Vrijdag 07/08/2020

'Het is onze plicht deze zaak te onderzoeken'

Als ondervoorzitter van de parlementaire onderzoekscommissie die de dioxinecrisis moet uitpluizen, zal VU-kamerlid Annemie Van de Casteele de komende maanden veel in de belangstelling staan. Aangezien de commissievoorzitter geen Nederlands spreekt, zal zij de meeste protagonisten aan de tand moeten voelen. Toch vreest/hoopt ze niet op een Verwilghen-scenario. 'Ik verwacht niet dat deze commissie een even groot showgehalte zal hebben als de commissie-Dutroux. Het wordt een zeer technische aangelegenheid. Ik pleit er voor dat er in alle sereniteit gewerkt wordt.'

Ruud Goossens

Kan u erbij zetten dat ik moe ben?" Als u dit leest zit Annemie Van de Casteele al in Italië, na een lange verkiezingscampagne en stresserende weken erna eindelijk op vakantie. Een paar weken geleden leed ze een pijnlijke nederlaag in haar eigen partij. In tegenstelling tot vier jaar geleden verkoos de kamerfractie niet haar maar Geert Bourgeois tot fractieleider. Het kwam hard aan. Vrijdag had ze meer geluk: omdat PS'er Charles Jansens voorzitter wordt van de dioxine-onderzoekscommissie en de man geen Nederlands spreekt, wordt Van de Casteele zijn 'taaladjunct'. "Ik ben zelf een beetje verrast door de manier waarop het allemaal gegaan is. Ik was zo naïef te denken dat de vijftien commissieleden zelf hun voorzitter zouden kiezen. Maar zelfs met de nieuwe regering is het blijkbaar niet zo simpel.

"Aangezien deze crisis zich voor zeventig procent in Vlaanderen heeft afgespeeld en er twee Vlaamse ministers ontslag hebben moeten nemen, zou het logischer geweest dat ook de voorzitter van de onderzoekscommissie een Vlaming is. En dat hij of zij, net als Marc Verwilghen indertijd, tot de oppositie behoorde. Omdat de CVP dat voorzitterschap nogal moeilijk kon opeisen dacht ik plots: 'Ojee, dan komen ze bij ons terecht'. Maar goed, het is anders gelopen."

Wil de politieke klasse met een nobele onbekende als Charles Jansens niet vooral vermijden dat er een tweede Marc Verwilghen opstaat?

"Het zou kunnen. Helaas blijkt men ook dit voorzitterschap te beschouwen als een postje dat in het pakket zit van al het lekkers dat er te verdelen valt. En dan is het probleem dat de zwaargewichten van de meerderheidspartijen al in een regering zitten. Ze hebben zelfs moeilijkheden om een degelijke fractievoorzitter te vinden.

"Dit is een valse start, ja. Ik hoop dat deze episode tegen begin september is overgewaaid en dat we dan met vijftien mensen - onafhankelijk van de politieke kleur - kunnen gaan uitzoeken wat er is misgelopen."

Tijdens het eerste debat over de dioxinecrisis vorige week viel het op dat de parlementsleden veel meer bezig waren met de economische gevolgen dan met de schade voor de volksgezondheid.

"Daardoor is er ook nooit een eengemaakte controledienst gekomen. Karel Pinxten heeft die vanuit zijn invalshoek - die van de Boerenbond zeg maar - afgeremd. Er primeerden steeds andere belangen dan de volksgezondheid. Op bepaald moment sprak het parlement zich bijna unaniem uit voor een verbod op antibiotica in veevoeders. Maar kort nadien nam Pinxten op een Europese ministerraad voor Landbouw een ander standpunt in. Je kan enkel hopen dat men nu een beetje wakker geschud is.

"Er is immers een structureel probleem met onze voedselketen. De hele hormonenproblematiek heeft dat al duidelijk gemaakt. Door de versnippering van de bevoegdheden en de controlediensten kan de maffia de overheid steeds te slim af zijn. Het is ook een internationaal probleem. Laten we niet vergeten dat het gebruik van gerecycleerde vetten in veevoeders niet verboden was op Europees niveau, hé. Dan is het een beetje raar wanneer Europa plots komt zeggen dat dit niet mocht."

