Donderdag 23/01/2020

Hevig geweld en een harde kreet

Morgenavond zal het Filharmonisch Orkest van Luik de lente van de hedendaagse muziek ruw en heftig laten losbarsten in het Brusselse Paleis voor Schone Kunsten. Ruf heet het openingswerk en het is van de Portugese componist Emmanuel Nunes. Die is dit jaar de centrale figuur van het Ars Musica-festival, samen met Pascal Dusapin, Mauricio Kagel en Bernd Alois Zimmermann. 'Ruf gaat over een sterke 'attaque', een enorme druk, bruusk en hevig akoestisch geweld, een sterke kreet die langzaam als een echo wegsterft,' aldus Nunes.

Wat vindt u ervan om in deze tijden waarin een orkestmuzikant relatief veel kost, nog te componeren voor een symfonieorkest, toch een overblijfsel uit de 19de eeuw?

Nunes: "Staat u mij toe uw vraag in twee delen te beantwoorden. In tegenstelling tot wat u denkt is het orkest waarvoor ik Ruf concipieerde niet zo heel groot. Het is geschreven voor 46 muzikanten en dus heel wat kleiner dan het Mahler-orkest, bijvoorbeeld. En verder zou ik u willen antwoorden door een vraag te stellen. Gelooft u dat als u een stuk zou componeren u zich dan systematisch zou laten leiden door de gedachte hoe duur de uitvoeringen straks zouden zijn? Neen toch?"

Neen, misschien niet, maar ik ben wel bang dat veel goede muziek niet meer gespeeld zal kunnen worden precies omdat de uitvoeringen met een groot orkest te duur zullen zijn.

"Wat dat betreft zijn er twee hypothesen. Als er niet voldoende orkesten meer bestaan om mijn muziek te spelen, wel, dan heeft mijn muziek geen enkele waarde. Het gaat er niet over of er wel of niet nog orkesten zullen bestaan. Het gaat in de eerste plaats over de muziek. Die moet waardevol genoeg zijn om gespeeld te blijven worden.

"Er is nog een derde punt. Ik heb in het verleden heel veel muziek gecomponeerd zonder te weten of die ooit uitgevoerd zou worden. Ik heb dus heel wat stukken geschreven zonder opdracht, zonder een orkest voor ogen te hebben of zonder te weten of er ooit een concert zou georganiseerd worden. In 1965 schreef ik een strijktrio en het duurde tot 1971 voor die muziek uitgevoerd werd. Ik moest meer dan zes jaar wachten voor ik het zelf kon horen. En dat was zo met alle muziek die ik in die periode schreef."

U hebt ook een bandopname gemaakt voor Ruf.

"De magnetische band die bij Ruf hoort, is niet gemaakt in het IRCAM (het Institut de Recherche et de Coordination Acoustique - Musique, in Parijs; ERu). In 1975, toen ik aan Ruf werkte, bestond het IRCAM nog niet. Ik heb deze band in een privéstudio op de ouderwetse manier gemaakt, met miljoenen knipjes van de schaar en evenveel plakwerk. Alles handwerk, zo ging dat toen."

Tijdens Ars Musica worden ook Nunes' niet zo vaak gespeelde strijkkwartetten Esquisses en Chessed III uitgevoerd door het Arditti Kwartet. Na Ruf wil het Filharmonisch Orkest van Luik Das Lied von der Erde van Mahler spelen. En daar is een reden voor.

"Tussen Ruf en Mahler bestaat een kleine, bescheiden band," verduidelijkt Emmanuel Nunes. "Voor het einde van Ruf heb ik stukjes genomen uit 'Der Abschied', waarmee Das Lied von der Erde eindigt. In die slotpassages komen enkele noten voor die heel belangrijk zijn in Ruf. De overeenkomst is hoorbaar, misschien niet de eerste keer, maar als je vaker naar het stuk luistert, valt het je zeker op. Er zit ook wat Schubert in mijn compositie, heel weinig maar het is er. In het vierde deel speelt de klarinet een kleine herinnering aan 'Der Hirt auf dem Felsen', het enige lied dat Schubert schreef voor sopraan, klarinet en klavier.

"Citaten van Bach zijn er niet. Er zijn wel elementen die aan Bach doen denken, maar echt geciteerd heb ik hem niet. Ruf heeft een eigen harmonische context die niets met Bach te maken heeft, en daarin heb ik, als inlegwerk, enkele elementen gevoegd die naar Bach verwijzen, losstaande harmonische punten die niets met de eigenlijke ontwikkeling te maken hebben."

Musik der Frühe staat op het programma bij Ictus, een groep waarmee u vroeger al kennis hebt gemaakt.

"Anderhalf jaar geleden werkte ik samen met Ictus aan een concert dat rond mijn persoon was opgezet. Ze speelden toen drie stukken van mij, Nachtmusik I was daarbij. Heel goede herinneringen heb ik aan de manier waarop François Deppe Einspielung II, een versie voor cello, speelde. Nu zullen ze Musik der Frühe uitvoeren. Het is geschreven voor achttien instrumenten, maar de bezetting is wel een beetje speciaal. Er is een snaarinstrument van elke grootte en er zijn de hout- en de koperblazers, ook van elk een. Maar uitzonderlijk zijn de vier trombones die een speciale rol spelen. Ze vormen een soort concertino met de overige instrumenten."

