Maandag 28/11/2022

Het ware mirakel van Elián

Na een uiterst bewogen verblijf van een half jaar in Amerika is het Cubaanse vluchtelingetje Elián Gonzalez terug in zijn geboorteland. Misschien zijn de traumatische maanden niet voor niets geweest, en kan er nog iets goeds voortkomen uit zoveel pijn. Maar daar zijn moedige stappen voor nodig. Van de Cubaanse ballingen in Miami, en van de presidenten Clinton en Castro.

Ariel Dorfman

Ariel Dorfman is een Chileense auteur.

Nu Elián González eindelijk terug is in Cuba, is het met enige tegenzin dat ik de arme jongen met nog maar eens een nieuwe metafoor moet bezwaren. De voorbije zeven maanden, al de hele tijd sinds hij aan de verraderlijke zee voor de kust van Florida wist te ontkomen, is hij immers voortdurend ondergedompeld in woelige wateren van een heel andere soort, een snel opkomend tij van onophoudelijk symbolisme dat de wereld van de volwassenen hem heeft opgedrongen.

De metamorfose van Elián in Iets Betekenisvols begon bij zijn Cubaans-Amerikaanse landgenoten in Miami, de stad die nu wel definitief bewezen heeft dat het de magisch-realistische hoofdstad van Latijns-Amerika is. De kleine schipbreukeling, gered door de dolfijnen en gezalfd door de Maagd Maria (die hier een gastoptreden ten beste gaf als geestesverschijning in een spiegel), werd al vlug door een groot deel van de Cubaanse gemeenschap gezien als een Messias, het kind dat hen terug zou brengen naar het beloofde land, een Teken dat de dagen van de dictator geteld waren.

Zoals te verwachten was, weigerde Fidel Castro aan de andere kant van de Straat van Florida zijn medewerking aan een dergelijk radicaal scenario, en verkoos hij de jongen af te schilderen als de verloren en gekidnapte onschuld, het fundament ter mobilisering en herstel van de eenheid van de nationale psyche, zwaar gehavend door de economische moeilijkheden en de toenemende sociale en politieke spanningen.

Ook de terugkeer van de jongen in de gelukkige armen van zijn vader heeft geen einde gemaakt aan de strijd om Elián, over wiens Betekenis nu dagelijks geredetwist wordt door duizenden experts en specialisten, politici en psychologen, die allemaal met hun eigen mening aan het debat willen bijdragen.

Het zou natuurlijk het beste zijn om de jongen gewoon met rust te laten zodat hij sereen de dood van zijn moeder kan verwerken, en om te hopen dat, naarmate hij herstelt, hij ook in staat zal zijn om de collectieve waanzin uit zijn geheugen te wissen die zolang om hem gewoed heeft. Maar misschien kan er ook wel iets goeds voortkomen uit zoveel pijn, misschien zijn deze traumatische maanden niet voor niets geweest, als we Elián maar niet zouden zien als een afgrond die vijanden van elkaar scheidt, maar - en dat is mijn metafoor - als een brug die de verzoening tussen hen belichaamt.

De verre familieleden in Miami die tijdens zijn eerste maanden voor hem zorgden en hem nu definitief moeten afstaan, zouden dit proces op gang kunnen brengen door op te roepen tot een einde aan de blokkade tegen Cuba. Ze zeggen dat ze de jongen aanbidden en dat ze alles zouden doen voor zijn welzijn. We mogen aannemen dat hun liefde, hoe hysterisch die tot nu ook geuit werd, niet zal verdwijnen nu hij naar zijn vaderland teruggekeerd is, waar hij te lijden zal hebben onder de gevolgen van het absurde Amerikaanse embargo tegen Castro, een van de meest opmerkelijke mislukkingen in de hele geschiedenis van het buitenlandse beleid van de Verenigde Staten. Hij zal zich er bij de miljoenen andere Cubaanse kinderen voegen die al evenzeer om aandacht schreeuwen, ook al hebben ze dan geen schipbreuk geleden en zijn ze niet psychisch geteisterd door miljoenen uren televisieaandacht. Hoe zit het dan met hen? Zouden zij ook geen beter leven kunnen leiden als de vrije handel met de buur uit het noorden hervat werd? Haten de mensen van Miami Castro meer dan ze van Elián houden? Of willen ze hem en zoveel andere kleine (en volwassen) Cubanen liever blijven straffen omdat ze er niet voor kiezen om zelf ook in ballingschap te leven?

