Vrijdag 18/10/2019

Extreemrechts in de VS

Hoe alt-right Amerika kan slopen

Richard Spencer, de zelfverklaarde bedenker van alt-right, en enkele van zijn volgers clashen op 12 augustus met de Virginia State Police. Beeld AFP

De opgetrommelde extreemrechtse manifestanten in Charlottesville waren van divers allooi, maar dood en geweld zaaiden ze onder één vlag: die van #UniteTheRight. Onder president Trump ziet extreemrechts zijn kans schoon.

De duivel is wel degelijk uit de doos. De tol van de extreemrechtse manifestatie in Charlottesville, een week geleden, is zwaar, zowel op menselijk als op politiek vlak. Toen een jonge neonazi op een groep tegenbetogers inreed, vielen onder hen niet alleen een twintigtal gewonden, maar ook een dode, de 32-jarige Heather Heyer.

Veeleer dan alle hens aan dek te roepen, liet Donald Trump de schuldvraag tot twee keer toe blauwblauw. Het geweld kwam “van vele kanten”, bevestigde de president woensdag opnieuw. Alsof voor- en tegenstanders van burgerrechten elkaars feilloos inwisselbare spiegelbeelden geworden waren, elke partij even legitiem.

Zo’n erkenning is net waar Amerikaans extreemrechts, een gaswolk van elkaar overlappende facties, op aast. “Bedankt president Trump voor uw eerlijkheid en moed”, had de voormalige leider van de Ku Klux Klan, David Duke, bij de eerste gelegenheid al getweet.

De prelude op Charlottesville lijkt op de kroniek van een aangekondigd treffen: nadat de 20-jarige blanke supremacist Dylann Roof in 2015 negen zwarte kerkgangers had vermoord in hun kerk in Charleston, besloten meerdere steden in het Old South om de confederale symbolen uit de publieke ruimte weg te halen. In februari jongstleden keurde de gemeenteraad van Charlottesville zo de ontmanteling en verkoop goed van het ruiterstandbeeld van generaal Robert E. Lee. Het plantsoen waar de militair nog altijd pronkt, zou tot Emancipation Park worden omgedoopt.

Wat volgens sommigen te vrezen viel, gebeurde: extreemrechts, verenigd onder het nieuwerwetse begrip alt-right (‘alternative right’), maakte van Lees beeltenis een stokpaard.

In mei blies Richard Spencer, een 38-jarige would-bedoctorandus die Duke University verruilde voor een rol als politieke onruststoker, een eerste keer verzamelen in Charlottesville. Spencer, de zelfverklaarde bedenker van alt-right, voerde een avondlijke fakkeltocht aan, om en bij de generaal.

Ruim een maand later, op 8 juli, deed een 50-tal leden van de Ku Klux Klan het ceremonieel over. Ze stuitten daarbij op een fikse politiemacht en duizend tegenbetogers.

Het is niet alleen dat. Ver van de blank-nationalistische kliekjes, in mainstream Amerika, kondigde kabelzender HBO, die van Game of Thrones, vorige maand een nieuwe, “grensverleggende” serie aan, getiteld Confederate. De reeks belooft de kijkers voor te spiegelen hoe de VS eruitgezien zouden hebben als het Zuiden de Burgeroorlog destijds gewonnen had.

Bij de Afro-Amerikaanse intelligentsia, onder wie Ta-Nehisi Coates, die een bestseller neerzette met Between the World and Me, was de verontwaardiging immens. In The Atlantic schreef Coates op 4 augustus dat David Benioff en Daniel Brett Weiss, de auteurs van Confederate, zich aan een provocatie waagden “waar je maar in mee kunt gaan als de werkelijkheid zoals die door een ander beleefd wordt, voor jou een fantasie is (…), wanneer de terreuraanval op Charleston weliswaar op jouw medeleven kan rekenen, maar niet meteen angstgevoelens bij je oproept”.