Is het al volledig uitgemaakt waar jullie zich precies mee zullen bezighouden?

"We zullen moeten kiezen, want we hebben maar zes maanden tijd. Ten eerste moet de hele voedselketen doorgelicht worden. We kunnen voortbouwen op het werk van de vleesfraudecommissie. Daarnaast moeten we verantwoordelijken aanwijzen, zonder dat we het gerechtelijk onderzoek belemmeren. De bevolking heeft het recht te weten wie er nu eigenlijk aan de basis lag van deze crisis. Hebben de ministers adequaat gereageerd? Of hebben ze geprobeerd de zaken in de doofpot te steken, zo vlak voor de verkiezingen? Wanneer was Guy Verhofstadt op de hoogte? Waarom is de brief van IVK-inspecteur André Destickere zolang blijven liggen? Waarom schreef die zelf dat het niet opportuun was veel ruchtbaarheid te geven aan de zaak? Dat moet allemaal uitgeklaard worden."

Moet premier Verhofstadt dan ook komen getuigen?

"Ja. Hij had de brief van Destickere en hij droeg als oppositieleider, in de ruime zin, al politieke verantwoordelijkheid. Ook daarover moeten we de volle waarheid kennen. Hij zal in de commissie, onder ede, moeten vertellen hoe het precies gegaan is."

Wanneer de aanbevelingen van de commissie er liggen zal het Federaal Agentschap voor de Veiligheid in de Voedselketen er al zijn. Bovendien zijn de twee belangrijkste politiek verantwoordelijken, Pinxten en Colla, al van het politieke voorplan verdwenen. Waarom hebben we eigenlijk nog een onderzoekscommissie nodig?

"God ja, ik heb me die bedenking ook al gemaakt. Heeft het nog wel zin? Een aantal parlementsleden van de meerderheid vindt van wel: wij moeten in de diepte werken. Niets belet ons trouwens om met een tussentijds verslag naar buiten te komen. En misschien moet er ook een verbindingspersoon zijn tussen de regering en de commissie, zodat we elkaar niet in de wielen rijden.

"Trouwens, ik stel me vragen bij het feit dat Verhofstadt dat Federaal Agentschap nog voor het einde van het jaar aan de slag wil zien gaan. Je kan de problemen die rijzen bijna vergelijken met die voor een ééngemaakte politie. Je zit met inspecties die niet samenwerken, met mensen die een verschillend statuut en verschillende bevoegdheden hebben. Gaan we die allemaal samenbrengen? Wordt het enkel een inspectiedienst? Ik denk dat over zo'n belangrijk instrument toch goed moet worden nagedacht.

"Ik denk dat het ook belangrijk is dat de bevolking een signaal krijgt dat dit geen tweede keer zal gebeuren. De onderzoekscommissie moet ook het vertrouwen van het buitenland in onze producten herstellen."

Gelooft u in het instrument onderzoekscommissie?

"(zucht) Ik heb er gemengde gevoelens over. In het verleden, denk aan de commissie-Dutroux, kon men maar zeer weinig mensen dwingen hun verantwoordelijkheid op zich te nemen. En inderdaad, als wij vaststellen dat Pinxten en Colla verantwoordelijk zijn, kunnen we hen zelfs niet meer raken, want ze hebben geen ministerportefeuille meer.

"Maar je kan je ook afvragen of er hier ook geen fouten zijn gemaakt door ambtenaren. Kan je die mensen dan zomaar laten zitten of hen een nieuwe job geven in het Federaal Agentschap? Neen, en dus zijn we verplicht om deze zaak te onderzoeken.

"We mogen ook niet vergeten dat de commissie-Dutroux de hele politiehervorming in gang heeft gezet en dat zonder die commissie waarschijnlijk nooit een Octopus-overleg gestart zou zijn. Veel meer dan een klassieke commissie biedt een onderzoekscommissie de mogelijkheid om partijoverschrijdend samen te werken."

Zal u die ondervragingen aanpakken zoals Marc Verwilghen? 'Mijnheer Colla, mijnheer Pinxten, één van u beiden liegt.'

"Daar moet ik me nog over bezinnen. Uiteindelijk heb je op dat moment natuurlijk de taak van een onderzoeksrechter. Je moet de mensen dus op een zo neutraal mogelijke manier ondervragen. En ze confronteren als ze elkaar tegenspreken. Ik zal proberen er het beste van te maken. Maar het is ook voor mij nieuw, ik heb nog nooit in een onderzoekscommissie gezeten."

