Vrijdag 24/03/2023

ReportageMarokko - Portugal

Het kan niet waar zijn, zeggen ze in Casablanca. Maar dat is het wel

null Beeld REUTERS
Beeld REUTERS

Het is alsof alle inwoners van Casablanca zich zaterdag in een café hebben verschanst voor de WK-wedstrijd van hun land Marokko. Zelfs wie normaal geen voetbal kijkt, roept kettingrokend naar de tv. ‘Kom op, gaan!’

Dion Mebius

Imane Djamil (26) grijpt nog maar eens vol ongeloof naar haar gezicht, terwijl om haar heen duizenden Marokkanen schreeuwen, springen en op nog honderd manieren uitzinnig zijn van geluk. Het kan onmogelijk waar zijn: Marokko staat in de halve finale van het WK na een 1-0 zege op Portugal, als eerste Afrikaanse en Arabische land ooit.

Het leidt meteen na het laatste fluitsignaal tot een vreugde-uitbarsting op de Boulevard Al Massira Al Khadra, in het centrum van Casablanca. De verkeersader raakt volledig verstopt omdat oorverdovend toeterende auto’s en scooters proberen zich een weg te banen door de zee van vlaggen en vuurwerk. Vrienden en vreemden springen elkaar om de nek, nemen elkaar op de schouders. Het kán niet waar zijn, weten ook zij donders goed. Maar dat is het wel.

En dus is de halve finale de volgende bladzijde in het Arabische sprookje van Marokko. Voor het WK in Qatar werd er getwijfeld of het elftal van coach Walid Regragui überhaupt de groepsfase zou doorkomen. Daarvoor was de poule met België en Kroatië toch echt te sterk. Maar de mannen van Regragui versloegen de Belgen, en daarna de Canadezen, de Spanjaarden en zaterdag de Portugezen. Nog twee keer winnen, woensdag eerst van Frankrijk, en ze zijn wereldkampioen.

Cafés uren voor start vol

Het zal het aantal hartslagen per minuut in Marokko naar nog hogere hoogten stuwen. En dat terwijl Casablanca, met 3,7 miljoen inwoners verreweg de grootste stad van het land, tijdens de kwartfinale al beefde van de spanning.

De eerste trillingen zijn zaterdag vroeg voelbaar. De straten van ‘Casa’ kleuren ’s ochtends al rood: wie vandaag geen shirt, sjaal of petje van de nationale ploeg draagt, hoort er niet bij. Aan de rand van de medina, het oude en chaotische centrum, proberen straatverkopers nog een graantje mee te pikken. Natuurlijk verkopen die de nationale vlag: rood met een groene ster. Maar ook ballen, ballonnen en toeters, met luide demonstraties van die laatsten.

null Beeld REUTERS
Beeld REUTERS

Als de cafés en restaurants hun deuren in de ochtend openen, staan de stoelen al in de richting van het altijd aanwezige televisiescherm. Om 14 uur, twee uur voor de bal rolt, is een groot deel ook bezet. De hele stad lijkt zich in de horeca te verzamelen: zelfs Dom Petiscos, toch echt een Portugees restaurant, wordt vandaag door de Marokkanen bezet.

Voller dan vol is het ook in café Espace du Professeur, waar de nervositeit van de tweehonderd gezichten is af te lezen. Een van hen is Imane Djamil, die de asbak op het tafeltje voor haar vult met de ene na de andere sigaret. Ernaast ligt een half opgegeten broodje. Meer krijgt ze niet weg.

“Normaal kijk ik nooit naar voetbal”, zegt Djamil, een fotografe met grote ogen en bruine krullen. “En ik had nooit verwacht dat ik me hier zo betrokken bij zou voelen. Maar de laatste dagen word ik al emotioneel als ik iemand in het shirt van onze nationale ploeg zie.”

Dan verschijnen de spelers voor het eerst in beeld en klinkt ook het eerste applaus. De dicht op elkaar zittende gasten, sommigen met de vlag als een kleedje over hun benen, zingen vooral de laatste woorden van het volkslied uit volle borst mee: “Allah, alwatan, almalik! God, vaderland, koning.”

Dwars door de geluidsbarrière

Bij de start van de wedstrijd treedt een nerveuze stilte in die slechts door kort gejuich wordt onderbroken als Marokko de bal verovert. Djamil begraaft haar gezicht steeds dieper in haar gele jas. Portugal is beter, ja, maar zonder echt gevaarlijk te worden. En naarmate de eerste helft vordert, weten de Marokkanen steeds vaker onder de druk uit te spelen. “Siiir!”, roept de hele zaak dan - “Kom op, gaan!”

Dan breekt minuut 42 aan en kopt spits Youssef En-Nesyri uit het niets raak: 1-0. Casablanca lijkt door de geluidsbarrière te knallen: in het café klinkt een oorverdovend gejuich, het vallen van stoelen en het gerinkel van brekende glazen. De ogen van Djamil worden waterig. Zal het dan toch?

Ze is niet de enige die geëmotioneerd raakt. Ook Fatine Arafati (26), een schilderes en vriendin van Djamil, krijgt het tijdens de rust bijna te kwaad. “Alles hangt nu af van onze verdedigers”, zegt Arafati, voor ze nog maar eens een trekje neemt van een sigaret.

Terwijl de asbak steeds voller raakt, tikken de minuten weg. Gelukkig voor Arafati (en de rest van Marokko) blijkt de verdediging net zo betrouwbaar als eerder tijdens het toernooi, ook na het wegvallen van aanvoerder Romain Saïss door een blessure. En als een verdediger toch een steekje laat vallen, is daar altijd nog keeper Yassine Bounou, die zijn land met weer een briljant optreden overeind houdt.

Met minder dan tien minuten officiële speeltijd te gaan begint het café te kolken. Er klinkt zelfs al voorbarig gejuich. Niet van de twee vriendinnen: Arafati vouwt haar handen van de zenuwen in elkaar achter haar nek. Djamil doet hetzelfde, maar dan voor haar mond. Een rode kaart in blessuretijd doet nog één keer doemscenario’s opduiken. Tot na 100 minuten het laatste fluitsignaal klinkt, en de droom geen droom meer is.

Djamil en Arafati vallen elkaar in de armen, om hen heen springen de mensen bovenop elkaar, tillen ze stoelen boven hun hoofd, weten ze van gekkigheid niet meer wat ze moeten. Na een paar doldwaze minuten weten ze het weer: op naar de Boulevard Al Massira Al Khadra, het epicentrum van de vreugdebeving. Djamil en Arafati gaan mee. Het feest kan beginnen.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234