Zaterdag 08/08/2020

CoronazomerDe virologen

Het verlof van de virologen: ‘Een vakantieoord met mondmaskers spreekt me niet aan’

Steven Van GuchtBeeld Wouter Van Vooren

‘Reis niet, of alleszins niet te ver’, zo raadden onze virologen al aan. Maar hoe proberen zij iets van hun zomer te maken? ‘Ik hoop maar dat er geen tweede golf uitbreekt, anders mag ik mijn verlof vergeten.’

Steven Van Gucht (43), diensthoofd virale ziekten van Sciensano en voorzitter van het wetenschappelijk coronacomité

Eén week ervanonder muizen: last minute, samen met zijn zoon (14), met de auto naar de bergen, niet verder dan de Alpen. Dat is waar Steven Van Gucht naar uitkijkt. “Ik trek graag de wilde natuur in, om te wandelen en mijn hoofd vrij te maken. Kamperen? Nee, dat is niks voor mij. Ik heb één keer op zo’n matje geslapen, en toen dacht ik: dit was de eerste én de laatste keer.” (lacht)

De nood aan vakantie is er, verzekert hij, maar een datum van afreis nog niet. “Verlof nemen blijft dubbel. Covid-19 valt niet stil: niet voor mij, niet voor mijn collega’s. Sinds eind januari zijn we hier onophoudelijk mee bezig. Aan de ene kant voel je je schuldig als je vakantie neemt, omdat je weet dat er nog van alles moet gebeuren. Aan de andere kant voelen wij ook: nemen we geen verlof, dan zullen we dit niet blijven volhouden.”

Vorige zomer zat hij nog in Noorwegen, in de bergen, op een plek zonder internet en gsm-bereik. “Dan heb je het gevoel eens helemaal los te koppelen. Heerlijk. Op zich zou het wel fijn zijn om opnieuw zo’n bestemming te kiezen, weg van alles en iedereen. Dan kan ik ook niet in de verleiding komen om te blijven doorwerken. Al weet ik niet of dat dit jaar wel de gepaste formule is. Een beetje bereikbaarheid zou misschien niet misstaan. Want we zijn nog niet uit de crisis, en al wie nu mee aan het roer staat, moet toch waakzaam blijven.”

Pikt hij nog een snipperdag mee, dan niet zozeer aan de Vlaamse kust. “Met corona heeft dat niks te maken. Ik kom er gewoon liever in de winter, als er geen volk is. Liever uitwaaien, met mijn bergschoenen op het strand, dan in het zand te liggen. Ik heb dat ooit geprobeerd, maar na één uur was ik het beu.” (lacht)

Dan nog liever thuis, meent hij. “Weet je, ik heb ook een grote tuin die er de laatste maanden nogal verwaarloosd bij ligt. Dus ook daar wacht er nog werk op mij.”

Zomertip? “Verken kleinere steden of zoek de natuur op. Hou je wel van kamperen? Zeker doen. Ook het gemeenschappelijk sanitair kan veilig, als je de handhygiëne respecteert.”

Marc Van Ranst (55), viroloog KU Leuven

Een volledige week ervantussen? Voor viroloog Marc Van Ranst zijn de omstandigheden er nog niet naar. “Niet dat ik er geen nood aan heb, maar ik wil met een gerust gemoed in verlof kunnen gaan. Anders heb ik meer stress dan plezier.”

Beeld Bart Leye

Het wordt eerst nog hard doorperen, voorspelt hij, voor zijn hele ploeg. “We hebben nog veel voor te bereiden. Want zelfs al volgt er geen tweede golf, midden september gaat het traditionele verkoudheidsseizoen van start. Die virussen zullen ook de ronde doen en koorts geven. Dat worden nog drukke tijden, met meer verdachte gevallen die een test zullen willen.”

Een reis naar het buitenland zit er deze zomer niet in voor Van Ranst, iets wat hij onlangs ook al afraadde. “Ik zag het begin januari al aankomen. Toen dacht ik: hmm, dit wordt onzeker, toch maar wachten met die reisplannen.”

