Woensdag 23/10/2019

'Het schuld- gevoel vervaagt met de tijd'

De Française Christine Lagarde is de enige persoon die tegelijkertijd op de cover van Forbes en Vogue stond. De glamoureuze voorzitster van het Internationaal Monetair Fonds bereikte de top dankzij haar competitiegeest en ijzeren discipline. Maar de schaduwkant van de medaille is dat ze haar kinderen niet zag opgroeien. 'Ik moest aanvaarden dat je niet in alles succesvol kunt zijn.'

Op een grijze ochtend in Brussel is het nog maar net tijd voor het ontbijt, maar meer dan 200 mensen hebben zich al in de vergaderzaal van het Thon Hotel gewurmd om er iemand te zien die in het grijze wereldje van technocraten en het internationale geldwezen de status van een ware rockster heeft.

Christine Lagarde (58), de ravissante voorzitster van het Internationaal Monetair Fonds (IMF), is hier voor de lancering van een boek van IMF-economen over een tamelijk droog onderwerp: het creëren van jobs in Europa.

Maar Lagarde, de enige persoon die ooit tegelijk op de cover van Forbes en in het magazine Vogue stond, zou waarschijnlijk de zaal evengoed hebben doen vollopen als ze de nieuwe editie van het Belgische telefoonboek kwam voorstellen. De rijzige, zilverharige dame in een modieus grijs pak trekt alle aandacht van de televisiecamera's. Economen op middelbare leeftijd grijnzen als tieners naar hun mobieltjes terwijl ze aan haar zijde een selfie maken.

Het debat over de economische hervorming is al zo'n dertig minuten bezig wanneer een journalist van Le Figaro de vraag stelt die op ieders lippen ligt. Nu we het toch over Europese jobs hebben, zegt hij met een veelbetekenende blik: zou mevrouw Lagarde zichzelf als kandidaat beschouwen voor 'een belangrijke job in Europa'? "Ik zal niet op uw vraag ingaan omdat dat niet de kwestie is die ons, die mij vandaag bezighoudt", zegt ze afgemeten, terwijl een golf van glimlachjes en knikjes door de zaal gaat.

Aan het einde van de zitting, terwijl Lagarde met haar mobiele telefoon al aan het oor gekleefd de zaal uit wordt geleid, wordt in het publiek nog altijd geroezemoesd over de kwestie die ze niet ronduit heeft ontkend maar uit de weg is gegaan: of ze haar job aan het hoofd van de kredietverstrekker van de laatste kans, waar ze verantwoordelijk is voor een biljoen euro aan leencapaciteit, zal opgeven om het nieuwe gezicht van Europa te worden.

Fabian Zuleeg, de organisator van het evenement, staat aan het hoofd van het European Policy Centre, een in Brussel gevestigde denktank. Volgens hem bestaat er 'over heel Europa een enorme belangstelling' voor de vraag of Lagarde binnenkort de karakterloze Portugees José Manuel Barroso zal vervangen als hoofd van de Europese Commissie. "Ze is de enige die echt enthousiasme oproept", meent Zuleeg.

In verschillende regeringen over het hele continent wordt de charismatische 58-jarige Française beschouwd als de meest geschikte persoon om de cohesie binnen de Europese Unie te versterken, en misschien zelfs de gapende politieke kloof te overbruggen met de bevolking van een half miljard inwoners die vaak weinig interesse en respect heeft voor wat de Unie doet.Anderen menen dat Lagarde, de voormalige minister van Financiën van Frankrijk, ooit wel eens president van dat land zou kunnen worden.

Tijdens het interview met Lagarde de volgende dag, in een luxueuze suite van de Parijse vestiging van het IMF, vraag ik haar mening over de speculatie dat zij wel eens de functie bij de Europese Commissie zou kunnen krijgen wanneer die in oktober vrijkomt, ook al zou ze op dat ogenblik nog bijna twee jaar te gaan hebben in haar IMF-mandaat.

"Ik wil mijn mandaat van vijf jaar uitzitten", antwoordt ze beslist. "Ik voer geen campagne, ik stel me niet kandidaat, ik ben niet van plan mijn post te verlaten." Daarmee maakt ze haar huidige voornemen bekend, maar dat is toch niet hetzelfde als een verklaring dat ze zeker zal aanblijven? "Wat als ik, God verhoede, door een bus word overreden? Ik heb mijn lot niet in eigen handen."

