Zaterdag 08/05/2021

Het orkest van de hoop

In het Midden-Oosten staan ze tegenover elkaar. Hier, in het orkest, spelen ze dezelfde partituur. Het West-Eastern Divan Orchestra van Daniel Barenboim bewijst al zeven jaar dat Joden en Arabieren samen tot schitterende zaken in staat zijn. Op 22 augustus laten ze dat ook zien in het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel. De Morgen woonde in Spanje de repetities en de eerste concerten bij, sprak met de muzikanten en met Barenboim. 'Wat nu gebeurt, is collectieve zelfmoord.'

Door Rudy PIETERS

Het Midden-Oosten is zijn muziek verloren. In mijn hotelkamer in Sevilla zie ik televisiebeelden van Israëlische vluchtelingen in tenten op het strand, van Libanezen die hun doden ten grave dragen, terwijl vlakbij nieuwe bommen ontploffen. Een uur later zit ik voor een podium waarop Israëlische en Arabische jongeren dezelfde partituur spelen. De violiste lacht even naar haar buurman wanneer ze beiden de noot precies datzelfde crescendo geven. Het klinkt alsof daarbuiten niets aan de hand is. "Niet slecht, in elk geval veel beter dan oorlog", zegt dirigent Daniel Barenboim tot besluit van de repetitie.

De 42 Israëlische, 27 Arabische en 22 Spaanse jongeren - de oudste is 29 - vormen samen het West-Eastern Divan Orchestra, een poging van de Argentijns-Israëlische Barenboim om het Midden-Oosten zijn muziek terug te geven. Twee weken wonen en repeteren ze nu al in een voormalig seminarie in Pilas, een dorp net buiten Sevilla. In het auditorium, in de eetzaal, in de slaapvertrekken, overal zijn ze samen, ook al hebben ze misschien vrienden of familie in het leger of in de militie die het gebied van de buurjongen of het buurmeisje aanvalt.

"Ik heb al in andere orkesten gespeeld maar je kunt het absoluut niet vergelijken met wat hier gebeurt", zegt trompettist Bassam Mussad (21), een in Soedan geboren Egyptenaar die nu in de Verenigde Staten woont. "In andere orkesten gaat iedereen na de repetitie naar huis. Hier leef je twee weken lang met elkaar samen, en nadien is er de drie weken durende tournee. Natuurlijk wordt er over politiek gepraat en natuurlijk zijn er meningsverschillen, maar hier maak je vrienden. Ik heb musici leren kennen die ik zeker nog terug zal zien."

Voor Daniel Barenboim, een van de voornaamste dirigenten ter wereld, is een orkest een model voor de samenleving. Wie wil meedraaien in een orkest moet zich kunnen uitdrukken en tegelijkertijd luisteren naar wat de anderen spelen. "Intelligent in een orkest spelen, is de beste les in democratie", zei hij ooit. "Het is zoals de hobo's in een symfonie van Brahms. Acht maten lang luistert de hele wereld naar je, de negentig mensen in het orkest volgen je overal. Maar als je klaar bent, moet je terug naar de maatschappij."

Barenboim is ervan overtuigd dat muziek grenzen sloopt en mensen dichter bij elkaar brengt. Omdat de partituur haar uitvoerders op gelijke voet behandelt, zegt de pianist-dirigent. "Voor een symfonie van Beethoven zijn ze allemaal gelijk." En in zo'n situatie kan een echte dialoog ontstaan, een dialoog die alles verandert. "Zodra je het erover eens bent over hoe je een bepaalde noot speelt, kun je elkaar niet langer op dezelfde manier zien." Maar Barenboim maakt zich geen illusies, de violen zullen de tanks niet stoppen. Met zijn orkest wil hij alleen tonen dat dialoog mogelijk is in het Midden-Oosten. "Ons project mag dan de wereld niet veranderen, het is een belangrijke stap voorwaarts."

