Dinsdag 17/05/2022

Het grote werk na de schoonmaak

Thomas Leysen, ceo van Union Minière, uitgever en zoon van zijn vader

Hij is 39, maar voor iemand die door zijn vader als ongeduldig omschreven wordt, lijkt het niets te vroeg om nu al gedelegeerd bestuurder van een van de grootste bedrijven van België te worden. Karel Vinck ging hem de voorbije zes jaar vooraf als puinruimer. Nu is het aan Thomas Leysen om van Union Minière een sterk groeibedrijf te maken.

Voorlopig roept de naam Leysen vooral associaties op met André Leysen, de voorzitter van de holding Gevaert. Maar die zou zelf liever zien dat zijn twee zonen het referentiepunt zijn: Christian als topman van de rederij Ahlers en het informaticabedrijf Xylos (en kandidaat-gemeenteraadslid voor de VLD in Antwerpen), Thomas als gedelegeerd bestuurder van Union Minière en voorzitter van het directiecomité van de Vlaamse Uitgeversmaatschappij (VUM). "Ze hebben allebei hun eigen weg gemaakt, en hun naam was daarin veeleer een handicap dan een voordeel, denk ik", zegt Leysen in zijn ruime bureau in Mortsel, in de vestiging van Agfa-Gevaert. "Door het milieu waarin ze opgegroeid zijn, hebben ze kansen gekregen, maar dat heeft minder met geld dan met een houding te maken die we ze hebben willen meegeven. We hebben ze geleerd internationaal te denken, en misschien ook hard te werken. We voelen ons allemaal schuldig als we niet presteren."

Thomas Leysen is nu een paar weken chief executive officer (ceo) van Union Minière (UM). Hij moet zowat de eerste gedelegeerd bestuurder van het non-ferrobedrijf zijn die zijn nieuwe baan niet meteen met een herstructureringsplan moet inzetten. Toen Karel Vinck in 1994 als turnaround-manager van Bekaert naar Union Minière gehaald werd, was dat wel even anders. Vinck mocht onmiddellijk puin ruimen.

Door het Industrieel Plan dat hij uitwerkte, moest 30 procent van het personeel afvloeien. Vandaag telt Union Minière 8.000 werknemers. In 1998 waren dat er nog 10.700. Tegelijk investeerde Union Minière tussen 1995 en 1999 22 miljard frank. Dat geld moest de non-ferrogroep helpen om meer rendabiliteit te halen uit minder activiteiten.

Sinds de Generale Maatschappij in 1906 op instigatie van koning Leopold II de Union Minière de Haut-Katanga opgericht had voor de ontginning van de rijke koperlagen van Katanga, was de groep uitgedijd tot een breed conglomeraat. Union Minière raffineerde niet alleen koper, kobalt en edele metalen, maar maakte ook plastic onderdelen voor de autosector (bij Plascobel in Overpelt) en diamanten werktuigen (bij Diamant Boart). Onder leiding van Vinck werden zowel Plascobel als Diamant Boart verkocht. Alles samen deed UM activiteiten ter waarde van 23 miljard frank van de hand.

Daarnaast pompte Vinck geld in een nieuwe koperraffinage-eenheid in Olen en zorgde hij ervoor dat UM zelf controle kreeg over de aanvoer van koper door de overname van een kopersmelter in Bulgarije (Pirdop). De meest gewaagde investering, een nieuwe smelter voor de raffinage van edelmetaal in Hoboken, liet Vinck in 1998 doorvoeren. Die werd het bedrijf bijna fataal. De smelter raakte maar erg moeizaam geïnstalleerd, en zelfs dan liet zijn raffinageproductie het afweten. De moeilijkheden zorgden ervoor dat UM de raffinage van edele metalen tijdelijk moest stilleggen, een bijna-ramp. UM verloor in 1998 2,5 miljard frank in Hoboken. Door het monsterverlies van de activiteit edele metalen, zakte de volledige groep ruim twee miljard frank in het rood. "Het was het slechtste moment uit mijn periode", zegt Vinck vandaag.

