Zondag 15/12/2019

‘Het programma voor de hele familie is terug’

Heimwee naar de punk van de jaren zeventig of de Clouseaumania van de jaren tachtig? Draagt u in het weekend stiekem roze beenbeschermers? Veel kans dat u aan uw trekken komt in De generatieshow. Vijf teams van BV’s, elk vertegenwoordigers van een generatie, nemen het tegen elkaar op wat kennis van de populaire cultuur van de laatste vijftig jaar betreft. Muziek, films, tv, mode, gadgets... Alles komt aan bod. En aangezien het op vrijdagavond op Eén uitgezonden wordt, mag daar wat show bij komen kijken. Het programma wordt in goede, soms wat chaotische banen geleid door Bart Peeters, kind van de jaren zeventig. “Je generatie is het decennium waarin je 15 was. Het blijkt dat ik de hits van The Police en The Sex Pistols of zelfs de hele drumsolo uit ‘The Mule’ van Deep Purple kan meefluiten. Van Duran Duran uit de jaren tachtig ken ik nog wel het refrein van ‘The Reflex’, maar de strofes niet meer. Van de jaren zestig heb ik niet veel onthouden. Ik was te jong voor The Beatles. Ik dacht dat dat jongens waren die constant achtervolgd werden door zombies en huurmoordenaars.”

Zijn de jongeren niet in het nadeel? Zij hebben veel minder meegemaakt.

“De spreidstand is inderdaad vrij groot, maar je zou nog schrikken van wat die moderne media doen. Ik merk dat dagelijks bij mijn dochters van 15 en 17. Als ik zeg dat ze ‘Het Smurfenlied’ van Vader Abraham niet kennen, antwoorden ze dat er op de Ketnet 3-cd een versie stond van een of andere artiest. Dankzij YouTube sta je er nog van te kijken wat ze van de jaren zestig weten. Maar ze hebben ook een groot nadeel: de jongere generaties, of mijn dochters toch, kijken geen tv meer. Zij kijken alleen nog op aanvraag. Kabouter Wesley bekijken ze alleen op YouTube. Voor hen is dat niet iets uit Man Bijt Hond. “Maar aan de andere kant: ken jij veel mensen uit de jaren zestig die een nummer van U2 kunnen nazingen? Dat is voor hen een probleem hé. De generatieshow is in ieder geval niet voorspelbaar. In cafétests kwam er altijd een andere generatie als beste uit.”

Waarom wordt de quiz met BV’s gespeeld, en niet met gewone kijkers, zoals bijvoorbeeld De pappenheimers?

“Ik haat die woorden. Dat zijn geen BV’s, dat zijn interessante mensen.”

Zijn ze gekozen omdat ze interessant zijn of omdat ze bekend zijn?

“Deze vraag is zo nineties. Dat heeft geen belang. Het gaat er gewoon om wie wij interessant vonden. Dat ze bekend zijn, is mooi meegenomen. Daarmee staat of valt het spel niet. Het gaat over de generaties. In de proefaflevering ging het van Jaak Pijpen en Leah Thys tot Anthony Arandia, van wie ik ook al even de handleiding moest lezen, en Jelle Van Dael. Zij was me alleen opgevallen omdat ze zo hard op mijn petekindje lijkt, maar blijkbaar is ze ook de negentienjarige zangeres van Lasgo. Natuurlijk ken ik de mensen van de jaren zeventig, tachtig, negentig beter, maar dat maakt niet uit.“Het is al lang geleden dat ik me in het vrijdagavonddebat heb gemend, wat nog altijd anders is dan een zondagavondprogramma. Op vrijdagavond vallen er toch nog altijd lijken uit de kast van Het swingpaleis. Om een of andere reden moet het op vrijdag nog iets meer schwung hebben.”

Zullen we in De generatieshow dan ook zo’n opgehitste sfeer als in Het swingpaleis zien?

“Geforceerd gedoe bestaat niet meer, of toch niet meer in mijn wereld. Ik gedraag me altijd zoals ik wil, dat zouden mensen toch al moeten doorhebben. Maar als ik goedgezind ben en de mensen nemen daar aanstoot aan, dan is dat hun probleem. “Het gevoel van nattehaartjestelevisie komt terug, waarbij de kinderen na hun badje nog even tv mogen kijken met mama en papa. Daar is de laatste jaren heel geringschattend over gedaan. We leven in een tijd van reality-tv, een tijd waarin iedereen zijn eigen medium kiest. Mijn dochters hebben een eigen pc en vaak zit mijn vrouw ook in een andere kamer tv te kijken. Alles en iedereen is geïsoleerd. Maar weet je dat de dochter van de buren, de dochter van Jan Leyers dus, na Peter Van de Veires verrassingsshow voor mijn vijftigste verjaardag naar haar vader gebeld heeft om te zeggen dat ze die tijden terug wil? Dat de mensen opnieuw plezier maken en praten met elkaar. Zij hadden een klasfuif en niemand is gegaan omdat ze dat flauw vonden. Iedereen zat liever op het internet af te geven op die fuif.“Een familie die samen naar een programma kijkt, dat bestaat toch niet meer? Naar welk programma kun je ook met het gezin kijken? Ik heb dat meegemaakt met de Willem Ruis Show. Ook de keren dat we samen naar Dallas mochten kijken, vergeet ik nooit. Sommigen zullen het ons kwalijk nemen, maar De generatieshow is de revival van het gevreesde familieprogramma.”

