Vrijdag 09/12/2022

'Hij deed zijn best om er wat van te maken'

love me tender (11)

de filmcarrière van elvis presley

De eerste films van Elvis Presley waren niet bepaald meesterwerken, maar ze gingen nog ergens over. Iedere Hollywood-studio was in het midden van de jaren vijftig trouwens op zoek naar zijn eigen rebel without a cause en een populair tieneridool als Presley paste perfect in die trend. Maar na Elvis' legerdienst kwam het met zijn filmcarrière nooit meer goed.

Brussel

Eigen berichtgeving

Jan Temmerman

Het zal je maar overkomen: je langverwachte filmdebuut maken en niet eens levend de eindgeneriek halen. Dat overkwam Elvis Presley in 1956 met Love Me Tender, de eerste van zijn meer dan dertig langspeelfilms. De makers waren weliswaar bezorgd dat de Elvis-fans zoiets niet zouden pikken en dus bracht men de King al tijdens de aftiteling opnieuw in beeld om nog eens de titelsong te zingen. In dat debuut ging het om een familiedrama tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog, waarbij Elvis enkele countryachtige liedjes mocht zingen die zo'n beetje bij de westernsfeer pasten. Hij mocht in die film ook trouwen met de verloofde (rol van Debra Paget) van zijn doodgewaande broer-soldaat. In feite was Love Me Tender een filmisch opwarmertje, aangezien Elvis net onder contract was bij producent Hal Wallis (met wie hij in totaal negen films zou draaien). Maar Wallis had niet meteen een geschikt onderwerp voor de enorm populaire rocker, zodat die dan maar even uitgeleend werd aan een andere producent, David Weisbart, die een jaar eerder de James Dean-klassieker Rebel without a Cause geproduceerd had.

Indertijd vertelde Hal Wallis in de BRT-serie Celluloid Rock aan Roel Van Bambost het volgende over zijn jarenlange samenwerking met het rockidool: "De filmbusiness trok hem sterk aan. Hij deed zijn uiterste best om er wat van te maken en een goed acteur te zijn. Hij was fatsoenlijk, maakte nooit problemen. Nu en dan vroeg hij mij of hij het werk van de vorige dag eens kon bekijken om te zien of en hoe hij zijn vertolking kon verbeteren. En al met al, door de jaren heen, denk ik niet dat ik ooit een betere verstandhouding met een ster heb gehad dan met hem. Hij was altijd eenvoudig en gul en ... beleefd. Dat is het woord dat ik altijd wil gebruiken voor hem. Het was van 'Ja, meneer' en 'Nee, meneer'. Iedereen die naar de studio kwam, wilde Presley aan het werk zien. Als we dan iemand meebrachten naar de set, was hij hoffelijk en beleefd. Hij poseerde met hen voor de foto en dat soort dingen."

De oorspronkelijke titel van Love Me Tender was eigenlijk The Reno Brothers, maar dat werd veranderd toen Elvis aan boord kwam. Love Me Tender maakte filmgeschiedenis door de totale productiekosten in amper drie dagen tijd terug te verdienen, terwijl de titelsong uiteraard naar de top van de hitlijsten vloog. Het publiek zag Elvis als filmster dus zeker zitten, al was niet iedere filmcriticus het daarmee eens. In het magazine The New Yorker had ene John McCarten het blijkbaar meer over zichzelf dan over de film toen hij schreef: "Meneer Presley, wiens talenten klein maar wiens inkomsten groot zijn, windt een brede sectie van de jonge vrouwelijke bevolking meer op dan iemand ooit gedaan heeft. Ik benaderde de film dus met een zekere dosis aarzeling van middelbare leeftijd. Ongelukkig genoeg bleek mijn vrees zeer gegrond."

De eerste echte samenwerking met producent Hal Wallis volgde nog hetzelfde jaar met Loving You, een film waarin Presley een hele serie pure rocknummers (zoals de titelsong, 'Teddy Bear', 'Hot Dog' en 'Mean Woman Blues') uit zijn gitaar en zijn heupen liet rollen. Net als in de twee volgende flms, Jailhouse Rock en King Creole, werd hier een soort succesverhaal verteld over een jongeman, die allerlei moeilijkheden en tegenslagen moet overwinnen maar het uiteindelijk toch maakt, uiteraard dankzij de rock-'n-roll.

Die diverse variaties op het from rags to riches-thema waren in feite geïdealiseerde uitbeeldingen van Elvis' hallucinante doorbraak en stormloop naar roem en fortuin, van moederskindje uit Tupelo tot idool van miljoenen teenagers. In Loving You wordt de zingende pompbediende Elvis 'ontdekt' door een ambitieuze persattachée - een soort vrouwelijke Colonel Parker - die hem wil gebruiken om de muziekband van haar man te lanceren. De zanger moet echter afrekenen met het protest van allerlei fatsoensrakkers, wat uiteraard een prima gelegenheid is om een televisiereportage te maken over het nieuwe 'fenomeen', enzovoort. Kortom, de film had in feite ook The Elvis Presley Story kunnen heten, temeer daar zijn vaste backinggroep The Jordanaires ook van de partij was en moeder Gladys zelfs even te zien was als figurante.

