Dinsdag 23/07/2019

Het stadje van de zwavelstokjes

Achttien verschillende luciferfabrieken heeft Geraardsbergen in de loop van de afgelopen 148 jaar gekend. Nu dreigt, met de voorgenomen sluiting van de Swedish Match-fabriek, de lucifertraditie definitief afgesloten te worden. Het einde van de Geraardsbergse 'stekskes'.

Drie gekruiste fakkels op een helgele achtergrond. Een U en een M, kunstig dooreengestrengeld. Daarboven de boogvormige tekst 'Union Match'. En ten slotte, in de linkerbenedenhoek het ietwat overbodige woord 'Pocket'.

De aldus ontworpen doosjes hebben jarenlang in vrijwel alle Belgische huishoudens gefigureerd. Stekskes, die waren van Union. En Union, dat was Geraardsbergen. De band tussen Geraardsbergen en lucifers werd er generaties lang door middel van de rood-gele doosjes in gepompt.

De lucifers van Union Match worden al enige tijd niet meer in Geraardsbergen gemaakt. De Belgische luciferproductie is tegenwoordig uitsluitend voor reclamedoeleinden bedoeld. De drie fakkels hebben plaatsgemaakt voor de rode Marlboro-driehoek of voor de naam en het telefoonnummer van het restaurant-om-de-hoek.

En zelfs die activiteit dreigt nu voor Geraardsbergen verloren te gaan. Swedish Match, het Zweedse moederconcern, overweegt de luciferproductie over te plaatsen naar Hongarije. Aan loonkosten is het bedrijf daar slechts 12 procent kwijt van wat in België betaald moet worden. In een sector die met een dalende omzet te kampen heeft, kan dat tellen. En zo dreigen binnenkort de laatste lucifermakers van België ontslagen te worden.

Dat zou dan het einde betekenen van 148 jaar luciferproductie in Geraardsbergen. En zelfs van 163 jaar luciferproductie in de Denderstreek. Want hoewel het zwaartepunt van de Belgische luciferproductie in Geraardsbergen ligt, werd de eerste luciferfabriek van het land in 1835 opgericht in het naburige Lessen. Daar startte schoensmeerfabrikant Balthazar Mertens de eerste luciferproductie, nadat zijn oom Pierre twee jaar eerder in Duitsland had kennisgemaakt met de nieuwerwetse manier van vuur maken. Een olieverfportret van Mertens hangt nog altijd op een ereplaatsje in de kantoren van de Geraardsbergse fabriek.

De luciferproductie bleek een groot succes en in 1880 telde België al veertien fabrieken, waarvan negen in de Denderstreek. De reden voor deze sterke geografische concentratie is altijd duister gebleven. De historische hypothesen variëren van de kanalisatie van de Dender in 1867 (handig voor de aanvoer van boomstammen) tot de bodemgesteldheid die gunstig zou zijn voor de teelt van populieren, lange tijd de grondstof voor luciferhoutjes.

De bloei van de luciferindustrie werd in de hand gewerkt door de afkondiging, in 1872, van een staatsmonopolie op luciferproductie in Frankrijk. Een aantal Franse bedrijven nam zijn toevlucht tot België. De snelle groei van de sector leidde al snel tot sociale wantoestanden. In de haastig uit de grond gestampte fabrieken was kinderarbeid algemeen aanvaard. "In de zomer beginnen de kinderen 's morgens om zes uur en houden niet op voor acht uur 's avonds. (...) De fabriek is afschuwelijk; de kinderen werken in een slechtgebouwde loods, koud, vochtig, vuil, onbeschermd tegen wind, want de vensters zijn op vele plaatsen gebroken en het glas wordt niet vernieuwd", zo stelt een rapport uit 1846 vast.

Het succes van de luciferfabrieken leidde tot chaotische taferelen in de straten. De fabrikanten hadden de gewoonte om de boomstammen voor de fabrieken op te stapelen, met desastreuze gevolgen voor de verkeersafwikkeling. Van een verbod trokken de fabrikanten zich niets aan, zodat in maart 1889 werd overgegaan tot een speciale belasting: per vierkante meter ingenomen straatoppervlakte diende 50 centime taks betaald te worden.

