Donderdag 27/01/2022

Het privéleven als pamflet

Tegenwoordig staan de deuren van de slaapkamers wijd open. Wat er gebeurt met een generatie die niet weet dat er ooit privacy bestond, is nu in Frankfurt te zien. Zonder gêne en brutaal.

In de Schirn Kunsthalle in Frankfurt, op de grote tentoonstelling Privacy, zijn er veel ongemakkelijke momenten. Bij foto's van een moeder van middelbare leeftijd, gemaakt op haar verzoek door haar eigen zoon terwijl ze in de weer is met haar jonge minnaar (werk van Leigh Ledare, 2004-2008) bijvoorbeeld. Tijdens een film uit 1959 van een geboorte, op het moment dat de nageboorte uit de vrouw lilt (Stan Brakhage). Of bij groezelige, door een vuil ruitje genomen en groot opgeblazen foto's van coke snuivende of dealende anonieme figuren op het toilet van een illegale stripclub (Merry Alpern, 1994).

Maar het zijn de meer dan levensgroot afgedrukte beelden van slapende mensen in het openbaar vervoer die hard aankomen. De Britse kunstenaar Mark Wallinger plukte de fotootjes, vaak gemaakt met de mobiele telefoon, in 2010 van internet en blies ze op tot groot formaat voor de serie The Unconscious. Rondom hangen ze in een zaal, vierentwintig stuks, en ze choqueren zo omdat deze mensen van niets wisten en zo duidelijk herkenbaar zijn. Op een dag wandelt er iemand binnen (of krijgt een linkje doorgestuurd van een goede vriend, met 'haha' erbij) die zichzelf terugziet in zo'n verwrongen, kwijlend gezicht. Die weet: ik ben bestolen in mijn meest argeloze staat. En nu kan de wereld me voor eeuwig zo zien.

De foto's werden onlangs ook getoond in De Pont in het Nederlandse Tilburg op een overzichtstentoonstelling van de kunstenaar. Maar hier, te midden van voorbeelden van kunstwerken die allemaal raken aan de grens tussen privé en openbaar, komen ze veel beter tot hun recht. Die grens bestaat in dit werk eenvoudigweg niet meer. Dit kan jou vanavond, op weg naar huis in de metro, ook overkomen.

Schandelijk mens!

Privacy? Dat is iets van gisteren. Dat is de premisse van de grote thematentoonstelling in de Frankfurtse kunsthal. De instelling pakte in het verleden wel vaker een groot maatschappelijk onderwerp bij de lurven (shoppen als levensvervulling, het toerisme, de stad) maar leek de laatste jaren het fingerspitzengefühl een beetje kwijt te zijn. Nu herpakt de instelling zich met Privat, zoals het nog net iets mooier in het Duits heet. Met de omineuze toevoeging: 'das Ende der Intimität'.

Hoe is het eigenlijk zo ver kunnen komen? De westerse wereld, laat de expositie aan de hand van kunstwerken vanaf de jaren vijftig zien, is in de drang om 'alles te delen met iedereen in je leven' (zoals Facebook promoot) in het tijdperk van de postprivacy beland. Privé is passé.

Om het verschil met 'vroeger' maar meteen goed duidelijk te maken, is er aan de entree van Privat een vitrine met artefacten uit het Tagebuchmuseum in Emmendingen neergezet. Uit de opengeslagen boekjes klinkt daar een stem als uit een echoput, geschreven op een schutblad in 1949: 'Wie dit boek leest, moet zich schamen.' 'Wie zich hier aan vergrijpt is een dief, een schandelijk mens.'

En laten we dan even naar het einde van de langgerekte expositie lopen. In de laatste zaal lijkt er op afstand gekleurde 'ruis' geprojecteerd te worden. Dichterbij blijkt het een mozaïek te zijn van tienduizenden kleine videoloopjes, elk maar een paar centimeter breed (Untitled Video, 2011, door Mike Bouchet). Onafzienbaar veel porno is het, één ritmische vleeskleurige massa, afkomstig van het web en (voor zover te zien) met veel amateurmateriaal ertussen. Tienduizenden slaapkamerdeuren die openstaan. Het is niet per se aangenaam, maar een 'schandelijk mens' voel ik me niet.