Thomas Leysen was toen 37. De zware problemen met de smelter in Hoboken maakte hij niet rechtstreeks mee. Pas later dat jaar werd hij verantwoordelijk voor koper en edele metalen, een van de drie businessgroepen (naast zink en nieuwe materialen) bij Union Minière. De jaren voordien had Leysen een snelle opmars bij het filiaal van de Generale Maatschappij gemaakt. Eerst, in 1988, was hij verantwoordelijk voor de tradingafdeling van de Generale Maatschappij zelf geweest. Daarna, tussen 1989 en 1992 werkte hij voor Sogem, de tradingorganisatie van Union Minière. Sogem is een wereldwijde aan- en verkoopagent van non-ferrometalen en een belangrijke speler op de Londense grondstoffenmarkten (London Metal Exchange).

Vanaf dan kreeg hij ook operationele verantwoordelijkheid bij Union Minière zelf. Zo leidde hij de afdeling die materialen voor batterijen, hardmetalen en industriële chemicaliën maakt, een afdeling van bijna duizend werknemers, met fabrieken van Olen tot Shanghai. "Het verbaasde mij niet dat hij vlug vooruitging", zegt zijn oudere broer Christian, de topman van rederij Ahlers en het informaticabedrijf Xylos. "En je moet hem nageven dat hij zijn weg gemaakt heeft in een omgeving waar de naam Leysen geen echte troef was", een referentie naar de, mislukte, poging van enkele ondernemers (waaronder André Leysen) om de Generale Maatschappij in 1987-1988 in Vlaanderen te verankeren.

Ondertussen, in 1997, werd Thomas Leysen ook voorzitter van het directiecomité van de Vlaamse Uitgeversmaatschappij (VUM), de uitgever van De Standaard, Het Nieuwsblad en Het Volk. Die functie is wel een familie-erfenis. De familie Leysen controleert de VUM al sinds 1976, toen vader André Leysen de uitgeverij van het faillissement redde. Vandaag besteedt Leysen een halve dag per week aan de leiding van de VUM, maar dat ziet hij niet als een probleem. "Bij de VUM sta ik in voor de strategische richting die we uitgaan, bij Union Minière voor de dagelijkse leiding. Dat is iets heel anders."

Zo stuurde Leysen er vorig jaar op aan dat de VUM, via de holdings SBE en Medi@bel, een indirecte participatie verwierf in de kranten Vers L'Avenir, La Denière Heure en La Libre Belgique. Tegelijk drong hij aan op een herstructureringsplan voor de bestaande krantentitels. Die haalden een cashflow voor belastingen die lager lag dan 15 procent van de omzet, een cijfer dat internationale krantengroepen wél halen. "De krantendivisie heeft niet de rendabiliteit die nodig is. Als de conjunctuur omslaat, moet je een kostenstructuur hebben die je wapent tegen de ommekeer", zegt Leysen. De herstructurering van de VUM hing samen met een erg moeizaam onderhandeld afvloeiingsplan.

Dat hij de kranten zou willen verkopen, zoals de geruchtenmolen wil, noemt hij "een kwakkel". Leysen zegt juist heel 'blij' te zijn met de ommekeer die De Standaard ingezet heeft, al zegt hij daarbij niets over de nog altijd zwakke verkoopcijfers van Het Volk en Het Nieuwsblad. Volgens André Leysen, die zelf voorzitter van de raad van bestuur gebleven is (wat hij zelf "een decoratieve functie" noemt), is zijn jongste zoon "zeer gebonden" aan de krant.

