Dinsdag 25/02/2020

Het plezier van zoeken, tellen en kijken

Mooi mooier mooist. Zondag 2 maart is het startschot van de jaarlijkse Jeugdboekenweek (www.jeugdboekenweek.be). Het thema van dit jaar is 'Mooi': mooie verhalen, mooie boeken om naar te kijken, boeken over mooi en lelijk maar ook over mensen die het mooiste van zichzelf geven, of mooi' anders' zijn.

Schrijver/dichter Ted van Lieshout is een groot kunstliefhebber. Dat bleek al uit zijn reeks Papieren museum, waarin hij op een vaak heel originele wijze kinderen inwijdde in de fascinerende wereld van kunst. Op vraag van het Rijksmuseum maakte hij 3. Van Lieshout slaagt erin je zo te prikkelen dat je meteen naar Amsterdam wil treinen om de volledige collectie van dichtbij te bekijken. Het procedé dat hij toepast is nochtans te simpel voor woorden: naast foto's van schilderijen, objecten, foto's... uit het museum staat telkens een cijfer gedrukt: 3, 6, 9, 12... Als kijker ga je meteen op zoek om datgene te vinden wat overeenstemt met het getal. Meestal moet je daarvoor wat bij mekaar tellen, bijvoorbeeld 69 schaatsers op een Winterlandschap dat dateert uit 1615. Maar Van Lieshout speelt met ons verwachtingspatroon: bij het cijfer 33 bijvoorbeeld valt er niets te tellen, het getal staat letterlijk op een affiche uit 1933, in een ronduit schitterende art nouveautypografie. En soms begrijp je ook dat er geen beginnen aan is, en dat je het beeld gewoon op je af moet laten komen. Twee vliegen in één klap voor jonge (én oudere) kinderen: het plezier van het zoeken en het tellen, én vooral de uitnodiging om bewuster te kijken. Heerlijk om te merken hoe zo'n simpele 'educatieve' ingreep je zintuigen scherpt en je zoveel meer verwondering oplevert. Het gaat niet enkel om kunst in dit boekje, maar evenzeer om erfgoed, zoals een brief uit 1966 waaraan een medaille hangt, ter gelegenheid van het huwelijk van koningin Beatrix en prins Claus. Achteraan staat elk werk/voorwerp kort toegelicht, en kom je te weten of je hetzelfde bij mekaar hebt geteld als de auteur. Een pluim ook voor de eenvoudige en verzorgde vormgeving, en de zeer scherpe fotografie: sommige voorwerpen lijk je te kunnen aanraken.

Ted van Lieshout

3

Rijksmuseum/Nieuw Amsterdam, Amsterdam, 64 p., 12,50 euro. (3+)

Het lijkt wel een droomervaring

Een prentenboek over een groeiende vriendschap tussen een oude vrouw en een kleine jongen. Het verhaaltje heeft niet zo veel om het lijf: de jongen heeft een fascinatie voor een eigenaardige vrouw die vaak op haar balkon verschijnt met een reusachtige parasol, en in zijn fantasie een vreselijke kinderlokster is. Bij toeval leert hij haar op de markt wat beter kennen, en tot zijn verbazing blijkt de vrouw zachtaardig en kindvriendelijk te zijn. En eenzaam, want ze nodigt hem uit om samen met hem kaarthuisjes te bouwen in haar prachtige, maar veel te grote huis.

