Zondag 20/10/2019

Hongarije

Hoe Boedapest ruzie zoekt met Brussel: kritische universiteit en ngo's de mond gesnoerd

Studenten van de geviseerde Central European University protesteren tegen de plannen in de straten van de Hongaarse hoofdstad. Beeld EPA

Pas over een jaar gaat Hongarije naar de stembus, maar het lijkt erop dat premier Orbán nu al zijn campagne gestart is. Hij draait de duimschroeven alvast aan bij twee haarden van verzet: zowel de Central European University (CEU) als de ngo's krijgen te maken met wetgeving die hun werk haast onmogelijk maakt.

Als eerste is de CEU aan de beurt. Vandaag stemt het Hongaarse parlement over nieuwe restricties op het hoger onderwijs, die bedoeld zijn om de prestigieuze universiteit de nek om te draaien.

Buitenlandse universiteiten (de CEU is Amerikaans-Hongaars) zijn onder die wet alleen welkom als ze ook in hun eigen land lesgeven. De enige campus van de CEU staat in Boedapest. Daarnaast wil Orbáns regering een bilateraal verdrag met de Verenigde Staten. Twee onmogelijke eisen, reageerde de Canadese rector Michael Ignatieff.

Zondag gingen zo'n tienduizend Hongaren in Boedapest de straat op uit naam van de onderwijsvrijheid en het behoud van de CEU. Meer dan vijfhonderd academici uit de hele wereld, onder wie zeventien Nobelprijswinnaars, hebben zich solidair verklaard. Opvallend: ook de Hongaarse eurocommissaris voor Onderwijs Tibor Navracsics - normaliter trouw aan de lijn van zijn partij Fidesz - sprak zich pro-CEU uit.

De CEU werd begin jaren 90 opgericht door de Hongaars-Amerikaanse multimiljardair George Soros, Orbáns gezworen vijand. De Hongaarse premier verwijst in toespraken en interviews steevast naar de CEU als 'de Soros-universiteit'. De staf bestaat voor een groot deel uit ex-oppositiefiguren. De CEU is alles waaraan Orbán een hekel heeft, schrijft populismekenner en oud-CEU-docent Cas Mudde in The Guardian: "Kritisch, mondiaal, onafhankelijk en multicultureel."

'Ngo's doen aan migratiebusiness'

Ondertussen is ook de tekst uitgelekt van een wetsvoorstel dat gerespecteerde ngo's met meer dan 25.000 euro aan buitenlandse financiering het leven zuur kan maken. Het gaat om mensenrechtenorganisaties als Helsinki Comité, Transparency International en de Hongaarse Unie voor Burgerrechten (TASZ).

Op publicaties moeten zij straks vermelden dat ze vanuit het buitenland gefinancierd worden. Ook moeten ze hun donateurs met naam en toenaam publiek maken. Niet toevallig ontvangen ook zij een (bescheiden) deel van hun budget via Soros' stichting Open Society Foundations (OSF).

"We moeten hun werkzaamheden transparant maken", sprak Orbán op de Hongaarse radio, "en duidelijk maken dat die vaak niet gaan over mensenrechten, maar over hebzucht en de migratie-business." Eerder verklaarde zijn woordvoerder dat de ngo's samenwerken met mensensmokkelaars en terroristische organisaties. Met een vergelijkbare redenering werd in 2015 het kantoor van OSF in Moskou gesloten.

Pas over een jaar gaat Hongarije naar de stembus, maar premier Victor Orban lijkt de campagne nu al te starten. Beeld EPA

Orbáns drietrapsraket wordt afgerond door het startschot van wat in Hongarije een 'nationale consultatie' heet. Alle 8 miljoen kiezers krijgen per mail zes vragen toegestuurd. Vraag vier luidt: "Steeds meer organisaties met buitenlandse steun opereren in Hongarije met als doel zich op ondoorzichtige wijze in te mengen in binnenlandse aangelegenheden. Deze organisaties kunnen onze onafhankelijkheid in gevaar brengen. Wat vindt u dat Hongarije moet doen?"

Er volgen twee opties: registreren of niets doen. Het politiek gewenste antwoord is duidelijk, en ook de naam van de consultatie geeft een duidelijke hint: 'Laten we Brussel stoppen!' Dankzij de antwoorden weet Orbán straks waar hij het beste campagne op kan voeren en waarop niet.

Dwarsligger

In eigen land werpt hij zich nog eens op als de kampioen onder de Europese eurosceptici. Dat werkt goed bij zijn kiezers, zegt Kim Lane Scheppele, Hongarije-kenner verbonden aan Princeton University. "Na de exit van Groot-Brittannië, tot voor kort de grootste dwarsligger, ziet Orbán een vacature. Hij realiseert zich dat de EU op het punt staat aan een transformatie te beginnen, bijvoorbeeld tot een Europa van twee snelheden, en is bang dat Hongarije wordt achtergelaten."

Het is een angst die Orbán deelt met zijn ambtgenoot Jaroslaw Kaczyński in Polen. Beiden hebben een achtergrond als jurist. Allebei weten ze hoe ze wetten zo moeten formuleren dat ze de beginselen van democratie en rechtsstaat maximaal oprekken.

Gaan ze hun (in het geval van Kaczyński: grondwettelijke) boekje te buiten, dan beroepen ze zich op de wil van het volk, dat hun immers een mandaat heeft gegeven. Die volkswil legt in hun ogen meer gewicht in de schaal dan internationale verdragen en Europese afspraken.

Maar terwijl de Europese Commissie in het geval van Polen dreigt met het intrekken van het stemrecht, zijn haar handen tegenover Hongarije gebonden. Scheppele: "Meer dan veroordelen kan de Commissie niet." De manoeuvreerruimte voor maatschappelijke organisaties geldt als binnenlands terrein waarover Brussel niets te zeggen heeft.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234