Het worden snipperdagen voor de viroloog: daguitstappen in eigen land of in Zeeland, vlak over de Nederlandse grens. “Mijn zoon (11) klaagt niet, hij amuseert zich even goed dichter bij huis. Sowieso staat ook de Efteling op ons lijstje, en een dagje Pairi Daiza en Plopsaland. Zullen de mensen mij niet te veel aanklampen? Daar heb ik nu nog niet over nagedacht, zie. Maar ik neem aan dat die bezoekers er komen om zich te amuseren, niet om een coronapraatje te slaan.” (lacht)

Veel slaap had hij de voorbije maanden niet. “Ik moet er vroeg uit, maar geraak er ’s avonds niet in. Zeker als je dan nog zo’n nieuwsjunkie bent, en de wetenschappelijke literatuur wilt doorploegen. Eerlijk gezegd, dat zou ik op vakantie niet kunnen loslaten. Het zou mij meer moeite kosten om het nieuws niet te volgen dan wel.”

Een weekje vrij in oktober sluit Van Ranst niet uit. “Maar ook dan zou ik niet voor het buitenland kiezen. Ga ik op reis, dan wil ik de volledige vakantie-ervaring. Een vakantieoord met mondmaskers spreekt me niet aan. Noch musea, die je dan ruim op voorhand moet vastleggen. (zucht) Reserveren is een ramp voor mij. Ik geraak nog niet eens bij de kapper, omdat het op afspraak moet.” (lacht)

Opladen doet hij dezer dagen vooral ’s avonds, buiten op het terras. “Gewoon naar de vleermuizen kijken die voorbij schieten. Meer heb ik niet nodig. Dit is een prinsenleventje.”

Zomertip? “Fietsen in Zeeland, plezierig én veilig.”

Steven Callens (48), diensthoofd infectieziekten UZ Gent

Het is hout vasthouden voor infectioloog Steven Callens. Na de maandenlange hectiek wil hij eind augustus het liefst van al drie weken met vakantie. “Dríé wéken, stel je voor! (lacht) Ik hoop dus dat er tegen dan geen tweede golf uitbreekt. Anders wordt het moeilijk om ervanonder te muizen. Net als mijn collega’s heb ik nochtans een pauze nodig. Want die vermoeidheid weegt wel door.”

Beeld rv

Eerst was hij nog van plan om deze zomer met het gezin naar New York af te reizen. Maar daar stak Covid-19 een stokje voor. “Vroeger zochten we op reis vooral de natuur op, zoals in Noorwegen. Nu wilden we eens een grootstad doen. Maar kijk, het is anders uitgedraaid. Nu zijn we zelfs niet meer van plan om naar het buitenland te gaan.”

En dus hoopt hij zijn hart op te halen op de fiets, op de Paterberg en de Koppenberg. Of in de Ardennen. Callens: “Het worden daguitstapjes, moois ontdekken in eigen land: dat is het plan. Iconische gebouwen bezichtigen, oude architectuur opsnuiven, het kunstpark van het Middelheim in Antwerpen… Mijn oudste dochter begint volgend jaar aan de universiteit, burgerlijk ingenieur en architectuur, en dat boeit haar wel.”

Heeft Covid-19 ons iets geleerd, dan wel dat het niet altijd ver of groots hoeft te zijn, meent Callens. “Ook nu kiezen we met ons gezin het liefst voor dingen die ons dichter bij elkaar brengen. Samen wandelen. Samen een gezelschapsspel spelen: Monopoly is hier een populaire. We hebben ook de valsspeler-editie, maar daar word ik zenuwachtig van.” (lacht)

De komende weken wordt het nog zwoegen, weet Callens. “Toch kon ik de jongste tijd al eens een weekend stelen. “Vorig weekend las ik zelfs een roman uit waar ik maanden geleden in begonnen was. En dan merk je hoeveel deugd dat doet. Het valt me ook op dat ik dan niks over corona lees, en ook het nieuws links laat liggen. In mijn vakantie wil ik het ook zo. Dan ga ik niet voortdurend de recentste cijfers checken, of de grote headlines in de wetenschappelijke wereld.”

Zomertip? “Speel eens een gezelschapspel of ga kubben in de tuin.”

Pierre Van Damme (61), epidemioloog UAntwerpen

De batterijen in korte tijd opladen, daar komt het voor epidemioloog Pierre Van Damme op aan. Het verlengd weekend van 21 juli, langer heeft hij niet. “Dan ga ik met mijn vrouw een paar dagen naar de kust. Naar Sint-Idesbald, een dorp in Koksijde dat haast niemand kent. Niet omdat ik wil onderduiken voor alle aandacht. (lacht) Wel omdat mijn vrouw eraan gehecht is, zij kent die plek door en door. En ik ga graag mee. We maken er ook mooie fietstochten, naar Veurne of Ieper.”