Bent u als VU'ster nu een ondervoorzitter van de oppositie of van de meerderheid?

"Ik denk dat we over de grenzen van meerderheid en oppositie heen zullen moeten samenwerken. Daarom is het zo spijtig dat er van in het begin zo'n getouwtrek is geweest rond dat voorzitterschap.

"Als kamerlid zit ik natuurlijk wel in de oppositie. We zijn van mening dat deze regering niet voldoende waarborgen biedt voor nieuwe stappen in de staatshervorming. Ook wat betreft de vernieuwing zitten we trouwens met heel wat vraagtekens. De SP is met een aantal nieuwe, 'jongere' ministers naar buiten gekomen, die geen victorie kraaien. Van de PS heb ik echter geen enkel signaal gehoord."

Zal het voor die acht VU-kamerleden niet zeer moeilijk worden om oppositie te voeren tegen partijen waarmee de VU op Vlaams niveau in de regering zit?

"Dat hangt ervan af. Stel dat deze regering het op alle terreinen goed doet, dan hebben wij geen enkele reden om een harde oppositie te voeren. Dan moeten we constructief meewerken. Maar als het niet goed loopt, mogen we dat toch aanklagen. Wij zullen er op toezien dat de VLD op Vlaams en federaal niveau dezelfde taal spreekt. Het was trouwens onze keuze niet om alle niveaus aan elkaar te koppelen. Ik was er voorstander van om op Vlaams niveau snel een regering te vormen, zonder rekening te houden met de federale regering."

Was u dan voorstander van de CVP-VLD-VU-coalitie?

"Neen, ik was zeker niet bij degenen die graag nog stokken in de wielen hadden gestoken om met de CVP in zee te kunnen gaan. Ik behoor tot degenen die vonden dat we de kans om mee te werken aan vernieuwing niet konden laten schieten. Ik geloof niet meer dat je met de CVP meer garanties zou hebben voor de staatshervorming. Ze heeft veertig jaar de tijd gehad om dat te bewijzen."

Toch leek het alsof de VU-kamerfractie liever dat had gezien.

"Wie is dé kamerfractie?"

Zeg maar.

"(fijn) De kamerfractie telt op dit moment acht kamerleden en die hebben niet per definitie over alles dezelfde mening. Dat is geen geheim. Er is een zeker wantrouwen in de partij, en dus ook in de kamerfractie."

Hoe komt het dat u naast het fractievoorzitterschap hebt gegrepen?

"Dat moet u aan de fractieleden vragen. Het was in ieder geval een grote ontgoocheling. (na een stilte) Laat ik zeggen dat ik op dit moment een beetje moeite heb met die schizofrenie waarin de VU zich bevindt. We zullen serieuze inspanningen moeten doen om weer wat eensgezindheid in de partij te krijgen. De VU is altijd een samengaan geweest van klassieke Vlaamsnationalisten en mensen die eerder het maatschappelijk programma van de partij ondersteunen. Al twintig jaar proberen we daar één geheel van te maken. Wel, dat is niet gelukt.

"Met ID21 is die polarisering nog vergroot. Ik heb daar moeite mee, want ik heb ID niet nodig. Die vernieuwing hadden we in de partij zelf kunnen doorvoeren. Ik heb de ID-operatie wel steeds loyaal verdedigd, maar de situatie is er eigenlijk nog een stukje moeilijker door geworden. De partij zal zich moeten bezinnen over hoe het nu verder moet, over de toekomst van de alliantie. Niet alles kan ook rond één persoon blijven draaien."

Wat heeft de alliantie jullie eigenlijk opgeleverd? Onlangs zei iemand: 'een zangeres, een gepatenteerde overloper en een opportunist'.

"Dat klopt niet. Het is meer dan dat. Hoewel ik mij soms de vraag stel naar welk soort politiek we evolueren, hebben Margriet en Bert wel de gave om te communiceren met de mensen. Het is nuttig dat zij op een eenvoudige manier een politieke boodschap kunnen brengen.

