Vrijdag 28/01/2022

Het overvolle magazijn van Europa

Groot, groter, grootst. De tentoonstelling Het meesterlijke atelier moet het koninginnestuk worden van Europalia, dat deze keer niet aan één land maar aan alle 27 Europese lidstaten is gewijd. Er is geput uit liefst 156 Europese collecties.

door Eric Rinckhout

BRUSSEL l De expo in het Brusselse Paleis voor Schone Kunsten wil met 336 kunstwerken de geschiedenis vatten van de culturele uitwisselingen in Europa tussen de 5de en de 18de eeuw. Het had zowel minder als meer mogen zijn.

Lang voordat Europa een economische en politieke unie werd, hadden kunstenaars en kunstliefhebbers al een cultureel Europa in het leven geroepen. Dat is althans het uitgangspunt van curator Roland Recht, professor aan het Collège de France in Parijs. In Het meesterlijke atelier wil hij dan ook vooral laten zien hoe rondreizende kunstenaars en opdrachtgevers samen met circulerende boeken, prenten en kunstwerken zorgden voor dialoog en uitwisseling van ideeën.

Roland Recht wil terecht een opsomming van de bekende kunststromingen vermijden. Hij laat de expositie beginnen in de vijfde eeuw: het einde van het Romeinse rijk, maar niet het einde van de Grieks-Romeinse invloed. Het is ook het begin van het rijk van Karel de Grote, dat meestal beschouwd wordt als de bakermat van Europa. De expo sluit af in de 18de eeuw: de tijd van vorstelijke verzamelingen en eerste musea. Tijdens die dertien eeuwen gaat het onder meer over de export van retabels, het gedrukte boek, de prentkunst en de belangstelling voor de wereld buiten Europa.

Het meesterlijke atelier toont werk uit 156 Europese collecties en daarbij zitten enkele uitzonderlijke pareltjes die men zelden te zien krijgt zoals het Getijdenboek van Turijn met een miniatuur van Jan van Eyck, het Ierse Book of Dimma uit Dublin, het traktaat over het perspectief van Piero della Francesca en de merkwaardige, vijf meter hoge tekening van de kathedraal van Straatsburg. Er zijn ook regelrechte ontdekkingen te doen: een levensechte leunende man van Nicolaas van Leiden (1465), een pleurant van het graf van Filips de Stoute door de nog altijd weinig bekende Claus Sluter (1404) en een reeks primitief geschilderde werkjes over 'rassenvermenging' uit de Spaanse koloniën.

Edelsmeedkunst, email, retabels, boeken, tekeningen en schilderijen worden door elkaar gepresenteerd, wat voor de nodige afwisseling zorgt. En bovendien kunnen de meeste kunstwerken in de vitrines van alle kanten bekeken worden, waardoor sculpturen hun driedimensionaliteit behouden.

Tot zover het goede nieuws. Helaas schort er een en ander aan deze expositie. Er is te veel te zien: 336 kunstwerken zijn een nauwelijks te behappen overvloed die alleen maar tot blindheid leidt. Het verhaal had met de helft van de werken ook verteld kunnen worden. Bovendien zijn de objecten uitgestald in lange, doorlopende vitrines: ze liggen op 'democratische' wijze naast elkaar maar het risico bestaat dat de bezoeker op argeloze wijze aan sleutelwerken voorbijgaat zoals het anatomieboek van Vesalius en de nieuwe bijbel van Luther. Er wordt te weinig reliëf aangebracht, de expo blijft te veel een magazijn van objecten.

Dit gevoel wordt nog versterkt door de 'anonimiteit' van de werken:nergens zijn labels aangebracht, elk werk krijgt een getal, alle informatie staat in een bezoekersgids. Het heen en weer bladeren en opzoeken is niet alleen vermoeiend, in de meeste zalen is er bovendien te weinig licht om goed te kunnen lezen. Dat wordt problematisch als er veel bezoekers zijn.

Er is dus te veel te zien en, paradoxaal, eigenlijk niet genoeg. Want het volstaat niet om in een gids te wijzen op 'Byzantijnse invloed', een vergelijking te maken met iconen of te zeggen dat Rubens door Michelangelo werd beïnvloed zonder dat ook te tonen.

Niet in de laatste plaats draagt deze tentoonstelling een wel erg rooskleurige visie op de Europese geschiedenis uit. Het meesterlijke atelier is blind voor de vele oorlogen en vervolgingen die het continent tussen de 5de en de 18de eeuw hebben geteisterd: kruistochten, inquisitie, boekverbranding, index, contrareformatie, pogroms, de honderdjarige oorlog en de kolonisering van de wereld. Volgens Het meesterlijke atelier lijkt Europa een soort cultureelpretpark te zijn geweest waar ideeën en mensen constant vrij konden circuleren. Kunstenaars en wetenschappers hebben hun vrijheid vaak moeten bevechten, kunstenaars en wetenschappers hebben ook ten dienste gestaan van kerk, koning en kapitaal. Maar rond die problematiek loopt de tentoonstelling in een wijde boog omheen.

Het meesterlijke atelier vanaf vandaag tot 20 januari in Paleis voor Schone Kunsten, Ravensteinstraat 23, Brussel. Dagelijks 10-18u., donderdags tot 21u. www.europalia.eu.

De tentoonstelling draagt een wel erg rooskleurige visie op de Europese geschiedenis uit

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234