Dinsdag 11/05/2021

AchtergrondCoronavirus

Het mysterie achter ‘de covidgeur’ ontrafeld: ‘Je hoort hier niets over in het nieuws, maar dit is nog erger dan niets ruiken’

null Beeld Sven Franzen
Beeld Sven Franzen

Clementines met een uiengeur of de lichaamsgeur van de partner die plots walgelijk ruikt. Dat Covid-19 reukverlies kan veroorzaken, wisten we al. Maar ongeveer 10 procent ruikt ook ‘foute’ geuren. En dat heeft grote gevolgen.

“Je kunt het vergelijken met een muziekorkest waarbij verschillende instrumenten nog niet meedoen of niet voldoende gestemd zijn”, schrijft Laura Alteveer-Ramakers (41), uitbaatster van een yoga-massagesalon in het Nederlandse Weert, in een van de Facebook-groepen waar parosmiepatiënten bij elkaar steun vinden. Parosmie is een geurstoornis waarbij de reukzenuwen in de neus de signalen fout doorgeven aan de hersenen. Een patiënt krijgt dus wel geuren binnen, maar die matchen niet met hoe ze zouden moeten ruiken.

Laura raakte midden november besmet met het coronavirus en verloor vrijwel meteen haar smaak- en reukzin. Twee maanden geleden kwamen er met mondjesmaat weer geuren binnen. Maar die ‘klopten’ niet. “Ineens begonnen mijn hersenen me te foppen”, zegt ze. “Koffie, wijn, ui, knoflook, poetsmiddel, alles met menthol, uitlaatgassen, douchegel, sommige soorten fruit en groenten. Het ruikt voor mij allemaal hetzelfde: een penetrante, chemische lucht.”

Ook andere patiënten klagen over vaak vieze, maar vooral vreemde geuren. Clementines die eerder een uiengeur hebben, de badkamer die ruikt naar bedorven voedsel of de koelkast die een rioolgeur lijkt te verspreiden. Sommigen kunnen de geur van hun favoriete parfum niet van een fles afwasmiddel onderscheiden. En velen ruiken iets wat ze helemaal niet herkennen en wat ze dan maar ‘de covidgeur’ noemen.

‘Erger dan niets ruiken’

“Je hoort hier niets over in het nieuws”, zegt Anna in een Facebook-post. Zij werkt in de zorg en ruikt al vier maanden vreemde dingen. “Iedereen heeft het over vermoeidheid en smaak- en geurverlies. Dat heb ik ook gehad en dat was knap lastig. Maar geloof me, dingen fout ruiken is nog erger dan niets ruiken.”

Het zijn getuigenissen die neus-keel-oorarts Anne-Sophie Vinck maar al te goed kent. Samen met dokter Bob Lerut leidt ze het Reuk- en Smaakcentrum van het AZ Sint-Jan in Brugge. Dat werd in 2014 opgericht en groeide uit tot de referentie op vlak van behandeling van geur- en smaakstoornissen.

Reukstoornissen na het doormaken van een virale bovenste luchtweginfectie doken voor corona ook al op. Nu gebeurt dat veel frequenter, door het coronavirus. Ongeveer 40 tot 60 procent van de covidpatiënen heeft last van geur- en smaakstoornissen. Bij 90 procent is dat na ongeveer een maand weer voorbij, vaak zelfs binnen de eerste week. Bij ongeveer 10 procent duurt het veel langer. Zij komen in het centrum terecht. Een groot deel van hen ontwikkelt parosmie.

In paniek

Meestal begint het met anosmie, het volledig wegvallen van de geurzin. Na enkele weken tot maanden treedt vervolgens parosmie op, het ruiken van foute of vreemde geuren. Al kan parosmie na covid ook optreden zonder dat er eerst volledig geurverlies was. In zeldzame gevallen kan het zelfs het enige symptoom zijn van een covidbesmetting.

“We zien dat patiënten soms helemaal in paniek schieten”, zegt dokter Vinck. “Eerst roken de meesten niets. En plots komen er wél geuren binnen en zijn die vreemd. Maar eigenlijk is er geen reden tot paniek. Parosmie is in vele gevallen een logische evolutie in het hele proces en vooral een teken van herstel. Alleen weten de meeste patiënten dat niet.”

Het is een teken dat de reukreceptoren, die zich bovenaan in de neus bevinden, zich aan het herstellen zijn. Die doen dat niet allemaal tegelijk in dezelfde mate. Om een geur te detecteren heb je vaak verschillende receptoren nodig. En dus kan het in het herstelproces voorkomen dat de hersenen over bepaalde geuren maar een deel van de informatie binnenkrijgen, waardoor ze de geur niet kunnen plaatsen.

In het Geur- en Smaakcentrum horen ze vaak dat de geur van koffie en ontlasting anders ruikt dan voorheen, iets wat ondersteund wordt door andere collega’s, die dezelfde bevindingen van hun patiënten horen. Vinck. “Patiënten zeggen ons bijvoorbeeld dat ze de koffie wel ruiken. Met eenzelfde intensiteit als voordien, het gaat dus niet om een zwakke geur. Alleen ruikt de koffie niet naar koffie. Vaak omschrijven patiënten wat ze ruiken als ‘een chemisch aandoende geur’. Wellicht omdat ze niet echt kunnen definiëren wat ze precies ruiken.”

Er blijkt ook geen enkele relatie te zijn tussen de ernst van de covidinfectie en de mate waarin reukverlies optreedt en hoe het herstel nadien verloopt. We weten nog altijd niet wie zal herstellen en in welke mate.