Wat Fidel betreft, hij zou ook een tegengebaar kunnen stellen. Terug in Cuba zal Elián kunnen genieten van wat ontegensprekelijk een van de beste onderwijs- en gezondheidssystemen is van heel het Amerikaanse continent. Maar hij zal niet kunnen genieten van sommige van de vrijheden die hij zou hebben gehad, in theorie althans, als hij in de Verenigde Staten was gebleven, en dan heb ik het niet over blitzbezoekjes aan Disneyland. Er zijn bijvoorbeeld boeken die Elián en zijn schoolvriendjes nooit zullen kunnen lezen, meesterwerken van Cubaanse auteurs in ballingschap bijvoorbeeld, zoals Cabrera Infante of Reynaldo Arenas. Als de Cubaanse regering gewoon al zou toestaan dat eender welk boek vrij in het land mag circuleren, en bovendien zou ophouden met de onafhankelijke bibliothecarissen lastig te vallen en te intimideren die zich al zo lang tegen de censuur verzetten, zou dat dan geen prachtig geschenk zijn voor Elián en voor alle toekomstige generaties Cubanen? Hebben zij niet het recht om zelf uit te maken wat gevaarlijk is, wat kritisch is, wat contrarevolutionair is? Is er een betere manier denkbaar om de terugkerende jeugdige held te begroeten dan door hem dat vertrouwen te schenken?

Ik geef toe dat beide ontwikkelingen aan weerszijden van de verdeelde Cubaanse natie maar een erg kleine kans op succes hebben. Maar als van de dolfijnen verteld wordt dat ze gedurende drie dagen en nachten over Elián waakten en hem naar de veiligheid begeleidden, waarom kunnen we dan niet dromen van een nog ongelooflijker mogelijkheid, de kans dat Eliáns beproevingen werkelijk tot iets wonderlijks kunnen leiden? Het enige wat daarvoor nodig is, nu zoveel Amerikaanse harten sneller zijn gaan slaan voor een vader die van zijn zoon kan houden en toch in zijn eigen land wil wonen, is dat president Clinton durft voort te bouwen op het kleine brugje dat Elián gebouwd heeft, en ze uitbouwt tot een permanente brug naar alle Eliáns en Elianas. Dat kan door eindelijk de relaties te herstellen tussen het land dat een kind geboren liet worden en liet opgroeien en het land dat datzelfde kind een tijdelijk onderkomen bood tegen de dood.

Als de Verenigde Staten diplomatieke en economische banden kunnen onderhouden met Vietnam, een natie waartegen het zo'n lange en gruwelijke en bloedige oorlog heeft gevoerd, dan kunnen ze toch zeker hetzelfde doen met Cuba. Als John McCain kan terugkeren naar de Vietnamese gevangenis waar hij werd vastgehouden, waarom in 's hemelsnaam kan president Clinton dan niet de veel kortere en veel minder pijnlijke trip naar Cuba maken? Is er een betere manier om Eliáns overleving te vieren, zijn koppige bestaan en zijn lange toekomst?

Dat zou pas een waarachtig mirakel zijn. En terwijl deze twee buurlanden naar elkaar toegroeiden en opnieuw met elkaar leerden te leven, zou Elián misschien ook niet langer betwist gebied hoeven te zijn, noch een kloof tussen antagonisten, noch een brug die hen verbindt. Elián zou zo eindelijk de kans krijgen om te zijn wat hij onder het flitslicht van de foto's en de stortvloed van woorden eigenlijk al die tijd geweest is, Elián zou het recht heroveren dat we allemaal zouden moeten hebben, gewoon omdat we als mensen geboren werden: hij zou opnieuw doodeenvoudig een kind kunnen worden. Niets meer, niets minder, en zeker geen metafoor. Gewoon een kind.

© Ariel Dorfman 2000

Vertaling: Wim Coessens

'Als de Verenigde Staten diplomatieke en economische banden kunnen onderhouden met Vietnam, dan kunnen ze toch zeker hetzelfde doen met Cuba?'

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234