Zondag 24/01/2021

Het rood petatje stopt ermee

Afgelopen woensdag ontving hij uit de handen van twee vrienden een liber amicorum. Een echte viering had hij krachtdadig van de hand gewezen. Het afscheid van de politieke carrière van Bob Cools (67) gebeurde in mineur en in alle stilte. De stier is moegestreden in de politieke arena. De Morgen schetst een portret van een man voor wie je, zoals een medewerker het omschrijft, 'door het vuur ging, maar een moment later mee wilde vechten'.

Op 1 april vertrekt Bob Cools als voorzitter van het Antwerpse OCMW. Daarmee valt het doek over de carrière van een geroemd én verguisd burgervader. H.B. Cools, met initialen naar Hollands model. Hubert officieel, maar sinds zijn jeugd Bob, 'het rood petatje', zoals 't Pallieterke hem minzaam omschreef. Zijn vrienden hadden een feest willen organiseren, maar dat wilde hij niet. "Ze wilden me toen niet, ze moeten mij dan nu ook niet vieren", zo klonk het. Ook aanvragen voor interviews weigert hij. De flamboyante anglofiel Bob Cools heeft zijn politieke verbanning naar het OCMW nooit goed verwerkt. Toen tijdens de legendarische Antwerpse coalitiebesprekingen van 1994 de partners een njet uitspraken tegen Cools III, moest hij met lede ogen toezien hoe zijn partijgenote, "die trut van de Luchtbal", met zijn burgemeesterssjerp aan de haal ging. Nog liever had hij "moe Vogels" de sjerp gegund. Cools was in '94 lang niet uitgeblust, integendeel. Maar hij had één fervente en gevaarlijke tegenstander: Bob Cools. "Dat hij geen derde keer burgemeester is geworden, heeft hij aan zichzelf te danken", zucht Jean Van Camp, negen jaar lang kabinetssecretaris van Cools. Vriend en tegenstander zijn het over een ding eens: de vastberadenheid en werklust van Cools was nooit gezien op het stadhuis. Maar dat woog niet meer door. "Hij had zich bij z'n collega's zo onmogelijk gemaakt, dat een njet van de coalitiepartners ook intern bij de SP niet onwelgevallig klonk."

Bob Cools wordt geboren op 27 april 1934. Sterrenbeeld stier. Cools is verzot op astrologie. Hij gelooft er niet in , maar het levert naar zijn eigen zeggen leuke gespreksstof op. Van belangrijke gasten die het Antwerpse stadhuis bezoeken, laat hij nagaan wat hun sterrenbeeld is. "Stieren zijn rustige beesten", zal hij later zeggen, "maar als ze iets willen, zijn het doorzetters." Cools is van jongs af aan voorbestemd om een filosoof van de stad te worden, een mopperende denker die in de stad een netwerk van culturele, economische en sociale verbanden ziet, die samen een symfonie van de stedelijkheid vormen. De jonge Cools fietst als student meteen drie licentiediploma's bijeen: maritieme wetgeving, diplomatieke wetenschappen en staats- en administratieve wetenschappen. Hij beschikt ook over een indrukwekkende talenknobbel. Die zal hij als een pauwstaart uitspreiden om zijn buitenlandse gasten te overdonderen. Overacting is hem daarbij niet vreemd. "Als hij de Nederlanders ontving, sprak hij geaffecteerder dan de burgemeester van Den Haag", zegt oud schepen John Mangelschots. "De Rotterdamse burgemeester Bram Peper merkte dan op: Nou, daar gaat ie weer." Cools verkneukelt er zich ook in om alle Vlaamse dialecten te leren spreken. "Als hij verslag uitbracht van een vergadering citeerde hij alle deelnemers in hun eigen dialect", zegt zijn vriend en travelling mate Julien De Meyer, voormalig schepen van Sociale Zaken en Onderwijs.

Als Cools in 1970 opkomt voor de gemeenteraadsverkiezingen haalt hij meteen een schepenmandaat binnen, zonder ooit in de gemeenteraad te hebben gezeten. Hij wordt de eerste schepen voor Ruimtelijke Ordening van België. Ook hier is vriend en vijand het er over eens: hij zal baanbrekend werk verrichten. Bijna alles wat vandaag in Antwerpen als monument beschermd is, is dat dankzij Bob Cools. Hij verhindert ook dat de Bourlaschouwburg wordt afgebroken, en dat er een afrit van de autosnelweg tot bijna voor het Rubenshuis zal lopen. Die glorieuze jaren als schepen - voor hem wellicht de periode die hem het meeste voldoening heeft gegeven - zullen later worden overschaduwd door de controversiële afbraak van het gigantische pakhuis den entrepot. Cools verspeelt er een pak krediet mee. Even omstreden zijn Cools' verwezenlijkingen voor de eerste wijk, het gebied tussen het stadhuis en de kaaien. Cools laat sociale appartementen bouwen met een middeleeuwse look. Vormelijk een ramp. "Ik noemde dat altijd Bokrijk", zegt oud-schepen John Mangelschots. "Maar mensen met een bescheiden inkomen kunnen nu wel aan die kaaien wonen", merkt De Meyer op. 'Het Rood Petatje' is ook de animator van het autovrij maken van een vijfde van de oude kernstad. Er komt na Cools nauwelijks een vierkante meter autovrije binnenstad bij.