Beeld HLN

Hij kijkt er al naar uit, drukt Van Damme ons op het hart. “Want het is tot nog toe al een erg drukke periode geweest, met veel korte nachten en zwaar werk. Eerlijk gezegd, het is de eerste week dat ik me echt moe voel. Precies op het moment dat je wat meer kunt bijslapen, begin je die vermoeidheid pas goed te voelen. Alsof je lijf het dan meer toelaat.”

Toch lijkt een echte vakantie nog ver van huis, vertelt Van Damme. “De rest van de zomer zal ik, samen met mijn team, bezig zijn met het opstarten van de Covid-19-vaccinatiestudies. Deze zomer nog voeren we een aantal fase 1-studies uit. Neem ik toch verlof, dan zal het eerder in september zijn, als het gros van het werk achter de rug is.”

Wellicht trekt hij ook dan naar onze kust. “Ik zou nog niet voor het buitenland gaan. Ten eerste staat het nieuwe academiejaar dan al voor de deur, dus ik moet mijn lessen voorbereiden. Ten tweede: die onzekerheid. Ik wil me niet wagen aan landen als Italië, aan grenscontroles, wetende dat je nadien misschien in quarantaine moet. De voorbije maanden heb ik al genoeg stress – ook positieve stress – gehad. Ik zoek liever geen extra spanning op.”

Eerdere zomers trok hij met de kinderen – alledrie twintigers – nog naar Italië en Vietnam. “Om de zoveel jaar plannen wij een grote reis. Dat was nu niet het geval. Het is wat zoeken naar veiligheid en nestwarmte nu, in onzekere tijden. Maar op de rem staan en samen ontspannen, dat kan ook dicht bij huis.”

In de tuin, zelfs. “We hebben hier onlangs een serre in elkaar gestoken. Zo’n beetje ons labo in de tuin. (lacht) Ook daar kunnen mijn vrouw en ik, wroetend in de aarde, wat opladen.”

Zomertip? “Maak een gezamenlijke fietstocht. Je zal ervan versteld staan hoe je je eigen land, en zelfs je eigen buurt, niet altijd goed kent.”

Anne-Mieke Vandamme (59), epidemioloog KU Leuven

Ze is in verlof, vertelt ze, en ze let op haar kleindochter van vier – “morgen doen we een dagje Planckendael”. Maar zodra het meisje opgepikt is, klapt Anne-Mieke – “oma Mie” – Vandamme haar laptop weer open, tot ’s avonds laat. “Ben ik aan een langere pauze toe? Zeker. Maar die zal moeten wachten. Ons onderzoek naar de pandemie loopt natuurlijk door. Ik kan niet zeggen: ‘stop die pandemie eens twee weken’, om daarna verder te gaan.”

Beeld Thomas Sweertvaegher

Haar reisplannen zag ze helaas in het water vallen. “Normaal gezien ging ik deze zomer met vrienden naar Canada. Daar gingen we drie weken rondtrekken, en een cruise maken om walvissen te spotten. Het was allemaal geregeld, vliegtuig geboekt, voorschot betaald. Maar dat plan is dus uitgesteld. We hopen op volgende zomer.”

In juni, zodra het mocht, trok ze nog in allerijl – mét laptop – naar Denemarken, naar haar kleinzoon van zes maanden. “Het was zo leuk om hem weer vast te pakken, dat was al geleden van begin maart. Hij was al zoveel veranderd. Omdat het virus in Denemarken minder woedde dan hier, was ik er ook gerust op. Wel nam ik de auto, want ik wou en wil absoluut nog niet vliegen.”

Momenteel kijkt ze vol ongeduld de kat uit de boom, voor die andere belangrijke trip. “Mijn andere kleinzoon van twee woont in Lissabon. Wat zou ik graag tot daar rijden om hem nog eens te zien. De vraag is alleen: wanneer zal dat kunnen? Want Lissabon is een rode zone nu, er geldt een reisverbod. Het is van januari geleden dat ik mijn kleinzoon nog kon bezoeken, in april lukte het ook al niet meer. Zodra de pandemie begon, wist ik direct: oké, die zomer zal er helemaal anders uitzien.”

Zomertip: “Maak eens een praatje met de buren. Het pleintje voor mijn deur is de living van onze straat. Op afstand samenkomen is ook fijn.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234