Impliciet verwijzend naar een beroemd citaat van southern auteur William Faulkner – “The past is never dead, it’s not even past” – voegde Coates toe dat “Afro-Amerikanen geen sciencefiction nodig hebben, en al helemaal geen fictie, om te begrijpen dat het verleden nog aanwezig is.”

Jonger dan 40

Dat alles was een week of twee geleden. De inkt van Coates’ woorden was nauwelijks droog of daar voltrok zich de tragedie in Charlottesville. Terwijl Confederate dweept met de mythe dat de strijd gestreden is, en dat een verzonnen alternatieve versie van de geschiedenis daarom onschadelijk is, zijn de feiten van zaterdag een wekker­alarm.

Want neen, de confederale nostalgici en Ku Klux Klan zijn niet de randgekken of folkloro’s waar ze in de jaren 90, zie de alom bekende documentaire van Louis Theroux, nog voor doorgingen.

Blanke nationalisten, neonazi's en leden van de Ku Klux Klan hielden vorige week vrijdag een optocht met brandende toortsen op de campus van de universiteit van Charlottesville. Beeld AP

Om ook een persoonlijke impressie aan te halen: toen ik twee decennia geleden in ‘Sweet’ Auburn rondwandelde, een bekende Afro-Amerikaanse buurt in Atlanta, en er stilstond bij de grafsteen van Martin Luther King, bleek ik tot mijn verbazing de enige blanke in velden en wegen. Ik zag het in de argwanende blikken van medebezoekers en personeel: zomaar een museale uitstap kon Auburn in geen geval zijn, hier was de geschiedenis nog volop aan de gang en bleef de segregatie de facto intact. Van Barack Obama, en wat de eerste zwarte president van de VS bij voor- en tegenstanders zou symboliseren, had niemand al gehoord.

Dat brengt ons naar vandaag terug, en naar wat de extreemrechtse groepen in hun mars hebben. Niet uitsluitend het verleden doet er voor hen toe, wel hun interpretatie van de droom die Donald Trump hen tijdens zijn campagne voorhield: ‘Make America Great Again.’

Het bijwoord again mag dan aan een mythisch vroeger refereren, volgens het Southern Poverty Law Center (SPLC), een organisatie die haatmisdrijven in kaart brengt, waren veel deelnemers aan de betoging van zaterdag jonger dan 40. Zowel de dader in Charlottesville als die in Charleston twee jaar geleden was twintiger, geen kerels dus die de officiële suprematie van blank Amerika, tot in de jaren 60, zelf meegemaakt hebben. Hun verbeeldingswereld hebben ze in de eerste plaats aan het internet ontleend, zo stelt het SPLC.

Volgens Spencer, directeur van de pseudo-denktank National Policy Institute, beschikt alt-right over een harde kern van duizenden tot tienduizenden lieden “die ons iedere dag opnieuw ernstig nemen”. Ofschoon dat aantal volgens waarnemers een schromelijke overschatting is en Spencers op straat te mobiliseren aanhang hooguit enkele honderden mensen telt, neemt zijn invloed op sociale media toe. Hij en de moeilijk te definiëren groep van radicalen om hem heen is er alles aan gelegen van de VS een ander land te maken: raciaal, sociaal en politiek.

‘Jullie zullen ons niet vervangen’

“We zijn er niet om in schaamte, zwakte en schande te leven”, zo sprak Spencer vorig jaar een 200-tal luisteraars toe in Washington. “We zullen niet smeken om de morele goedkeuring van de minst achtenswaardige schepsels die ooit de planeet hebben bevolkt.” En verder: “Rassen zijn reëel, rassen doen ertoe, het ras is het fundament van de identiteit.”

Toen Spencer tot overmaat van provocatie ook ‘Hail Trump! Hail our people! Hail victory!’ uitriep, veerde een tiental aanwezigen recht om de Hitlergroet te brengen. Zijn saluut ging viraal, Spencer werd van Twitter gegooid maar kreeg er, zich beroepend op het grondwettelijk gegarandeerde spreekrecht, gauw genoeg weer toegang toe.