Lagardes opmerkelijke carrière heeft echter weinig aan het lot te danken. Ze is het resultaat van keihard werken en een koppige weigering om zich te laten afschrikken door het vooruitzicht de enige vrouw te zijn aan een tafel vol mannen.

Lagarde maakte carrière zonder de steun van een partner met connecties als Bill Clinton of een rijke wederhelft als Denis Thatcher. Ze was de eerste vrouw die een wereldwijd advocatenkantoor leidde (in 1999), de eerste vrouwelijke minister van Financiën van een groot industrieland (2007) en de eerste vrouw aan het hoofd van het Internationaal Monetair Fonds (2011).

Als vrouw aan de top van de gerechtelijke, politieke en financiële wereld voelt ze zich "in goed gezelschap maar behoorlijk eenzaam".

"Het is erg verontrustend dat in veel kringen nog altijd vijandig wordt gereageerd wanneer vrouwen in bepaalde vakgebieden doordringen. Ik geloof niet dat we onze toevlucht moeten nemen tot agressie of dreigementen, maar het is duidelijk dat mannen en vrouwen adequaat vertegenwoordigd moeten zijn, dat ze toegang moeten krijgen tot de vakgebieden, disciplines en kringen waar ze de competenties hebben om deel te nemen, leiding te geven en respect af te dwingen."

Lagarde ging op 25-jarige leeftijd in dienst bij het in Chicago gevestigde advocatenkantoor Baker & McKenzie nadat ze bij een Frans kantoor te horen had gekregen dat ze er wel een job kon krijgen, maar als vrouw nooit tot vennoot zou worden gemaakt.

Op haar 39ste werd ze gepromoveerd tot lid van het wereldwijde directiecomité van de firma, waardoor ze de helft van haar tijd in Chicago moest doorbrengen. Haar zonen Pierre-Henri en Thomas, toen negen en zeven jaar, bleven in Parijs met hun vader, de bankier Wilfried Lagarde, van wie ze net gescheiden was. Vier jaar later werd ze directrice van het advocatenkantoor en verhuisde ze naar Chicago, waardoor ze tijdens de tienerjaren van haar zonen slechts één week per maand bij hen in Parijs was.

In 2011 vertrouwde ze een interviewer toe: "Ik moest aanvaarden dat ik niet in alles succesvol kon zijn. Je stelt je prioriteiten en leert met heel wat schuldgevoelens leven."

Tegen mij merkt ze op dat mannen in soortgelijke situaties veel minder onder druk staan. "Ik denk dat je me deze vraag niet zou stellen als ik een man was. Ik wou dat sommigen onder hen zich ook een beetje meer schuldig zouden voelen, maar ik betwijfel het. Dat schuldgevoel vervaagt echter met de tijd. Wanneer je ouder wordt, neemt het af omdat de kinderen groot worden: er komen kleinkinderen en je verzoent je min of meer met wat je hebt gedaan."

Haar vrienden zeggen dat ze een uitstekende relatie heeft met haar zonen, maar ook dat ze, zoals één kennis het uitdrukt, "nu probeert de verloren tijd met haar jongens een beetje in te halen". Daaraan voegt Lagarde toe: 'Mijn partner (Xavier Giocanti) heeft ook twee kinderen waar ik heel, heel veel van hou. Een van hen heeft een zoontje en verwacht nog een meisje, dus ik beschouw mezelf ook als grootmoeder." Lagarde ontmoette Giocanti, een vroegere collega van de universiteit, in 2006 tijdens een ministerieel bezoek aan Marseille, en sindsdien zijn ze een koppel. De extraverte zakenman uit Marseille heeft wel eens lachend opgemerkt dat hij Lagardes 'bruto binnenlands pleziertje' is, maar door haar vele reizen zijn ze slechts één week per maand samen.

Lagarde komt al jaren op voor de vrouwenrechten. Ze pleit voor quota voor vrouwen in leidinggevende posities, geeft de voorkeur aan vrouwelijke kandidaten voor promoties binnen het IMF en spreekt haar afkeuring uit voor landen als Japan, die niet genoeg inspanningen leveren om vrouwen in het beroepsleven te betrekken.

