Zondag 05/12/2021

Het Hollandse Frankrijk-gevoel

Nederlanders houden van Frankrijk, niet van Fransen

Vandaag begint in Nederland de Boekenweek, aldaar de jaarlijkse kermis van het literaire boek. Tot en met zaterdag 20 maart - de Boekenweek duurt dus elf dagen, als het over literatuur én commercie gaat, zijn de Nederlanders nooit zuinig - zijn er overal literaire activiteiten. Het thema is dit jaar Frankrijk, onder de algemene noemer 'Gare du Nord - Ontmoetingen met Frankrijk'.

Nederlanders in Frankrijk, Vlamingen maken er zich graag vrolijk over. Ooit zat ik op een terrasje in de diepe Provence een Franse krant te lezen toen er ook enkele Nederlandse wielerfanaten neerstreken. Nadat ze al enkele minuten in vlekkeloos arrogant klinkend Nederlands hun mening over het café en de omgeving hadden geventileerd, wilde er eentje nog wat melk bij de koffie, maar dat kreeg geen van de Nederlanders uitgelegd: 'milk', 'milch', of het toch behoorlijk Frans klinkende 'melque', die Franse troela van een dienster leek het maar niet te willen begrijpen. "Een mooi land, jammer dat er Fransen wonen." Zo zei de toenmalige Nederlandse minister Jorritsma enkele jaren geleden. Het diplomatieke brandje was snel gedoofd, maar met de lapsus vertolkte de minister wellicht de mening van vele Nederlanders, die dan ook niet doorhadden dat de uitspraak eigenlijk een variant was op een verzuchting die generaal De Gaulle vaak al lachend maakte: "Ah! Que la France serait belle sans les français."

Door de Boekenweek wordt de boekenmarkt momenteel overspoeld met boeken over Frankrijk. Iedere uitgever probeert de francofielen van het huis zo prominent mogelijk in de etalage te zetten. Daarbij valt op dat het vakantieland Frankrijk vooral door buitenlanders beschreven wordt, de eigen Franse literatuur is veel minder plaatsgebonden dan je zou vermoeden. Belangrijke hedendaagse romanciers - Michel Houllebecq is slechts een voorbeeld - laten de couleur locale blijkbaar maar wat graag over aan buitenlandse schrijvers-toeristen. Patrick Modiano heeft het natuurlijk in zijn boeken óók over Parijs, maar voor een recent in het Nederlands verschenen reisverslag van een autochtone Fransman moeten we teruggrijpen naar een jeugdwerk van Flaubert: Langs velden en oevers (Atlas), over een wandeltocht die hij in 1874 maakte door het Loiregebied en Bretagne met zijn vriend Maxime du Camp.

Daarentegen schrijven opvallend veel Nederlanders graag en gretig over Frankrijk. Nederlanders houden van Frankrijk, niet van Fransen, zo poneert Jan Brokken in Zoals Frankrijk was (Atlas), een boek waarin hij artikelen en verhalen over dertig jaar Frankrijk-ervaringen bundelde. Brokken beschouwt zichzelf als de uitzondering op de regel. Hij studeerde in Bordeaux, trouwde met een Française en werd een kenner van de Franse cultuur. Zijn boek bevat interessante essays over uiteenlopende figuren zoals de cineast François Truffaut, de zanger Léo Ferré, en schrijvers als Nathalie Sarraute, Modiano, Camus en Bernard-Henri Lévy. Daarnaast zijn er persoonlijke verhalen over zijn Frankrijk-liefde en anekdoten, bijvoorbeeld over de krassende stem van Simone de Beauvoir die hij ooit ontmoette in een Parijse boekhandel.

Jan Brokken is lang niet de enige Nederlandse francofiel die met kennis van zaken kan spreken. Van Rudi Wester verschenen recent zelfs twee boeken. Schrijver in Frankrijk (Contact) is een bundel interviews met en portretten van Franse schrijvers, onder wie Modiano (die zich zelden laat interviewen), Marguerite Duras, Emile Cioran, Marguerite Yourcenar en Westers lievelingsschrijfster Colette. Daarnaast is er Beau Berry (Prometheus), een autobiografisch relaas van Wester die in 1999 een huis kocht in Berry, op de grens van de departementen Indre en Creuse. Ze schrijft over haar leven tussen de tien laatste inwoners van het gehucht, over de natuurgebieden, dorpsfeesten en de streekgerechten, waarvan het boek ook enkele voorbeelden bevat. Een 'woonverslag' zoals er intussen vele zijn verschenen, maar dan wel van een specialiste. Wester stelde al tal van bundels over Frankrijk samen en is sinds vorig jaar directrice van het Institut Néerlandais in Parijs.

Van Henk Pröpper, Westers voorganger als directeur, verscheen overigens Parijs' journaal (Prometheus), waarin hij verhaalt over zijn zesjarige verblijf aldaar. Pröpper noemt zijn boek tevens een liefdesverklaring aan een volgens hem tegelijkertijd verlicht en romantisch land. Parijse feesten (Meulenhoff) heet het boek met herinneringen en verhalen van Ethel Portnoy, die als eega van Rudy Kousbroek ook lang in Frankrijk verbleef. Van Guus Luijters, die eerder onder meer Montmartre heeft echt bestaan publiceerde, verschijnt nu Frankrijk en zijn grote schrijvers (Veen). En na het originele boek De Meridiaan van Parijs publiceert Philip Freriks een nieuwe bundel Frankrijk-verhalen: Gare du Nord (Conserve). Originele titels bedenken is moeilijk tijdens een dergelijke wildgroei. Dat blijkt ook uit de nieuwste van de gerenommeerde historicus H.L. Wesseling: Na Frans met de Fransen verscheen nu, met het oog op de Boekenweek, Franser dan Frans (Bert Bakker).

Is er een verklaring voor die Hollandse schrijf- en publiceerdrift als het over Frankrijk gaat? Misschien is het een late revanche op de uitspraak van Voltaire na een bezoek aan Nederland: "Adieu canaux, canards, canaille"?

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234