Niet alleen Spencer tekende in Charlottesville present, de fine fleur van brutaal rechts was naar het historische stadje in Virginia afgezakt. In de eerste plaats de hoofdorganisator van het evenement, ene Jason Kessler, dertiger, blogger en lid van de Trumpgezinde Proud Boys. Een ander boegbeeld van alt-right, Mike ‘Enoch’ Peinovich, ontbrak ook niet op ’t appel, evenmin als Nathan Damigo, een in de cel geradicaliseerde oud-marinier die de groep Identity Evropa oprichtte, en met die naam expliciet knipoogt naar ‘modelland’ Rusland.

De dader van zaterdag, James Alex Fields Jr., stapte dan weer op met een schild van het met de nazi’s sympathiserende Vanguard America. Vanguard is een uitwas van het webforum IronMarch, dat voetvolk werft met slagzinnen als ‘Rassenoorlog nu!’

De Ku Klux Klan lijkt helemaal terug van nooit helemaal weggeweest, getuige ook deze fakkeltocht van april in Georgia. Beeld AP

Ook de Ku Klux Klan was opgetrommeld, meerdere medewerkers van de antisemitische website Daily Stormer en leden van de National Socialist Movement. Hadden sommige manifestanten het overwegend op links gemunt en een gevreesde “totalitaire communistische machtsgreep”, dan eisten anderen een “raszuivere, Europees-Amerikaanse” staat, of nog, een algemene migratiestop. In het straatbeeld viel niet alleen de nazislogan ‘Blut und Boden’ te lezen, tussen de toortsen en confederale vlaggen in werd ook het spookbeeld van een “blanke genocide” geventileerd.

“Jullie zullen ons niet vervangen”, klonk het uit tientallen kelen, een ook bij aanhangers van het Franse Front National populaire slagzin. Volgens de Franse extreemrechtse theoreticus Renaud Camus is het niet-blanken erom te doen de plaats van de blanken in de VS en Europa in te nemen, zo niet gewapenderhand dan zeker demografisch. “Our population is being replaced. No more”, twitterde ook Geert Wilders.

Steile opgang

Hoewel de manifestatie in Charlottesville gesteund werd door de Griekse neonazi's van Gouden Dageraad en een rist Duitse, Britse en Scandinavische clubjes, viel aan deze kant van de Atlantische oceaan vooral de ongemakkelijke stilte op. Op het Nederlandse PVV-kopstuk na lieten rechts-populistische partijen in Europa, het FN in Frankrijk, Alternative für Deutschland (AfD) bij onze oosterburen of Vlaams Belang in België, de kelk liever aan zich voorbijgaan.

“Europese partijen”, schrijft The Washington Post, “waren op zeker moment gebrand om gemene zaak te maken met de facties die zich gesterkt voelden door de zege van Trump in de VS, maar hebben het moeilijk om een antwoord te formuleren op het machtsvertoon van blanke nationalisten vorig weekend.”

Volgens de Franse specialist extreemrechts Jean-Yves Camus (geen banden met de eerder vermelde Renaud Camus), heeft het stilzwijgen, “dat ook geldt voor de Vrijheidspartij in Oostenrijk en de Lega Nord in Italië, te maken met hun streven naar ruimere respectabiliteit, zeker in de aanloop naar de parlementsverkiezingen in landen als Duitsland en Oostenrijk.”

Hoe dan ook vreest Camus, zoals hij eerder in deze krant al zei na een maandenlang verblijf in onder meer North Carolina, “dat het progressieve en democratische denken dat we decennia lang zo gewoon waren, een minderheidsdenken geworden is in grote delen van de VS”.

Dat extreemrechts er zo’n steile opgang heeft kunnen maken, is niet in de laatste plaats te wijten aan de frontvorming, zegt SPLC. Hun traditionele interne conflicten hebben de extreemrechtse groepjes zoveel mogelijk achter zich gelaten; niet voor niets mobiliseerden de initiatiefnemers in Charlottesville onder de hashtag #UniteTheRight.