Parosmie is bovendien maar een van de mogelijke nawerkingen van volledig reukverlies of anosmie. Patiënten krijgen soms ook met hyposmie te maken: daarbij kun je nog ruiken, maar minder intens. En ook kakosmie, waarbij je voortdurend een slechte geur ruikt zonder dat er geuren hoeven te zijn of zonder dat je aan iets specifieks ruikt.

Gevolgen

Niet de juiste geurervaring binnenkrijgen, kan grote gevolgen hebben. In The New York Times getuigden onlangs twee vrouwen over hoe hun parosmie de relatie met hun partner bemoeilijkt. Samanta LaLiberte kan niet tegen haar eigen lichaamsgeur. Douchen helpt niet, de geur van douchecrème en shampoo maakt haar ziek. Ook haar man, met wie ze acht jaar is getrouwd, heeft voor haar nu plots een misselijkmakende geur. Dat leidt ertoe dat er al maanden van enige intimiteit geen sprake meer is.

Ook Jessica Emmet getuigt in de Amerikaanse krant dat ze niet meer spontaan kan kussen met de man met wie ze bijna twintig jaar samen is. “Het voelt alsof mijn adem altijd erg ranzig ruikt”, vertelt ze. “Voor ik mijn man aanraak, moet ik eerst mijn tanden poetsen en mondwater gebruiken. En dan nog heb ik het gevoel dat mijn adem stinkt.”

Beide vrouwen klagen er ook over dat de buitenwereld vaak denkt dat ze overdrijven. Dat is ook wat Roos, een 70-jarige gepensioneerde lerares, ervoer. Zij maakte covid door, was daar enkele weken goed ziek van en verloor haar geurzin volledig. Na enkele weken begon ze misselijk te worden tijdens het koken, haar grote hobby. “Ik weet nog dat ik aardbeien aan het snijden was en dat die roken naar een soort van chemische karamel. Ik kon de geur niet thuisbrengen, maar raakte helemaal in de war en moest prompt overgeven.”

Intussen neemt haar man het koken op zich, maar zeker in de helft van de gevallen leidt wat hij op tafel tovert tot problemen. “In het begin werd hij daar boos om, hij dacht dat ik overdreef”, zegt Roos. “De uren daarvoor is er met mijn maag ook niets aan de hand. Maar dan komt plots die vreselijke geur zo keihard binnen dat ik niet anders kan dan overgeven. Ik ben de voorbije weken al zes kilogram vermagerd, omdat ik nauwelijks iets kan eten.”

Je moet dus ergens een beetje geluk hebben met de geuren waarvoor je parosmie ontwikkelt. Een parfum dat plots vies ruikt kan je nog mijden, maar je eigen lichaamsgeur of die van je partner natuurlijk niet. En etensgeuren zijn ook moeilijk te vermijden, tenzij je kunt vaststellen op welke geur of combinatie van geuren je precies zo sterk reageert.

Het heeft voor heel wat mensen een grote impact op de levenskwaliteit, zegt dokter Vinck. “Je kunt er heel erg onzeker door worden, omdat je bijvoorbeeld niet meer weet hoe je zelf ruikt. Ruik je naar zweet of niet? Het kan mensen ook behoorlijk in de war brengen. Je reukvermogen is een soort van vertrouwensfactor. Je eigen omgeving heeft een vertrouwde geur, waaraan je die kan herkennen. Maar als je partner plots heel anders en geurvreemd begint te ruiken, kan dat heel verwarrend zijn.”

Voedsel labelen

In het Geur- en Smaakcentrum geven ze patiënten heel wat praktische tips over hoe ze die vreemde periode door kunnen komen. Zeker op het vlak van veiligheid. Wie niet ruikt of niet de juiste geur van iets ruikt, kan bijvoorbeeld geen brand- of gasgeur of bedorven voedsel ruiken. Dat maakt patiënten angstig en wantrouwig, maar enkele eenvoudige tips kunnen hen wat meer rust geven. Zoals het labelen van voedsel, of het installeren van brand- en gasdetectoren.

Ook al is parosmie een teken van herstel, wanneer dat uiteindelijk zal optreden is heel moeilijk te zeggen. Het duurt vaak maanden voordat het reukvermogen weer verbetert. En niet bij iedereen komt het weer helemaal goed.

In de tussentijd moeten patiënten vooral geduld oefenen – en reuktraining volgen. Dat houdt in dat de patiënt meerdere keren per dag aan een set van vier geuren moet ruiken, telkens met een neusgat apart. Kwestie van beide reukzenuwen evenveel te trainen. Als de patiënt beterschap begint te merken, raden artsen aan om blind te testen en dus proberen te raden om welke reuk het gaat. Zo kan de verbinding tussen reukorgaan en hersenen verbeteren.

Reuktraining is vooralsnog de enige mogelijke behandeling. Al worden patiënten in het AZ Sint Jan wel eerst grondig onderzocht om zeker te zijn dat er niets anders aan de hand is. Want ook allergie, rhinosinusitis of poliepen kunnen reukstoornissen veroorzaken. “Daarna gaan we aan de hand van reuktests bekijken in welke mate de reuk is weggevallen en of er sprake is van volledige anosmie of eerder hyposmie. We raden aan om hulp te zoeken wanneer het reukverlies langer dan vier weken duurt. Dan is het heel zinvol om met die reuktraining te starten.”

Ook Laura volgt geurtraining. “Ik gebruik ook etherische oliën, doe neusspoelingen met zout, slik vitaminen en ik daag mezelf af en toe uit om toch die cappuccino naar binnen te werken, desnoods met mijn neus dichtgeknepen. Het doet geen pijn, het is niet levensbedreigend, maar wat is het vervelend en wat verlang ik naar een heerlijke koffie, een fris wijntje en een maaltijd met normale smaak. Volgens mijn artsen moet ik geduld hebben. Maar na meer dan vier maanden is dat een grote uitdaging.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234