Zaterdag 14/12/2019

Opinie

Het is nooit te laat om ook aan de minder mooie kant van Brussel iets te veranderen

Beeld Maartin Warpy

Michiel Geluykens is muzikant-regisseur en werd vorig jaar in Molenbeek in zijn rug geschoten toen hij op de fiets op weg naar huis was.

Vannacht is het exact één jaar geleden dat ik al fietsend op weg naar huis een kogel in de rug kreeg. Geen overval, geen poging tot diefstal, geen aanleiding: zomaar. Zoals zo vaak fietste ik 's nachts na mijn werk als barman in een Brussels café naar mijn appartement in Molenbeek, een fietstochtje van tien minuten. Nooit eerder problemen gehad, deze keer probeerden drie mannen mij ter hoogte van de Ninoofsepoort tegen te houden en werd ik neergeschoten.

De kogel boorde zich door een long en kwam op 2 millimeter afstand van mijn hart terecht. Ik kon zelf een ambulance bellen, werd geopereerd en ontwaakte de volgende dag in het ziekenhuis waar ik te horen kreeg dat ik aan het gebeuren niets zou overhouden.

Onwaarschijnlijk veel geluk volgens de behandelende chirurg, die zoiets ook nog nooit had gezien: een one in a million shot. Het incident werd de aanleiding voor heel wat artikels en opiniestukken, ook in deze krant. Brussel werd nog maar eens omschreven als oord van verderf waar mensen van wegvluchten, Molenbeek de kankerplek waar kogels je om de oren fluiten. Ik heb toen zelf niet gereageerd: voor mij was het belangrijker om te herstellen, tot rust komen en tijd door te brengen met vrienden en familie. En eerlijk: al die plotse aandacht voor iets wat mij was overkomen was ook best eng.

Brussel

We zijn een jaar verder en 2014 is met voorsprong het meest bewogen jaar uit mijn leven geweest. Een week na het schot stond ik al terug op mijn benen en mocht ik het ziekenhuis verlaten. Het besef zoiets onwerkelijk te overleven gaf mij intense levensvreugde en veel energie, het bekende idee: what doesn't kill you makes you stronger. Dagelijkse zorgen verdwenen naar de achtergrond en elke dag leek een geschenk. Na een tijdje stond de realiteit wel terug voor de deur: de grote gevoelens verdwenen, ontdekken dat het leven soms nog altijd gewoon kut kan zijn en daar weer mee leren omgaan was niet makkelijk.

Mijn kijk op Brussel is dit jaar niet veel veranderd: voor mij is dit nog steeds de stad waar ik graag woon. Waar ik naar de filmschool ben geweest en zoveel vrienden en interessante mensen heb leren kennen. Waar ik optredens kan zien van muzikanten van over heel de wereld in één van de vele concertzalen, of obscure films in kleine cinema's check. Waar ik 's nachts uitga en over de straten fiets, en mij daar niet eens onveiliger als vroeger bij voel.

Tegelijk heeft het gebeuren mij wel bewuster gemaakt van de problemen van deze stad. Ik woon nog steeds op hetzelfde appartement in Molenbeek en als ik door de straten van mijn buurt wandel vraag ik mij vaak af hoe het moet zijn om hier in minder dan ideale omstandigheden op te groeien. Er heerst in Brussel een grote tegenstelling tussen rijk en arm, tussen verschillende gemeenschappen en culturen. Ik zie jongeren die zich geen volwaardig deel van de maatschappij voelen gefrustreerd toekijken hoe anderen alles hebben wat zij niet kunnen krijgen. De verscheidenheid aan mensen is één van de redenen waarom ik van deze stad hou, maar wie in Brussel woont weet ook: de verschillende gemeenschappen leven hier vaker naast dan met elkaar.

Lokale organisaties proberen jongeren te motiveren om actief deel te nemen aan de maatschappij en pogen een dialoog tussen verschillende gemeenschappen op te starten. Geweldige initiatieven, maar volgens mij schort er iets aan de structurele aanpak van bovenaf. De clash tussen verschillende werelden is een maatschappelijk probleem van deze tijd dat Brussel overstijgt, een probleem waar geen makkelijke oplossing voor is.

Organisatie

Toch heb ik het gevoel dat er niet voldoende aandacht aan geschonken wordt. Wat niet helpt is de organisatie van deze stad, met zijn verschillende burgemeesters en politiezones. De personen die mij neerschoten zijn nooit gevat en al snel werd duidelijk dat het een hopeloze zaak was: de camera's op de plaats van de feiten bleken niet te werken en verdere sporen waren er niet. De politie was de nacht van het schot snel ter plaatse, maar van een grote zoekactie was geen sprake. Ik heb dan ook mijn bedenkingen bij het handelen van de politie op cruciale momenten, met het gevoel dat er traag en inefficiënt te werk gegaan werd.

De burgemeester van Molenbeek liet in een eerste reactie dan weer weten dat ze zich 's nachts zelf niet in de buurt van de Ninoofsepoort durfde te begeven. Om vervolgens de vraag te stellen of de feiten nu wel op haar grondgebied, of in de gemeente Brussel hadden plaatsgevonden: daarmee vatte ze ongewild het probleem van deze stad samen in één zin.

Straffeloosheid

Ik besef maar al te goed dat ik de uitzondering ben: een mens krijgt hier normaal geen kogels in de rug. Maar iedereen die hier woont kent wel iemand die overvallen en bestolen, of zonder reden in elkaar geslagen werd. Dat is eigen aan de grootstad en niet exclusief voor Brussel: op elke plaats waar zoveel verschillende mensen samenwonen krijg je problemen. Niemand kan echter ontkennen dat in Brussel nog altijd een gevoel van straffeloosheid heerst.

In combinatie met de frustraties die hier leven bij een grote groep mensen leidt dit tot een gevaarlijke situatie: iets dat langzaam aan het overkoken is en waar we niet van mogen wegkijken. Zinloos geweld is slechts één van de gevolgen die hieruit voorkomen. Brussel is een geweldige stad met een enorm potentieel, een stad waar ik van hou en waar ik blijf wonen. Een grootstad met ontzettend veel mooie, maar ook een paar minder mooie kanten. Het is nooit te laat om daar iets aan te willen veranderen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234