Het West-Eastern Divan Orchestra ontstond in 1999 in Weimar, toen culturele hoofdstad van Europa. Barenboim bedacht het samen met zijn goede vriend Edward W. Said, de ondertussen overleden Palestijnse literatuurwetenschapper die zijn westerse collega's graag de mantel uitveegde over hun kijk op het Oosten. De naam haalden ze bij Goethe. 'West-östlicher Divan' is de titel van een gedichtencyclus waarin de Duitser zijn liefde voor de oosterse literatuur bezingt, vooral voor de 'Divan' (Arabisch voor een verzameling gedichten) van de veertiende-eeuwse Perzische dichter Hafiz. "Goethe was een van de eerste Duitsers die echt geïnteresseerd waren in andere landen. Hij begon nog Arabisch te studeren toen hij de zestig al voorbij was", zegt Barenboim.

Dat het orkest zo succesvol zou worden hadden Barenboim en Said nooit durven te dromen. Voor die eerste editie in Weimar hadden ze hooguit een twaalftal jongeren verwacht; van Arabische kant alleen al dienden zich tweehonderd kandidaten aan. Sindsdien is er elke zomer een workshop, telkens een nieuw orkest, al heeft ongeveer de helft van de jongeren al vorige edities meegemaakt. Sinds 2001 vinden de workshops in Pilas plaats. De socialistische regioregering van Andalusië richtte daartoe de Fundación Barenboim-Said op, een stichting die het orkest financiert en daarnaast concerten, lezingen en opleidingen organiseert en Palestijnse projecten voor muziekonderwijs steunt. Het lag bijna voor de hand: Al-Andalus, het gebied waar moslims en Joden eeuwenlang samenleefden, is nu de thuisbasis van dit interculturele orkest.

Na elke workshop willen de muzikanten de wereld tonen wat hun dialoog heeft opgeleverd. Ze traden al op in de beste zalen van Europa en de Verenigde Staten. In 2003 gaven ze in Rabat hun eerste optreden in een Arabisch land. Vorig jaar was Ramallah aan de beurt, in het hart van de Palestijnse gebieden. "Tachtig procent van het orkest - en ik overdrijf niet - stond te huilen op het eind", zegt pr- verantwoordelijke Javier Briongos. "Een heel emotioneel concert. Het was het eind van de tournee en het was in Ramallah. Het is precies een van de belangrijkste doelstellingen van het orkest om in die gebieden te kunnen spelen." Het concert was verre van vanzelfsprekend. Doordat de vele checkpoints 's avonds sluiten, moest een deel van het publiek nog voor het eind van het concert de zaal verlaten. "Om voor de muzikanten problemen te vermijden, had Spanje diplomatieke paspoorten uitgereikt aan het hele orkest", zegt Briongos. "Dus gedurende enkele dagen hadden alle musici dezelfde nationaliteit. Normaal gebeurt zoiets niet, maar de Spaanse regering steunt dit project enorm en heeft daarom een uitzondering gemaakt."

De nieuwe tournee, die het orkest onder meer naar Brussel brengt en in La Scala van Milaan eindigt, begint in Sevilla. De Plaza de Toros is helemaal volgelopen en hoort hoe het Divan, aangevuld met een Baskisch koor, Beethovens Negende speelt. Boven het dak van de arena torent de Giralda uit, de kathedraaltoren die ooit een minaret was. Na de 'Ode an die Freude' barst het applaus los. Bijna 10 minuten duurt de ovatie, aangevuurd door ritmisch sevillanageklap. Barenboim gaat tussen zijn muzikanten staan, de les in democratie geldt ook voor hemzelf.