Voelt u ook bij uw dochters dat ze naar dat soort televisie vragen?

“Mijn dochters lopen niet per se hoog op met wat ik allemaal uitvreet. Ze vonden Mag ik u kussen een programma voor oude mensen. Maar de proefaflevering van De generatieshow hebben ze uitgekeken, en ze hebben een lange lijst gemaakt met alleen dingen die ze goed vonden.”

Is er geen generatieconflict?

“Er is een tijd geweest dat het echt ondenkbaar was dat ouders en kinderen dezelfde dingen graag hoorden, maar nu houden zowel mijn dochters als ik van Triggerfinger. Mijn dochters vinden dat een groot probleem, maar we hebben daar afspraken over gemaakt. Ik hou van Triggerfinger om strikt muzikale redenen en zij houden van Triggerfinger om op Werchter te staan smelten van hun testosteron. Zo is ons generatieconflict toch gebleven.“Het is ook opvallend hoe cyclisch alles is. In de jaren zeventig drumde ik bij de punkgroep Dirty Dory and the Black Pastrons en bij ons eerste optreden in Zaal De Valk in Lier werden alle lavabo’s en urinoirs van de muur geschopt. Ah ja, want er was No Future. Wat later leerde ik op de universiteit Jan Leyers, Hugo Matthysen en Marc Kruithof kennen en speelden we met Beri Beri door de Beatles geïnspireerde muziek. We werden van het podium gefluimd. Johnny Rotten had de dag ervoor net ‘Fuck You’ gezegd op de BBC. Maar in de jaren tachtig, slechts tien jaar later, stond ik er met The Radio’s en mocht Beatlesachtige muziek weer. Als ik in 1977 met ‘She Goes Nana’ was afgekomen, hadden ze me van het podium geschoten. En in 1988 ben je de nieuwe Eddy Merckx. Dat is zo idioot, het komen en gaan van generaties.”

Denkt u ook zo in hokjes?

“Ik heb de laatste jaren verschrikkelijk in niches gedacht. Tegen mijn management zei ik dat we moeten oppassen dat mijn nummers niet op MNM of Q-music gedraaid zouden worden, omdat we anders dood zouden zijn. We hebben een fantastisch publiek, maar die zijn wel erg aan Radio 1 en Canvas gebonden. Als ik het muzikaal in de roots en de wereldmuziek zoek, wil ik dat mijn publiek dat allemaal direct begrijpt. Ik wil geen traag publiek. Met Het Peulengaleis zaten we ver op Canvas en mensen die dat niet begrepen, keken niet. Ik hou heel erg van dat principe: we zijn met een kleine maar fijne gemeenschap. “Maar nu ga ik dus een programma maken dat alle generaties met elkaar probeert te verbinden. Dat moet geleden zijn van De droomfabriek. Mocht je dat programma nu uitzenden, dan zouden sommige kijkers zich afvragen waarom zij niet mogen dolfijnen en andere mensen wel. Die kandidate zou alleen met dolfijnen mogen zwemmen als het een blind meisje is dat lange tijd misbruikt werd door haar oom. Dat is het cynisme van deze tijd waaraan ik niet wens deel te nemen.”

Is die nattehaartjestelevisie dan wel je ding? Tijdens Eurosong kon je al eens een ironisch ondertoontje in je commentaren bespeuren.

“Ironie is iets anders dan cynisme. Ik probeer mezelf wel aan te passen, ik ben een soort kameleon. Als ik met Leah Thys of Jelle Van Dael spreek, is dat een volledig andere taal. Maar ik ken de vijf talen van de verschillende generaties wel, want ik heb toevallig ook grootouders, ouders en jonge dochters. Dat zijn vijf niches. “Je moet dat zien als het verschil tussen optreden in de Carré in Amsterdam en op Marktrock in Leuven. Je kunt beter in Parijs dan in Nederland spelen, dat is veel makkelijker. Je wilt niet weten hoe flexibel je in Nederland moet zijn. Daar kan ik gewoon geen typetjes spelen want ik ben er al één: ik ben die Belg. In België kan ik opkomen en zeggen: (met een piepstemmetje) ‘Hallo, ik ben Evy Gruyaert.’ En dan ben ik de hele avond Evy. Dat kan ik in Nederland niet.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234