Wat dit boek zo sfeervol en mysterieus maakt (een nominatie voor de Boekenpauw waardig), zijn de illustraties van de debuterende Kaatje Vermeire. Haar platen lijken vaak een patchwork van stukken oud behangpapier, gedessineerde stoffen, verschillende soorten gaas, stempelpatronen etcetera. Toch is ze gedoseerd met die materialen omgesprongen, het is nergens een experiment om het experiment. De illustraties creëren meestal een soort bevreemding die goed weergeeft hoe het jongetje zich voelt, en welke 'larger than life' fantasieën hij spint rond de vrouw. Soms neemt ze werkelijk koninklijke allures aan. Al even opmerkelijk als het originele materiaalgebruik is het kleurenpalet van dit boek - gewaagd sober, en vooral in bruinige sepiatinten - dat een ouderwetse poëtische charme uitstraalt. En meer nog: het zorgt ervoor dat je dit verhaal interioriseert, alles als in een droom ervaart, er zelf bij gaat fantaseren. Mooi ook om te merken dat heel geleidelijk aan het rood van het truitje van de jongen almaar meer aandacht krijgt, als symbool voor de toenemende vriendschap tussen de hoofdpersonages. Vermeire is een talent dat met dit eerste werk meteen blijk geeft van metier, visie én een grote gevoeligheid.

Geert De Kockere (tekst) Kaatje Vermeire (ill.)

De vrouw en het jongetje

De Eenhoorn, Wielsbeke, 32 p., 16,75 euro. (5+)

Taal kan een spannend spel zijn

Poëziebundels voor jonge kinderen zijn niet dik gezaaid maar Riet Wille (in het 'gewone leven' ook logopediste) maakt er haar specialiteit van. In het geval van haar nieuwe bundel is 'poëzie' een wat misleidend woord: het draait hier vooral om versjes en om taalplezier, om de muzikaliteit van klank en rijm. Wille vond dit keer vooral inspiratie in 'handen' en alles wat daar zoal mee samenhangt: liften, poppenkast spelen, handschoenen dragen, kietelen, in je neus peuteren... je voelt dat Wille vaak met kinderen te maken krijgt en goed heeft geobserveerd. De versjes blijven net iets te vaak hangen bij pure registratie van herkenbare situaties, weliswaar gekruid met ritme, rijm en af en toe een onverwachte beeldspraak. Soms zit er ook een zoekspelletje tussen, of een woordraadsel, waardoor het allemaal een beetje interactief wordt. Ongetwijfeld leuk materiaal om kleine kinderen te doen aanvoelen dat taal ook een spannend spel kan zijn. Maar Willes gedichten zijn meestal op hun best in symbiose met de inventieve stempel- en druktechnieken van Vervaeke. Dan ontstaat er zoiets als 'visuele poëzie' en voegt het beeld of de typografie een extra dimensie toe aan de concrete gedichtjes. Ook de keuze voor slechts twee kleuren, zwart en een zacht groen, werkt wonderwel: het oogt fris en maakt de bundel nergens overladen.

Waarom mijn handen... charmeert dankzij de bescheidenheid en de uiterst delicate vormgeving, maar een kritischer selectie (een strengere eindredactie?) had hier naar mijn gevoel zeker niet misstaan.

Riet Wille (tekst)

Geert Vervaeke (ill.)

Waarom mijn handen geen schoenen willen

Lannoo, Tielt, 78 p., 14,95 euro. (6+)

Tekeningen vol expressie en spankracht

In 1928 schilderde de Vlaamse expressionist Edgard Tytgat Prologue d'un amour brisé, een werk dat zelfs voor Tytgatkenners altijd een raadsel is gebleven. Het is een nogal surrealistisch doek, van een vrouw wier linkerbeen wordt geamputeerd terwijl haar man haar tracht te troosten. De Kockere en Vandenabeele waren blijkbaar sterk geïntrigeerd door dit schilderij want het diende als inspiratiebron voor hun Voorspel van een gebroken liefde.