Producent Hal Wallis, opnieuw in Celluloid Rock: "Rock-'n-roll was wat de mensen naar Elvis toe trok als hij op televisie kwam en dat was echt zo speciaal. Hij is de schepper van de pure rock-'n-roll. Het lag zo voor de hand dat wij munt moesten slaan uit datgene wat hij het beste kon en waarin hij zich zo lekker voelde."

In Jailhouse Rock uit 1957 komt Elvis na een vechtpartij, waarbij een dode gevallen is, in de gevangenis terecht. Daar wordt zijn zangtalent ontdekt en leert hij gitaarspelen, zodat hij naderhand furore kan maken als rockster, al zullen wellicht niet alle verontruste ouders toen even enthousiast geweest zijn over die vorm van reklassering.

Het was ook in Jailhouse Rock dat Elvis zijn rauwe rockerimago nog in eer mocht houden, met inmiddels 'historische' uitspraken zoals: "Honey, it's just the beast in me", wanneer een vrouwelijk personage zijn toenaderingspogingen blijkbaar iets te agressief vindt. Het is trouwens opmerkelijk hoe vaak Elvis in de loop van zijn filmcarrière een klap in zijn gezicht krijgt, vlak vóór of nadat hij een of andere tegenspeelster begint te kussen.

In King Creole uit 1958 van regisseur Michael 'Casablanca' Curtiz moest Elvis zich als kelner in een gore nachtclub in New Orleans letterlijk en figuurlijk omhoogvechten om ten slotte de gevierde rockster van een concurrerende club te worden. Het verhaal was gebaseerd op een roman van Harold Robbins, alhoewel het daar in eerste instantie om een... bokser ging.

Die eerste films van Presley waren niet bepaald meesterwerken, maar ze gingen tenminste nog ergens over. Iedere Hollywood-studio was in het midden van de jaren vijftig trouwens op zoek naar zijn eigen rebels without a cause. Een populair tieneridool als Presley paste perfect in die trend. Daarbij kwam dat die films nog het uitbundig enthousiasme en erotisch magnetisme uitstraalden die van de liveoptredens van de King, heupgezwaai of hip action incluis, zo'n fenomenale ervaring maakten.

Kort na de opnames van King Creole werd Elvis bij de militaire administratie ingeschreven als nummer US 533 10761. Na die legerdienst zou het nooit meer goed komen met zijn filmcarrière. Terwijl de critici net zijn pogingen om geloofwaardig te acteren in flms als Jailhouse Rock of King Creole begonnen te appreciëren, moest men kort daarna vaststellen dat het eigenlijk al om zijn zwanenzang ging. Wat de glorierijke ochtend van een acteercarrière scheen, bleek in feite een snel verduisterende schemering.

Na zijn legerdienst nam Elvis snel afstand van zijn oorspronkelijke, rebelse rockerimago. De King was vertrokken op een andere trip, die van een respectabele showman voor het grote publiek. De glitterpakken waren in aantocht, de crooneroptredens in Las Vegas zouden niet lang op zich laten wachten.

De 27 films die Elvis tussen 1960 en 1969 maakte - soms waren dat er drie per jaar - zijn vaak alleen maar interessant om te zien hoe men al het (on)mogelijke deed om hem (als toeristengids, autorenner, bokser, dokter, diepzeeduiker, waterskileraar, fotograaf, cowboy of piloot) door zoveel mogelijk verschillende meisjes achterna te laten zitten en tussendoor nog enkele liedjes te laten zingen.

Nu en dan werd nog een inspanning gedaan om er toch iets van te maken. Regisseur Don Siegel liet Elvis alleen de titelsong zingen in de western Flaming Star uit 1960, waarin hij een niet onaardige vertolking als halfbloed leverde. Hij was ook genietbaar in een andere western, Charro uit 1969: één liedje en Elvis met baard en Eastwood-sigaartje tussen de lippen.

Uiteindelijk vormden de Elvis-films zo'n beetje een muzikaal exploitation-genre op zichzelf. Het maakte van hem een van de bestbetaalde filmacteurs van die tijd. Sommige van zijn films zorgden voor reusachtige recettes, want de miljoenen fans bleven hem opvallend lang trouw. Of zoals een Amerikaans journalist terzake terecht opmerkte: "Zijn populariteit bij tieners overleefde een massa slechte films." En dat is nu nog steeds niet anders.

Morgen: Elvis in Memphis

'Presley was altijd eenvoudig en gul en beleefd. Het was van 'Ja meneer' en 'Nee meneer''

Opmerkelijk hoe vaak Elvis in de loop van zijn filmcarrière een klap in zijn gezicht krijgt, vlak vóór of nadat hij een tegenspeelster begint te kussen

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234