Tussen die uitersten wordt vooral duidelijk dat het niet per se de mobiele telefoon, internet of Facebook zijn geweest die de sluizen van die slaapkamers naar buiten openden. Kunstenaars waren dat voor. Die hadden al decennialang hun privéleven en dat van anderen openbaar gemaakt, vaak als pamflet tegen burgerlijkheid en voor een alternatieve manier van samenzijn. Nan Goldin fotografeert al sinds begin jaren tachtig haar vrienden op vaak intieme momenten. Onder meer in Heartbeat, waaruit foto's in Frankfurt te zien zijn. Toen Heartbeat eind jaren negentig uitkwam, waren ze een brutale serie. Zo kun je óók leven, kijk maar. Nu je ze terugziet (en je gewend bent dat vage kennissen hun slaapkamerhoofd én hun verfrommelde pasgeboren baby 's ochtends zelf al online hebben gezet) is dat sentiment afgestompt.

Laat me je voetjes zien

Nog langer terug, in de jaren zeventig, ontleedde Hans-Peter Feldmann een kledingkast van een vrouw aan de hand van zeventig polaroids (Alle Kleider einer Frau, 1974). Toen een feministisch statement, gemaakt in een tijd dat 'het persoonlijke is politiek' een leus werd. Nu staat zoiets gewoon in de ELLE.

En Keeping Busy dan, de film die de Fransman Michel Auder in 1969 maakte over twee 'sterren' uit het universum van Andy Warhol, Viva en Louis Waldon. De landerig geschoten, soms uitermate saaie Europese roadtrip van de twee dopeys door Europa heeft alle elementen van een Dogma-film gekruist met een slome realitysoap, dertig jaar voordat die werden uitgevonden.

Zo vergaat het bijna alle werken ouder dan vijf jaar; ze zijn onschuldig geworden, ingehaald door de tijd, postprivacy inderdaad. De openheid van toen heeft zijn doel gediend. Emancipatie op de kaart gezet, de wereld achter de schone schijn getoond, homorechten bevochten, de burgertrut in ons bestreden.

In een ijzersterk, hoogst gênant filmpje van de Amerikaanse Laurel Nakadate wordt getoond waar we nu zijn, wat er gebeurt met een generatie die eenvoudigweg niet weet dat er zoiets als privacy bestónd. Voor het werk Good Morning Sunshine (2009) vroeg de kunstenares aan amateuractrices te reageren op vragen die ze zou stellen. Ze mochten zelf weten hoe. Met de camera in de hand maakte de kunstenares ze wakker in hun eigen kamer en praatte hen vervolgens, geheel in de taal van chatsites, uit de kleren. "Goedemorgen, schatje, slaapkopje... je weet dat je mooi bent, hè? Laat je voeten eens zien... laat me eens onder dat shirtje kijken..."

En de meisjes doen het. Spelen schaamte, maar weigeren nooit. Je krijgt er het rotgevoel van dat openheid geen keuze meer is, maar een vanzelfsprekendheid. En dat privacy - ze overdrijven in Frankfurt dus niet - voorbij is, nou ja, bijna. Het bestaat alleen nog op die kleine, gestaag krimpende ijskap van ons leven waar geen camera's komen, geen microfoons zijn, geen bereik is, niets genoteerd en niets gezien wordt. Waar, kortom, geen andere mensen zijn.

Een raar gebied tussen privé en openbaar, het familiealbum. Op Privacy hangt het derde deel ('Tokyo') van Fiona Tans serie Vox Populi (2004-2012). In Noorwegen, Sydney, Tokio, Zwitserland en Londen vroeg ze aan mensen of ze hun familiealbums mocht inzien en destilleerde er fotoverzamelingen uit. Vingers achter iemands hoofd houden, achter de verjaardagskaarsjes of voor de kerstboom, de bruidstaart aansnijden, de mooie jurk vóór het bal showen, slapende kinderen - mensen koesteren overal ter wereld identieke momenten, ook als de foto 'mislukt' is. Onlangs sloot Tan de serie af met 'Londen'. Ooit, kort geleden, zouden we een brandend huis in rennen om onze fotoalbums te redden. Nu bestaan ze nauwelijks nog.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234