Maandag 20/01/2020

Het jaar van de draak

Een rampenfilm annex monster movie in een realistisch kleedje, zo omschrijven de makers van Godzilla '98 hun product. Misschien missen ze zo net de clou van de hele saga

Peter MijlemansJapan en de VS vechten om de ziel van Godzilla

De nachtmerrie van Hiroshima baarde in Japan een filmmonster dat zowel in lengte als in populariteit ongeëvenaard blijft. Drieëntwintig films lang duurt de hegemonie van Godzilla nu al, ook al zijn de avonturen van de draak met de nucleaire adem een opeenstapeling van kitsch en amateurisme, van geen scripts en veel chaos. In afwachting van 16 september, de dag waarop het intussen flink aangekomen beest in de Belgische bioscopen wordt losgelaten, vullen de G-freaks hun dagen met het surfen langs de 2.200 Godzilla-sites op het Internet. Maar nu Hollywood na jaren strijd met Japan The Big G eindelijk een professionele facelift gaf, is voor de ware fan de lol er af.

1946. Op 6 augustus 1945 dropt de Enola Gay een Amerikaanse atoombom op Hiroshima. 130.000 inwoners worden gedood, vermist of verminkt. Op 9 augustus torent een paddestoelwolk boven Nagasaki, waar 66.000 mensen de dood vinden. Niet eens een jaar later beeft het Japanse keizerrijk, of wat ervan overblijft, opnieuw op zijn grondvesten. De Amerikanen treffen voorbereidingen om op het eerste stuk Japanse imperium dat ze veroverden bovengrondse kernproeven uit te voeren. De bevolking van de Bikini-eilanden, een atol van de Marshalleilanden in de Stille Oceaan, wordt geëvacueerd. Zeeschepen worden rond de eilandengroep gestationeerd om de impact van de atoombom tijdens een serie ontploffingen te testen. Foto's van opbollende stofwolken boven het atol gaan de wereld rond. Behalve in Japan, waar het onderwerp van de nucleaire verschrikking tijdens de lange zeven jaar van de Amerikaanse overheersing taboe blijft. Maar bij elke ontploffing worden de wonden opnieuw opengereten en neemt de angst voor een nieuwe nucleaire catastrofe toe.

1952. In het Japanse collectieve geheugen is Amerika nog steeds een monster. Ook voor Tomoyuki Tanaka, rijzend sterproducer van Toho Ltd Inc, een van de Japanse filmpioniers, staat Amerika voor monsters. Hollywood-monsters, waaronder gigantische spinnen en King Kong, die in 1952 eindelijk in Japan belandt. Tanaka raakt helemaal onder de voet zodra hij The Beast from 20.000 Fathoms ziet: een dino die ingevroren ligt in het poolijs, ontdooit na nucleaire proeven en New York op stelten zet. Vooral de monsterlijke creaturen die dood en vernieling zaaien in steden en wolkenkrabbers als kaartenhuisjes omverduwen, zinnen de bazen bij Toho wel. Japan is klaar voor zijn eerste monsterfilm. Rest enkel de vraag wat voor een beest het worden moet en wat het in de film allemaal moet uitvreten. Een monster is mooier als het ook symboliek in zich draagt, vindt men in Japan.

Als Tanaka op een dag over het nucleaire wasteland van het Bikini-atol vliegt, vallen de puzzelstukken in elkaar. Tijdens de vlucht wordt het skelet van Gojira getekend. The Beast from 20.000 Fathoms smelt Tanaka samen met de nucleaire tragedie die Japan nog steeds in de ban houdt. Tanaka heeft een combinatie van een rampenfilm en een monster movie in gedachten. Een sinister gruwelverhaal voor volwassenen, met een onderhuidse boodschap. Een prehistorische hagedisachtige op het fictieve eiland Lagos - niet toevallig getypeerd door een atoldecor - wordt besmet door kernproeven in de Stille Oceaan en muteert tot een nucleair monster. Het richt zijn woede op het eerste het beste stukje beschaafde wereld en rukt met een vernietigende raid op naar Tokio.

