdstad Kinshasa. Ze staken het hoofdkwartier van de belangrijkste oppositiepartij in brand, en gooiden vluchtende burgers in de vlammen, aldus de VN. Op 12 december sanctioneerden de VS de Congolese minister van Binnenlandse Zaken en het hoofd van de nationale inlichtingendienst omdat de Congolese regering de democratische processen ondermijnt en de stabiliteit en de welvaart van het land in gevaar brengt. Diezelfde dag bestrafte de Europese Unie zeven politiemensen en legerfunctionarissen wegens hun rol bij het geweld in september en "hun poging een vreedzame oplossing voor de crisis in de Democratische Republiek Congo te belemmeren".

Als Congo de komende dagen opnieuw ontploft, kan de onrust de grenzen van Congo met negen buurlanden overschrijden, zoals dat gebeurde in de oorlogen tussen 1996 en 2003. En daardoor zou de 40 miljard euro die internationale donoren de afgelopen 16 jaar investeerden in een VN-missie, humanitaire hulp en ontwikkelingshulp eigenlijk neerkomen op verkwanseld geld.

Charismatische rebellenvader

Joseph Kabila groeide met zijn broers en zussen, de kinderen van Laurent-Désiré Kabila, op in ballingschap in Tanzania. Hun jeugd was eenvoudig maar vol intriges, terwijl hun vader, de charismatische rebel, van land tot land trok met behulp van valse paspoorten in een poging steun te vinden voor zijn strijd tegen de door de VS gesteunde dictator Mobutu Sese Seko.

Laurent-Désiré verwekte minstens 25 kinderen bij zeven vrouwen, volgens een biografie geschreven in 2003 door de Belgische onderzoeker Erik Kennes. Joseph, Jaynet en hun jongere zus Sissy werden geboren in Congo. Zoe, en zusjes Cecylia en Josephine in Tanzania. Jongere broer Masengo en zus Gloria in Oeganda. Een andere broer, Francis Selemani Mtwale, werd als kind geadopteerd.

Nadat hun vader in 1997 president werd met de hulp van een coalitie van Afrikaanse regeringen, bedacht hij onmiddellijk hoe hij geld kon verdienen voor zijn regering, én voor zijn familie en vrienden, volgens de biografie van Kennes.

De plaatsen waar hij had gevochten als jonge rebel werden de namen van zijn ondernemingen. Hewa Bora, de rebellenbasis waar zijn tweeling Jaynet en Jozef werd geboren, werd een luchtvaartmaatschappij, een tankstation, een boerderij en een mijnsite. Wimbi Dira, een andere basis, werd de naam van een tweede luchtvaartmaatschappij.

Maar Laurent-Désirés pogingen om de gevestigde economische en politieke waarden door elkaar te schudden, zorgden ook voor veel vijanden, en in 2001 werd hij vermoord door zijn eigen lijfwacht. Binnen enkele weken werd Joseph, toen de Congolese legerleider, gekozen als zijn opvolger. Hij was pas 29.

Extraatje

Sindsdien groeiden de bedrijven van de familie Kabila samen met de Congolese economie. Nu profiteren ze mee van een leuk extraatje van de presidentiële macht: de bescherming van de Republikeinse Garde. In juli 2015 vergezelde die elite-eenheid bijvoorbeeld zijn echtgenote Olive, nadat ze een veeboerderij in de groene heuvels van Noord-Kivu had gekocht.

Veel van de bedrijven worden gerund door Jaynet, de tweelingzus van Joseph Kabila. Na de dood van hun vader richtte zij bedrijven op in Congo, maar ook in de VS, Panama, Tanzania en op het Zuid-Pacifische eiland Niue. Ze is of was aandeelhouder of bestuurder van ten minste 28 bedrijven. Het is onduidelijk hoeveel van die bedrijven nog steeds actief zijn.