Maar steeds loert de oorlog om de hoek. Dat zie je alleen al aan de afwezigheden: door de nieuwe uitbarsting van het geweld is bijna niemand van de Syrische en Libanese muzikanten naar Sevilla kunnen komen. En bij wie er wel is, ligt de zaak uiterst gevoelig. Ik hoef niet eens diep te graven als ik daags na het openingsconcert de muzikanten in Pilas opzoek. Een gemeenschappelijke verklaring die het publiek in de Plaza de Toros tussen zijn programmaboekje vond, blijkt heel wat voeten in de aarde te hebben gehad. "We geloven in twee absoluut noodzakelijke politieke ideeën", staat er. "Er is geen militaire oplossing voor het Israëlisch-Palestijnse conflict; de lotsbestemmingen van het Israëlische en Palestijnse volk zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, ze moeten vreedzaam naast elkaar bestaan op hetzelfde grondgebied. Het gaat helemaal tegen onze overtuiging in dat de Israëlische regering levensnoodzakelijke infrastructuur in Libanon en Gaza vernietigt, waardoor een miljoen mensen hun huizen moeten verlaten en er veel slachtoffers vallen bij burgers, en dat Hezbollah in het wilde weg burgers in het noorden van Israëlisch bombardeert."

"Er is niet zoveel over politiek gepraat tijdens deze workshop, dat is pas enkele dagen geleden echt begonnen, toen de maestro ons de verklaring voorlegde", zegt Noa Ayali, een achttienjarige celliste uit Israël. "Sommigen voelden zich gekwetst door de tekst, vooral de Israëli's, die hadden het moeilijk met de passage waarin de acties van Israël worden veroordeeld. Er is toen een discussie geweest, er werd voorgesteld de woordvolgorde te veranderen. Dat is uiteindelijk niet gebeurd. Er werd een stemming gehouden maar het was allemaal heel verwarrend. Uiteindelijk hebben we allemaal getekend, ook ik, maar het zit me niet lekker, en ik kan je verzekeren dat dat bij verscheidene andere Israëli's ook zo is. We vinden dat veel te weinig duidelijk wordt gemaakt dat de Israëli's lijden. En we vinden dat ons land zichzelf mag verdedigen. We moeten ons daar niet voor verontschuldigen."

Ayali woont vlak bij Libanon. "De grens ligt op 20 minuten rijden. Mijn familie is enkele dagen moeten vluchten voor de raketaanvallen, maar ze is nu terug. Waar wij wonen, is het nog redelijk veilig, het ligt tamelijk beschermd, er zijn veel Arabische dorpen in de buurt. Maar toch, het was bijzonder vreemd om in die situatie naar hier te komen. En hier is het alsof er niets aan de hand is. We volgen alle dagen het nieuws via internet en het is alsof we ons hier niet in de echte wereld bevinden. Het lijken twee totaal verschillende zaken, die niks met elkaar te maken hebben."

Wat verder in de tuin zit de Palestijnse altviolist Ramzi Aburedwan (25) bij een doos dvd's. Ze zijn van Al Kamandjâti (Arabisch voor 'de violist'), een Frans-Palestijnse vereniging die geld en muziekinstrumenten inzamelt (onder meer in samenwerking met het Belgische Music Fund, een initiatief van het Ictus Ensemble en Oxfam Solidariteit) om kinderen muziekles te kunnen geven, vooral in de vluchtelingenkampen in Palestina en Libanon. Aburedwan is in Bethlehem geboren maar zijn hele jeugd heeft hij in het vluchtelingenkamp Al-Amari in Ramallah gewoond. "Tienduizend mensen op 1 vierkante meter, en dat is dan nog een van de kleinere kampen. Het is verschrikkelijk om daar te wonen. Voor de kinderen is daar niets."

De muziek hielp hem te ontsnappen. Hij kreeg een vioolopleiding en kon daardoor in 1998 naar Frankrijk om verder te studeren. Met zijn vroegere Franse studiegenoten heeft hij nu Al Kamandjâti opgericht. "Om die kinderen daar een kans te geven. We kunnen niet blijven wachten op de politieke beslissingen. We moeten nu meteen met de Palestijnen aan de slag om hun zo vruchtbare culturele leven weer op te bouwen. Het is belangrijk de kinderen de kans te geven mee te helpen bij de constructie van de culturele toekomst van Palestina. Dat is de beste garantie dat onze identiteit bewaard blijft."