Waarom koos u ook voor dit werk een Duitse titel?

"Ik houd enorm van de Duitse cultuur. Ik verbleef verschillende jaren in Duitsland om er te studeren. Ik lees veel Duits, middeleeuwse teksten, maar ook Goethe en Eichendorf, met wie Schubert veel gewerkt heeft. Zo komt het dat ik soms in het Duits denk. En ja, al die stukken moeten een titel hebben. Soms zijn die dus in het Duits. Voor wie in het Duits denkt, heeft Musik der Frühe twee betekenissen: zowel 'ochtendmuziek' als 'oude muziek'."

Nunes grijpt wel vaker terug naar het verleden. Voor Machina Mundi baseerde hij zich bijvoorbeeld op een Portugese tekst van de middeleeuwse dichter Luis de Camões. Het verleden interesseert Nunes, maar hij maakt me duidelijk dat zijn interesses veel breder zijn dan dat. Bovendien wil hij niet dat er een misverstand zou ontstaan: zijn interesses hebben wel invloed op wat hij componeert, maar zijn muziek is niet autobiografisch of anekdotisch. Zo zijn de vier trombones in Musik der Frühe zeker geen verwijzing naar middeleeuwse ochtendbazuinen.

"Neen, neen. Zo zit mijn muziek niet in elkaar. Het kan wel zijn dat er biografische elementen terug te vinden zijn, maar een muziekstuk is een organisme op zichzelf, zoals u of ik of elk ander mens een op zichzelf staand wezen is, of die appel hier of een dier of een steen. Geen anekdotiek. Wel een eigen betekenis. En zoals ik straks al zei: als een stuk goed is zal het lang leven. Soms is een stuk nog niet helemaal goed begrepen, maar op zekere dag zal het succes hebben. Dat is zoals met de liefde: het overkomt je of het overkomt je niet."

Nunes' compositie Lichtung wordt uitgevoerd door Champ d'Action. "Lichtung I," verbetert Nunes. "Lichtung II zal eerst in première gaan in juni 2000 in Parijs. Ik heb er nog heel veel werk aan, want Lichtung II heeft enorm veel dimensies die tijd en geduld vragen - en toewijding. Het is een grote maar aangename onderneming om dat af te werken."

Belangrijk aan Lichtung I is de verruimtelijking die teweeg wordt gebracht door acht luidsprekers die om het publiek heen staan opgesteld. In Parijs bent u niet de enige componist die met de zogeheten spatialisatie van de muziek bezig is. Heeft de omgeving van het IRCAM daarin een rol gespeeld?

"In Lichtung is de spatialisatie inderdaad heel belangrijk, maar dat komt niet door het IRCAM, maar door mij. Stel dat u leefde in de tijd van Beethoven en u zou hem gevraagd hebben waarom hij symfonieën schreef voor zeventig muzikanten, wat heel nieuw was op dat ogenblik, dan zou hij u geantwoord hebben: 'Maar mevrouw, het gaat hier niet over dat nieuwe aantal muzikanten, het is het resultaat dat telt.' Als het om een echte vernieuwing gaat dan kun je die muziek niet op een andere manier uitvoeren. Van mij mag u ook niet denken dat ik naar het IRCAM ben gegaan om in de mode te zijn. Neen, mijn muziek heeft mij verplicht naar het IRCAM te gaan omdat het de enige omgeving is waar ik kan werken aan de verruimtelijking van mijn muziek.

"Ik maak trouwens niet al mijn stukken in het IRCAM. Als ik een stuk schrijf voor piano, hoef ik er niet naartoe. In feite voer ik met het IRCAM een dialoog. Er bestaat niet zoiets als een IRCAM-manier van componeren. Ook al heb ik voor Lichtung dezelfde computer gebruikt als Boulez voor Répons, dan wil dat daarom niet zeggen dat er verder nog overeenkomsten bestaan tussen Répons en Lichtung. Het IRCAM is geen supermarkt waar je alle ingrediënten van een schap kunt nemen om er daarna een 'salade mixte' van te maken. Je moet er je eigen programma ontwikkelen dat precies kan doen wat de muziek eist. Ik denk dat ik voor Lichtung een programma heb gemaakt dat op sommige punten extreem virtuoos is en dat onlosmakelijk verbonden is met de instrumentale schriftuur. Het is dus niet zo dat er eerst een partituur bestond die daarna een ruimtelijke aanpassing kreeg. De ruimtelijke behandeling gaat terug op ritmische patronen die het hart zelf van Lichtung uitmaken."

Het Ars Musica-festival loopt van zaterdag 13 tot zondag 28 maart in verschillende Brusselse zalen. Inlichtingen en reservaties 02/219.40.44.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234