Het gebrek aan transparantie over de zakelijke belangen van de familie heeft de Congolese economie veel schade berokkend. In 2012 zette het IMF zijn lening van een half miljard euro aan Congo stop, toen de regering weigerde contracten rond een deal met een kopermijn in 2011 te publiceren. Een van de betrokken organisaties, Goma Mining, was voor ten minste 10 procent in handen van de familie en werd bestuurd door Kabila's zus, Josephine.

De betrokkenheid van de familie in de mijnbouw verloopt deels dankzij het bedrijf Acacia, waarvan Jaynets jongere broer Masengo, Joseph Kabila's 16-jarige dochter Sifa, en zijn financiële assistent Emmanuel Adrupiako, een meerderheid in handen hebben.

Hart voor diamant

In de afgelegen zuidelijke stad Tembo hebben de mensen nog nooit gehoord van Acacia of een ander door de familie gecontroleerd bedrijf genaamd Kwango Mines, die samen over 96 mijnbouwvergunningen beschikken. Maar ze lijken wel te weten wie de diamanten in de rivier bezit. "Alle documenten voor dit project zijn nu in handen van Jaynet Kabila, de tweelingzus", zegt diamanthandelaar Jauvin Manzaza.

Door Kabila gecontroleerde bedrijven kwamen hier voor het eerst in 1998 met tractoren en machines om diamanten op te graven, vertelt Manzaza. In 2003 verkocht een vennootschap, gecontroleerd door Selemani en Kabila's jongere broers Zoe en Masengo, voor meer dan 12 miljoen euro aan edelstenen. Diamanten waren goed voor driekwart van de Congolese exportinkomsten dat jaar. Eveneens in 2003 kwam er ook een einde aan de oorlog en dat lokte tal van internationale diamantbedrijven. Eenmaal daar konden die firma's niet anders dan onderhandelen met de Kabila-clan, zegt Mike De Wit, van 2003 tot 2007 hoofd exploratie in Congo voor 's werelds grootste diamantproducent, De Beers. In 2006 ondertekende De Beers een overeenkomst om het land te exploreren via een onderneming bestuurd door Olive Lembe, een paar maanden voordat ze trouwde met de nieuwe president, vertelt De Wit. Dat bedrijf heet nu Olive Sifa Laurent, of Osifal, vernoemd naar de aandeelhouders: Olive, dochter Sifa, en de achtjarige zoon, Laurent-Désiré.

"Toen Kabila aan de macht kwam, zag hij eruit als een eerlijk man en zakelijk was het eigenlijk goed te doen, dus daarom ging De Beers akkoord", stelt De Wit in een interview. "Na een tijdje werd het duidelijk dat dit niet het geval was." De Beers bevestigde de afspraak met Osifal per e-mail, en voegde eraan toe dat die in 2008 werd beëindigd omdat "er geen potentieel was". De Beers verliet Congo in 2009 nadat het "concludeerde dat De Beers niet comfortabel aan zaken kon doen in dergelijke omgeving".

Later, als het hoofd exploratie van Delrand Resources Ltd (toen nog BRC), moest De Wit opnieuw onderhandelen met de familie. Delrand kon toen ongeveer 350.000 euro betalen voor 55 procent van de rechten op zes Acacia-licenties om te kunnen uitbreiden langs de rivier Kwango en verder naar het westen. Toen besloot Jaynet om opnieuw te onderhandelen. "In een bijeenkomst zeiden ze, 'Misschien willen we 2 miljoen, en in de volgende vergadering: Nu ja, eigenlijk is die deal 10 miljoen waard'", zegt De Wit over de onderhandelingen. Jaynet maakte al snel duidelijk dat zij de plak zwaaide in Congo, en dat ze "big dollars" wilde verdienen, herinnert De Wit zich. "Het was nooit genoeg." Delrand stopte de onderhandelingen in 2014, en verloor zo'n 3 miljoen euro aan het project.

