Maandag 30/11/2020

Het glitterverdriet van 10 september

Het ware leven is een roman. Dat is de titel, de genreaanduiding en meteen ook de boodschap van het nieuwe, bijzondere boek van de Nederlandse sterauteur Ilja Leonard Pfeijffer. Maar een roman is het ware leven niet.

Door Bert Bultinck

Bij een roman die zich uitput in het eloquent rond de pot draaien is er voor de recensent weinig reden voor uitstelgedrag of draaikonterij. Daarom dadelijk al een conclusie, die weliswaar nog niet alles weggeeft: de derde roman van Ilja Leonard Pfeijffer toont een auteur die zijn verbale vuurwerk radicaal voortzet, met een hoge amusementswaarde en een ondertoon van melancholie. Dat verdient aandacht en enige bewondering. Zeker bij wie ook nog eens verzot is op intertekstuele labyrintjes of onderscheidingsdrang zal dit literaire experiment de gewenste effecten sorteren. Met de vloedgolf aan dubbele bodems, parodietjes en echo-effecten van Het ware leven kan men een cocktailfeestje of drie lang de hoger opgeleide gasten entertainen. Distinctiedriftige lui, die ook graecus of intelligent zijn, kunnen met dit Italo Calvinoboek hun hartje ophalen. Maar buiten cocktailfeestjes is dit boek ook geschikt voor ernstige academische studie, alsook om voor te lezen, en - het moet gezegd - om over na te denken.

En toch is deze roman eerder interessant dan overrompelend. Het belangrijkste probleem laat zich simpel samenvatten. Om de spitsvondige woorden van de auteur zelf te gebruiken: Het ware leven is nogal tienseptember. Voor wie niet direct aan de juiste historische gebeurtenis denkt: 'tienseptember' is een kwalificatie die Pfeijffer in zijn nieuwe boek gebruikt voor de vorige, van vrijheid vergeven tijd, het laatavondbestel dat de arme westerlingen maar geen precieze richting kan geven. Die "ongevere tijd" is een verloren tijdperk, waarin de torens nog recht stonden. De dagen waarin men nog - het hoge woord staat in het boek en moet er nu eindelijk uit - frivool postmodern kon zijn. Een boek dat 'tienseptember' is, leest dan ook als een romanautobiografie waarin een "ondode" auteur het van belang vindt om zijn "eigen romantiek te ondergraven met verantwoorde parodie" en zijn "eigen parodie te problematiseren met subliem getimede oprechtheid". Laat er geen twijfel over bestaan: Pfeijffer is slim. Maar in deze twaalfseptembertijd, waarin een verkeerd begrepen intellectualisme geen noden te lenigen heeft, raken zijn boeken een beetje uit de tijd.

Dat wil niet zeggen dat deze derde roman niet grappig is. Net als in Het grote baggerboek imponeert de auteur met zijn taalbeheersing, zijn eruditie en zijn hoger-lagerspelletjes. Van Homeros en Lord Byron fietst hij tussen de commedia dell'arte naar Oprah Winfrey en "de gebakken uitjes van Conimex". De soundtrack is van Elvis - uiteraard de late, papperige Elvis van het intense glitterverdriet, al duiken er in het verhaal ook blauwe suède schoenen op. Het vijfendertigste hoofdstuk begint dan weer met de zin: "Het was een nacht die je normaal alleen in films ziet", de ouverture van een hitschijf van volksartiesten Guus Meeuwis en Vagant. Vergelijkingen als in "hij had een kontje als een Napolitaanse mandoline" springen vlot over naar de mededeling dat de hoer Lena er "emigrabel" uitzag. Bogartcitaten uit de film The Big Sleep ("She was worth a stare. She was trouble.") doen denken aan Raymond Chandler, de auteur van de detectiveroman The Big Sleep. En dat past dan weer bij het personage van Sicario, een "professional" en de "private investigator" van dienst.

