Zondag 07/03/2021

Het internet staat nog in zijn kinderschoenen

Neen, bij Google werken niet alleen gebrilde computernerds of twintigers op kleurrijke sneakers. De grootste naam binnen het bedrijf - na oprichters Larry Page en Sergei Brin - is Vinton Cerf, 66 jaar oud, maar nog even helder van geest en invloedrijk als toen hij meer dan dertig jaar geleden mee de basis bouwde van wat iedereen vandaag als het internet omschrijft. Cerf - spreek uit ‘Surf’ - hielp in de jaren zeventig, na studies aan Stanford University en UCLA, het Arpanet te ontwikkelen, waarmee voor het eerst data werd uitgewisseld tussen verschillende computers. In die jaren vormde hij een onafscheidelijk duo met Robert E. Kahn. Samen bouwden ze verder aan de technologie voor wat het internet zou worden.“We beseften niet dat we aan het bedenken waren wat nu allemaal kan”, vertelt hij. “Maar we werden wel al wild bij de gedachte dat we iets in gang konden zetten op een computer in Chicago met iets wat we zelf deden op een computer in Los Angeles. Dat was nog nooit gedaan. En we wisten dat er veel mogelijk werd als dat lukte.”In 1976 verhuisde Cerf naar DARPA, het onderzoekscentrum van het Amerikaanse ministerie van Defensie, dat was opgericht prompt nadat de Russen de Spoetnik de ruimte ingeschoten hadden. Zes jaar later kwam hij aan het hoofd te staan van het team dat MCIMail bedacht, de voorloper van e-mail. Sindsdien kreeg hij meer awards dan Eddy Merckx en Johan Museeuw samen klassiekers hebben gewonnen. Vandaag wordt hij gewoonlijk omschreven als de founding father of the internet. Al heeft hij zelf liever dat u hem aanspreekt als Chief Internet Evangelist, zijn - jawel - officiële titel bij Google, de internetgigant waarvoor hij sinds 2005 werkt.

Gigantische gebeurtenis

Cerf was de voorbije dagen te gast op een conferentie over het wereldwijde web, de commerciële versie van het internet dat twintig jaar geleden werd ontwikkeld door de Engelsman Tim Berners-Lee en de Belg Robert Cailliau nadat ze hadden voortgeborduurd op het werk van Cerf en Kahn. Na de conferentie reisde de apostel van Google verder naar Brussel, waar hij een uur uittrok om te praten over de toekomst van het internet. Als u het hem vraagt, is het einde van de mogelijkheden nog lang niet in zicht. “Technologie wordt weleens omschreven als datgene waarmee je niet bent opgegroeid”, vertelt Cerf. “Er worden momenteel overal ter wereld kinderen geboren die nooit een wereld zonder internet gekend hebben. Voor hen is het er altijd geweest, zoals elektriciteit of de telefoon er voor ons altijd geweest zijn. Ik herinner me nog onze allereerste televisie, toen ik zeven jaar oud was. Een zwart-wittoestel. Dat was een gigantische gebeurtenis.”“Dertig jaar geleden bouwden wij het internet, wat met de komst van het world wide web tien jaar later voor iedereen commercieel toegankelijk werd. Twintig jaar lijkt veel, maar voor een industrie in volle bloei is dat weinig. Google bestaat amper elf jaar, maar het logo is ondertussen één van de beroemdste ter wereld. Het internet staat nog in zijn kinderschoenen. We zien nu nog maar pas de eerste stapjes van wat internet op mobiele telefoons kan betekenen. Er zijn veel meer mensen met een mobiele telefoon dan met een computer. En nog altijd amper 15 procent van alle gsm’s geeft je toegang tot het internet. Kun je nagaan wat voor mogelijkheden daar nog liggen voor een bedrijf als Google?”