Bij Union Minière zijn de uitdagingen van een andere orde dan bij de VUM. Na het annus horibilis 1998 maakte Union Minière vorig jaar 69 miljoen euro (2,79 miljard frank) winst. "Dat is, samen met het besef dat de smelter in Hoboken goed functioneert, mijn beste moment hier geweest", zegt Vinck. "Het is goed te zien dat Union Minière weer op een structureel gezonde bodem kan bouwen." Zelf ruilt Vinck zijn functie als gedelegeerd bestuurder bij UM voor het voorzitterschap van het Belgische bedrijf Sibelco, een van de wereldleiders in de productie van klei en wit zand. Bij Union Minière blijft hij voorzitter van de raad van bestuur. Met Leysen gaat hij "als een duo" samenwerken, zegt Vinck. "Daar ben ik altijd een grote voorstander van geweest. Sommige beslissingen die je moet nemen, zijn zo zwaar dat je ze best met twee neemt."

Analisten en investeerders verwachten dat Leysen Union Minière de volgende jaren weer uitbouwt tot een groeibedrijf. Begin 1998, voor de problemen in Hoboken, noteerde het aandeel nog 70 euro. Vandaag, twee jaar later, kost het amper 40 euro. Na het rampjaar komt het vertrouwen blijkbaar maar moeizaam terug. "Dat heeft tijd nodig", zegt Leysen. "We moeten een track record opbouwen van goede resultaten en de investeerders op die manier proberen te overtuigen." In de loop van dit jaar heeft UM al twee keer zijn winstverwachtingen verhoogd, geholpen door de aantrekkende conjunctuur en hogere grondstoffenprijzen.

Om aan de verwachtingen van de aandeelhouders te voldoen wil Leysen harder gaan werken aan de 'visibiliteit' van UM bij institutionele investeerders. Daarbij wil hij hen er onder meer van overtuigen dat UM lang niet meer het cyclische aandeel van weleer is, dat op en neer dook met de economische conjunctuur en de dollar. Vorige maand kondigde UM aan dat het zich voortaan beter indekt tegen schommelingen van de dollar "en omdat we meer producten met toegevoegde waarde willen maken en minder pure grondstoffen worden we ook minder gevoelig voor schommelingen in de conjunctuur", zegt Leysen. Zo kocht UM begin 1998 het Amerikaanse Phase4 Infrared, een bedrijf dat zinkselenide maakt, een chemische verbinding die onder meer voor lasers gebruikt wordt. "Dat is een voorbeeld van wat we willen doen. We gaan zelf geen producent van lasers, zonnepanelen of batterijen worden, want dan doen we onze klanten concurrentie aan, maar we willen er wel de materialen voor leveren. Vooral voor nieuwe materialen liggen de groeicijfers van de markt heel hoog. De markt voor batterijen voor draagbare telefoons en computers groeit met 30 tot 40 procent per jaar."

Een van de aandeelhouders die van op de eerste rij toekijkt bij Union Minière is Christine Morin-Postel, de gedelegeerd bestuurder van de Generale Maatschappij. Sinds haar volledige overname door de Franse nutsholding Suez voert de Generale geen operationele taken meer uit. De holding beheert nog enkele activa voor Suez. Het pakket van 25,25 procent in Union Minière is daarbij een van de belangrijkste. De participatie is ongeveer 10 miljard frank waard. Eind vorig jaar zei Morin-Postel nog dat Suez er niet aan dacht het pakket te verkopen: "Je laat vrienden niet in de steek in moeilijke tijden." Ze hoopte tegen de twee helft van dit jaar "verbeteringen" te zien bij UM.

Nu het vroeger dan verwacht beter gaat bij het non-ferrobedrijf, gaat de markt ervan uit dat de Generale, eerder vroeger dan later, haar participatie verkoopt. "De afspraak is dat de Generale Maatschappij dat in samenspraak met het management doet", zegt Leysen. Hij lijkt er daarbij van uit te gaan dat het pakket onder het publiek verspreid raakt en niet verkocht wordt aan een nieuwe referentie-aandeelhouder. "Dat zou een minder realistisch scenario zijn. Er zijn weinig bedrijven die zo breed zijn als Union Minière en die daarom een goede partner voor de hele groep zouden vormen. Ofwel zijn ze gefocust, en leggen ze zich toe op een onderdeel van wat wij al doen, ofwel heb je mijnbouwbedrijven."

Leysen en Vinck willen UM wel versterken door per business unit overnames of allianties aan te gaan. "In zink en koper is er wereldwijd een consolidatie bezig en daar willen we aan meedoen, als we kunnen", zegt Vinck. In zijn koperafdeling voerde UM de voorbije jaren al een tempoversnelling door, door de Bulgaarse overname en de raffinaderij in Olen. Voor haar zinkafdeling kondigde UM midden mei een participatie van 33 procent aan in de Thaise zinkproducent Padaeng Industry. Daar betaalt UM omgerekend 1,1 miljard frank voor. Maar analisten vermoeden dat UM ook werkt aan een écht grote deal in een van die twee business units. "We gaan de volgende maanden op die weg (van overnames, js) voort", zegt Vinck. Volgens Leysen kan UM een eventuele grote overname ook helemaal zelf financieren; tegen de huidige beurskoers lijkt een kapitaalverhoging immers nogal onwaarschijnlijk. "Een overnameproject van 10 miljard frank moeten we aankunnen", zegt Leysen.

Terwijl hij werkt aan de strategische uitbouw van UM, heeft de nieuwe ceo de voorbije maanden ook de minder prettige kanten van zijn baan leren kennen. Zo kreeg hij in België al twee keer met een zwaar sociaal conflict te maken. In september van vorig jaar staakten de duizend werknemers van de koperraffinaderij in Olen drie dagen over de verlenging van tijdelijke arbeidscontracten. In april moest UM zijn zinkraffinaderij in Balen stilleggen omdat de bedienden het uiteindelijk niet eens waren met een wijziging van het premiestelsel. Balen zorgt jaarlijks voor de helft van de zinkraffinage van UM. "Zo'n staking maakt me niet gelukkig", zegt Leysen. "Het is een negatief signaal naar de markt. Maar in het geval van Balen was het een proces waar we door moesten. Je moet ergens consequent zijn. In Balen hadden de arbeiders ons voorstel aanvaard, en de bedienden niet; we konden moeilijk alles opnieuw gaan onderhandelen."

Ook bij de desinvesteringen van UM duiken soms wrijvingen op. Naast geslaagde operaties - zoals de briljante verkoop van aandelen Emcore, een Amerikaanse producent van halfgeleidermateriaal, die UM dit jaar 650 miljoen frank meerwaarde oplevert - blijken sommige nieuwe eigenaars ook minder gelukkig met de activa die ze van Union Minière overgenomen hebben. Zo is Union Minière in een juridisch dispuut verwikkeld over de kunststoffabriek van Plascobel in Overpelt. Union Minière verkocht Plascobel vorig jaar voor 650 miljoen frank aan de Plastic Investment Company, een participatiemaatschappij die voor 51 procent in handen is van Trustcapital, het venture capital-fonds van de Kortrijkse ondernemer Christian Dumolin. Dumolin dacht bij die overname een winstgevend bedrijf in handen te krijgen. Maar vorig jaar zakte Plascobel zwaar in het rood. Dumolin voelde zich bedrogen en diende in april een eis tot schadevergoeding in bij de Brusselse handelsrechtbank. "Ik heb het grootste respect voor meneer Leysen", zegt Dumolin. We hebben geen persoonlijk probleem met Union Minière. We hebben alleen een meningsverschil. En de rechtbank is er om dat soort meningsverschillen op te lossen." Leysen zelf is er gerust in. "We hebben ons niets te verwijten. Meneer Dumolin is vorig jaar naar ons gekomen met een prijsvoorstel dat ons aanvaardbaar leek. Dan heeft hij drie weken de tijd gekregen om de boeken na te kijken. Pas dan zijn we een definitieve prijs overeengekomen. Nu schijnt het niet te lukken bij Plascobel; ik denk dat we in dat dossier heel sereen kunnen zijn."

'Het verbaasde mij niet dat hij vlug vooruitging', zegt zijn broer Christian. 'En dat in een omgeving waar de naam Leysen geen echte troef was''Bij de VUM sta ik in voor de strategische richting die we uitgaan, bij Union Minière voor de dagelijkse leiding'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234