Dinsdag 03/08/2021

Het

De verborgen schatten van het nabije Franche-Comté

intieme

Frankrijk

Harde winters, warme zomers, heerlijke lentes, prachtige herfsten. Franche-Comté is er voor alle seizoenen. Een wat vergeten plek van Frankrijk die aanleunt tegen Zwitserland. Een verleidelijke, bosrijke streek. Eigenzinnige rivieren ook. En watervallen, en meren. Mooie kastelen, lekkere kazen, een paar uitzonderlijke wijnen. En vooral, vlakbij: Besançon, de grootste stad, ligt op zes uur rijden van Brussel.

door Fred Braeckman

Besançon, de hoofdstad van Franche-Comté, is een van de aangenaamste kleine steden van Frankrijk. Als universiteitsstad is het ook een levendige plek. En multinationaal, want er komen jonge mensen uit zo'n honderdvijftig landen studeren. Shoppers vinden hun gading in de Grande Rue, een van de eerste winkelwandelstraten van onze zuiderburen. Met veel uurwerkzaken, want er was hier lang een levendige horlogeproductie. Heel wat panden hebben mooie buitentrappen, die vroeger dienden om ruimte te sparen. Als je de stad bezoekt, moet je zeker een kijkje nemen op een paar binnenplaatsen. Allesoverheersend is de reusachtige citadel, de meest bezochte site van Franche-Comté. Het uitzicht op de stad en de meanders van de Doubs is spectaculair. Lodewijk XIV wou van de stad een onneembare plek maken. De versterkte burcht heeft een museum dat herinnert aan het verzet tegen het nazisme. Een beetje oubollig, maar toch indrukwekkend. Negenennegentig verzetsstrijders zijn hier door de Duitsers geëxecuteerd. In brieven aan de bezetter worden mensen verraden als weerstander. Gevangenen schreven recepten om de honger te vergeten. In 1944 werd hier nog hevig gevochten tussen oprukkende Amerikanen en Duitsers die de vesting bezet hielden. Binnen de muren bevindt zich een mooie zoo met een kolonie lemuren, een soort halfapen uit Madagaskar. De soort is bedreigd, maar kweekt hier uitzonderlijk goed. Pret verzekerd voor de kids, die ook leeuwen, tijgers en vogels van over heel de wereld kunnen bewonderen. Vanop de citadel heb je een prachtig zicht op de stad. De Doubs, de rivier die je in Franche-Comté zowat overal tegenkomt, omarmt de stad en maakt van Besançon een schiereiland. Opvallend zijn de mooie daken bedekt met kleurrijke geverniste tegels.

Op een halfuurtje rijden van Besançon ligt Arc-et-Senans, met de majestueuze Saline Royale: een zoutziederij, een fabriek waar zout geproduceerd werd. Lijkt meer een paleis of een tempel dan een fabriek. De site staat op de werelderfgoedlijst van de Unesco en ligt in het midden van nergens. Ze was de droom van de verlichte architect en dromer Claude-Nicholas Ledoux om hier een futuristische stad te bouwen met de zoutfabriek als centrum. In 1775 was zout een gegeerd en duur artikel. Het diende als bewaarmiddel voor voedsel, maar ook voor de fabricage van glas, zilver, geneesmiddelen. Via hoge belastingen kon de Franse koning veel en gemakkelijk geld verdienen. Ledoux, die wel het beste voorhad met de arbeiders en voor redelijke behuizing zorgde, wou rond de zoutfabriek een grote stad maken. De arbeiders zouden zich niet ver moeten verplaatsen om naar hun werk te gaan. Ze zouden wel permanent onder controle staan, de baas zou alles kunnen horen en zien. De directeurswoning heeft dan ook een reusachtig oog dat uitkijkt op het fabriekscomplex. Toen door de komst van de spoorweg het transport goedkoper werd, verdween het belang van de fabriek en werd het zout aangevoerd vanuit de kuststreken. Hoe dan ook, de plek is bijzonder indrukwekkend, een van de niet te missen attracties van de streek. Ondanks zijn progressieve ideeën moesten de Franse revolutionairen niet veel hebben van Ledoux. Dat hij zoveel opdrachten van de koning en de hoge adel gekregen en aanvaard had, apprecieerden ze niet. Vooral niet dat hij rond Parijs een muur van gebouwen wou oprichten om belasting te innen op de goederen die de stad binnenkwamen. Er blijft nog weinig over van wat de bezeten en bevlogen architect heeft gebouwd: theaters, kastelen, maar vooral ontzettend futuristische plannen.

