Dinsdag 05/07/2022

Reportage

Het Luikse wolvencentrum toont aan: we hebben een verkeerd beeld van het dier

Peter Lennertz met twee van zijn wolven. Beeld Marielle van Uitert
Peter Lennertz met twee van zijn wolven.Beeld Marielle van Uitert

De wolf en de zeven geitjes. Roodkapje. The Wolf of Wall Street. De wolf heeft niet bepaald het imago van een poezelige, aaibare huisvriend. En dat is nu juist wat het wolvencentrum in Luik probeert te keren. Zeker nu het wilde dier zich weer helemaal thuis voelt in ons land.

Ann Van den Broek

Nog voor ik ze zie, hoor ik ze. Huilende wolven op de flank van een heuvel. Hun snuit in de lucht, de poten parmantig naast elkaar. Precies zoals in de film. Nooit eerder hoorde of zag ik wolven in het echt. Behalve dan infraroodbeelden van Nala, August en compagnie: bewijzen dat de wolf sinds 2011 weer in het wild voorkomt in ons land.

Even later sta ik de snuit te strelen van Bo, een arctische wolvin die twee jaar geleden in het wildpark op de Duitse Lüneburger Heide geboren werd. En dat voor iemand wier ideale huisdier, welja, géén huisdier is. Hoezo gevaarlijke, allesverslindende, nietsontziende wilde beesten?

De wolven van Peter Lennertz zijn behoorlijk kieskeurig. De een wil het liefst rundsvlees, de ander lust alleen maar paardenvlees en kip. Beeld Marielle van Uitert
De wolven van Peter Lennertz zijn behoorlijk kieskeurig. De een wil het liefst rundsvlees, de ander lust alleen maar paardenvlees en kip.Beeld Marielle van Uitert

“Met het imago van de wolf is het al fout gelopen in de middeleeuwen, gok ik”, zegt Peter Lennertz (69). Samen met zijn vrouw Leny Ritchi (67) runt hij in het dorpje Bilstain, in het uiterste oosten van de provincie Luik, The Wolf Conservation Association, of korter: het wolvencenter. Een educatiecentrum over de wolf waar momenteel veertien dieren verblijven.

Peter: “Hondsdolheid kwam in de middeleeuwen veel voor. En wat doet een hondsdol beest? Dat valt mensen aan. Van een hond kon dat geplaatst worden, dat was een ziek beest, dat straalde niet op zijn soort af. Maar aan de wolf bleef het wel kleven. Ook omdat wolven kadavereters zijn. Wanneer er na een oorlog lijken blijven liggen, zoals in de middeleeuwen natuurlijk weleens gebeurde, dan trof je uiteraard wolven aan die de kadavers zaten op te eten.”

null Beeld Marielle van Uitert
Beeld Marielle van Uitert

Domheid van de mens

Leny somt de gevolgen op. Vertellers die destijds van dorp tot dorp gingen en hun gruwelijke verhaal iedere keer nog wat extra aandikten. Sprookjes waarin de wolf steevast de gebeten hond is. Films waarin de wolf wordt afgeschilderd als een bloeddorstige moordenaar. Tot de anti-wolfsentimenten toe die samen met de terugkeer van de wilde wolf prompt de kop opstaken. “Domheid van de mens”, noemt Peter het. En een vooroordeel dat ze met hun centrum willen bestrijden. Hier moeten mensen komen leren dat de wolf niet hun vijand is.

null Beeld Marielle van Uitert
Beeld Marielle van Uitert

Nu, toegegeven, de situatie in het wolvencenter is niet geheel representatief. De wolven die hier verblijven, zijn stuk voor stuk geboren in gevangenschap en ‘gesocialiseerd’. Een verloren gelopen afstammeling van Nala en August zal u hier niet aantreffen, die moeten vooral in het wild blijven rondlopen, benadrukken Peter en Leny. Hun dieren zijn mensen gewoon en vinden het prima om aangehaald te worden. Dat hoef je met wilde wolven niet te proberen: een wilde wolf zet het op een lopen zodra hij een tweevoeter spot.

“De laatste vijftig jaar is er in het Westen geen enkel geval bekend van een wolf die een mens heeft aangevallen.

“Ja, op andere dieren hebben ze het uiteraard wel gemunt. Dat is de natuur”, stelt de pragmatische Leny.

“Wat mensen ook niet zien, is dat een wolf juist voor de natuur zorgt door andere dieren op te eten”, vult Peter aan. “Ze kiezen er steeds de zwakkere en zieke dieren uit. Dankzij de wolf wordt het herten- en reeënbestand gezonder. Door de zieke dieren te elimineren, blijft er meer eten over voor de gezonde jonge beesten. In Tsjechië zie je dat heel mooi: in gebieden waar de wolf voorkomt, is geen varkenspest meer. De wolven eten de zieke wilde zwijnen op.”

null Beeld Marielle van Uitert
Beeld Marielle van Uitert

Hoe je er in hemelsnaam bij komt om een wolvencenter te openen? Peter glimlacht. “Knettergek zijn van natuur en beestjes.” Heel hun leven lang is het van oorsprong Nederlands-Limburgse koppel al wild van dieren. Nadat ze op een hondenshow een Gentse fotograaf tegenkwamen die zich het lot van Portugese wolven aantrok, stapten ze mee in een wolvenfonds dat geld inzamelde om de dieren in het zuiden te beschermen.