De Amerikaanse politica Susan Schwab, die handelsvertegenwoordiger was onder George W. Bush, kent Lagarde sinds haar ambtstermijn als Franse minister van Handel van 2005 tot 2007. Ze zegt dat Lagarde geleerd heeft op haar tellen te passen bij het promoten van vrouwenrechten. "Ze doet dat bewust niet op een manier waardoor ze in een hokje kan worden gestopt of die haar uitstraling als veelzijdige zakenvrouw ondermijnt."

Een andere oude vriend, de Britse ambassadeur in de Verenigde Staten Peter Westmacott, zegt dat Lagarde in haar privéleven even vurig opkomt voor vrouwenrechten als in het openbaar. "Ik heb haar die kwesties ter sprake zien brengen tijdens grote toespraken, maar ook in kleine groepjes, waar ze vrouwen aanmoedigt om zich niet in te houden bij het nastreven van hun ambities."

Airco en uitputting

Lagarde heeft niet kunnen profiteren van de mannelijke netwerken waar heel wat carrières op zijn gebouwd, maar ze heeft haar eigen drukke levensstijl in een troef omgezet. Een van haar grootste sterktes tijdens eindeloze nachtelijke besprekingen is haar uithoudingsvermogen en conditie. Ze was ooit kampioene synchroonzwemmen, doet iedere ochtend 20 minuten lang yogaoefeningen en gaat zwemmen wanneer ze maar kan; ze drinkt zelden alcohol en mijdt vlees, koffie en tabak. Vandaag heeft ze zes uur slaap nodig in plaats van de vijf uur waar ze vroeger genoeg aan had, maar volgens vrienden is ze nog steeds bij de meeste nachtelijke onderhandelingen de laatste die overeind blijft - haar tegenstrevers zijn dan ook doorgaans mannen op middelbare leeftijd die met overgewicht kampen.

Lagardes biografe Cyrille Lachèvre, een voormalige redactrice van de zakenkatern van Le Figaro, zegt dat achter haar charme de competitieve trekjes van een atlete schuilgaan. Ze herinnert zich een lange reeks gesprekken in Brussel rond de Duitse pogingen om te verhinderen dat Frankrijk de btw voor restaurants zou verlagen: Lagarde zorgde ervoor dat de onderhandelaars niets te eten kregen, "en uiteindelijk moesten de Duitsers het van de honger opgeven."

Wanneer ik haar naar dat voorval vraag, lacht Lagarde samenzweerderig. "De gesprekken zaten helemaal vast, dus ik zei tegen de voorzitter van de vergadering: 'Als je de zaak wilt afronden, moet je alle adviseurs buitenzetten, zodat de ministers zelf een beslissing moeten nemen. En geef ze niets te eten!'"

Een ander verhaal is dat Lagarde soms haar mannelijke rivalen tot uitputting drijft door zichzelf warm in te duffelen en voor extra airconditioning te zorgen. Aan mij geeft ze toe dat ze altijd twee dingen op zak heeft die mannen niet hebben: "Een sjaal of een omslagdoek, iets om mijn schouders of nek warm te houden, en - afhankelijk van de kleur van mijn outfit - een Spaanse of Japanse waaier."

Ze hecht duidelijk belang aan haar kledij. Op de dag van ons gesprek draagt ze een zelfontworpen, door Chanel geïnspireerd jasje dat door een Parijse couturier werd gemaakt van stof die zij uitkoos.

Aan het begin van Lagardes ministerschap werd in de media soms kritiek geuit op haar in het oog springende juwelen en haar voorliefde voor dure handtassen van Hermès. Op een bepaald moment zorgden haar pr-managers er zelfs voor dat op een foto van Lagarde dure sieraden werden weggeretoucheerd, maar al snel wees ze de pogingen om haar smaak te temperen van de hand.

Geen raspolitica

De internationale loop van Lagardes carrière is voor een groot deel te danken aan de instroom van Amerikanen in Parijs net voor en na de Tweede Wereldoorlog. "Mijn grootouders aan vaders kant waren heel ontwikkelde, intellectuele mensen, en zij hadden veel Amerikaanse vrienden", zegt ze. "In de familie van mijn vader was vaak jazz te horen. Mijn grootvader was schilder en had contact met Amerikaanse schilders die Parijs bezochten."