Hij heeft tijdens deze workshop al een pak dvd's verkocht aan zijn collega's. "Ook aan Israëli's. Ik had vijftig dvd's mee en ik ga ze alle vijftig verkopen", lacht hij. Maar dan wordt hij meteen ernstig: "Ja, er waren momenten van spanning. Ze zijn zo gemanipuleerd door hun media. Ze zijn zo overtuigd van hun gelijk. Ik hoop dat ik er hen van heb kunnen overtuigen dat een militair conflict niet de oplossing is." Ook hem viel het ondertekenen van de verklaring zwaar. "Ik ben het helemaal niet eens met de passage waarin kritiek wordt gegeven op Hezbollah. Dat wil niet zeggen dat ik het doden van burgers verdedig, maar ik ga niet akkoord met de kritiek op bewegingen die zich verzetten tegen de bezetting van een territorium. Eén maand lang bombardeert Israël Gaza en niemand die iets zegt. De Europese Unie niet, de Verenigde Staten niet, de Arabische landen niet. Vrede is alleen mogelijk als men van dezelfde basis vertrekt, en dat is nu zeker niet het geval. Ofwel gelijkheid, ofwel niets. Dat is ook de titel van een boek van Edward Said: Israël-Palestine, l'égalité ou rien."

De standpunten liggen soms mijlenver uit elkaar. Maar dat is geen probleem voor Barenboim: ze hoeven het niet eens te worden, als ze maar praten, luisteren naar het verhaal van de ander en aanvaarden dat dit verhaal legitiem is. "We waarderen elkaar maar de gevoelige punten blijven natuurlijk", zegt Noa Ayali. "Gesprekken worden soms heel emotioneel. En dan neem ik gas terug. Als ik voel dat het te veel wordt, stop ik. Niet om het onderwerp te ontwijken maar om de zaken niet op de spits te drijven. Het goede is dat je er ondanks die spanning tenminste over kunt praten hier." "Ik ben naar hier gekomen om een echte dialoog te zoeken", hoor ik ook van Ramzi Aburedwan. "Ik had vóór deze workshop nog nooit contact gehad met een Israëli. De enige Israëli's die ik al ontmoet had, waren soldaten. Dit project is daarom een klein element dat tot de vrede kan bijdragen. En het geeft hoop dat iemand als Barenboim zich daarachter zet."

Barenboims eigengereidheid en ongezouten uitspraken hebben ertoe geleid dat elk jaar meer journalisten als bijen om dit orkest zwermen. Net zomin als Edward Said schuwt Barenboim de polemiek. In 2001 speelde hij met zijn Staatskapelle Berlin de ouverture van Tristan und Isolde op het eind van een concert in Jeruzalem. De ongeschreven regel dat je in Israël geen Wagner uitvoert, lapte hij zonder verpinken aan zijn laars. ("Ik vind niet dat we ons door Hitler en zijn aanhangers moeten laten tegenhouden om Wagners muziek te spelen en ze te beluisteren alleen omdat ze er iets in zagen wat hen maakte tot wat ze waren.") Met zijn concert in Ramallah vorig jaar trapte hij opnieuw heel wat mensen op de tenen.

Maar de maestro zelf te pakken krijgen voor een interview is niet eenvoudig. Dit is geen symbolisch project - even wat Joden en Arabieren samen zetten, ze een viool in de hand stoppen en dan 'kijk eens, wij schieten niet op elkaar' roepen. Barenboim eist het maximale van zijn musici, is alleen tevreden met een internationaal niveau, werkt zoals hij met zijn andere toporkesten werkt. Het is precies die hoge kwaliteit die moet aantonen waartoe de dialoog kan leiden. Het werkschema is daarom bijzonder zwaar, van 's morgens tot 's avonds wordt gerepeteerd, en nu dertien concerten in drie weken.