Het is niet duidelijk hoeveel inkomsten diamanten vandaag nog opleveren voor de Kabila-familie. Sinds 2005 is de diamantproductie in Congo gehalveerd, en ingehaald door koper, kobalt en goud.

In 2010 investeerde Acacia vooral in de provincie Katanga, rijk aan koper en andere metalen. Honderdduizenden mannen werken er in de mijnen, soms meer dan 40 meter onder de grond.

In de buurt van de stad Luisha werken ongeveer 4.500 mijnwerkers in een gebied met zes mijnen die officieel tot het staatsbedrijf Gécamines behoren. Vele teams van vier gravers produceren elk een gemiddelde van een halve ton koper- en kobalterts per dag. Drie van de mijnen worden gerund door Acacia, ook al heeft Gécamines nooit een samenwerking met het bedrijf aangekondigd. Militairen op de sites dwingen de mijnwerkers hun mineralen alleen aan Acacia te verkopen, en dat onder de marktprijs.

Pistool

In de hoofdstad Kinshasa, verscholen achter het spiegelglas van de BGFI-bank, vestigde de familie Kabila zijn meest geavanceerde investering: de landelijke tak van een in Gabon gevestigde bankengroep. BGFI wordt in Congo bestuurd door de presidentiële familie. Toen de bank een Congolese vestiging kreeg in 2010, nam Kabila's zus Gloria Mteyu 40 procent voor zich, goed voor zo'n 10 miljoen euro. Groupe BGFI Bank SA, in Gabon, met takken in 11 landen, bezit de overige 60 procent.

Gloria, een 32-jarige modeontwerper, zei in een telefonisch interview dat ze in 2012 zou terugkeren naar Congo om de Kinshasa Fashion Week te lanceren na haar studies in New York, Milaan en Parijs. Wanneer men vroeg naar haar bedrijven zei ze dat ze op haar privacy was gesteld, en niet wou praten over ondernemingen die geen verband hielden met mode. Ze zei ook dat ze geen aandelen van BGFI bezat. Bij een persconferentie in Kinshasa in november echter zei Abdel Kader Diop, adjunct-directeur van de branche in Congo, dat Gloria aandeelhouder was.

Jean-Jacques Lumumba, hoofd krediet bij de bank, ontdekte verdachte transacties kort nadat hij er was begonnen werken in 2014. Lumumba merkte op dat de centrale bank - die geen commerciële leningen mag verstrekken - aan een voedseldistributeur 43 miljoen euro had geleend en het geld had overgemaakt naar een rekening bij BGFI. Het bedrijf bleek te worden gerund door zakenpartners van president Kabila, wiens broer Selemani CEO is van de bank. Lumumba beweert Selemani te hebben geconfronteerd in het kantoor van zijn baas. Selemani zat samen met enkele andere mannen bij een foto van Kabila. Hij leunde achterover in zijn stoel, zodat zijn jasje openviel en een pistool zichtbaar werd. "Gaat u het mij moeilijk maken?", schreeuwde hij naar Lumumba. "Je weet dat ik korte metten met je kan maken, als ik moet. Gewoon doen wat ik je zeg."

BGFI zei in een verklaring dat het krediet heeft verstrekt aan de onderneming, maar nooit een lening is aangegaan bij de centrale bank. Gevraagd om commentaar drukte Selemani zijn telefoon af, voordat hem een vraag kon worden gesteld. De centrale bank en het bedrijf bevestigden dat er nooit sprake was van een dergelijke lening, ook al is het bewijs van de transactie terug te vinden in de bankafschriften van Lumumba. Die had hij bij zich toen hij uit Congo vluchtte met zijn vrouw en kinderen. Lumumba zegt dat de VS, met hun sancties tegen de Congolese militaire leiders, nooit degenen zullen treffen die Kabila echt aan de macht houden, namelijk het netwerk van mensen die de bedrijven van de familie runt. "De huidige sancties zullen geen verschil maken. Als je de aandacht van Kabila wilt, moet je je richten op zijn geldschieters."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234