Haar vader werd professor in de Engelse letteren en ze groeide op in een gezin met een grote belangstelling voor de Angelsaksische cultuur. Op zeventienjarige leeftijd bracht ze een jaar door als uitwisselingsstudente aan dezelfde chique meisjesschool in een buitenwijk van Washington waar ook Jacqueline Kennedy Onassis schoolliep. Ze vervolmaakte er haar Engels en liep stage bij een Republikeins congreslid.

Na haar terugkeer in Parijs werd ze tweemaal geweigerd door de École Nationale d'Administration (ENA), de eliteschool voor politici en bureaucraten. Waarna ze vervolgens rechten ging studeren.

Sonia Criseo, die 18 jaar lang haar persoonlijke assistente was bij het advocatenkantoor en op het ministerie, zegt dat Lagarde altijd een outsider is geweest. "Ze was een Franse tiener in Amerika, en daarna een Europese werkneemster bij Baker & McKenzie", zegt ze. "Ze was altijd al een vrouw in een mannenwereld, en vandaag staat ze aan het hoofd van het IMF als juriste tussen de economen. Ik denk dat haar positie als outsider voor Christine in feite een troef was, omdat ze daardoor altijd haar werkterrein van buitenaf kan bekijken. Haar discipline en werklust zijn ongeëvenaard. Ze beschikt over een immens concentratievermogen."

Toen haar landgenoot Dominique Strauss-Kahn in 2011 moest aftreden als hoofd van het IMF na een beschuldiging van seksuele aanranding, werd Lagarde beschouwd als de ideale kandidate om de zeventigjarige Europese bezetting van de topfunctie voort te zetten.

Maar de blamage van Strauss-Kahn was niet de eerste keer dat Lagarde 'de juiste persoon op de juiste plaats op het juiste moment' was. Haar promotie tot directrice van Baker & McKenzie in 1999 kwam er op het moment dat het advocatenkantoor dringend nood had aan een nieuwe bedrijfscultuur en imago. In de voorbije jaren was het bedrijf met succes aangeklaagd door een secretaresse voor seksuele intimidatie, door een vrouwelijke vennoot voor genderdiscriminatie, en door een mannelijke werknemer die was gediscrimineerd omdat hij aids had - die laatste zaak inspireerde de film Philadelphia.

Cyrille Lachèvre zegt dat Lagarde naam maakte buiten de gerechtelijke kringen op het World Economic Forum in het Zwitserse Davos. "Tegen het jaar 2000 begonnen mensen als (reclamemagnaat) Maurice Lévy te vragen: 'Wie is die intelligente Franse vrouw die zo fantastisch goed Engels spreekt?'"

Vijf jaar later stelde de conservatieve Franse president Jacques Chirac haar aan als onderminister van Handel. De komst van de glamoureuze advocate streek tegen de haren in van carrièrepolitici en bureaucraten, die zich zo stoorden aan haar buitenlandse gewoontes dat ze haar l'Américaine noemden. Lagarde heeft bijvoorbeeld altijd het liefst in het Engels gewerkt, een keuze die in Frankrijk al genoeg is voor een klein schandaal.

Door de tijd die ze doorbracht in de Verenigde Staten is ze meer marktgericht dan de meeste van haar landgenoten en staat ze bijzonder sceptisch tegenover Franse arbeidspraktijken als de 35-urige werkweek.

Maar Lagarde is op ideologisch vlak nooit een overtuigde aanhangster van de conservatieve zaak geweest en stemde zelfs niet consistent behoudsgezind: in 1981 koos ze voor de socialistische president François Mitterrand. "Ik ben gefascineerd door de politiek maar ben geen raspolitica", zegt Lagarde, die nooit werd verkozen voor een openbaar ambt.

"Ik heb diepgewortelde principes en overtuigingen over de kracht van het individu, een soort van ouderwets achttiende-eeuws economisch liberalisme. Ik ben een groot voorstander van vrije toegang voor iedereen, op voorwaarde dat ze hun steentje bijdragen. Dus ik heb heel wat principes. Behoor ik daarom tot het rechtse kamp, het linkse, het centrum, een of andere politieke partij? Ik denk het niet."

In 2007 werd Lagarde voor enkele weken overgeplaatst op Landbouw, waarna de nieuwe president Nicolas Sarkozy haar de cruciale ministerpost van Financiën gaf.

Cyrille Lachèvre zegt dat ze weinig vooruitgang boekte met de hervorming van beleidslijnen als de 35-urige werkweek. "En tegen het begin van 2008 dachten we allemaal dat ze het niet lang meer zou uitzingen als minister."