Maar met dank aan de Belgische wetgever gingen ze midden jaren negentig nog heel wat stappen verder.

Tijger in de living

“Tot 1995 mocht je in België een tijger in je woonkamer houden, als je dat wilde”, vertelt Peter. “Maar daarna wijzigde de wet. Particulieren moesten van hun wolven af, maar ook kleine dierentuinen en natuurverenigingen die niet aan de nieuwe regelgeving konden voldoen. Op het provinciaal domein Puyenbroeck zaten bijvoorbeeld acht wolven. Die hebben wij overgenomen.”

Lennertz verzorgt ook de opgezette wolven (en het dito zwijntje) met veel liefde. Beeld Marielle van Uitert
Lennertz verzorgt ook de opgezette wolven (en het dito zwijntje) met veel liefde.Beeld Marielle van Uitert

The Wolf Conservation Association was geboren. Eerst zeer kleinschalig in Maasmechelen, sinds het jaar 2000 op de huidige locatie. Een gespecialiseerd centrum dat ontstond als noodopvang en stelselmatig een plek werd waar mensen quasi kinderboerderijgewijs kunnen kennismaken met de wolf.

Afgelopen weekend waren er nog eens betalende bezoekers in het centrum. Bijna twee jaar lang kwam hier niemand. Geen enkele bezoeker vond tijdens de pandemie de weg naar de heuvel in Bilstain. Een aderlating, want het hele center draait voor een groot deel op de inkomsten van bezoekers, aangevuld met fondsen die binnenkomen doordat dierenvrienden een wolf ‘adopteren’, en milde giften.

De as van de dieren die in het centrum overleden zijn, wordt bewaard in urnen. Beeld Marielle van Uitert
De as van de dieren die in het centrum overleden zijn, wordt bewaard in urnen.Beeld Marielle van Uitert

Hoe dringend die nodig zijn? Peter gooit met wat cijfers. Zo’n drie keer per jaar dropt hun vleesleverancier hier 1.800 kilo aan paardenvlees, pensen en rundsvlees. Om de veertien dagen haalt hij zelf nog eens 400 kilo aan kippenkarkassen op, een lekkernij van botten, merg en vleesresten. De hongerige wolven zijn er verzot op. Iedere avond krijgen ze van hun verzorgers anderhalve kilo vlees per kop.

Mooie biefstukjes

En dat krijgen ze à la tête du client, jawel. “De tweejarige vierling daar vooraan moet van geen rund meer weten. In het begin aten ze dat nochtans wel, maar nu willen ze enkel nog paardenvlees en kip. En onze Angelina, die krijgt alleen maar mooie biefstukjes geserveerd. Ze is nog topfit hoor, maar haar tanden krijgen die grote hompen vlees niet meer verscheurd.”

null Beeld Marielle van Uitert
Beeld Marielle van Uitert

Waar het hart van vol is, daar loopt de mond van over, en Leny, die is niet meer te stoppen zodra ze over Angelina begint. Met haar zestien jaar en negen maanden is de wolvin de ouderdomsdeken van de bende en is ze de gemiddelde levensverwachting van de wolf al dik anderhalf jaar gepasseerd. Er is maar één ding dat Leny stoort. Die naam. “Eerlijk, Angelina, vind jij dat nu een naam voor een wolf? We hadden een van onze medewerkers laten kiezen. Jeetje, daar heb ik toch aan moeten wennen, hoor. Toen we na de dood van haar partner een nieuw mannetje voor haar in huis haalden, hebben we het niet meer gevraagd. Stel je voor dat ze dan met Brad Pitt waren afgekomen. We hebben hem snel zelf Rhodes gedoopt.”

Vandaag is Angelina een gelukkige weduwe die twee echtgenoten heeft overleefd. Maar voor wolf Vasja lag dat vorig jaar wel anders. Na een zware longontsteking overleed zijn eega Iko op amper driejarige leeftijd. Vasja wist met zijn verdriet geen blijf, tot een Hamburgse dierentuin nog van een driejarige wolvin bleek af te moeten. Sindsdien is Vasja weer gelukkig, nu met Runa.

“Wolven zijn ontzettend sociale dieren”, zegt Peter. “En eigenlijk lijken ze, op sociaal gebied, nog meer op mensen dan apen. Het is een mythe dat wolven in grote roedels leven, aangevuurd door één sterke leider. Gezinnetjes met vier tot elf leden, dat is hun ideaal. Pa, ma en de kinderen. Pa en vooral ma zetten de lijnen wel uit, maar heel strikt hiërarchisch is het niet.”

Hij wijst naar de wolvenverblijven. “Zie je, de meeste komen meteen op je af om geknuffeld te worden. Ook zij daar, een van onze jonge wolvinnen. Alleen van mij moet ze niks weten. Deed haar moeder ook niet. Kan gebeuren, natuurlijk. Ik zeg het toch: wolven zijn net zoals mensen. Alleen hebben zij het iets beter met elkaar voor.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234