Zondag 19/05/2019

Reportage

Het is stil in de Irenestraat: "De wonde is te diep"

De Irenestraat in Goirle, anno 2016. Beeld Bas Bogaerts

"Ik mis het wel. Maar ach, dan supporteren we gewoon voor de Belgen." Voor de Irenestraat in het Nederlandse Goirle betekent het mislopen van het EK meer dan alleen het mislopen van een voetbaltoernooi.

Vandaag is de Irenestraat een straat als een andere. Huisjes, tuintjes, boompjes. Vijfentwintig gevels van baksteen. Niets wat herinnert aan de hoogconjunctuur van Oranje. Van boven tot onder. Van links naar rechts. Alles met oranje bedekt tijdens EK's en WK's. Geen huis, geen hoek, geen boomstam werd overgeslagen. Zelfs bij donderwolken was een zonnebril geen overbodige luxe. Vlaggen, windmolens, blauw-wit-rood en een levensgrote plastic koe getooid in de drie landskleuren. Kitsch kreeg er een dimensie bij. Camera's op elke straathoek. Satellietwagens op avonden dat Nederland speelde.

Nu Oranje er voor het eerst sinds 1984 niet bij is op een EK, is voetbal slechts een verre bijzaak voor de bewoners van de Irenestraat. Versieren het verst van hun gedachten. En toch: heimwee loert om de hoek.

"Ja, natuurlijk. Het was een geweldige tijd. Maar helaas, het komt nooit meer terug. En dat heeft niets met onze voetballers te maken. De wonde is te diep."

Toon van de Pol was de bezieler van de Oranjestraat. We treffen hem in het grasperkje aan het einde van de straat, naast het Oranjeplein. Twee Duitse herders - en evenveel kakzakjes - vergezellen hem. "Tijdens het EK van 2012 liep het fout. Een van de buurmannen jatte geld uit de straatkas. Dat heeft alles kapotgemaakt. Mijn hart en ziel heb ik erin gestoken. Maar we werden te groot. Het succes was tegelijk ook onze neergang. En dat ligt nog altijd moeilijk. Ik ben er zelfs weer van gaan roken."

Speels geblaf doorbreekt een krakende stilte. "Weet je, er kwamen hier zelfs Belgen naar de matchen van Nederland kijken. Supporters van Anderlecht. Zij waren echt jaloers op het succes van Oranje. Ik kan dat wel begrijpen. Als je ploeg er zo lang niet bij is, knaagt dat aan het humeur en de trots van een natie."

De Irenestraat in Goirle, anno 2012, toen Oranje wél naar het EK trok. Beeld Hollandse Hoogte
Beeld Bas Bogaerts

Place to be

De Rode Duivels misten tussen 2002 en 2014 alle grote toernooien. Nederland stond er altijd en hield een ogenschijnlijk onophoudelijke veroveringstocht. De WK-finale in 2010 was het absolute hoogtepunt. Heineken vloeide rijkelijk. Het Nederlandse legioen brulde elke camping kapot. En wij bleven thuis. Met afgunst keek half België naar dat voetbalgeluk en de carnavaleske taferelen na alweer een overwinning van hup Holland hup.

De Irenestraat van Goirle, ten zuiden van Tilburg, was de place to be. "Overal kenden ze onze straat. In binnen- en buitenland. We hadden ook een website - oranjestraatgoirle.nl - en daarop konden we zien waar werd ingelogd. Singapore, China, Australië. Journalisten uit Rusland, Tsjechië en Amerika kwamen een kijkje nemen. Grote bedrijven probeerden ons succes te verzilveren. Cora van Mora zorgde voor de barbecue. Er werd gratis bier geleverd. Terwijl we eigenlijk geen vergunning hadden om bier te tappen. Dus kwam er weleens een klacht van een cafébaas.

"Uiteindelijk is er nooit een incident geweest. Ik slaagde erin alles in goede banen te leiden, en daar was ik best trots op. Ik voelde ook dat de buren mijn inspanningen konden appreciëren."

