Zondag 27/11/2022

'Het gaat

De Amerikaanse succesauteur David Sedaris vertaald

om de pauzes tussen

de woorden'

Met de verhalenbundel Naked, die zopas in het Nederlands verscheen, stond David Sedaris maandenlang hoog op de bestsellerlijsten. Hij is nu een Bekende Amerikaan - een schrijver die volle zalen trekt maar zichzelf liever geen schrijver noemt.

Interview door Gertjan Vincent

David Sedaris

Naakt

Vertaling: Irving Pardoen

Vassalluci, 300 p., 850 frank.

David Sedaris

Me Talk Pretty One Day

Back Bay Books, Little, Brown.

Het horecagilde in de Verenigde Staten herbergt heel wat artistiek talent. Het is bij gebrek aan een soepel subsidieklimaat voor aanstormende kunstenaars immers niet zo eenvoudig om het hoofd boven water te houden. De Amerikaanse schrijver David Sedaris (1956) kan daarover meepraten. Tot zijn grote verbazing zorgde een van zijn nederige bijbaantjes echter voor de doorbraak naar het grote publiek. Het zijn de donkere dagen voor kerstmis als de 33-jarige Sedaris wanhopig op zoek is naar een bijverdienste. Wanneer Macy's, het enorme warenhuis in New York, een advertentie zet voor kerstelfjes die Santa Claus moeten assisteren, meldt hij zich aan en wordt aangenomen. "Mijn kostuum is groen. Ik draag een groenfluwelen broekje, een gele coltrui, een mosgroen fluwelen jak en een parmantig gebreid mutsje versierd met lovertjes", noteert hij in zijn dagboek. Hij kruidt zijn belevenissen met scherpe observaties van allerlei maffe (en zeer herkenbare) exemplaren van de menselijke soort en een weldadige dosis zelfspot en het resultaat is een krankzinnig verhaal vol absurde humor. In de winter van 1993 vraagt Ira Glass, de gastheer van de radioshow This American Life, hem dat verhaal voor te lezen in het programma Morning Edition. Het blijkt een doorslaand succes.

Zijn eerste bundel korte verhalen Barrel Fever (1994) wordt redelijk verkocht en levert hem een contract voor drie boeken op. Naked (1997) bezorgt hem maandenlang een hoge plek op de bestsellerslijsten en zijn jongste bundel Me Talk Pretty One Day stond zelfs wekenlang op nummer één.

"Ik vind het heerlijk om voor een publiek te lezen", zegt Sedaris in zijn hotel in Amsterdam waar hij voor het John Adams Instituut een lezing verzorgt. Hij is klein van stuk - anders had hij waarschijnlijk nooit die elfenbaan gekregen - heeft een hoge, schelle stem en slist nog steeds, een spraakgebrek waar hij als kind al mee gepest werd. Met zijn karakteristieke geluid is hij inmiddels een vaste gast op de Amerikaanse radio geworden en zijn lezingen trekken volle zalen.

"Er is een duidelijke wisselwerking tussen het schrijven en het optreden", zegt hij. "Wanneer je het publiek leert bespelen, merk je hoe effectief de pauzes tussen de woorden zijn. Het heeft een tijdje geduurd voordat ik me realiseerde dat de meeste verhalen eigenlijk om die pauzemomenten heen geschreven zijn. Daardoor kan het gebeuren dat ik in de loop van een tournee mijn teksten steeds een beetje bijschaaf. Ik ben me er ook voortdurend van bewust dat als je een tekst hardop wilt voorlezen je rekening moet houden met een beperkte spanningsboog: zes tot acht pagina's, dat is het wel zo'n beetje. Gelukkig heb ik bij de radio een heel goede redacteur, die daar een feilloos gevoel voor heeft. Momenteel ben ik bezig met een tekst waar ik zelf al vier keer hardop om moest lachen, dat is een goed teken, maar het echte verhaal zit er nog ergens tussen verborgen. Hij weet me in dat soort situaties altijd op het goede spoor te zetten."