Net als bij De vrouw en het jongetje moet ook hier de tekst van De Kockere zwichten voor de tekeningen; al zitten er wel enkele leuke vondsten en dito frases in: "het was geen coup de foudre/ geen overrompelend gevoel/ geen vuur en vlam/ het was gaandeweg gegroeid/ zoals ook viooltjes groeien/ eerst de bladeren, later de bloem/ eerst de groei, dan de bloei." Maar het zijn toch vooral de houtsnedes van Vandenabeele die alweer - na parels als Rood rood rood kapje en Mijn schaduw en ik - veel bewondering afdwingen en aan dit vreemde verhaal een grote expressieve kracht geven. Ze laat idyllische taferelen van een wandelend verliefd paar in felle kleuren afwisselen met litho's die telkens uit overwegend geel en zwart bestaan. Wat we daarop zien, is niet altijd goed te vatten, ze weerspiegelen de donkere gedachten en verborgen angsten van de vrouw. Die tweeledigheid geeft een mooi ritme en spanning aan het geheel.

Het verhaal doet bij wijlen denken aan de roman On Chesil Beach van Ian McEwan, over twee mensen die (te) graag van mekaar willen houden maar die bepaalde tegenstrijdige gevoelens en verwachtingen onuitgesproken laten. Hun innerlijke beleving van 'samenzijn' is uiteindelijk te verschillend om echt samen te kunnen blijven. Een complex psychologisch gebeuren, waarbij er, vooral voor de vrouw, een zekere dreiging uitgaat van de seksuele aantrekkingskracht. In die zin is dit toch eerder een prentenboek dat zich tot volwassenen richt. Jammer dat de tekst nooit eenzelfde spankracht en gelaagdheid bezit als de illustraties.

Geert De Kockere (tekst)/Isabelle Vandenabeele (ill.)

Voorspel van een gebroken liefde

De Eenhoorn, Wielsbeke, 32 p., 17,50 euro. (10+)

Veel meer dan een avonturenverhaal

Het vraagt enig doorzettingsvermogen, want een kleine 350 pagina's is niet niks, maar je wordt er ruimschoots voor beloond. De jonge Franse debutant Timothée de Fombelle heeft een boek geschreven dat alles in huis heeft om uit te groeien tot een ware klassieker.

Tobie Lolness is een held van anderhalve millimeter die tot het boomvolk behoort, dat sinds het begin der tijden in de reuzeneik woont. Zijn vader, Sim Lollness, is wetenschapper en uitvinder en doet op een dag een revolutionaire ontdekking. De boomgemeenschap vraagt dat hij zijn geheim onthult omdat ze ervan overtuigd is dat ze op die manier haar leven kan verbeteren. Maar Tobies vader weigert om ethische redenen. Sindsdien is zijn gezin van de Kruin verbannen naar de Ondertakken, wordt het later gevangen genomen en zelfs ter dood veroordeeld. Enkel Tobie weet te ontsnappen, en stelt alles in het werk om zijn ouders te redden...

Het boek begint op een cruciaal moment, wanneer Tobie zich schuil moet houden om aan zijn belagers te ontkomen. Verborgen in een boomschors denkt hij terug aan hoe het zover is kunnen komen, en aan de hand van flashbacks rollen we met hem meer en meer in het verhaal. De Fombelle speelt voortdurend met dat heen en weer reizen in de tijd, en slaagt er op die manier meesterlijk in om de lezer bij de les te houden. Maar Tobie Lolness is meer dan een avonturenboek, het is ook een vernuftige allegorische roman. Het boomvolk staat uiteraard voor de mensheid en de gevaren die de boom bedreigen refereren duidelijk aan de klimaatwijzigingen. Maar ook andere maatschappelijke problemen passeren de revue: machtsmisbruik, klassenverschillen, kapitalisme, interculturaliteit... het wemelt van de ideeën. En van de emoties, want de Fombelle laat ons moeiteloos meeleven met die piepkleine, dappere Tobie en weet te ontroeren door de prille verliefdheid die hij koestert voor de mysterieuze Elisha. En dit alles verteld in hoogst elegante, beeldrijke volzinnen. Een aanrader! (PJ)

Timothée de Fombelle

Tobie Lolness. Op de vlucht

Querido, Amsterdam, 320 p., 16,95 euro. (12+)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234