"Bovendien zitten er bij ID heel wat jonge mensen die mee willen denken over de toekomst zonder dat ze al jaren in het systeem zitten. Ik denk ook dat een aantal mensen voor VU-ID gestemd heeft omdat we met die operatie toonden dat we niet enkel het eigen gelijk prediken. En dus moeten we de alliantie niet opblazen en terug naar af gaan. Maar wat niet meer kan is dat je twee entiteiten hebt, die via één persoon aan elkaar hangen."

Wat vond u van de beslissing van de partijraad om Bert Anciaux in eerste instantie te weigeren als minister?

"Ik was niet verwonderd. Wat me wel verwonderde is dat het partijbestuur die zaak niet voorbereid had en geen scenario had om problemen op te vangen. Regeringsdeelname ligt bij ons zeer gevoelig. Daarom staat er in de statuten dat wie aan de onderhandelingen deelneemt, daar geen persoonlijk belang bij mag hebben. Dat is de kern van het probleem. In de pers leek het alsof de partij Bert een dolk in de rug stak. Dat was niet het geval. Bert had er ook voor kunnen kiezen om zelf niet te onderhandelen. Dan was er geen probleem geweest."

Die beslissing was toch een bewijs van de rancune die veel VU'ers koesteren tegen Bert Anciaux.

"Rancune is een groot woord. Het gevaar van boegbeelden is natuurlijk dat je ze zelf maakt. Bert heeft onmiskenbaar een talent dat vele anderen niet hebben. Ik was er zelf bij toen de pr-mensen die de partij begeleidden tijdens de eerste jaren van Berts voorzitterschap zeiden dat ze van hem iets konden maken. De partij heeft daar ook in geïnvesteerd."

U praat net over waspoeder.

"Ik heb eerst gezegd dat je het natuurlijk moet hebben. Maar het is evengoed zo dat mensen gemaakt worden door de media. Soms spontaan zoals in het geval van Marc Verwilghen. Bij Bert ook omdat de partij dat gewild heeft, omdat hij onze overlevingskans was. We hebben daarin geïnvesteerd en het heeft ook opgebracht. Als er echter niemand anders komt, zit je op de duur vast. Die ene persoon kan je dan alles opleggen. Ik denk dat hij nu wel wat geleerd heeft.

"Maar ik heb voor hem gestemd, hoor. Ik heb er geen probleem mee dat hij minister wordt. Zelf was ik ook kandidaat. Om principiële redenen. De vrouwen hadden het mij gevraagd en ook de jongeren omdat ze consequent in een bepaalde richting willen gaan. Nu heeft men voor een oude oplossing gekozen: je neemt één minister (Anciaux en Johan Sauwens, rg) uit elk kamp en daarmee is dan iedereen gelukkig. Zo blijven we wel ons oud probleem meesleuren."

Twijfelt u dan soms aan uw engagement in de VU?

"Wie zou er nooit twijfelen? Af en toe denk je aan het feit dat je je beste jaren aan de politiek gespendeerd hebt. Op het vlak van de Vlaamse autonomie hebben we natuurlijk veel gerealiseerd. Maar ik wil ook mijn maatschappelijk engagement waarmaken. Dat lukt zo moeilijk in deze partij."

Er zijn nog andere partijen.

"Ik zit bij de VU omdat ik er mij thuisvoel, omdat het geen verzuilde partij is, omdat het in mijn ogen een progressieve partij is en omdat ze op sociaal-economisch gebied een centrumpositie inneemt. Ik heb nooit gedacht aan een overstap. Het is wel spijtig dat een aantal pogingen om het politieke landschap te 'herverkavelen' niet gelukt zijn. Iedereen zit weer opgesloten in zijn eigen grote gelijk."

'Karel Pinxten heeft een ééngemaakte controledienst vanuit zijn invalshoek - die van de Boerenbond zeg maar - steeds afgeremd. Er primeerden andere belangen dan de volksgezondheid''De VU heeft voor een oude oplossing gekozen: één minister uit elk kamp en daarmee is dan iedereen gelukkig. Ik ben daar niet gelukkig mee''Op het vlak van de Vlaamse autonomie heeft de VU natuurlijk veel gerealiseerd. Maar ik wil ook mijn maatschappelijk engagement waarmaken. Dat lukt zo moeilijk in deze partij'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234