Voor zijn eerste verhalen kon Sedaris volop putten uit zijn dagboeken. Hij hoefde maar een la open te trekken en het materiaal lag voor het oprapen. Nu de druk om te publiceren is toegenomen , raakt die voorraad een beetje uitgeput: "Ik maak nog wel bijna iedere dag aantekeningen, maar die hebben meer betrekking op namen en beschrijvingen van mensen die ik ooit nog eens hoop te kunnen gebruiken. Nu schrijf ik regelmatig buiten mijn dagboeken om. Dat valt niet mee maar dat is vooral te wijten aan mijn succes. Nu willen ze steeds meer en meer, het is alsof je tegen een deadline aan zit te werken en hoewel ik het heerlijk vind om te schrijven is dat toch iets wat me behoorlijk benauwt. Hoe goed moet je volgende verhaal wel niet zijn om de concurrentie met een bestseller aan te kunnen?"

Zijn bundel Naked, die onlangs in Nederlandse vertaling is verschenen, toont op de omslag een waslijn waar slechts een blauwe boxershort aan hangt. Dat verwijst niet alleen naar het titelverhaal waarin de hoofdpersoon een bezoek brengt aan een nudistencamping, maar ook naar het feit dat de schrijver zich in deze verhalen bloot geeft met al zijn kwetsbaarheden en tekortkomingen.

Want al deze verhalen hebben een sterk autobiografisch karakter en bij elkaar vormen ze een soort familiealbum waar je af en toe nog eens in terug wilt bladeren.

Hoewel er in de publiciteit veel nadruk gelegd wordt op het grappige karakter van deze verhalen, is het bepaald geen onbezorgde ontspanningslectuur. Met een stevige dosis overdrijving ("Als je moest wachten tot mijn vader je kwam ophalen, liep je de kans om uit je kleren te groeien") weet hij sentimentele uitglijders te voorkomen.

De strubbelingen in het gezin Sedaris worden openhartig uitgemeten. Het huwelijk van zijn Griekse vader met een Amerikaanse vrouw is op zijn zachtst gezegd niet erg harmonieus. Niettemin produceren zij een zestal kinderen, van wie er vier met naam en toenaam in Davids verhalen figureren.

Zelf trekt hij het meest naar zijn moeder, een laconieke, stevige vrouw voor wie een sigaret en een borrel de beste remedie tegen het leven vormen. Op het uiten van je emoties lijkt zo ongeveer de doodstraf te staan. Als zijn moeder ongeneeslijke kanker blijkt te hebben, eindigt hij zijn telefoongesprek me: "Ik hou van je", woorden die hij nog nooit eeerder tegen haar gezegd heeft. Haar reactie spreekt boekdelen: "Ik doe net alsof ik dat niet heb gehoord."

"Er zijn critici die vinden dat ik mijn vader als een onsympathiek persoon heb afgeschilderd. Dat is allerminst mijn bedoeling geweest. Ik denk dat ik hem in mijn laatste bundel, Me Talk Pretty One Day, goed tot zijn recht heb laten komen. De tragiek van die man is dat hij zes kinderen heeft gekregen, die in geen enkel opzicht zijn interesses delen. Maar hij is een onverwoestbare optimist, zoals je kunt lezen in het verhaal 'Giant Dreams, Midget Abilities'. Hij is altijd een enorm liefhebber van jazzmuziek geweest en had het in zijn hoofd gezet zijn oudste kinderen zo'n goede muzikale opvoeding te geven dat ze binnen de kortste keren als 'Het Sedaris Trio' de podia zouden bestormen. Hij schafte instrumenten aan: 'Hier is de gitaar die je altijd al had willen hebben', regelde muzieklessen maar moest teleurgesteld constateren dat niemand daarop zat te wachten. Zo was hij weer een illusie armer. Ik heb de bundel aan hem opgedragen, maar waarschijnlijk heeft hij hem niet eens gelezen. Hij beperkt zich doorgaans tot het Financial Magazine of tijdschriften over golf."

Ondanks zijn succes noemt Sedaris zichzelf liever geen schrijver: "Als anderen dat over mij zeggen: prima, maar ik vind dat te pretentieus. Het suggereert voor mij dat alles wat je schrijft waardevol is. Bovendien krijg je dan allerlei ongemakkelijke vragen als: 'wat voor soort boeken schrijf je dan?' en dat wil ik liever vermijden. Als mensen mij naar mijn beroep vragen, zeg ik: 'ik ben typist', dan vragen ze in elk geval niet door. Bovendien, diep in mijn hart denk ik er echt zo over, ik ben weliswaar een bestsellertypist, maar toch..."

De underdogpositie lijkt Sedaris op het lijf geschreven. Ook na de publicatie van Barrel Fever hield hij zijn bijbaantje als schoonmaker van appartementen in Manhattan nog enige tijd aan, het bood hem in ieder geval een goede gelegenheid om het leven vanaf de zijlijn te bekijken. Die tijden zijn nu definitief voorbij, maar nog steeds geeft hij de voorkeur aan de anonimiteit. Sinds enkele jaren woont Sedaris met zijn vriend, de kunstschilder Hugh Hamrick, in Parijs: "Ik ben opnieuw een buitenstaander en kan me nu nog beter voorstellen wat het betekent om in de marge te leven. In New York werken heel wat mensen, die zich net zo voelen als ik. Al die naamloze klusjesmannen, die geen woord met de buitenwacht wisselen en bang zijn als er iemand op de deur klopt: ze kunnen niet communiceren omdat ze de taal domweg niet spreken. Je leidt een leven in de schaduw. Mijn moeizame pogingen om de Franse taal onder de knie te krijgen hebben me geïnspireerd tot het schrijven van Me Talk Pretty One Day. De sadistische lerares Frans , die ik in een van de verhalen beschrijf, is echt naar het leven getekend. Toen het boek uitkwam, kreeg ik een proces aan mijn broek wegens smaad, maar omdat mijn klas- en lotgenoten konden getuigen dat er geen woord van gelogen was, werd de lerares op staande voet ontslagen." Alleen in de dromen en fantasieën die hij aan het papier toevertrouwt, kruipt David Sedaris uit zijn schulp en is hij onveranderlijk de held, die door iedereen op handen wordt gedragen: "Sinds de aanslagen in New York heb ik steeds dezelfde fantasie", zegt hij. "Ik zit in een vliegtuig dat door twee mannen gekaapt wordt. Dan trek ik mijn schoen uit en gooi die naar het hoofd van de eerste kaper, de tweede krijgt een hete kop koffie in zijn gezicht. Ik ren naar de cockpit en zet het toestel veilig aan de grond. Ik ben de held van de natie, alle netwerken willen mij in beeld, maar ik ga alleen naar David Letterman, omdat ik die aardig vind. Bush mag ik niet, dus ik wil ook zijn hand niet schudden, toch moet ik naar het Witte Huis om mijn Medal of Honour op te halen en alle mensen te laten zien dat deze held homoseksueel is. Het is belangrijk dat iedereen dat weet. Alle elementen uit mijn andere dromen komen hierin samen. Ik red al die mensen en ben dus niet zelfzuchtig, maar ik laat niet met me sollen, kom onomwonden voor mijn seksuele geaardheid uit en bepaal zelf waar ik mijn grenzen leg. Doordat ik nu een wat grotere afstand tot mijn landgenoten heb, ben ik ze ook met wat andere ogen gaan bekijken. In Amerika vragen ze zich af: waarom zou iemand ons zoiets willen aandoen? Waarom zou iemand ons haten? Als je in het buitenland woont, zeg je: er zijn tal van redenen, waar wil je dat ik begin?" Hij schiet in de lach, dan weer serieus: "Als Amerikaan beschouw je het als je geboorterecht dat je veilig bent. De ellende speelt zich altijd af in andere landen. Zo'n crash hakt er stevig in. Het schrijven van grappige stukjes is dan ook ineens een volstrekt zinloze bezigheid. Het is natuurlijk niet zo dat je gevoel voor humor je plotseling in de steek laat: als ik die kop van Osama Bin Laden zie, moet ik steeds aan de zanger Cat Stevens denken en wanneer iedereen uit volle borst het volkslied staat te zingen waarvan eigenlijk niemand de woorden kent, werkt dat ook onwillekeurig op mijn lachspieren. Maar in de directe nasleep van deze tragedie zou het natuurlijk volstrekt misplaatst zijn om daar nu eens grappig mee uit de hoek te komen."

'Als anderen over mij zeggen dat ik een schrijver ben: prima, maar ik vind dat te pretentieus' De verhalen vormen een soort familiealbum waar je af en toe nog eens in terug wilt bladeren

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234