Woensdag 25/11/2020

Het gezin

De verhouding tussen echtscheidingen en huwelijken is momenteel drie op vier

Annelies Verbeke

"De eerste en belangrijkste kern van de samenleving is het traditionele gezin, waarvan de waarde maatschappelijk erkend en gewaarborgd wordt door het huwelijk tussen man en vrouw." Zoals vele zinnen op de website van het Vlaams Belang, is ook deze zo uit de tijd dat hij bijna humoristisch bedoeld lijkt. Het lachen vergaat je echter wanneer er marsen georganiseerd worden tegen adoptie door homoparen. Of wanneer Roger Pauly, de voorzitter van de Gezinsbond, zich achter dezelfde afkeurende standpunten inzake homoseksuele adoptieouders schaart. Daarnaast worden kinderloze koppels of individuen steeds vaker als een probleem gezien. Het lage geboortecijfer vormt een bedreiging voor de economie en in de eerste plaats voor de pensioensvoorziening. In Duitsland opperde de oud-staatssecretaris van Economische Zaken Johann Eekhoff (CDU) in Bild Zeitung dat mensen zonder kinderen maar een half pensioen mogen krijgen. Tot dusver werd gelukkig geen gehoor gegeven aan deze gedachtegang.

Ik vond geen recent cijfermateriaal over het precieze aantal kinderen dat opgroeit in niet-traditionele gezinnen. De verhouding tussen echtscheidingen en huwelijken is momenteel drie op vier en het ziet er niet naar uit dat mensen in de toekomst minder zullen scheiden. De oorzaken achter het sneller beëindigen van relaties zijn velerlei en niet onbekend: het ontbreken van een economische noodzaak voor het huwelijk, de seksuele revolutie, hogere eisen van partners onderling, de drang tot individuele ontplooiing, een stressvolle maatschappij, minder taboes rond echtscheidingen. In The Journal of Family Issues verschenen kort geleden cijfers die de resultaten van enkele voorgaande onderzoeken weerleggen: vrouwen die gaan werken zouden vijftig procent minder kans hebben op echtscheidingen dan vrouwen die thuis blijven. Hoe dan ook, er is een toename van het aantal echtscheidingen en dat betekent allicht ook dat er steeds meer kinderen met gescheiden ouders zijn. Al blijkt uit een Nederlandse studie dat die kinderen ook nog steeds de voornaamste reden zijn om niet uit elkaar te gaan.

Men hoeft niet oerconservatief te zijn om zich onzeker te voelen over de verdwijning van het traditionele gezin of van wat dat gezin in zijn ideale vorm symboliseert: een haven van geborgenheid en veiligheid, gevrijwaard van complexiteit. Mensen zijn bang om dat beeld kwijt te raken. In Brave New World (1932) speelde Aldous Huxley al op deze angst in. Hij schiep een toekomstig, utopisch wereldbeeld, waarin mensen in vijf klassen ontwikkeld worden. De drie laagste klassen worden gekloond en ook de twee hogere zijn genetisch gemanipuleerd. Kinderen worden collectief opgevoed door mensen die daarvoor bestemd zijn. 'Moeder' en 'vader' zijn obscene woorden die enkel in zeldzame omstandigheden mogen worden gebruikt, namelijk wanneer men oorzaken van psychologische problemen uit het verleden wil benoemen. Die taboesfeer blijkt bijvoorbeeld wanneer de 'Director of Hatcheries en Conditioning' geconfronteerd wordt met zijn zoon John the Savage. "Mijn vader!", roept John, waarna de directeur de handen over de oren slaat en beschaamd de kamer uitrent. Huxley wakkerde met zijn boek angsten aan die heersten rond het sovjetcommunisme én het Amerikaanse kapitalisme, rond de eugenetica en Pavlovachtige gedragsconditionering, en vooral rond het verdwijnen van waarden. De Utopie die in de nieuwe wereld heerst, betekent een opoffering van liefde, kunst, godsdienst, en meer specifiek van 'gezin', 'thuis' en 'moederschap'.