1954. Op 3 november gaat Gojira in première. Het slaat in als een bom. Tanaka heeft zijn monster, dat onder zijn poten kleine huizen verplettert en met zijn staart wolkenkrabbers vermorzelt, een geheim wapen meegegeven dat het publiek, geen tien jaar na Hiroshima, doet verstijven van angst. De atoomproeven hebben zijn adem gekruid met nucleair vuur dat de vernietigingskracht en de precisie van een kruisraket heeft. Het vuurmonster van 48 meter hoog is een waarschuwing aan de mens dat geëxperimenteer met vernietigingswapens op een dag tot een catastrofe zonder voorgaande kunnen leiden.

The Big G, zoals hij later bij de fans gaat heten, heeft in de beginjaren nog een zweem van sérieux. Bij Toho houdt men zich strikt aan een mengeling van het mythische monstergevecht dat een film lang aansleept en de - voor die tijd revolutionaire - zorg voor het milieu. Zowat alle monsters die de strijd aanbinden met The Big G, verwijzen naar een of ander ecologisch probleem, of het nu gaat om Mothra (een gigantische mot), Mechagojira (een robotreplica), Biollante (een gekloonde versie van het stermonster), Ghidorah (een driekoppig monster) of Ebirah (een gigantische kreeft). Al wordt dat laagje vernis steeds dunner na de strijd tegen Hedorah, een kruising tussen een inktvis, een kwal en een berg zeewier, die in 1971, iedereen verstikkend in smog, de vervuiling een blubberend gezicht gaf.

Japan loopt storm voor Gojira, de reïncarnatie van het kwaad dat het keizerrijk bedreigt. "De eerste Godzilla was niet meer of minder dan een afrekening met de Amerikanen," zegt Yvan Venken, eigenaar van videostore Schlock Entertainment. Op het adreskaartje van de zaak aan de Antwerpse Dam prijkt Godzilla in strijd met een driekoppig monster, terwijl aan de einder UFO's opdoemen die met laserstralen een paniekerige massa bestoken. In Venkens archief Vervolg op de volgende pagina

zitten een bijna volledige Zombie-serie, Killer Teens, Psychedelic Freakouts, Serial Killers, Future Punks, Japanese Madmen, Robots and Androids en Godzilla & Co. "Ik ben een zware G-fan," biecht hij op. "In mijn zaak heb ik veertien Godzilla-video's waarvan sommige Amerikaanse import, en een enkele Japanse versie met Franse ondertitels." In de rekken heeft hij ook Godzilla, King of Monsters.

1956. 'Incredible, unstoppable titan of terror - civilisation crumbles as its death rays blast a city of six million from the face of the earth. Mightiest Monster! Mightiest Melodrama of them all': met dat spervuur kondigt Hollywood een aangepaste Gojira aan, al heet die al niet meer zo. Door een stomme vertaalfout hebben de Amerikanen de oorspronkelijke Japanse samentrekking van 'gorilla' en 'walvis' verbasterd. De Hollywood-versie, die over de hele wereld wordt verspreid, is vooral in de VS een grote hit. De filmbonzen vinden er zelfs niets beters op dan hun versie ook in Japan in roulatie te brengen, wat tot een storm van kritiek leidt. Niet alleen is het nationale monster herdoopt, de film is gevild. "De Japanse Gojira en de Amerikaanse Godzilla verschillen inhoudelijk dag en nacht," zegt Venken. "De oorspronkelijke Gojira was een film voor volwassenen over het monster van de hel dat Japan van de kaart wilde vegen met zijn nucleaire krachten en over de Japanse overwinning op die dreiging." Een scenario dat zich anno 1998 lijkt te herhalen.

De Amerikaanse versie werd een monster movie voor jongeren van 7 tot 77 jaar. De film werd geknipt en bijgeplakt tot er uiteindelijk tachtig minuten overbleven, waarvan Raymond Burr - de rolstoellegerige Ironside - nog een flink pak scènes voor de voeten van het monster wegkaapte. Hollywood vijlde niet alleen de scherpe kantjes van de hagedis maar gaf de plot ook een patriottisch einde. Gojira wordt in zijn originele furie enkel bedwongen nadat een geniale Japanse geleerde de Oxygen Destroyer heeft uitgevonden. Om Godzilla te temmen hebben de Japanners echter de hulp nodig van een Amerikaanse journalist in Tokio - Steve Martin, gespeeld door Raymond Burr - die de paniekerige Japanners op weg zet om af te rekenen met het monster. De Japanners hebben de Amerikaanse claim op hun draak vanaf 1954 zowat aangezien als een inmenging in de binnenlandse aangelegenheden. De overwinningen op Hollywood waren echter schaars.