Het was de val van de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers in september van dat jaar die, in de woorden van Lachèvre, "haar carrière als minister redde" en Lagarde in het voetlicht plaatste als een van de grondleggers van de latere inspanningen om de euro te redden.

"Sarkozy ontdekte dat George W. Bush en zijn team bijzonder op haar gesteld waren, en in onderhandelingen over de eurozone was ze fenomenaal", zegt Lachèvre.

"Angela Merkel en Schäuble vertrouwden haar gaandeweg meer dan Sarkozy, omdat ze eerder te werk ging als een advocate met een bepaalde machtiging dan als een politica. Als ze iets zei, dan kon je daarvan op aan."

"Ze heeft een mandaat van haar cliënt, of dat nu de president is of de raad van bestuur van het IMF, en ze doet er alles aan om die zaak te bepleiten en tot een overeenkomst te komen. Je weet nooit of ze het persoonlijk eens is met de zaak die haar is opgedragen."

Die kritiek leg ik voor aan Lagarde. Ik wijs ook op de tegenstrijdigheid tussen haar inspanningen met het IMF ter promotie van de vrije handel, en het feit dat ze als Frans minister de buitensporige landbouwsubsidies van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) van de Europese Unie verdedigde.

"De verdediging van het GLB was iets wat me gevraagd werd", antwoordt ze, "en ik ben er persoonlijk van overtuigd dat het in veel opzichten een goed beleid was - niet in alle opzichten maar in veel opzichten."

Ze zegt dat het IMF vandaag zijn blikveld verruimt en zich meer gaat toeleggen op kwesties als milieuvriendelijke groei, gelijke inkomens en gelijke kansen voor man en vrouw. "Ons onderzoek heeft uitgewezen dat duurzame groei beter is, en dat meer gelijke kansen voor man en vrouw voor die duurzaamheid uiterst gunstig zijn. En milieuvriendelijke groei is natuurlijk een zaak die door zo veel mogelijk mensen moet worden onderzocht, ontwikkeld en gesteund."

De Italiaan Domenico Lombardi, een gewezen lid van het IMF-bestuur, behoort tot de critici die aanvoeren dat dergelijke kwesties te ver af staan van de kerntaak van het fonds. Dat argument wijst Lagarde van de hand: "Wil je duurzaamheid, dan is er minder ongelijkheid nodig, niet meer. En groei is pas duurzaam met respect voor het milieu. Ik vind dat het IMF zich met die zaken moet bezighouden. Met kwesties als gelijke kansen en groenere groei ben ik persoonlijk begaan."

Iedere poging om haar later dit jaar in te lijven bij de Europese Commissie zal met twee politieke hindernissen worden geconfronteerd.

De eerste is dat ze moet worden genomineerd door de socialistische president François Hollande - en die is misschien niet bereid om een conservatieve rivale te steunen. Al even belangrijk is de vrees dat haar vertrek als hoofd van het IMF tot gevolg zou hebben dat Europa die topfunctie zou kwijtraken, net nu het continent voor miljarden dollars aan steungeld afhankelijk is van het fonds.

Al in 2011, toen het Verenigd Koninkrijk haar kandidatuur voor het IMF naar voren schoof, betuigden Australië, Canada en Spanje hun steun aan haar Mexicaanse rivaal Agustín Carstens, met het argument dat de tijd was gekomen voor Europa om de functie op te geven.

Ook Simon Johnson, voormalig hoofdeconoom van het IMF, is van mening dat er een einde moet komen aan het overwicht van Europa. "Het is niet de bedoeling dat het een Europees Monetair Fonds wordt, en zij heeft zich gedurende de hele eurocrisis bijzonder welwillend opgesteld tegenover de Europeanen", zegt Johnson.

Domenico Lombardi is het daarmee eens en voert aan dat het IMF van Lagarde op het hoogtepunt van de Griekse schuldencrisis te hard probeerde om de overwegend Franse en Duitse banken die geld hadden geleend aan Athene, te beschermen.

Lagarde echter ontkent dat ze Europa te zacht heeft aangepakt. "Ik heb altijd geprobeerd om niet Frans en niet Europees te zijn bij het uitoefenen van mijn functie. En ik denk dat ik daarin ben geslaagd."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234