In het begin van de twintigste eeuw vond een sterke concentratiegolf plaats. Dertien luciferfabrieken fuseerden tot de Union Allumettière, waarmee meteen de toekomstige merknaam voor de Geraardsbergse lucifers het levenslicht zag. De afkorting Unal zou lange tijd gebruikt worden voor de fabriek die nu als Swedish Match bekendstaat. Vijf andere fabrieken werden overgekocht door het Zweedse 'Svenska Tändsticks Aktiebolaget' (STAB, het latere Swedish Match). Niet lang daarna namen de Zweden ook de Union Allumettière alsmede bijna alle onafhankelijke fabrieken over.

Intussen waren arbeidsconflicten niet aan de luciferindustrie voorbijgegaan. De arbeiders van de Manufacture d'Allumettes L. Byl-Campen hielden bijvoorbeeld in 1910 een helfhaftige staking, daarbij gesteund door de Socialistische Phosphoorbewerkersbond. De inzet was een dagloon in plaats van een stukloon af te dwingen voor de arbeidsters in de remplissage, waar de dozen gevuld werden. Een wekenlange staking annex 'monstermanifestatie' wierp uiteindelijk vruchten af. "Slechts als iedereen helpt, kan men een goede uitslag verwachten en aan hen die het meenen, bewijzen dat den tijd voorbij is dat een kapitalist van woord, van eer, tegenover zijn werkvolk, verandert als van hemd. Geholpen dus! Gesteund en de zege is aan ons", schreef Recht en Vrijheid in augustus 1910.

Na de tweede wereldoorlog werd de Belgische luciferproductie in Geraardsbergen geconcentreerd. Daartoe bouwde STAB het grote complex aan de Gaverstraat, dat nog altijd in bedrijf is. De zaken gingen uitermate voorspoedig. Om ook het houtafval te gelde te maken, werd Unalit opgericht, een inmiddels zelfstandige fabriek voor houtvezelplaten die het momenteel beter doet dan de luciferfabriek zelf. Om aan de grote vraag naar populierenhout te voldoen richtte Unal een onderzoeksinstituut op, dat later werd afgestaan aan de overheid. Het Rijksstation voor de Populierenteelt, een onderdeel van Waters en Bossen, is nog altijd recht tegenover de luciferfabriek gevestigd.

De neergang van de luciferindustrie startte in de jaren zestig. De wegwerpaansteker begon de lucifer te verdringen. Swedish Match kocht in snel tempo aanstekerfabrieken op, maar dat deed niets af aan de dalende vraag naar lucifers. In 1964 werd de Unal-fabriek in Ninove gesloten, die tot dan toe aan de concentratietendens ontsnapt was. Een deel van het personeel werd naar Geraardsbergen overgeplaatst. In 1971 ontsloeg Unal in Geraardsbergen een honderdtal werknemers. In 1975 werd nogmaals afgeslankt, met nieuw verlies aan arbeidsplaatsen. In 1973 sloot de Ninoofse luciferfabriek van Merckx, de enige Belgische concurrent van Swedish Match, zijn poorten. De werknemers droegen in protest een grote zwarte vlag door de straten van Ninove. In 1979 sloot Swedish Match zijn fabriek in Eindhoven, in 1982 moest de fabriek in het Zwitserse Nyon eraan geloven, in 1987 het Duitse Lauenburg.

Geen wonder dat het personeel in Geraardsbergen ongerust werd. Met de regelmaat van de klok doken geruchten over een nakende sluiting op, die steevast door de directie werden ontkend. In oktober vorig jaar werd al een lucifermachine van Geraardsbergen naar Hongarije overgeplaatst. De directie verzekerde toen dat de toekomst van de Geraardsbergse fabriek niet echt schitterend, maar zeker niet hopeloos was. De Zweedse directie besliste er echter anders over.

Toch is nog niet helemaal zeker dat de fabriek dicht moet. De directie heeft zich, met de veroordeling van Renault-topman Louis Schweitzer in gedachten, alleen uitgesproken over een voornemen tot sluiten. De vakbonden hopen hen op andere gedachten te brengen door te wijzen op de mogelijkheden tot loonkostenreductie die de wet-Vande Lanotte biedt.

Dat het ontslag van ruim honderd laaggeschoolde arbeiders, van wie een derde vrouwen, voor Geraardsbergen een zware klap zou zijn, hoeft geen betoog. Behalve Lattoflex-producent Verhaegen op het industrieterrein van deelgemeente Schendelbeke telt Geraardsbergen nog nauwelijks industrie. Het personeel maakt zich op voor een harde strijd. Nog deze week wordt de zwarte vlag weer te voorschijn gehaald.

Ruben Mooijman

(Foto Gerrit Op de Beeck)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden