Maandag 25/05/2020

Het gat van de fotoroman

Fotoromans: zijn dat geen soapverhaaltjes met flutfoto's in 'boekskes' van laag allooi? Vaak wel ja, maar ze vormen ook een cultureel fenomeen dat zelfs surrealisten en kunstfotografen boeide. De expo De fotoroman in alle staten zorgt voor eerherstel.

Hij: "Wist je dat er deze week een speciale vertoning is van The Hunger Games?" Zij: "Ah nee. Dat wist ik niet."

Hij: "Zou je met mij willen gaan kijken?"

Zij: "Hoe bedoel je? Met een hele bende mensen van school of zo?"

Hij: "Nee, ik bedoel alleen jij en ik."

Zij: "Ik denk niet dat Dylan daar heel blij mee zal zijn."

Hij: "Ik snap het niet. Hij mag wel mooie meisjes bij hem op de kamer hebben 'als vrienden'." (Uit: 'Verborgen geheimen 3' - Joepie)

Ziedaar de fotoroman in al zijn clichématigheid en hilariteit. De spankracht van een namiddagsoap, de voorspelbaarheid van een weekendfilm. Denk daar de fotografische kwaliteit van een snapshot van de zatte nonkel op het familiefeest bij, en het beeld is compleet. En jawel, het cliché klopt vaak. Dat ontkent de expo De fotoroman in alle staten, samengesteld door vier studenten Culturele Studies aan de KU Leuven, niet en dat doet ook hun mentor Jan Baetens, hoogleraar en expert inzake fotoromans, niet.

Een persoonlijke vriend van de Franse schrijver en stripscenarist Benoît Peeters en de Belgische Marie-Françoise Plissart, die er als eerste in slaagde haar fotoromans aan gerenommeerde uitgeverijen verkocht te krijgen, groeide de persoonlijke fascinatie van Baetens voor het medium. Vertrekkende vanuit de 'hoge' kunsten dijde die al snel uit naar de populaire cultuur, de bakermat van de fotoroman. Sam Gooris en Kelly Pfaff in een fotoroman als extraatje bij het weekblad Story? Baetens heeft een exemplaar in zijn 500 stuks tellende collectie. Daniël Termont in Het mysterie van Eyck, een vehikel van citymarketing en 'de eerste fotoroman van Story en Flair samen'? Check. Niet dat hij de dingen verslindt, maar als cultureel fenomeen, functionerend binnen een steeds veranderende sociale context, vindt de professor ze razend interessant.

Opstapje naar film

De fotoroman ontstond in Italië als een economisch rendabeler alternatief voor de getekende beeldverhalen in magazines. Nel fondo del cuore('Uit de grond van mijn hart') heette de allereerste, gepubliceerd in 1947 in het weekblad Il mio sogno ("Mijn droom") en starring Gina Lollobrigida, die niet veel later zou uitgroeien tot een filmster. Het was het verhaal van een gravin die een verjaardagsfeest organiseert voor haar negentienjarige dochter, omdat ze een toekomstige schoonzoon op het oog heeft "die de dochter uiteraard niet moet", aldus Baetens. Kortom: het klassieke melodrama.

Toch boden fotoromans niet zomaar flutverhaaltjes. Vaak hadden ze ook een sociale dimensie. Baetens: "Fotoromans waren zeker in de beginjaren meer dan dokterromannetjes met foto's. Dan was de naar liefde smachtende vrouw een dienster die uitgebuit werd of trok het boerinnetje van Zuid-Italië naar Noord-Italië en wist ze zich moeilijk te integreren. Het was de periode van het neorealisme en dat vermengde zich met het escapisme dat zo duidelijk uit fotoromans spreekt."

Dat Lollobrigida de hoofdrol speelt in de allereerste fotoroman, is geen toeval. Van bij het begin stond de fotoroman dicht bij de filmcultuur van die tijd en niet zelden waren fotoromans een opstapje voor het betere werk op het grote scherm. Zo begonnen ook Sophia Loren en Claudia Cardinale hun carrière als plaatje in een magazine. "Een lokale schoonheidswedstrijd winnen, vedette worden in een fotoroman en drie maand later tekenen voor je eerste film: zo werkte het in die dagen", zegt Baetens. Niet verwonderlijk dat de grote Michelangelo Antonioni en Federico Fellini hun Lo sceicco bianco ('De witte sjeik') lieten afspelen op de set van een fotoroman, die ook nog eens een held ten tonele voerde die wel heel veel weg had van Rudolph Valentino.

Veelzeggend is het releasejaar van De witte sjeik. 1952. Slechts vijf jaar na de publicatie van de eerste fotoroman dus. Het nieuwe medium sloeg dan ook meteen aan. "Heel wat tijdschriften met fotoromans werden wekelijks op meer dan een miljoen exemplaren gedrukt. Bovendien werden fotoromans vaak collectief gelezen. In het Italië van net na de oorlog was 70 procent van de vrouwen nog analfabeet. Iemand die wel kon lezen, las hen de verhalen dan voor. Het was een massamedium als de televisie nu. Vandaar ook dat met de doorbraak van de tv, en zeker van de soap, de fotoroman enorm aan populariteit inboette."

Ondanks de aanvankelijke populariteit was het medium echter van bij het begin "diep tragisch", zoals Baetens schrijft in het academische artikel 'The Photo-Novel: Stereotype as Surprise'. Al bij start was het een anachronisme. "Fotoromans waren melodrama's", legt hij uit. "Die horen bij de negentiende eeuw, niet bij de twintigste. Al van bij het begin werd het sentimentele format beschouwd als het laagste van het laagste. Je voelt ook dat de makers zich bewust waren van het belachelijke, de overdreven gelaatsuitdrukkingen en emoties, de uitleggerige dialogen, de stijlloze close-ups."

Parodieën

Daarom ook is de fotoroman van bij het begin vatbaar voor parodieën. Met een al vroeg hoogtepunt in 1955 in het radicale avant-garde tijdschrift Les lêvres nues van de Belgische surrealist Marcel Mariën. Le hasard est grand is een bizarre mix van een bestaande fotoroman, foto's van onder meer de paus en uittreksels uit het Communistisch Manifest. Een typevoorbeeld van het détournement-principe van de situationisten, het omkeren van de oorspronkelijke betekenis van een werk door het in een andere context te plaatsen. Populaire rubrieken als 'Het gat van de wereld' in Humo of 'The Morning Herald' in deze krant maken er nog steeds dankbaar gebruik van.

De fotoroman drong de wereld der hogere kunsten niet alleen via parodieën binnen. Gerespecteerde kunstenaars als Sophie Calle, Sol LeWitt en Marie-Françoise Plissart zetten het medium naar hun hand en meenden het bloedserieus. "Vanaf de jaren 70 was het populair om kunstfotografie te maken in sequensen", legt Baetens uit. "Verhalende fotografie was het en de fotoroman bleek een ideaal medium. Bovendien hielden artiesten wel van de idee dat ze de zogenaamde lagere en hogere kunsten verzoenden."

De fotoroman in alle staten, nog tot 31 juli in de Centrale Bibliotheek van de KU Leuven (gratis toegang).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234