Maandag 09/12/2019

Het potje dat 'pffff' zei

Gents designmuseum over het keukenfenomeen Tupperware

Ik herinner het me nog: de hele familie kwam erbij staan kijken hoe we het moesten doen. Eerst het deksel op het plastic potje zorgvuldig dichtdrukken, dan even oplichten en pffff, met een zuchtje de lucht eruit laten ontsnappen. Wat een revelatie! Inmiddels is Tupperware veel meer dan potjes met een deksel. Een tentoonstelling in het Gentse designmuseum belicht het keukenfenomeen.

Door Agnes Goyvaerts

Het roemruchte seal-systeem werd ontwikkeld in die beloftevolle jaren vijftig, de tijd dat in de keuken alles anders werd. Tomatensoep kwam uit blik, mét balletjes, op de Expo 58 werd het eerste softijs gespoten in een sierlijke toren en er werd gefeest met een pak Miracoli-spaghetti.

In de keuken maakte men milkshake op zijn Amerikaans met een mixer, en overschotjes konden voortaan worden bewaard in stapelbare en goed sluitende plastic dozen. De plastic dozen kwamen uit Amerika, zoals alles wat toen nieuw en modern was. Ze waren een uitvinding van Earl Silas Tupper (1907-1983), een eenvoudige Amerikaanse boerenzoon die liefhebberde in uitvindingen, een soort soort Leonardo da Vinci van zijn tijd. De bevlogen ondernemer droomde ervan het dagelijks leven van de doorsnee Amerikaan(se) aangenamer, efficiënter en spaarzamer te maken. Met praktische, zuinige, relatief goedkope producten streefde hij ernaar de taak van de moderne vrouw in huis verlichten.

Tupper had geen diploma scheikunde en de meeste kennis die hij nodig had om met plastic te experimenteren deed hij op toen hij in 1936 een jaar werkte in een plasticfabriek in Massachussetts. In 1939 stichtte hij zijn eigen Tupper Plastic Company. De schaarste van sommige materialen tijdens Wereldoorlog II maakte dat men intensief ging studeren op nieuwe materialen, zoals polyethyleen, dat al bekend was sinds 1933, maar nog niet helemaal op punt stond. In 1942 produceerde Tupper met de spuitgiettechniek zijn eerste klokvormige beker, de Bell Tumbler. Later volgden de razend populaire Wonder Bowls, stapelbare kommen geleverd in sets van drie verschillende afmetingen.

l BIJ U THUIS

Een van zijn beroemdste uitvindingen liet hij patenteren in 1949: de legendarische Tupperware-seal, het beruchte soepele, hermetisch afsluitende plastic deksel. Toen hij zijn revolutionaire bewaardozen echter via de winkels en postorderbedrijven aan de vrouw probeerde te

brengen, bleek dat niet zo vlot te gaan. Plastic kampte namelijk met een negatief imago. De consumenten konden moeilijk geloven dat het geurloos, niet-toxisch en hygiënisch was. Laat staan dat ze begrepen hoe je dankzij het moleculaire geheugen van polyethyleen een soepel deksel over een harde doos kon trekken. Er zat maar één ding op: demonstreren hoe het werkte. De kiem van de unieke Tupperware-verkoopstrategie was gelegd. Brownie Wise was een van de eerste alleenstaande moeders die op pad trokken om andere huisvrouwen te overtuigen van de kwaliteiten van de ordebrengers in de keukenkast. Ze deed dat met zoveel overtuiging dat ze in een recordtijd een topfunctie bekleedde binnen Tuppers bedrijf. "Wie de Tupperware-potjes het meest bekendheid heeft gegeven, Earl Tupper of Brownie Wise, is moeilijk na te gaan", zegt Vic Cautereels, hoofd van het creatief team van Tupperware. Hij leidt ons rond op de tentoonstelling in Gent, die begint met een historisch overzicht, maar gaandeweg speelser wordt opgevat.

Brownie Wise geloofde net als Tupper sterk in de zelfontwikkeling van de moderne vrouw. Ze toonde de brave Amerikaanse huismoeders in de jaren 1950 een acceptabele weg om een centje bij te verdienen: als demonstratrice.

Het partysysteem is inmiddels overgenomen door andere producten, maar de naam Tupperware zal voor eeuwig met de verkoopmethode worden geassocieerd. In de wereld zijn momenteel zo'n 4.000 demonstratrices actief, goed voor 80.000 parties in 2004. Sinds 2000 is het ook mogelijk Tupperware te kopen aan kiosken in shoppingcentra, o.a. in Shoppincenter Zuid in Gent en in Wijnegem. Met mobiele kiosken worden beurzen aangedaan en evenementen zoals deze Expo. Een demonstratrice in het museum begint me meteen vol overtuiging de nieuwigheden te tonen. "De klassieke potjes nemen we bijna niet meer mee, die kent iedereen. Maar er is een veel breder gamma, onder meer alles wat met koken in de microgolfoven te maken heeft, wat heel erg populair is." Ik neem een transparant geel object vast en vraag me af wat het is. Ze klapt het open en toont: "Dit is de slijpmuis, een messenslijper." Cautereels wijst ons op de voorbereidende tekeningen en prototypes die aan dit gebruiksvoorwerp zijn voorafgegaan, van het eerste kartonnen balkje, bedacht door een Deense studente, tot de muis die hij laat open- en dichtklappen. "Vroeger vertrok men van de idee form follows function", zegt Cautereels, "maar wij willen beter dan dat doen. Aan elk voorwerp zitten ook emotionele aspecten vast, het geluid dat iets maakt, de touch, of het gevoel als het in je hand ligt."