De naam lijkt uit een sprookje te komen. Toch bestaat Port Titi echt. Het is een gehuchtje van dertig paalwoningen aan het meer van Saint-Point. Je bent dus niet op een of ander exotisch eiland. Titi was de bijnaam van een visser die hier een eeuw geleden vaak kwam hengelen, zo kwam het plekje aan zijn naam. Overigens: alles rond dit grote meer ademt de belle époque uit. De charmante hotels, de kleine restaurantjes, de villa's. In de winter is het meer een reusachtige ijspiste, in de zomer nodigt het uit om bootje te varen of een flinke wandeling te maken. Aan het blauw van het water is een mooie legende verbonden. Berthe, getrouwd met de heer van het nabije Joux, dacht dat haar kruisvarende man in Jeruzalem gesneuveld was en had een minnaar. Maar de kruisvaarder keerde terug, doodde zijn rivaal en sloot Berthe op in een onooglijk kleine kerker van het kasteel van Joux. En daar weende blauwogige Berthe dag en nacht. Haar tranen kwamen in een riviertje terecht dat met zijn blauw het meer voedt. Het dorpje Malbuisson is een gezellig plekje aan het meer van waaruit je de streek -- we zitten in de Jura -- kan verkennen. Bezoek zeker het slot van Joux, een indrukwekkend adelaarsnest dat ontelbare keren is versterkt, vooral gevangenis werd en decor voor de film Les Misérables. De burcht is een bedevaartplaats geworden, een symbool voor de strijd tegen de slavernij. Dat komt omdat Toussaint Louverture hier gevangen zat. De man, zoon van een Afrikaanse koning die als slaaf naar Saint-Domingue (nu Haïti) was overgebracht, verzette zich tegen de Franse overheersing van het eiland. De 'Zwarte Napoleon', zoals hij wel eens wordt genoemd, werd leider en arts van een legertje slaven, en werd later door de echte Napoleon gevangen genomen en zwaarbewaakt opgesloten in een ijskoude cel van Joux, waar hij een jaar later, in 1803, overleed. De exacte plaats van zijn begraafplaats in of rond de burcht is niet bekend, tot grote ergernis van de vele bedevaarders.

Pontarlier, een pittig bergstadje op meer dan achthonderd meter hoogte, ligt op de weg naar Zwitserland. Nestlé maakt hier Nesquick. Pontarlier was lang de hoofdstad van de absint, bijgenaamd Groene Fee: een felgroene, zeer sterke likeur die in 1915 verboden werd omdat ze de gebruikers gek zou maken. Nogal wat artiesten zaten aan de fles. Sinds een jaar of tien is de wetgeving aangepast en mag absint weer worden gestookt, zij het iets minder sterk. Van de meer dan dertig distilleerderijen blijven er nu nog twee over. Bij Pierre Guy krijg je uitleg en kan je proeven. Een prettig voorsmaakje als je nadien naar Arbois in het hartje van de Jura rijdt om er de wijn te proeven. Fijne rijke rode wijnen, delicate witte, en een fruitige rosé die bijna rood is. 'Plus on en boit, plus on va droit', zegt men hier. Arbois is ook bekend als geboortestreek van Louis Pasteur. In het huis van zijn vader deed de beroemde geleerde veel opzoekingswerk naar wijnziekten. Het huis zoals Pasteur het bewoonde kan je bezoeken, een mooi tijdsbeeld. In Arbois zijn ook nogal wat wijnhandels. Een prima plek om een fles te kopen. De amberkleurige vin jaune doet soms denken aan sherry. Het is de traditionele wijn bij comtékaas, en poulet au vin jaune is een bekend streekgerecht. De inhoud van de fles is ongewoon: 62 cl in plaats van de gebruikelijke 75 cl. Heel speciaal is de vin de paille. Alles is apart aan deze dure zoete wijn. Hij kreeg zijn naam, strowijn, omdat hij oorspronkelijk werd gemaakt van op stro gedroogde druiven.

Macvin is nog een specialiteit van de streek, een likeurwijn die als aperitief en als digestief wordt gedronken.

