Maandag 08/03/2021

Het laboratorium van de geglobaliseerde wereld

Brazilië is wat het is, het op vier na grootste land en de achtste industriestaat ter wereld, omdat het zich sinds zijn 'ontdekking' in 1500 in de snel evoluerende wereldorde heeft ingepast. Het ligt ten grondslag aan de economische, culturele en historische kruisbestuivingen die de geglobaliseerde maatschappij van vandaag tot stand hebben gebracht.

Bart De Prins, Eddy Stols en Johan Verberckmoes (red.)

Brasil. Cultures and Economies of Four Continents. Cultures et Economies de Quatre Continents

Acco, Leuven/Leusden, 2001, 362 p., 1.895 frank.

Die vaststelling lijkt voor de hand liggend, maar is het niet. Nog altijd blijft Brazilië, althans de perceptie die we van dat land hebben, gevat in clichés: een land met continentale afmetingen, veel oerwoud en een exotisch-carnavaleske bevolking die op min of meer harmonische wijze Portugees, Afrikaans en inheems bloed door de aderen heeft vloeien.

Dat laatste, zo blijkt uit het lijvige en fraai geïllustreerde werk Brasil, Cultures and Economies of Four Continents dat een aantal eminente Brazilië-specialisten van de KUL heeft samengesteld, mag dan wel 's lands stichtingsmythe verwoorden, de werkelijkheid van het hedendaagse Brazilië gaat er mijlenver aan voorbij. In vijftien wetenschappelijke bijdragen van evenveel academici die stuk voor stuk erg uiteenlopende uitgangspunten hanteren, wordt duidelijk dat het vaak als geïsoleerd in de wereldgeschiedenis beschouwde Brazilië van meet af aan het resultaat geweest is van een intense transculturele uitwisseling van personen, goederen en ideeën - en dus sinds de ontdekking ervan een bij uitstek modern, sterk in een internationale context verankerd land was: eerst als Portugese kolonie, vervolgens als keizerrijk, republiek en federale staat.

De volgorde waarin Bart De Prins, Eddy Stols en Johan Verberckmoes, respectievelijk onderzoeker en professoren aan het departement Geschiedenis van de Leuvense universiteit, de diverse bijdragen gerangschikt hebben, is chronologisch. Zo krijgt de lezer aan de hand van veelal uitstekende opstellen rond economie, migratie en cultuur een staalkaart aangeboden van de diverse krachten die in de loop van de geschiedenis in en om Brazilië aan het werk waren, en hoe die krachten niet alleen Brazilië mee vorm gaven maar het land ook in staat stelden aansluiting te vinden bij de grote gebeurtenissen 'out there'.

Wist u bijvoorbeeld dat, zoals Johan Verberckmoes in zijn Engelstalige artikel over het zeventiende-eeuwse baroktheater schrijft, de beeldvorming over Brazilië op dat moment al zozeer tot het Europese podiumgebeuren doorgedrongen was dat de Topinambours, zoals de indianen aan de Braziliaanse Oostkust door de Fransen genoemd werden, er veelvuldig in werden opgevoerd? Dat kleumende indianen aan het begin van de zeventiende eeuw als exotische pronkstukken door de straten van Parijs gevoerd werden en er met veel pompe et circonstance gedoopt werden?

Dichter bij huis, in het negentiende-eeuwse Koninkrijk der Nederlanden, wordt niet zonder heimwee teruggedacht aan de korte tijd (1624-1654, onder gouverneur Johan Maurits van Nassau) dat de Hollanders in het noordoosten van Brazilië de dienst uitmaakten, een periode die in Brazilië zelf overigens vaak als tempo dos Flamengos herinnerd wordt, 'het tijdperk van de Vlamingen'. Bart De Prins legt uit hoe de Verenigde Provinciën, meer bepaald de enkele jaren eerder opgerichte West-Indische Compagnie scheepsladingen vol winstgevende Braziliaanse suiker importeerden, en hoe er later in de Nederlanden, onder andere bij monde van de achttiende-eeuwse klassieke auteur W. Van Haren, van een heus 'Verzuimd Brasiel' sprake was.

Vooral het werk van de negentiende-eeuwse historicus en voormalig koloniaal bestuurder van Suriname P.M. Netscher wees het Nederlandse publiek op de gemiste kans. Maar zelfs toen het onafhankelijke Brazilië een geduchte concurrent werd, meer nog, Bataafs Nederland zonder veel omhaal de pas afsneed op de wereldwijde koffiemarkt, bleven reisverslaggevers het land graag als een exotisch curiosum beschrijven. Terwijl Frankrijk, Groot-Brittannië en ook België al volop zaken deden met Brazilië, ontdekte het Nederlandse handelswezen het land onder meer daardoor vrij laat.

Nee, dan speelde het prille België allicht korter op de bal, met onder meer een gasfabriek in Rio de Janeiro of de Belgische spoorwegen in Rio Grande do Sul. In een stuk over de Belgische en Luxemburgse rol in de modernisering en industrialisering van Brazilië concludeert Eddy Stols, eminent Brazilianist en auteur van onder meer het onvolprezen Brazilië: vijf eeuwen geschiedenis in dribbelpas (Acco, 1996), dat de volgehouden Belgische aanwezigheid in het negentiende- en twintigste-eeuwse Brazilië - en dat in erg uiteenlopende sectoren - aantoont dat ons land op de toenmalige wereldmarkt best zijn mannetje wel stond. Het meest in het oog springt het Belgisch-Luxemburgs-Braziliaanse metaalbedrijf Belgo-Mineira in de ertsrijke deelstaat Minas Gerais, een investering waar België in 1922, ondanks de verwoesting van onze gewesten tijdens de Eerste Wereldoorlog, een deelname aan de Internationale Tentoonstelling van Rio de Janeiro voor veil had.