In 1974 volgt Bob Cools zijn mentor Louis Major op in de Kamer. De volksvertegenwoordiger-schepen loopt zich het vuur uit de sloffen voor Antwerpen, en vergeet daarbij wel eens aan zijn medewerkers te denken. "Hij kon wreed zijn", zegt oud-kabinetssecretaris Van Camp. "Hij belde vanuit de Kamer dat hij naar het bureau zou komen. Ik moest aan de deur wachten met de papieren. Het was verdorie putteke winter en ik stond buiten te bevriezen. Hij kwam aangereden maar stopte niet. Terwijl hij reed, zwaaide hij de deur open, bulderde wat opdrachten, graaide zijn post uit m'n handen en reed er weer vandoor."

"Napoleon hé", zegt Tuur de Keersmaeker, gepensioneerd hoofddeurwachter van het college. "Ik heb vier burgemeesters versleten: Craeybeckx, Detiège, Schroyens en Cools. Craeybeckx en vader Detiège waren aristocraten. Die voelden zich boven het volk verheven. Cools kon toch iets vlotter omgaan met de mensen. Maar als hij iets nodig had, was hij gebiedend, echt Napoleon." Nadat Cools in 1982 Mathilde Schroyens opvolgt als burgemeester galmt zijn stem tot op de hoogste verdiepingen van het stadhuis. De deurwachters moeten Cools voortdurend voorzien van liters thee, "die hij uitsluitend in mokken dronk, met telkens een half klontje suiker", herinnert Tuur zich. In tegenstelling tot z'n voorgangers, die buitenshuis gingen lunchen, bracht Cools z'n boterhammekes mee. "Hij had er een hekel aan om uit eten te gaan", zegt Lucien De Meyer. Als hij wordt uitgenodigd voor een zakenlunch tracht hij dat steeds af te wimpelen. "Hij vond het een vorm van omkoperij", weet Van Camp. Een gourmand is hij al evenmin. Cools' lievelingsgerecht is vleesbrood en tijdens persontmoetingen sopt hij zonder gêne zijn bokes met rosbief in een mok thee, om de slappe troep daarna luidruchtig naar binnen te happen. "Zijn tafelmanieren zijn berucht", zegt Van Camp . "Eigenlijk vond hij eten gewoon tijdverlies."

Geestelijk voedsel, daar smacht de voormalige burgervader naar. Hij verslindt boeken, van zijn lievelingsauteur Proust, maar zet zijn tanden ook in Voltaire, de verlichtingsfilosoof van wie hij steeds een kleine buste op z'n bureau heeft staan. "Vivre c'est agir." Dat citaat uit Voltaire is Cools' adagio geworden. Cools leest graag politieke biografieën. "Hij is geboeid door Churchill en Mitterrand", zegt De Meyer. "Hij wilde vooral leren van de strategieën van grote staatslui." Cools is geïnteresseerd in mensen. Niet om met hen intense vriendschapsbanden aan te gaan. Hij wil ze ontrafelen, ontleden. Vaak is hij daarin genadeloos. Dat leidt ertoe dat hij zijn medewerkers en partijgenoten soms kwetst met vervelende bijnamen. Zo wordt de rondborstige oud-schepen Yvonne Julliams "de kont" of zijn vriend en schepen Lucien De Meyer "het Stalineke", Mieke Vogels wordt "Moe Vogels" en zijn kwelgeest Patsy Sörensen "de hoerenmadam". Homoseksuelen noemt hij steevast "holmannen" en Cools is ervan overtuigd dat er in zijn college bij de CVP-coalitiepartner een aantal "holmannen" zitten. Dat soort geintjes wordt hem niet door iedereen in dank afgenomen. "Hij roddelt zo vreselijk graag", zegt Mangelschots. "Als ik daar vroeger een opmerking over maakte, dan ging het weer een paar dagen goed. Maar hij kan het uiteindelijk niet laten." Cools wordt ook geplaagd door onhebbelijke buien, waarin hij medewerkers de huid vol scheldt. "Er waren weinigen die hem durfden tegen te spreken", zegt Van Camp. "Ik beken, ook ik niet. Cools had een enorm charisma. Ik herinner me dat ik hem eens herinnerde aan een viering van een personeelslid, dat met pensioen ging. Hij vloog dan uit: 'Onnozel manneke, denkt ge dat ik niks anders te doen heb dan naar die klootzak te gaan?' Zoiets grijpt een mens naar de keel, hé. Er waren maar een paar mensen die daar tegen in durfden te gaan. Commissaris Koeklenberg van de verkeerspolitie was zo iemand. Als Cools begon te roepen zei hij: 'Burgemeester, ik hoef dat niet te nemen. Ik zal morgen eens terug komen als u wat gekalmeerd bent.' En hij liet Cools staan. Daar had Cools respect voor, hé. Meer mensen hadden dat moeten doen, want het is die houding die hem bij zijn partijgenoten onmogelijk heeft gemaakt."