1962. King Kong Vs Godzilla wordt de grootste kaskraker uit de serie. Om de uitgestrekte Amerikaanse afzetmarkt ter wille te zijn moet het Japanse monster in de Amerikaanse mega-aap zijn meerdere erkennen. King Kong gooit aan het eind van de film zijn tegenstander van de rotsen en Godzilla zinkt - een kleine vloedgolf veroorzakend - naar de bodem van de oceaan. In Japan wordt wat wrevelig gereageerd op de uitkomst van het titanengevecht. "Er zouden twee versies van de film in omloop zijn gebracht," verduidelijkt Venken. "In het niet-officiële circuit in Japan werd een kopie vertoond waarin Godzilla wint. Maar die heb ik nog niet te pakken gekregen."

1985. Na vijftien Godzilla-films zit de mot erin en dat heeft Toho ondertussen ook begrepen. Na tien jaar Godzilla-stilte maakt de filmpionier tabula rasa en begint de sage helemaal opnieuw alsof er nooit een Godzilla-film is gedraaid. "In grote lijnen was elk verhaaltje hetzelfde," zegt Venken. "Bovendien verwaterde het peil van de films met de jaren. In de jaren zeventig waren het films die enkel voor een jong publiek waren bestemd." De magie ebde weg, de monsters waarin Godzilla zijn klauwen zette, werden steeds absurder. Gigan, de dinosaurus met havikbek uit 1972, had bijvoorbeeld gigantische haken als armen, een oog waarmee hij lasers kon afvuren en in zijn borst als een kettingzaag roterende tanden die The Texas Chain Saw Massacre op een Chiro-feestje deden lijken.

Dat Godzilla een carrière van 41 jaar heeft overleefd en de megaster is in 22 Japanse en nu één Amerikaanse film, is op zich nog ongeloofwaardiger dan het monster zelf. Elke Godzilla is een draak van een film, zeggen de critici en niemand spreekt hen tegen. In het standaardwerk Movies on Tv and Videocassette scoort geen enkele Godzilla meer dan 'net te pruimen', het gros wordt sterrengewijs gerangschikt van 'slecht' tot 'abominabel'.

Vanaf de geboorte kampt de vuurdraak met handicaps die uiteindelijk zijn sterkte zullen worden. In 1954 was er bij het onervaren Toho niemand te vinden met de knowhow om een filmmonster in elkaar te puzzelen. Het team dat uiteindelijk de klus moest klaren, raakte niet verder dan een rubberen Godzilla-pak van honderd kilo waarin een acteur werd gestopt. De film toont een strompelend en soms wankelend monster. Het is uiteindelijk het amateurisme dat de liefhebbers van kitsch en camp verslingerd doet raken aan het monster en de uit piepschuim en karton opgetrokken gebouwen. Toho, verbaasd door het succes in 1954, zweert bij de man-in-het-pak. De enige toegeving wordt een mechanische Godzilla in miniatuurvorm. Maar ook deze mini-hoofdrolspeler slaagt er nauwelijks in realistische ogende bewegingen te maken.

Alles wat er kan haperen aan films, typeert de Godzilla-saga. De scenario's werden geschreven op een velletje carbonpapier. Godzilla '98 sluit naadloos aan bij die traditie. In de Amerikaanse megamonsterproductie wordt het beest wakker geschud door de ondergrondse testen op Mururoa, het Franse testgebied dat amper enkele monsterstappen van Bikini in de Pacific drijft. Vervolgens dreunen zijn voorpoten door de straten van Amerikaanse grootsteden. Zelfs de kwaaie peer wordt niet vergeten. Dit keer geen Amerikaan of een Japanner maar een Franse geheime agent die weet welke duivelse krachten zijn land heeft ontketend.