Emotie speelt ook mee bij de verkoop. Na de bekende party waarbij een demonstratrice haar verhaal doet, kwam het culinair atelier. De demonstratrice kookt en bakt met Tupperware-voorwerpen, en nodigt de gasten uit de schort voor te binden en mee te doen. "Je komt niet langer thuis met de rationele vaststelling: 'Ik heb voor XX euro gerief gekocht', maar 'Ik heb me goed geamuseerd'", zegt de marketingdirecteur voor België. En als de demonstratrice ons haar kippenboutjes en visslaatje laat zien en proeven, zijn we inderdaad verleid om het haar na te doen met de wonderbaarlijke spatel en de Quick Chef, een apparaatje dat alles in enkele slagen fijnmaalt.

l OOK VOOR HET OOG

Earl Tupper wou dan wel het leven van de huisvrouw verlichten, hij vond ook dat dit het best met stijl gebeurde. In zijn dagboek schreef hij in 1949: "Mooi en functioneel design zal ons in staat stellen meer te verkopen dan onze concurrenten." De Wonder Bowls waren al in 1956 te bewonderen op een belangrijke designtentoonstelling in het MOMA (het Museum of Modern Art) in New York. De curatoren vonden de gestroomlijnde plastic kommetjes toonbeelden van geslaagde industriële esthetiek, iconen van het moderne Amerikaanse design. De Tupperware-potjes, en later ook eierdozen, knoflookpersen en vergieten zouden van dan af in de designcollecties van alle belangrijke musea terecht komen. Ook nu nog worden nieuwe Tupperwareproducten geregeld beloond met internationale designprijzen, van de Red Dot Award in Duitsland tot de Good Design Award in Chicago. De Belg Bob Daenen, de eerste Europese industriële designer die Tupperware in dienst nam, werd in 2003 met de Henry Vandevelde-prijs beloond.

l 'made in' aalst

België heeft een speciale band met de Tupperware-producten. De eerste Tupperware-vestiging buiten Amerika opende namelijk in 1960 in Erembodegem (Rexall Manufacturing Company). Tupperware was dus made in Belgium. In 1965 werd de fabriek overgebracht naar Aalst. In 1966 werd in Aalst het onafhankelijk werkende Europese Tupperware Design Centrum opgericht, onder leiding van Bob Daenen. Vandaag staat Vic Cautereels aan het hoofd van een twintigkoppige creatief team. Aalst wordt nog altijd beschouwd als een pilootfabriek binnen Europa, waar naast nieuweontwerpen ook veel vernieuwings- en automatiseringsprojecten ontwikkeld worden. Aalst produceert jaarlijks om en bij de 1,5 miljoen kartons huishoudproducten en ook 400.000 à 450.000 stuks speelgoed. Op de tentoonstelling zijn zowel de oude bekenden als nieuwelingen getoond, en in de gluurmuur - soort peepshow - zitten er enkele die nog niet gerealiseerd zijn. In die muur zit ook één namaak-Tupperware. De bezoeker die hem kan opsporen, maakt kans om een serie producten mee naar huis te nemen. Dat de dozen stapelbaar zijn, wordt duidelijk aan de muren die ermee gebouwd zijn, en je kunt van omgekeerde Tupperwarepotten zelfs plezierige lampenkapjes maken, stellen we vast. Telkens worden de sterkste kanten van Tupperware onderstreept: licht, waterdicht, transparant, mooi gekleurd, sterk... Een van de dromen van de selfmade man Earl Tupper was van de ouderlijke boerderij een soort pretpark te maken, in een tijd dat het woord nog niet bestond. Vandaag zou hij blij zijn: in het museum is Tupperware toch een beetje pretpark geworden. n

* Expo

Tupperware Transparant loopt tot en met 25 september, dagelijks van 10 tot 18 uur. Gesloten op maandag.(wel open op 11 en 18 juli en 15 augustus). Design museum Gent, Jan Breydelstraat 5, 9000 Gent. tel. 09/267.99.99 en www.designmuseumgent.be.

Toegangsprijs: 2,50 euro.

* Atelier

In het museum worden culinaire ateliers georganiseerd, iedere woensdag, zaterdag en zondag (behalve in de periode 16-24 juli), telkens om 11u30 en om 15u30; per sessie kunnen maximaal15 personen deelnemen. Inschrijven is gewenst.

* Kiosk

Aan de kiosk kan men het huidige Tupperware-gamma ontdekken. De producten zijn te koop tijdens de openingsuren van de expositie.

* Koken

Rondleidingen in combinatie met culinair atelier zijn mogelijk op aanvraag (minstens 10 dagen op voorhand). Maximaal 24 personen per groep.

Kostprijs: 50 euro + toegangsprijs (1,20 euro/persoon).

Reserveren bij de dienst publiekswerking (09/267.99.99)

* Catalogus

In samenwerking met de Stichting Kunstboek werd een mooie catalogus gemaakt die verpakt zit in een plastic doos, met een zuchtje natuurlijk.

Prijs: 39 euro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234