Bovendien is Barenboim een perfectionist, die zich met van alles en nog wat bemoeit, zelfs met de manier waarop zijn muzikanten het podium opkomen. Driemaal zie ik het interview zo op het laatste moment sneuvelen. Uiteindelijk moet ik hem achterna reizen naar Madrid, waar het Divan een gratis optreden geeft op de Plaza Mayor. Net vóór het concert heeft de maestro eindelijk tijd. Ik vraag hem wat bij zijn muzikanten vooral veranderd is als ze weer naar huis gaan. "Een beter begrip van de ander", antwoordt hij. "Dat is niet alleen wat ik hoop maar ook wat ik zie. Ik zag hoe sommige Israëli's en Arabieren vorig jaar niet naar Ramallah wilden. Toen ze uiteindelijk toch geweest waren, waren ze zo dankbaar dat ze het gedaan hadden."

De oorlog in Libanon heeft een zware schaduw over deze workshop gelegd. Net bij het begin van de repetities kwamen in één klap zestien kinderen om in Kana. Op welke manier beïnvloedt dat de workshop?

Daniel Barenboim: "Al die gebeurtenissen hebben een invloed. Vergeet niet dat de workshop uit Israëli's, Palestijnen en andere Arabieren bestaat. Als er een conflict is, als er gevochten wordt, dan raken die gebeurtenissen hen allemaal. Vooral als het gaat om de vernietiging van levensnoodzakelijke infrastructuur, gevolgd door raketten die op Haifa worden afgevuurd. Als onschuldige mensenlevens bij honderden, bij duizenden nu al, worden vernietigd, dan is dat iets verschrikkelijks om mee te leven. Niet dat het leven van een soldaat minder waard is dan dat van een burger, maar het is zijn taak om te vechten. Mensen moeten hun huizen verlaten en moeten schuilen en op sommige plaatsen zijn geen schuilkelders. Er is zoveel menselijke ellende dat dit iedereen raakt omdat iedereen daarvandaan komt. Het verandert de repetities niet, de muziek klinkt hetzelfde, maar het heeft natuurlijk een impact op de discussies buiten de repetities."

Muzikanten die al vorige workshops meemaakten, vertelden me dat er dit jaar minder discussies zijn. Een gevolg van de oorlog in Libanon, denken ze: men kijkt uit met wat men zegt.

"Ik ben het daar niet mee eens. Misschien voelen ze dat zo aan omdat er andere jaren meer discussies gepland waren: er stonden symposia op de agenda, Felipe González is bijvoorbeeld komen spreken. Dit jaar hebben we dat niet gedaan, omdat er op muzikaal gebied zoveel meer werk aan de winkel was. De nadruk ligt meer op de muzikale voorbereiding, eenvoudigweg door het aantal werken dat we dit jaar uitvoeren. Het is de eerste keer dat we twee verschillende programma's hebben van echt moeilijke stukken. De Negende symfonie van Beethoven is geen klein werkje."

Sommige jongeren hadden het moeilijk met de verklaring die het orkest over de oorlog in Libanon heeft verspreid.

"Kijk, dit orkest is een democratische gemeenschap. Als er in een democratische gemeenschap een stemming plaatsvindt en negentig zijn voor en zes zijn tegen dan is de zaak gesloten. Die zes die tegen hebben gestemd, het spijt me voor hen, maar dat is hoe een democratie werkt. Op dezelfde manier hebben we vorig jaar de beslissing genomen of we al dan niet naar Ramallah zouden gaan. Toen we Wagner wilden spelen in Israël hebben we ook gestemd."