Teletijdmachine

De eerste stappen van mobiel internet, dat was tot dusver mailen met Blackberry’s of iPhones. Er bestaan ondertussen mobiele websites, ook voor andere gsm-modellen, maar die evenaren niet de gebruikservaring van websites op een pc of laptop. Een volgende stap waren de applicaties die je kunt downloaden op de iPhone of de G1, de eerste telefoon van het Taiwanese bedrijf HTC die draait op android, een besturingssysteem van Google. Die applicaties geven een voorsmaakje van wat mobiel internet zal zijn, maar als Cerf op dreef komt, voorspelt hij toepassingen waarover we nu nog nauwelijks durven te dromen. “Als we denken aan het integreren van het internet in andere toestellen dan computers en gsm’s, dan denken we altijd aan entertainment-toestellen, zoals radio’s of tv’s. Maar wat als we dat ook doen bij koelkasten of wasmachines? En wat als we dat combineren met sensoren, waarmee we nu al volop experimenteren?”Dat klinkt alsof hij met de teletijdmachine van professor Barabas op reis geweest is naar Sillicon Valley in 2039, maar dat is niet zo. Wat Cerf voorspelt, zit er elk moment aan te komen. Dat merk je wanneer de Chief Internet Evangelist een paar voorbeelden geeft. “De belangrijkste kamer in mijn huis is mijn wijnkelder”, lacht hij. “Daarvan moet de temperatuur constant op 15,5 graden blijven. Bij mij hangt daar een sensor. Zodra de temperatuur daarboven komt, krijg ik een sms die me daarvan op de hoogte brengt. Onlangs begon ik net aan een belangrijke vergadering, toen mijn wijnkelder me op mijn telefoon liet weten dat het daar ondertussen 18 graden was. Ik heb mijn vrouw gebeld, maar die kon op dat moment onmogelijk naar huis rijden. Dus werken we aan een systeem dat ervoor zorgt dat ik met mijn mobiele telefoon zelf de temperatuur kan regelen.”

Mooi stuk rundvlees

Vinton Cerf kan nog wel even doorgaan met het bedenken van nieuwe toepassingen waardoor we met zijn allen - om het met de slogan van mannenblad Ché te zeggen - kunnen dromen van een betere wereld. “Vandaag zie je op je elektriciteits- rekening hoeveel elektriciteit je verbruikt hebt”, vertelt hij. “Maar het zou perfect mogelijk moeten zijn om daarop te volgen hoeveel elk toestel specifiek verbruikt heeft en in welke kamer van ons huis we het meeste energie verbruiken. Daaraan kunnen we ons gedrag aanpassen. Of stel je voor dat je naar de supermarkt gaat en daar een mooi stuk rundvlees ziet liggen. Dan zul je met je mobiele telefoon de barcode kunnen inscannen. Vervolgens zie je hoeveel water verbruikt is vooraleer dat stuk vlees in de winkel kwam. Wat is de ecologische voetafdruk daarvan? En van dat blik groenten? Het internet zal ervoor zorgen dat we altijd maar meer informatie te weten komen.”“Ik word bijzonder opgewonden als ik denk aan wat er de komende twintig jaar zit aan te komen”, gaat hij verder. “Dertig jaar geleden slaagden wij erin om dataverkeer tussen computers mogelijk te maken, maar als je vervolgens naar de geschiedenis van het internet kijkt, dan merk je dat alle baanbrekende ideeën afkomstig waren van een paar individuen die op zolderkamers of aan universiteitscampussen een goed idee hadden om het internet nog efficiënter te maken. Dat lukte omdat het internet nu eenmaal toelaat om een goed idee meteen uit te proberen. Nooit had je daarvoor de toestemming nodig van Yahoo! of Google of eBay. Die vrijheid zorgt voor de voortdurende evolutie van het internet.”Als Cerf gevraagd wordt wat hij zelf het interessantste fenomeen vond dat de jongste jaren op het internet is opgedoken, noemt hij geen bedrijven als MySpace, YouTube, Facebook of Twitter. In plaats van achteruit te kijken kijkt hij vooral vooruit. “Ik ben een groot fan van sciencefiction”, bekent hij. “En de voorbije tien jaar heb ik me geëngageerd in een project dat communicatie tussen planeten mogelijk moet maken. Nu kan je je afvragen: waar is dat voor nodig? Met wie ga je dan communiceren? There is nobody out there. Misschien, maar vorig jaar slaagden we erin om de ruimtesonde Phoenix op Mars te laten landen. Wil je de informatie van zo’n sonde tot bij ons op de aarde krijgen, dan heb je interplanetaire communicatie nodig. Momenteel werken we daarvoor aan een standaard, zodat alle ruimteschepen overal ter wereld dezelfde technologie kunnen gebruiken.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234