Zondag 28/11/2021

EU Commissie

Het grote ingangsexamen van de nieuwe eurocommissarissen

Archiefbeeld: Europees Parlement. Beeld ANP
Archiefbeeld: Europees Parlement.Beeld ANP

Vanaf maandag houdt het Europees Parlement hoorzittingen met de 27 kandidaten die de lidstaten hebben uitgestuurd om eurocommissaris te worden. De voorbije twintig jaar zijn die hoorzittingen uitgegroeid tot ware ingangsexamens die zelfs doorgewinterde toppolitici klamme handjes bezorgen. Het summum van parlementaire controle, of eerder een cadeau voor de perceptiemaatschappij?

Van Bjerregaard tot Jeleva
De hoorzittingen bestaan sinds het aantreden van de Europese Commissie van Jacques Santer in januari 1995, nadat het verdrag van Maastricht het Europees Parlement het recht had toegekend om het uitvoerend bestuur van de Europese Unie aan een motie van goedkeuring te onderwerpen. Geïnspireerd op het Amerikaanse model besloot het halfrond hoorzittingen in het leven te roepen om te peilen naar de geschiktheid van elke kandidaat. De formule had echter een zwakke plek. Het parlement kon immers enkel het voltallige college van eurocommissarissen afserveren, geen individuele kandidaten.

De eerste hoorzittingen hadden dan ook weinig om het lijf. Niet dat er niet gejammerd werd om de belabberde prestaties van een aantal kandidaten, maar de parlementsleden werden uiteindelijk gepaaid met een handvol toegevingen die hun greep op het doen en laten van de Commissie wat versterkten. De Deense kandidate Ritt Bjerregaard kon het zich zelfs permitteren om de volksvertegenwoordigers te schofferen met de stelling dat het Europees Parlement eigenlijk geen echt parlement was. Ook vier jaar later kwamen de kandidaten er zonder kleerscheuren vanaf. De Belgische kandidaat Philippe Busquin kreeg het wel zwaar te verduren toen hij netelige vragen over de schandalen rondom zijn partij voor de voeten kreeg geworpen.

Moment de gloire of zenuwslopende beproeving?
Als de hoorzittingen dezer dagen een zenuwslopende beproeving voor kandidaten zijn geworden, en een 'moment de gloire' voor parlementsleden met gezonde profileringsdrang, dan heeft dat alles te maken met Rocco Buttiglione. In 2004 joeg de oerconservatieve Italiaan de progressieven in de gordijnen toen hij zei dat homoseksualiteit naar zijn mening een zonde is. De media doken erbovenop en al snel werd duidelijk dat een Commissie met Buttiglione geen meerderheid zou halen. Commissievoorzitter José Manuel Barroso moest de vertrouwensstemming uitstellen en even later bond ook premier Silvio Berlusconi in. Franco Frattini werd als vervanger naar Brussel gestuurd.

Zo bedong het parlement via een omweg toch het recht om individuele kandidaten te wraken. Intussen had Barroso de Letse regering verzocht om een vervanger voor de zwak presterende Ingrida Udre aan te duiden. In het partijpolitieke steekspel dat intussen was losgebarsten, moest ook de Hongaarse socialist Laszlo Kovacs zijn energieportefeuille inruilen voor een minder prestigieuze post. Daarmee was de toon gezet. Zo werd in de aanloop naar de hoorzittingen van 2009 al gespeculeerd over de scalp die het zelfbewuste parlement ditmaal aan zijn gordel zou rijgen. Het werd die van de Bulgaarse conservatieve Rumania Jeleva.

Cadeau voor de perceptiemaatschappij
Voorstanders verwijzen graag naar de vervanging van Jeleva door de gewaardeerde Kristalina Georgieva als een bewijs van het nut van de hoorzittingen. Maar er zijn ook kritische kanttekeningen. De Commissievoorzitter kiest de kandidaten immers niet zelf, maar moet ze vervolgens wel presenteren aan een parlement waar hij geen evidente meerderheid heeft. "Hoeveel nationale regeringen zouden er met die procedure gevormd kunnen worden", zuchtte Barroso in 2004. Wijlen Jean-Luc Dehaene waarschuwde vijf jaar later voor het collegialiteitsbeginsel in de Commissie. "We moeten opletten met dit systeem. Zoals ze nu verlopen, zijn ze een cadeau voor de perceptiemaatschappij."

45 vragen en antwoorden
Hoe dan ook, vanaf maandag worden de schijnwerpers weer gericht op het Europees Parlement. Karmenu Vella (Milieu/Visserij) en Cecilia Malmström (Handel) mogen zich om 13.30 uur als eersten aan het kruisverhoor onderwerpen. Want dat is het wel. Na een inleidend woordje van hooguit vijftien minuten worden in een bestek van bijna drie uur 45 vragen op de kandidaten afgevuurd. Karel De Gucht getuigde vijf jaar geleden nog dat zo'n sessie bepaald geen lachertje is. Het ritme is hels, het vakjargon vliegt heen en weer, sommige parlementsleden zijn al jaren met die dossiers bezig en de kandidaten staan er alleen voor: geen adviseurs die nog snel even een cijfer of wettekst kunnen influisteren.