Misschien zijn sommigen bang dat de ruimere interpretatie van het begrip 'gezin' zal leiden tot de volledige verdwijning ervan. Ik denk dat het niet zo'n vaart zal lopen. Enerzijds omdat er nog steeds vrij veel traditionele gezinnen zijn, anderzijds omdat veel gescheiden ouders toch op zoek gaan naar een nieuwe invulling van 'een thuis'. In politieke programma's en bepaalde opvoedkundige geschriften wordt het kind steeds als het grote slachtoffer voorgesteld. Volgens mij wordt dit 'in de eerste plaats aan de kinderen denken' weleens misbruikt om de eigen angsten over het thema te verdoezelen.

Dit idee komt ook naar voren in het meesterlijke Speeldrift (2006) van Juli Zeh. Ada, het hoofdpersonage in Zeh's roman, heeft haar echte vader nooit gekend. Wel onderhoudt zij een goede band met haar stiefvader, die het huis ook heeft verlaten en met wie haar moeder een langdurige juridische strijd voert. Ada behoort tot de generatie die in de tweede helft van de jaren tachtig is geboren. Via het personage Olaf laat Zeh uitschijnen dat het voor deze generatie vreemder is niet uit een gebroken gezin te komen: "Zijn ouders waren niet alleen met elkaar getrouwd, maar woonden ook nog bij elkaar en Olaf vroeg zich dikwijls af of hij soms daarin de oorzaak van zijn communicatieproblemen moest zoeken." Later, in de rechtbank, houdt Ada een lange monoloog, waarin zij onder andere weerlegt dat gebroken huwelijken voor psychische schade bij de jeugd zouden zorgen. Haar generatie is er volgens Ada van overtuigd dat de bijdrage van één ouder volstaat en zij bekijkt kinderen uit volledige gezinnen met wantrouwen. Ouders willen volgens Ada dat hun kinderen onder een scheiding lijden, omdat het gezin niets voorstelt als er niet geleden wordt wanneer het verdwijnt. Zelf beweert zij volledig onberoerd te zijn gelaten door de scheiding van haar ouders.

Ik denk dat het uit elkaar vallen van een gezin inderdaad geen traumatische gevolgen hoeft te hebben en zeker niet rechtstreeks gerelateerd is aan crimineel gedrag, zoals Gerard Bodifée laatst in Morgen beter liet uitschijnen. Tegelijk denk ik dat weinig mensen - mijzelf incluis - een scheiding als neutraal zullen bestempelen. Wel herkenbaar in Ada's betoog is dat kinderen de scheiding van hun ouders als normaler ervaren naarmate er meer ouders gescheiden zijn. Dat laatste komt in orde. Volgens een studie hebben mijn vriend, wiens ouders ook gescheiden zijn, en ik vijftig procent meer kans om zelf uit elkaar te gaan omdat onze ouders het deden. Wij zeggen tegen elkaar dat het maar statistieken zijn.

Zelden wist een schrijver de tegenstrijdigheden van het gezinsleven zo goed te vatten als de Zuid-Afrikaan Damon Galgut in Small Circle of Beings (1988/2005). Het boek bestaat uit een gelijknamige novelle en vier korte verhalen waarin hij ook het traditionele gezin op de korrel neemt. Natuurlijk betekent ook het traditionele gezin geen waarborg voor huiselijke warmte en staan intimiteit en vervreemding er vaak dicht bij elkaar. In het verhaal 'Lovers' vindt een man een liefdesbrief tussen een van de boeken van zijn pas overleden vader. Hij begrijpt dat zijn zachtaardige, introverte verwekker ooit, gedurende drie dagen, de perfecte liefde heeft beleefd met een vrouw die de rest van haar leven op hem is blijven wachten. Hij begrijpt ook dat de man dit grote geluk verder aan zich voorbij heeft laten gaan omdat hij niet aan zijn haatdragende, dominante vrouw - en aan hun kind - kon ontkomen. De protagonist zoekt de oude minnares op en neemt even de rol van zijn vader over. De novelle 'Small Circle of Beings' zelf handelt dan weer over een vechtscheiding met een vader die spijt heeft, een manipulatieve moeder, een gewelddadige stiefvader en een mishandeld kind als gevolg. Met zijn sobere maar poëtische stijl slaagt Galgut erin dit alles te vrijwaren van pathetiek. Zijn boodschap lijkt te zijn dat het voor kinderen hoogst noodzakelijk is zich op tijd van het gezin te bevrijden, wat voor een gezin dat ook is.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234