Van enige rode draad in de films is 41 jaar lang geen sprake. Het monster verandert om de haverklap van uitzicht. De kop heeft eerst de trekken van een mens, dan weer van een hond en vervolgens van een dinosaurus. Soms heeft hij een pels, dan weer alleen schubben, de ene keer drie tenen per klauw, de andere keer vier. Over de afstamming spreken de films elkaar tegen. Oorspronkelijk gaat het om een grote maar onschuldige hagedis die gemuteerd wordt door radioactiviteit. Daarna wordt boudweg gesteld dat het monster een specimen van de vuurdraken is. In een volgende film wordt de theorie geopperd dat het een 'prehistorische dinosaurus' betreft, ingevroren in een ijsberg.

Godzilla blijkt zelfs Godzilla niet te zijn. Na de eerste film blijft van het originele monster niet meer dan een skelet over. Dus, besluiten de kenners, is de ster in de volgende films het wijfje van Godzilla. Wat dan weer wordt tegengesproken in een later epos als blijkt dat Godzilla geen maatje heeft, wegens op en top uniek én hermafrodiet. Om het helemaal confuus te maken heeft Godzilla behoorlijk wat last van humeurwisselingen. De ene keer is hij de gezworen vijand van Japan, de volgende film de reddende engel en in een enkele film is het zelfs niet duidelijk of je hem als Japans burger nu moet aanmoedigen of vrezen.

Er is geen touw aan vast te knopen. Ondanks dit monsterlijk kluwen weet de G-fan perfect wie en wat Godzilla is. En dat is blijkbaar niet de computergestuurde Jurassic Park-bewoner die vanuit Hollywood nu op de wereld wordt losgelaten.

1994. Als Japan, Amerika en Godzilla samenkomen, komt er hoe dan ook ruzie van. In Japan draait de 21ste monsterfilm Godzilla Vs Space Godzilla op volle toeren. Het heet immers de laatste Japanse Godzilla te worden voor een hele tijd. Columbia TriStar heeft bij Toho een pak geld op tafel gegooid om de exclusieve rechten op de Godzilla-creatie te verwerven. Hollywood wil een retro-griezel op het witte scherm, een echte King of Monsters, niet alleen in Japan en de VS maar de wereld rond. Speed-regisseur Jan de Bont wordt gevraagd de klus te klaren. De bonzen bij het Amerikaanse TriStar en de baas boven baas, het Japanse Sony, kijken echter met argusogen toe en verwijzen het script van De Bont naar de prullenbak. Er wordt opnieuw gezocht naar bekwame vaklui die wat van special effects en flitsende film kennen, weten hoe je een middelgrote wereldstad kunt slopen en met een budget van 120 miljoen dollar toch nog een flinke winst kunt maken. De geschikte personen blijken de breinen achter Independence Day te zijn. Doelwit is een recette van minimaal 200 miljoen dollar, dik 7 miljard frank. De helft daarvan, rekenen de boekhouders uit, zal te grossieren zijn in het Godzilla-gekke Japan. Een misrekening, vreest G-fan Venken. "In Japan was Godzilla al dood voor de Amerikaanse film gemaakt kon worden."

1995. In Tokio stromen tienduizenden mensen samen voor de begrafenis van Godzilla. Het beest is vernietigd tot het laatste atoom. Van de onenigheid tussen TriStar en De Bont heeft Toho listig gebruik gemaakt om toch nog een ultieme Godzilla te lanceren: Godzilla Vs Destroyer. De Oxygen Destroyer waartegen Godzilla in 1954 en 1984 het onderspit moest delven, wordt overwonnen, maar met tragische gevolgen. Na het titanengevecht gaat Godzilla ten onder in een meltdown als zijn nucleair metabolisme het begeeft. Er blijft niets meer over om te kloonen of mechanische replica's van te bouwen, niets meer om een sequel aan vast te knopen. "Toho heeft het heel slim bekeken. Met de nieuwe film hebben ze niets te maken," zegt Venken. "Ze innen alleen op de rechten die ze verkocht hebben." Toho liet voor de Japanse markt nog wel een achterdeurtje open. Baby Godzilla overleeft de vadermoord en als TriStar de optie op de rechten binnen enige tijd laat vallen, kan de volgroeide Minilla vaders taak overnemen. Toho deelt met Godzilla Vs Destroyer een dreun uit waarvan de kracht pas halfweg 1998 duidelijk wordt.