Pfeijffer is slim, en grappig, een Paul Claes met sexappeal. En in dit boek is hij ook nog eens moedig, zij het nog niet moedig genoeg. De auteur is dapper wanneer hij zijn eigen pomograpjes doorziet en zelf begint over de "experimentele roman" en het "einde van de grote verhalen". Dan blijft er vooral leegte en het onstilbare verlangen om van die leegte een verhaal te maken, een roman, waarin personages die dat verhaal niet meer bij elkaar geknutseld krijgen zich diep in de eigen huid snijden. De hele barokke taalpracht van Het ware leven trekt fotogenieke baantjes rondom het betekenisloze gat van een ontkerstend en bepaald complex leven. Het is kiezen of delen: ofwel wil men de waarheid niet kennen en kan men gered worden (God), ofwel doorgrondt men de waarheid wel, maar gaat men reddeloos verloren (wetenschap). Dat klinkt zwaar, maar zo staat het er, compleet met verwijzing naar de Franse filosoof Michel Foucault. En wie niet kiest, zo laat Pfeijffer verstaan, moet delen en maakt er een potje van: in Het ware leven is er nog plaats voor hoogromantische liefdes, maar ook voor dwangneurosen, militaire heldenmoed en sprekende paarden.

Dat kan tellen, maar in zijn geheel zet de roman net niet genoeg op het spel. Pfeijffer kan het schmieren niet laten. Hij laat de wanhoop onder de literaire circustrucs bij momenten doorschemeren, maar wil dan snel weer laten voelen dat het allemaal misschien toch niet zo serieus is. Alsof hij bang is. In zijn ludiek-tragische ideeënroman staat het kernprobleem helder verwoord, als weerspiegelend glas: "Mensen bestaan slechts in de ogen van anderen. Een mens heeft veel ogen nodig om mooi te worden."

Met Het ware leven zet Ilja Leonard Pfeijffer een flinke stap vooruit, maar hij wil nog altijd zo graag bewonderd worden. Het leven laat zich op zijn beste momenten lezen als een roman, maar het valt er nooit mee samen.

Spielerei, vitello tonnato en baby, met Ilja Leonard Pfeiffer en Yves Petry, zaterdag 14 oktober om 17 uur in de Smidse.

Ilja Leonard Pfeijffer.

Het ware leven, een roman,

De Arbeiderspers, 320 p. 19,95 euro.

De verteller, die veel weg heeft van de bekende Nederlandse braniedichter Ilja Leonard Pfeijffer, gaat op zoek naar het leven zoals het is. Hij vindt het niet in het negentiende-eeuwse, Russische verhaal van tweede luitenant Ferdinand Boeb, die op zoek is naar het dorpje Perovnoje en liefdesbrieven schrijft naar Eugenie. Hij vindt het ook niet in het boek De heuvels van Amalfi van Eugenie van Zanten, de hedendaagse vrouw "die vol verlangens in het leven staat". En zelfs bij modale, pannenkoekenetende vrouwen, die het gezellig over hun Henk hebben, en in de volgende zin over hun Peter of Ron, is het ware leven niet te vinden.

In zijn heilige, ironische zoektocht reserveert de verteller-auteur nog hoofdrollen voor detectives, de aantrekkelijke kont van serveerster Marinda en een nerveuze, doelloze professor, dat alles vanuit café Burgerzaken.> Ilja Leonard Pfeijffer heeft lang haar en veel streken. In 1998 debuteert hij met de luidruchtige dichtbundel Van de vierkante man. Nadien levert hij als student van het oude Grieks een proefschrift van 750 pagina's in. Voor zijn romandebuut Rupert krijg hij de Anton Wachterprijs.

> De grote doorbraak komt er met Het grote baggerboek, een spervuur van amusante smeerlapperij, alsof Pfeijffer de protagonist zelf met zijn "blote bek de vuilwaterdrekpijp (heeft) laten uitlikken". Het pleonasmeplezier en andere taalvirtuositeit bezorgt de auteur nominaties voor de Ako Literatuurprijs en De Gouden Uil.

> Met zijn poëziekritieken en scheldtirades weet hij voortdurend de spots op zijn corpulente persoon te houden. Een paar weken geleden heeft hij in Frankrijk het societyhuwelijk tussen steracteurs Thijs Römer en Katja Schuurman voltrokken. In het ware leven speelt Pfeijffer de rol van bohemien.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234