Grote kazen

Helemaal geen appellation, en voor sommigen zelfs helemaal geen kaas, is de legendarische cancoillotte. Hoe dan ook, als je in Franche-Comté geen cancoillotte gegeten hebt, word je niet helemaal aanvaard. Hij wordt gemaakt van een andere kaas, die metton heet en zo goed als geen vet bevat. De metton is kruimelig, heeft een gele kleur en een doordringende smaak. Om cancoillotte te bereiden smelt men de metton in wat water of melk boven een vuurtje. Soms wordt er boter aan toegevoegd, met meer vet als resultaat. Je kan hem warm of koud eten, puur of met wat look, en zelfs met wat witte wijn. Cancoillotte kan je kopen in bakjes, glazen potjes en zelfs in blik, en hij is perfect om snacks of een snel slaatje te bereiden. Maar...de heel fruitige smaak wordt niet door iedereen geapprecieerd. In elk geval wel door de Franse poilus die tijdens de Grote Oorlog in de loopgraven behoefte hadden aan gesteriliseerde kaas. Een andere kaas, morbier, wordt al driehonderd jaar naamloos op kleine boerderijen in de Jura gemaakt. Hij is genoemd naar het dorpje Morbier, waar in 1875 'le petit morbier' het licht zag. Zelfs de grootste leek kan de kaas herkennen zonder hem te proeven. Middenin zie je een grijs-zwarte horizontale, vochtopnemende aslaag die het wiel in tweeën deelt. In het midden van de jaren zestig werd de morbier steeds populairder en werd de as vervangen door een vegetaal laagje dat eigenlijk alleen nog als versiering dient. De kaas weegt zo'n zes tot tien kilogram, er is zeventig liter koemelk nodig voor zes kilogram, en hij moet zo'n vier maanden rijpen in de kelder. Affineren, zoals dat heet. De morbier is halfhard en heeft een zachte smaak.

De comté zelf heet ook wel de gruyère de comté. Gruyère? Jawel, er was een heuse conventie tussen Zwitserland en Frankrijk nodig om aan beide kanten van de Jura die naam te mogen gebruiken. De comté, zo goed als geurloos en met een wat fruitige smaak, is een van de populairste kazen in Frankrijk, hij wordt er al tweeduizend jaar gegeten. Een perfecte comté smelt op de tong. En volgens de voorschriften mag de geraspte versie niet als comté worden verkocht. De bleu de gex is een meer zeldzame kaas. In de streek zelf is hij zelfs in restaurants niet altijd te krijgen. Zoals de naam al verklapt, gaat het om een bleu, een schimmelkaas van verse koemelk. Op het schimmelige oppervlak van het kaaswiel staat altijd de naam 'Gex' gestempeld. Over het algemeen is hij wat bitter, maar veel zachter dan de andere bleus. Een beetje discreet, zoals de streek zelf. Een heel typisch aroma heeft de mont d'or, die in de winkel meestal vacherin heet. Uit het doosje waarin hij bewaard wordt komt een geur van sparrenhout. De kleur is wit of geelachtig en de kaas is smeerbaar zonder echt te lopen. Om dat te beletten is hij in een ring van sparrenhout gewikkeld. De kaas wordt gemaakt tussen half augustus en eind mei en verdraagt geen overdreven warmte. Net als bij de vorige soorten is het veelal de fameuze montbéliardekoe die voor de melk zorgt.

Smokkel in stierensperma

Kajakken op de Doubs of de Loue, met de mountainbike door de bossen of met de wagen langs wijngaarden en groene weiden. Franche-Comté lijkt niet meteen synoniem voor industrieel. En toch: vlakbij Montbéliard ligt Sochaux, de stad van Peugeot. In het boeiende Musée de l'Aventure Peugeot, toont men de geschiedenis van de bijna tweehonderd jaar oude leeuw. Lang voor er auto's geproduceerd werden, maakte Peugeot koffiemolens, scheermessen, keukengerei, schaatsen, fietsen, sleeën... Je kan het hier allemaal zien. En natuurlijk ook meer dan tweehonderd auto's van het merk. Een van de jongste aanwinsten: het model waarin president Sarkozy heeft rondgereden, halfopen en met een kleine trede, allicht opdat de president groter zou lijken. Het leuke Montbéliard heeft een groot voetbalstadion dat naar een van de directeurs van Peugeot is genoemd: Bonal. Twintigduizend plaatsen en ultramodern, met een halfsynthetisch veld dat bij vorst verwarmd kan worden. Het stadje heeft ook zijn naam gegeven aan een bij kenners heel beroemde rundersoort, de montbéliarde. Het sperma van de stier was ooit zo gegeerd dat het naar het nabije Zwitserland werd gesmokkeld. We zijn in een grensstreek met een bewogen geschiedenis. En daar weet Belfort van mee te spreken. Het is een van de kleinste departementen van Frankrijk en meteen ook de naam van de stad. De reusachtige leeuw die tegen het immense fort van de stad aanleunt, is tweeëntwintig meter lang en elf meter hoog, en herinnert aan het verzet van de stad tijdens de oorlog van 1870 tegen Pruisen. Beeldhouwer Auguste Bartholdi, die ook het New Yorkse Vrijheidsbeeld ontwierp, zag het, zoals gewoonlijk, groots. Belfort, met zijn kleurrijke straatjes, heeft elke maand wel een of ander festival. Nu eens een filmfestival, dan weer het internationaal rockfestival Eurockéennes of een ander muziekfeest. Aan de autoweg toont een reusachtige maquette dat hier een hogesnelheidstrein komt. Maar voorlopig komt hij de stad niet in. n