1998. Godzilla Vs de Meteoriet: de inzet van het gevecht is de vernietiging van de wereld en de grootste filmrecette van het jaar. Maar het ziet er niet naar uit dat 1998 het jaar van de draak wordt, tenzij Godzilla Europa in vuur en vlam kan zetten. Niet eens een maand na de release in de VS is Godzilla uit de Amerikaanse film-toptien weggezakt en is de recette lichtjaren verwijderd van meteorietenfilms als Deep Impact. De eerste week werd 60 miljoen dollar verdiend in Amerika, de tweede week was de recette al gezakt naar 18 miljoen. En in Japan moet men de import niet. Tijdens het openingsweekeinde liep het nog wel storm voor Godzilla: in één dag gingen in Japan een half miljoen bioskoopkaartjes de deur uit, waarna een golf van verontwaardiging door het land trok. De film mocht dan Godzilla heten, het monster dat men er onderhand zo goed kende, was nergens te bespeuren. Van een goede 48 meter in de begindagen, is Godzilla nu uitgegroeid tot een knaap van 130 meter. Hij is ook flink aangekomen: zijn gewicht is intussen verdriedubbeld tot 60.000 ton. Een beetje over the top, vinden zelfs de Japanners.

Dat Godzilla in de twee landen geen monstersucces is geworden, is vreemd. De populariteit van de nucleaire dino is haast onevenaarbaar. Wie bij de search-functie van Woldwideweb-crawler op Internet 'Godzilla' intikt, krijgt een lijst van 2.200 sites, waarvan de meeste eigendom zijn van G-freaks in Amerika en Japan. Maar op de officiële sites over Godzilla '98 na blikken ze liefst met weemoed terug op de oude Godzilla.

Wat wordt het met Europa? In Groot-Brittannië heeft de hype al toegeslagen, in september moet het monster ook België onder de voet lopen. Godzilla heeft hier tot nu toe nooit een poot aan de grond gekregen. In de jaren zeventig doken er tijdens matineevoorstellingen wel enkele Godzilla's op in de dorpsbioscopen. Die werden vooral bezocht door jongeren die de eeuwige cowboys en indianen beu waren en nog te jong werden geacht voor Vrolijk gevrij in de alpenwei of Ilsa, de wolvin van de SS.

Druppelsgewijs komt de merchandising op gang. In de betere strip- en fantasywinkels zijn al enkele - Japanse - Godzilla-biografieën opgedoken en het eerste deel van een nieuwe Godzilla-comic ligt in de rekken. Een tiental rereleases op video van klassiek materiaal is beschikbaar. Een animatieserie bengelend aan de film wordt door Fox in het najaar gelanceerd. "Ik ben erg nieuwsgierig," zucht Venken. "Maar ik verwacht er niet zoveel van. Er zijn mij al piraatcassettes van de nieuwe film aangeboden maar ik wil het monster op groot scherm meemaken." Voorlopig valt de Godzilla-craze - jammer voor hem - nog wel mee. "Ik merk dat er al vaker een Godzilla-film wordt gehuurd. Het begint," zegt Venken. Maar of de rage monsterachtige proporties zal aannemen, betwijfelt hij.

Een rampenfilm gekruist met een monsterfilm in een angstaanjagend realistisch kleedje: zo omschrijven de makers van Godzilla hun product. Misschien missen ze zo net de clou van de hele saga. Wie een keertje goed wil huiveren en niet voor dorpsgek versleten wil worden, hecht meer geloof aan een vuurbal uit de ruimte die de aarde verpulvert dan aan de dreiging van een 130 meter grote dino met slechte adem. Al lijkt de motoriek van het beest eindelijk afgestemd op de omvang. Al glinstert in zijn ogen de blinde vraatzucht van Jaws. Al kan hij met een hoektand elke T-Rex van Jurassic Park villen en met een teennagel een ritssluiting in een wolkenkrabber zetten. De ziel van Godzilla heeft met het visuele sérieux, de kracht van de nieuwe film, niets te maken, zeggen de freaks. Zij hebben het nieuwe monster de rug toegekeerd. De ironische ondertoon waarop de auteur van Barry's Temple of Godzilla op Internet elke bespiegeling over the King of Monsters afsluit, spreekt boekdelen: 'Well, now wasn't that special! Japan Vs America: 1-0.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234