De eenmaking neemt niet weg dat de verscheidenheid groot blijft, zo stelt het onderzoekscentrum Institute for Strategic Dialogue (ISD). Het ISD, dat de politieke motieven van de deelnemers in kaart bracht, stelde vast dat 31 procent van hen behept was met het blanke ras, hetzij in de supremacistische, hetzij in de nationalistische variant. Goed 27 procent werd in de eerste plaats gedreven door antilinkse en anti-antifascistische afwegingen. Tweeëntwintig procent droeg de grondwettelijk gewaarborgde vrije wapendracht het hoogst in het vaandel. Kleinere groepen was het dan weer om een “onafhankelijke, vrije en zuidelijke republiek” te doen, of om hun verzet tegen Washington en de politieke elite. Ook belijders van de nihilistische popcultuur, adepten van complottheorieën en zogenoemde masculinisten – elk kerkje heeft zijn eigen huisideologen – vonden de weg naar Charlottesville.

Digitaal netwerk

Een rekbaar agglomeraat dus, alt-right, dat vleugels kreeg tijdens de campagne van Trump. Vooral hun anti-establishmenthouding en warsheid van de internationale buitenwereld wist de toekomstige president te vatten. Ook beschikte alt-right over een digitaal netwerk dat doelbewust de kaart van de onconventionele miljardair trok.

“De eerste stap naar een identiteitsbeleid voor blanken!”, zo bejubelde Spencer Trumps verkiezing. Of nog, in de woorden van KKK’er David Duke in Charlottesville: “Wat hier gebeurt, is een omslag. We zijn vastbesloten ons land weer in handen te nemen. De verkiezingsbeloften van Donald Trump zullen wij vervullen. Het is wat we geloven en het is de reden waarom we voor hem hebben gestemd.”

Alleszins heeft Trumps reactie op de gebeurtenissen in Virginia haar effect niet gemist. Overal in de VS en daarbuiten vragen mensen zich af of het staatshoofd, wiens vader destijds ook met de Ku Klux Klan zou hebben geheuld, nu écht maatjes is met blanke racisten. En of hij hen zoveel electoraal gewicht toemeet dat hij niet anders kan dan hen te sparen, ook als zulks hem politiek alleen maar verder isoleert. Is Trump, de naar eigen zeggen “minst racistische persoon die je ooit bent tegengekomen”, er zelf wel uit, trouwens?

De president is een narcist die in een moreel vacuüm planeert, schreven commentatoren ook deze week opnieuw. In een ruk door weerklonk de eis dat de topstrateeg die mee in Trumps plaats denkt, Steve Bannon, het veld zou ruimen.

Extreemrechtse betogers botsen met tegenbetogers op 12 augustus in Charlottesville. Beeld REUTERS

Voor hij op het Witte Huis terechtkwam, had paleo-conservatief Bannon, de oprichter van het beruchte Breitbart, gepocht dat zijn website dé spreekbuis voor alt-right zou worden. Inmiddels heeft hij het platform achter zich gelaten en heeft Trump alt-right, voor wat zijn woorden waard zijn, min of meer gedesavoueerd.

Onder druk staat Bannon hoe dan ook. Zou dat de reden zijn waarom hij deze week zelf het linkse magazine The American Prospect opbelde? Met journalist Robert Kuttner wilde Bannon het dan wel vooral over de handelsoorlog tussen de VS en China hebben, desgevraagd bestempelde hij de betogers in Charlottesville als “losers”, “een verzameling clowns” en een “marginaal fenomeen” dat “de media te veel opkloppen”.

Mogen we Steve Bannon op zijn woord nemen? Alleszins zijn de regering-Trump en extreemrechts in een bizarre parendans verwikkeld waarin ze elkaar even hard aantrekken als afstoten. “Zelfs voor Trump zijn we te radioactief”, blaast Richard Spencer van de toren.

Op de vraag of de relatieve wederzijdse onmin er veel toe doet, luidt het antwoord ronduit neen. Op politieke overwinningen zijn de theoretici van alt-right niet uit, zeggen waarnemers, op culturele en maatschappelijke invloed des te meer. Zodra die verworven is, komt de rest vanzelf wel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234