Als je in Franche-Comté geen Cancoillotte gegeten hebt, ben je niet helemaal aanvaard

Vlakbij Montbéliard ligt Sochaux, de stad van Peugeot

Praktisch

Vervoer

Best met de wagen. Via Luxemburg zo'n 600 km. Met de TGV via Parijs naar Besançon.

Wanneer?

Een bestemming voor alle seizoenen. Behalve in de zomer durft het er al eens regenen. Een paradijs voor langlaufers in de winter. Het dorpje Mouthe is het koudste van Frankrijk. Montbéliard is bekend om zijn ongewone, weinig commerciële kerstmarkt.

Slapen en eten

* Le Lac, Malbuisson, 65 Grande Rue, tel. 033-81/69.34.80, www.lelac-hotel.com Mooi hotel met jarentwintigsfeer. Klassiek bemeubelde ruime kamers. Vraag er een met balkon en uitzicht op het meer. Kamers vanaf 60 euro. Zwembad.Traditionele keuken met een rijke keuze aan kazen. Menu vanaf 25 euro.

* Château de Germigney, Rue Edgar Faure, 39600 Port-Lesney, tel. 033-84/73.85.85, www.chateaudegermigney.com Pure verwennerij in een kasteel uit 1700, middenin een groot park aan de rand van het riviertje La Loue. Fijn zwembad. Kamers vanaf 125 euro, ontbijt 15 euro. Prima restaurant met het beste uit de Jura en de Provence. Menu: 39 euro.

* Péniche Quiétude, Faubourg Rivotte, 25000 Besançon, tel. 033- 81/50.84.67, www.pension.la-france.org/html/gite5639_1.htm Deze aak uit 1930 ligt midden in de stad. Originele chambres d'hôtes, maar niet al te veel comfort. Kleine kamertjes met douche, en ontbijt op dek als het weer het toelaat. Reken op 70 euro per nacht, inclusief ontbijt.

* Le Bristol, 2 Rue de Velotte, 25200 Montbéliard, tel. 033-81/94.15.29, www.hotel-bristol-montbeliard.com Midden in de stad met een privéparking op de binnenkoer. De nieuwe eigenaars moderniseren het indrukwekkende pand. Mooie, comfortabele, rustige kamers. Geen restaurant. Kamers vanaf 60 euro.

* Restaurant Au Fil des Saisons, 3 Rue de la Libération, 25460 Etupes, tel. 033-81/32.36.04, www.aufildessaisons.eu Eventjes buiten Montbéliard. De jonge chef Stéphane Robinne maakt furore bij gastronomieliefhebbers die van marktproducten houden. Vers en volgens het seizoen. Menu vanaf 20 euro. Proef de kabeljauw op een tapijtje van gewokte groenten met koriander.

* Christophe Menozzi, 11 rue Jean Petit, 25000 Besançon, tel. 033-81/81.28.01 Sommelier Menozzi assorteert zijn gerechten met de wijnen. Zo heeft hij elke maand een 'coup du coeur'. Menu vanaf 22 euro. Heel lekker van chef Benoît Rotschi: varkenswangetjes met oesterzwammen en polenta. Morilles gevuld met stukjes varkenspoot, asperges en vin jaune.

Lekkere adresjes

In Belfort: Epicerie Perello (4, Rue Porte-de-France). Een prachtige kruidenierszaak, een van de oudste (uit 1825) en mooiste van Frankrijk. Bloem in grote witte zakken, dertig soorten koffie, honderd soorten thee, duizend geuren, heerlijk fruit, een mooie mezzanine. Het pand is beschermd.

In Arbois: Chocolaterie Hirsinger. Edouard, chocolatier van vader op zoon, maakt kunstwerkjes van pralines. Een beetje al te bescheiden zegt hij dat hij aan de Belgen niets kan leren. Onder de arcaden is er een klein terras waar je al het lekkers (ook gebak) kan proeven. En in de kelders van het eeuwenoude pand bevindt zich een mooi familiemuseum.

info www.franceguide.com, www.franche-comte.org, www.ot-belfort.fr

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234