Bovendien gaat het niet enkel over dossiers. De procedureregels stellen dat de kandidaten geëvalueerd worden "op basis van hun algemene bekwaamheid, Europees engagement en persoonlijke onafhankelijkheid" en dat ook "de kennis van hun portefeuille en communicatievaardigheden" wordt beoordeeld, maar dat wordt in de ruimste zin geïnterpreteerd. Alles kan de revue passeren: van financiële belangen tot ruchtmakende verklaringen uit het verleden. Wat wel wordt vastgelegd, is de verdeling van de vragen. Dat gebeurt volgens de getalsterkte van de politieke fracties. Zo heeft de Europese Volkspartij recht op elf vragen, de socialisten op tien, de Europese Conservatieven en Hervormers en de liberalen elk vijf, etcetera.

Na de hoorzitting gaan de coördinatoren van de fracties aan het beraadslagen. Bedoeling is dat zij het binnen 24 uur eens raken over een eensluidend advies, maar een fractie kan steeds eisen dat de commissie opnieuw bijeenkomst en kan zelfs een stemming vragen. Dat gebeurde enkele maanden geleden nog, toen de groenen een stemming afdwongen over de interimvervanger van Olli Rehn, de Finse oud-premier Jyrki Katainen. Het evaluatieverslag wordt vervolgens doorgestuurd naar de conferentie van commissievoorzitters en de conferentie van de fractieleiders, waar de procedure wordt afgerond. Als alles volgens plan verloopt, zal het parlement de nieuwe Commissie op 22 oktober het vertrouwen schenken. De Commissie van voorzitter Jean-Claude Juncker kan dan vanaf november aan de slag.

Zonder kleerscheuren aan de start?
Het is echter al even geleden dat een Commissie ongeschonden uit de hoorzittingen kwam. Ook nu weer circuleren namen van kandidaten die in slechte papieren kunnen belanden. Uit de schriftelijke vragen aan de kandidaten blijkt bijvoorbeeld dat sommigen een tandje moeten bijsteken om de parlementsleden te overtuigen dat ze als onafhankelijk eurocommissaris het algemene belang zullen verdedigen en zich niet laten leiden door de agenda van de regering in hun land. Op dat vlak maakte Juncker immers een aantal verrassende keuzes.

Dat geldt bijvoorbeeld voor Pierre Moscovici, die er als Frans minister van Financiën niet in slaagde om het begrotingstekort voldoende af te bouwen, maar vanaf november de waakhond van de nationale begrotingen moet worden. Het geldt nog meer voor toekomstig eurocommissaris voor Financiële diensten Jonathan Hill, een voormalig lobbyist uit Groot-Brittannië, een land dat geen lid is van de eurozone en de Europese Bankenunie en zich verzet tegen Europese regels over short selling en de plafonnering van bonussen. Hill is bovendien de enige kandidaat die niet behoort tot de drie traditionele pro-Europese politieke families. Wel behorend tot één van die families, maar daar niet bepaald de meest geliefde partner, is de Hongaarse premier Viktor Orban. Orban, die een autoritair bewind wordt aangewreven, stuurt Tibor Navracsics, een vertrouweling, die in Brussel onder andere het Europees burgerschapsbeleid en het mediabeleid in handen nemen.

De nodige schandalitis
Daarnaast hangt er rond sommige kandidaten reeds een sfeertje van schandalitis. De Spaanse conservatief Miguel Arias Canete haalde reeds het nieuws omdat hij als toekomstig eurocommissaris voor Klimaat en Energie in extremis nog aandelen in de olie-industrie van de hand moest doen. Toch blijft met name de groene fractie hem een te grote verwevenheid met de oliesector aanwrijven. De Sloveense Alenka Bratusek is een curieus geval. Als premier van lopende zaken nomineerde ze zichzelf als kandidate. Een anticorruptiecommissie voert in eigen land al een onderzoek naar haar voordracht en de nieuwe regering in Slovenië zou er allerminst om malen indien Bratusek zou struikelen in de hoorzitting.

De hoorzittingen moeten ook wat licht werpen op de werking van de nieuwe Commissie. Juncker heeft aangekondigd dat hij zijn vicevoorzitters brede horizontale bevoegdheden zal geven en hen verantwoordelijk wil maken voor de sturing en coördinatie van de grote strategische projecten van zijn Commissie, een innovatie in het Berlaymontgebouw. Het halfrond staat niet afkerig tegenover die nieuwe aanpak, maar vraagt meer duidelijkheid over het onuitgegeven organogram. Hoe conflicten te vermijden? Wie is verantwoordelijk en aansprakelijk voor wat? Met name op het economische en budgettaire terrein...

Op dinsdag 7 oktober valt het doek over de hoorzittingen met een primeurtje. De bevoegdheden van de Nederlander Frans Timmermans als eerste vicevoorzitter en rechterhand van Juncker zijn dermate ruim dat hij niet in een bevoegde parlementscommissie, maar in een open conferentie van de fractieleiders zijn uitmuntende talenkennis mag etaleren.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234