Er wordt veel over politiek gepraat, maar u zegt nadrukkelijk dat dit geen politiek project is. Toch wilt u tonen dat er een andere manier van politiek denken mogelijk is.

"Het is geen andere manier van politiek denken, het is een manier om te overleven! Want we gaan dit niet overleven! Wat nu gebeurt, is collectieve zelfmoord, zelfmoord voor Israël, zelfmoord voor de Palestijnen, zelfmoord voor het Arabische secularisme. Wat wij doen, is de maatschappij tonen wat mogelijk is, via de kwaliteit die we hier hebben."

In de hoop dat de maatschappij het oppikt. Op de een of andere manier wilt u toch een verschil maken met dit orkest.

"Het pretendeert niet een politieke impact te hebben. Men noemt dit project vaak zeer flatterend een dialoog voor vrede en dat soort zaken. Ik weet niet of het een dialoog is, ik hoop van wel, maar meestal wordt die zin dan gevolgd door de bedenking dat het zeer naïef is van mij als kunstenaar om te denken dat het iets kan veranderen.

"Het spijt mij, het zijn juist de mensen die al zestig jaar denken dat je het conflict alleen militair kunt oplossen die naïef zijn. Ik ben misschien naïef, maar dat is nog niet bewezen. Van hen is wel bewezen dat ze naïef zijn: na zestig jaar is het conflict nog altijd niet opgelost en het wordt elk jaar erger. Een militair ingrijpen kan geen optie zijn, zeker niet daar, omdat het geen conflict is tussen twee landen. Stel je een conflict voor tussen twee verschillende landen, bijvoorbeeld tussen België en Nederland: op het eind heeft er een gewonnen, hij heeft territorium veroverd, en de ander is de verliezer. Maar wat doe je als je binnen je eigen landsgrenzen oorlog voert? Dit is een conflict tussen twee volkeren in hetzelfde land. En dan is geen militaire oplossing mogelijk, moreel niet en ook strategisch niet. De Palestijnen hebben niet de kracht om militair te winnen en ook het Israëlische leger zal er nooit in slagen te winnen. In deze oorlog zijn maar twee mogelijkheden: ofwel zijn er twee winnaars, ofwel twee verliezers. En dat hebben de mensen in die regio niet begrepen."

Is het niet frustrerend dat u hier nu al zeven jaar Joden en Arabieren samen ziet werken, terwijl daarbuiten het geweld gewoon doorgaat? Maakt het contrast het allemaal niet nog pijnlijker?

"Ook zonder het project is het frustrerend. Anderzijds toont het steeds meer dat een oplossing mogelijk is."

De vraag is of er ook buiten het orkest mensen zijn die dat inzien.

"Sommige mensen, ja."

Mensen op belangrijke plaatsen, mensen die een verschil kunnen maken?

"Ik denk het wel, ja."

U blijft dus optimistisch?

"Ik ben zeer pessimistisch op korte termijn, maar optimistisch op lange termijn."

Weinige ogenblikken later staat Barenboim voor meer dan tienduizend Madrilenen Beethoven te dirigeren alsof de vrede ervan afhangt. Zijn Joodse en Arabische muzikanten vullen de Plaza Mayor met hun gezamenlijke ode aan de vreugde. "Alle Menschen werden Brüder", zingt het koor. Het is dan 9 augustus. Aan de andere kant van de Middellandse Zee, zo vlakbij, weerklinkt op dat moment alleen het cynische geluid van de bommen.

Ik ben naar hier gekomen om een echte dialoog te zoeken. Ik had vóór deze workshop nog nooit contact gehad met een Israëli. Dit project is daarom een klein element dat tot de vrede kan bijdragen

Daniel Barenboim:

Vaak zegt men dat het naïef is als kunstenaar te denken dat dit project iets kan veranderen. Het spijt mij, de mensen die al zestig jaar denken dat je het conflict alleen militair kunt oplossen, die zijn naïef

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234