Naast burgemeester is Bob Cools ook tegelijkertijd schepen van Cultuur. Die belangstelling heeft hij overgeërfd van Craeybeckx. Als Cools in '87 verneemt dat Glasgow culturele hoofdstad van Europa zal worden in 1990 ziet hij diezelfde ambitie meteen weggelegd voor Antwerpen. Voor Cools is het een manier om Antwerpen op de Europese kaart te brengen. Cools is geobsedeerd door het kosmopolitisme van zijn stad. Het is die obsessie die hem overigens in Antwerpen houdt, want tot tweemaal toe krijgt hij een ministerportefeuille aangeboden. "Hij wilde alleen minister worden als het van Openbare Werken was", zegt De Meyer. "Omdat hij dan iets voor Antwerpen kon doen." Alhoewel het Antwerpse burgemeesterschap altijd ervaren werd als belangrijker dan een ministerportefeuille daalt het aanzien van de metropool in Brussel gestaag in de jaren tachtig. De ultieme kaakslag vanuit Brussel komt er als voogdijminister van Binnenlandse Aangelegenheden Luc Van den Bossche - "een Gentenaar begot" - de Antwerpse begroting komt uitzuiveren. Net in diezelfde periode duikt ook het Vlaams Blok op. Cools weigert die partij bij naam te noemen en spreekt nu nog altijd koppig van 'Het Verschijnsel'. In 1994 scoort het Blok al 28 procent in Antwerpen. De verrechtsing en de onverdraagzaamheid van zijn stad laat diepe wonden achter bij Cools. 'Het Verschijnsel' teert weliswaar op de rottende humus van een veranderende wereld van aftakelende ideologieën, migratiegolven, armoede, individualisering en brutaal liberalisme..., maar in Antwerpen én daarbuiten lijk het wel of Cools in hoogsteigen persoon het Blok aan een monsterscore heeft geholpen. "Ik ben de zondebok geworden", jammert de burgemeester in elk interview. "Als het regent, is het zelfs mijn schuld." Het was ook een beetje zijn schuld. Cools heeft twaalf jaar het werk gedaan van een burgemeester én zes schepenen. "Hij bemoeide zich echt met alles", zegt Van Camp. "Dat er onhandige paaltjes verschenen op de Meir was geen verdienste van Cools. Maar toen mensen er over struikelden noemden ze die dingen Bobkes." In '94 wankelt de besnorde burgervader. Er worden vluchtwegen gezocht voor Cools. Een plaats op de Europese lijst van de SP, een beproefde techniek om dinosaurussen op stal te krijgen. De CVP stelt zelfs voor om van Cools een 'internationaal ambassadeur voor Antwerpen' te maken. Cools zelf is bereid om na drie jaar de burgemeesterssjerp aan Leona Detiège te geven. Het wordt een exit naar het OCMW. Nu is het politiek helemaal afgelopen. Maar we zullen allicht nog van hem horen. Al decennia houdt hij een dagboek bij. "Hij werkt aan zijn memoires", zegt De Meyer. Inmiddels is Cools verhuisd van Linkeroever naar Merksem. Hij heeft een tijdje geleden een legerjeep gekocht. WO II was altijd zijn grote interessegebied. Met z'n jeep rijdt hij nu rondjes. Hij is 67 en er begint een nieuw, ander leven. "Ik heb de indruk dat hij er de laatste tijd gelukkiger uitziet", zegt de huidige burgemeester Leona Detiège.

Hij kwetste medewerkers en partijgenoten soms met bijnamen. De rondborstige oud-schepen Yvonne Julliams werd 'de kont', Mieke Vogels 'Moe Vogels' en Patsy Sörensen 'de hoerenmadam'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234