Woensdag 14/04/2021

Het verhaal van twee klokkenluiders

De Amerikaanse reactie op terrorisme is even brutaal als de manier waarop Rusland dissidenten behandelt

Een paar dagen nadat Rusland een officiële asielaanvraag had ontvangen van Edward Snowden, de Amerikaan die geheime informatie over zijn land lekte en die een onderkomen had gekregen in een luchthaven in Moskou, veroordeelde een rechtbank oppositieleider Aleksej Navalny. Navalny had zich door zijn vlammende onthullingen over corruptie op het hoogste niveau ontwikkeld tot de grootste vijand van het Kremlin. Momenteel is hij tijdelijk vrijgelaten totdat zijn vonnis van vijf jaar opsluiting - op basis van vage aanklachten omtrent verduistering - rechtsgeldig wordt.

De duistere ironie van die tegenstrijdige aanpak van de twee dissidenten roept een oude Sovjetgrap in de herinnering. President Nixon en secretaris-generaal Brezjnev discussiëren over de merites van de democratie. "In ons land", zegt Nixon, "mag iedereen voor het Witte Huis komen staan en me een varken noemen." "Wel, wij hebben exact dezelfde vrijheden in de Sovjet-Unie", antwoordt de Russische leider. "Ook ons volk mag voor het Kremlin komen staan en u een varken noemen."

Maar de vergelijking tussen Snowden en Navalny illustreert meer dan alleen de hypocrisie van het Russische regime. Ze toont vooral aan dat het verschil tussen democratische en niet-democratische regimes niet zozeer te maken heeft met de bereidheid om burgers te onderdrukken maar met de keuze van wie en en wat het waard is te onderdrukken. Uiteraard zou een gevestigde democratie zoals de Verenigde Staten nooit zo brutaal en openlijk ingrijpen in interne politieke aangelegenheid als Rusland hier heeft gedaan. De Amerikaanse ambassadeur in Rusland veroordeelde al snel de "duidelijke politieke motieven", en de EU verklaarde dat het verdict "ernstige vragen opwerpt over het rechtsprincipe".

Iedereen behalve de harde kern van Poetin aanhangers vindt dat Navalny het slachtoffer was van een politiek showproces. Maar het respect van Amerika voor het rechtsprincipe sluit niet uit dat het land soms te allen prijze bedreigingen wil neutraliseren die het belangrijk acht. Tijdens de Amerikaanse verkiezingen wordt daarover niet beslist in het stemhokje. Zoals de politiek filosoof Zygmunt Bauman aanvoerde heeft de scheiding van macht en politiek in geavanceerde geglobaliseerde democratieën ervoor gezorgd dat verkiezingen geen grote verschuivingen meer teweegbrengen. Tegenwoordig worden de belangrijkste beslissingen veeleer in buitenlandse bestuurskamers genomen, of, zoals de lekken van Snowden aantoonden, in geheime rechtbanken en NSA-kamers in plaats van op Capitol Hill.

Systemische bedreigingen

Nu de machtscentra verschoven zijn, heeft het Amerikaanse establishment duidelijk niet langer het gevoel dat zijn belangen zo hard bedreigd worden door de traditionele binnenlandse politiek dat een opschorting van het rechtsprincipe gerechtvaardigd is. Maar de Amerikaanse reactie op het terrorisme, bijvoorbeeld, is niet minder brutaal dan de manier waarop Rusland binnenlandse dissidenten behandelt. Het Witte Huis behandelt Amerikaanse staatsburgers die het bestempelt als 'systemische bedreigingen' - zoals de radicale islamitische prediker Anwar al-Awlaki - even gewelddadig en meedogenloos als het Kremlin zijn vijanden behandelt.

In 2011 werden Awlaki en zijn zestienjarige zoon buitengerechtelijk vermoord via een gerichte aanval met een drone die naar verluidt geautoriseerd was door president Obama zelf. Ook op Bradley Manning en Edward Snowden werd zware druk uitgeoefend. Hun onthullingen over het Amerikaanse nationale veiligheidsapparaat zijn best te vergelijken met de manier waarop Navalny de kleptocratie binnen de overheid aan de kaak stelde. De Verenigde Staten hadden gelijk toen ze de juridische karikatuur die leidde tot de gevangenisstraf van Navalny veroordeelden. Maar als het gaat om de bereidheid om het rechtsprincipe opzij te schuiven voor de aanpak van exisitentiële bedreigingen, is de kloof tussen beide landen misschien wel niet zo groot als het lijkt.

Iets om voor te sterven

In zijn boek The One Percent Doctrine beschrijft de journalist Ron Suskind een politiek die werd ontwikkeld door voormalig vicepresident Dick Cheney, die stelde dat zelfs bij een kans van 1 procent op een terroristische aanslag een beslissende en overweldigende anticiperende aanval gerechtvaardigd is. De regering-Poetin heeft de Cheneydoctrine gewoon toegepast op de binnenlandse politiek. Dat komt doordat in Rusland, een land dat zich nog niet helemaal geopend heeft voor het geglobaliseerde kapitalisme, de politiek nog iets betekent: iets waarvoor mensen zoals Navalny willen sterven, en iets waarvoor de mensen die wanhopig de poorten van het Kremlin bewaken best willen moorden.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234