Twee jaar vroeger waren koning Albert en koningin Elisabeth er op staatsbezoek geweest. De Belgische vorst baarde opzien door 's ochtends sportend op het strand van Copacabana te verschijnen, waar hij in een ter zijner beschikking gestelde Packard heenreed. België, dat eerder het kroondomein Congo verworven had en op zoek was naar knowhow in tropisch bestuur, vond in Brazilië een geknipt model. Zo is de medische research die aan het Instituto Oswaldo Cruz in Rio gevoerd wordt, een voorbeeld voor wat in Antwerpen het Tropisch Instituut zal worden.

Brazilië zou evenwel zichzelf niet zijn zonder de talloze inwijkelingen die vanaf het eind van de negentiende tot ver in de twintigste eeuw toestroomden. Drie bijdragen aan Brasil. Cultures and Economies of Four Continents handelen specifiek over migratie.

Celia Sakurai van de staatsuniversiteit van Campinas in São Paulo beschrijft de typische situatie van het anderhalf miljoen Japanners dat in Brazilië woonachtig is, nakomelingen van lieden die dankzij overeenkomsten tussen de koffieplanters van São Paulo (jaren na de afschaffing van de slavernij nog om arbeidskrachten verlegen) en de Japanse regering naar Brazilië werden gehaald.

Hoewel zij een stuk minder talrijk zijn dan de Italiaanse, Duitse of Portugese migranten die hen voorgingen, vallen de Japanners op. Niet alleen door hun uiterlijk, ook omdat ze harder werkten en daardoor vrij snel tot de middenklasse wisten door te stoten, én omdat ze geen gemengde huwelijken sloten. Ook in enkele andere Latijns-Amerikaanse landen, het Peru van Fujimori bijvoorbeeld, gingen de Japanners al snel een specifieke plaats binnen de maatschappij innemen.

Terwijl de meeste inwijkelingen aanvankelijk de droom koesterden om, zodra ze fortuin hadden gemaakt, naar hun vaderland terug te keren, moest Brazilië de joodse immigranten in de eerste plaats tot veilige haven dienen. Een relatief makkelijk te bereiken haven voor de Ladino-sprekende sefardim uit het Ottomaanse Rijk en de jonge Turkse Republiek met haar etnische zuiveringen, zo blijkt uit het artikel van professor emeritus Boris Fausto van de Universiteit van São Paulo. De sefardische joden waren enkele eeuwen eerder het Iberische schiereiland ontvlucht, maar vonden er opnieuw aansluiting bij in het Portugeestalige Brazilië. Moeilijker geïntegreerd raakten de Ashkenazische joden uit Centraal-Europa. Ook zij waren om sociopolitieke redenen op de vlucht geslagen, economisch ging het hun echter nog jarenlang een stuk minder voor de wind dan hun sefardische volksgenoten.

Naar Brazilië werd niet alleen geëmigreerd, er werd ook geremigreerd. Een van de interessantste voorbeelden van terugkeer naar het land van oorsprong, schrijft de Congolese historisch onderzoeker Zana Aziza Etambala, is die van de ontsnapte of bevrijde Afrikaanse slaven naar de kust van West-Afrika in de loop van de negentiende eeuw. De ex-slaven vestigden zich vooral in het huidige Benin, Togo en Nigeria, waar ze, onder meer door de organisatorische knowhow die ze in Brazilië hadden opgedaan, vaak snel de maatschappelijke ladder beklommen. Of met veel heimwee aan Brazilië terugdachten, waarvan ze in Afrika een geïdealiseerd, vaak mythisch beeld ophingen - het spiegelbeeld van het eigen mythische Afrika dat hun voorouders eeuwen eerder onder dwang verlaten hadden. Ter illustratie van de Afro-Braziliaanse aanwezigheid in West-Afrika is in het boek een aantal fraaie foto's van Braziliaanse woningen in Porto Novo, Benin, opgenomen.

Besluiten doet dit Acco-boek met de bijdragen van Andrew Hurrell en Pitou van Dijck over de economische uitdagingen die het hedendaagse Brazilië wachten, en de plaats die het land in de globale wereldeconomie inneemt of kan innemen. Voor de niet-ingewijde lezer kan het boek, waarvan de hoofdstukken nu eens in het Engels, dan weer in het Frans gepleegd zijn, academisch overkomen, het is dan ook de vrucht van een flinke brok research. Maar academisch hoeft niet per se gortdroog of zwaar op de hand te betekenen. Anders gezegd: ja, dit lijvige werk leest vlot, en ja, het opent nieuwe perspectieven voor de wijze waarop niet-Brazilianen Brazilië benaderen. Niet langer als de vrucht van een eurocentrische tropenfantasie, wel als een land dat datzelfde Europa een flink eind in de richting van de Europese integratie in de wereldeconomie geholpen heeft. Lode Delputte

Wist u dat kleumende indianen aan het begin van de zeventiende eeuw als exotische pronkstukken door de straten van Parijs gevoerd werden, en er met veel pompe et circonstance gedoopt werden?

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234