Jan van den Hout kan dat beamen. "Voor die man doe ik mijn pet af." Jan woont op nummer 21. Het is 11 uur in de voormiddag. Ondanks de afwezigheid van Nederland verkeert Jan al in een opperbeste EK-stemming. Op de keukentafel, die je van op straat kunt zien, staat een handvol lege en halfvolle bierflessen.

"Toon zorgde echt voor alles. Hij maakte er een gezellige boel van en regelde het gedoe met al die journalisten en tv-ploegen. Een echt gekkenhuis. Soms moesten we van Toon een oranje outfit aantrekken als hij wist dat er een tv-ploeg kwam. Alles voor de show! Ha! Leuk toch?"

Beeld Bas Bogaerts

In tegenstelling tot Toon gelooft Jan wel nog in een toekomst voor de Oranjestraat. "In 2018 staan we er weer. Tot dan bewaar ik al mijn oranje spullen wel op zolder. In de tussentijd supporteren we gewoon voor de Belgen. We hebben geen andere keuze, toch?"

Toon kreeg de voorbije maanden al enkele Rode Duivels-pakketten in de brievenbus. "Maar dat wil niet zeggen dat we van de Irenestraat een rode straat gaan maken. We hopen wel dat de Duivels het goed gaan doen."

Het is de eerste keer dat Toon lacht. Georgette valt haar overbuur bij. "We kunnen toch moeilijk voor Duitsland supporteren? Wij zijn de Tweede Wereldoorlog hier nog lang niet vergeten, hoor."

Georgette woont met haar echtgenoot Ron en zoon Rico op nummer 16. Ron draait wat Van Nelle-tabak kundig tot een sigaret. Op zijn joggingpak staat het nummer 14 gedrukt. "Denk nou maar niet dat dit voor Dries Mertens is. Johan Cruijff is de enige echte 14."

Ron inhaleert. Van alle tatoeages op zijn lijf en ledematen vallen de drie doodskoppen het meest op. "Ze staan voor horen, zien en zwijgen. Ik ben tien jaar op vakantie geweest in de bajes. Daar heb ik veel gehoord en gezien."

Ron is duidelijk een man van getallen. 81, een bijnaam van de Hells Angels, prijkt eveneens op zijn arm. Ron is dan ook lid van een 'support club' van de internationale motorclub. "Toen ik in de gevangenis zat, liet mijn familie me vallen. De Hells Angels zijn me altijd blijven steunen. Zij zijn mijn echte brothers."

Ron was nooit een voetbalfanaat. "Maar achter de tralies heb je niet veel beters te doen dan naar voetbal kijken. Dus nu weet ik er wel wat over. Na mijn straf verhuisden Georgette en ik naar de Irenestraat. Dat de straat tijdens een EK of WK telkens het middelpunt van de Oranje-gekte werd, vonden we echt geweldig. Hartstikke gezellig. Tot die klootzak met zijn poten in de pot graaide." Rico werpt een vragende blik naar zijn papa.

Toch wat kleur

De dader is inmiddels verhuisd. In de straat wonen nu ook enkele nieuwkomers, die het nooit hebben meegemaakt. "Kijk, daar, in dat huis wonen vluchtelingen uit Eritrea. Lieve mensen. Dat wel. Maar ze spreken geen woord Nederlands en kennen niets van voetbal", wijst Georgette. "Misschien moeten we ze opleiden tot scheidsrechter. Die kennen meestal ook niets van voetbal", lacht Toon. Hilariteit alom.

Klokslag 12 uur. Op nummer 15 zorgt een met duivenstront bespatte luifel ervoor dat het zonlicht het huis niet binnenvalt. Een witte kater achter glas zit knus te spinnen. Bonsaiboompjes en boeddhabeelden vervangen de vlaggen en miniatuurwindmolens van de vorige toernooien.

De vrouw uit Eritrea, geflankeerd door twee kinderen, wandelt voorbij. Haar glimlach wedijvert met de stralen van de zon. Er is toch nog wat kleur in de Irenestraat.

Beeld Bas Bogaerts
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.