Woensdag 20/11/2019

Het gaat om de K van kwaliteit

Vanaf paasmaandag kunt u luisteren naar de Classics 1000 op Radio 1. Jawel, duizend en geen honderd, zodat er meer vrouwen en niet-blanke medemensen in de lijst opgenomen kunnen worden. Flauwekul, vindt Marc Didden. 'Als je hart en je hersenen maar geraakt worden.'

Omdat ik u meer dan mijzelf vertrouw, liefste lezers van De Morgen, zal ik dit stukje beginnen met een bekentenis. En wel de volgende: tussen de meer dan 40.000 redelijk fantastische songs die ik in mijn woonst bewaar - op singles, lp's, cassettes, cd's en via de digitale weg - is er geen enkele die geschreven of gezongen werd door een Luxemburgse transgender. Betekent zoiets automatisch dat ik weinig respect opbreng voor mensen die het geluk hebben geboren te zijn in de bevriende dwergstaat die zich rechts onder ons bevindt, of lieden die bij het zoeken naar hun eigen geslachtelijkheid ergens uitkomen tussen meer gangbare modellen als man of vrouw? Ik dacht van niet.

Zowel voor u allen als voor mijzelf mag ik verhopen dat momenten van intense muziekbeleving toch vooral te maken hebben met wat die noten en woorden bij u teweegbrengen ter hoogte van de hersenen, de oren, de ruggengraat, de buik, het bekken en het ding daaronder. Om dan via de knieën uit te lopen in de voeten die dan nog kunnen kiezen tussen een voorzichtige ritmische tap of wilde dans.

Géén moment denk ik bij het luisteren naar muziek - iets wat ik toch al zestig jaar lang zo'n uur of zes per dag doe - aan huidskleur of geaardheid, leeftijd of nationaliteit van de uitvoerder, de tekstschrijver of de componist van die muziek.

Net zoals ik geen interesse heb voor de burgerlijke stand van die artiesten, voor hun drank- en druggebruik, voor hun al dan niet beladen gerechtelijk verleden.

Mijn enig criterium om muziek binnen te laten in mijn leven, is kwaliteit.

En, ja, net als u weet ik natuurlijk dat zoiets een subjectief begrip is, maar eens we het daarover eens zijn kan ik u alvast meedelen wat dat begrip voor mij betekent.

Denkfout

Wat ik van muziek - en trouwens ook van alle andere kunstvormen - vraag, is dat die mij raakt en dan nog liefst op meer dan één plek. Het hart en de hersenen, kortom.

Emotie? Zeer zeker. Ratio? Graag. Een song mag mij 's avonds midscheeps in de hormonenwinkel treffen, maar het is wel fijn wanneer ik 's anderendaags bij de koffie ook nog eens kan terugdenken aan een briljante zinsnede die ik ervan onthoud of aan een zengende riff die maar ik maar niet uit de kop gespoeld krijg.

Waarom vertel ik u dat allemaal op een doodgewone paaszaterdag als deze?

Tja, wat moet een mens anders op een paaszaterdag doen? Bovendien kwamen bovenstaande gedachten spontaan bij me op, toen ik vernam dat een van mijn favoriete radioprogramma's (Classics op Radio 1) zich luidop afvraagt of hun welhaast legendarische Classics Top 100-lijst niet te zeer bevolkt wordt door een bedreigde diersoort waar ik overigens zelf toe behoor, met name de ouder wordende blanke man.

Is dat erg?, denk ik dan meteen. Het is toch ook gewoon zo dat in de eerste zeventig jaar van de rockgeschiedenis veel blanke mannen, niet zelden van Joodse komaf, duizenden mooie liedjes geschreven hebben waarvan er toch automatisch enkele honderden 'classics' geworden zijn. En het zal ook wel zo zijn dat je onder mensen die stemmen uitbrengen om hitlijsten te helpen samenstellen een flink procent oude en eenzame blanke mannen zult aantreffen die er een wat traditionele smaak op nahouden en er rotsvast van overtuigd zijn dat de muziek uit hun jeugd de beste muziek is die ooit gemaakt is.

Een bekend fenomeen, overigens, en een sympathieke denkfout die generatie na generatie maakt. 'Vroeger was alles beter' is dan ook een spreuk die vooral opgeld maakt bij mensen die vergeten vandaag te leven.

De werkelijkheid is genuanceerder: vroeger werd er, net als nu, bijzonder veel slechte muziek gemaakt en gelukkig ook voldoende goede muziek om er vandaag nog van te genieten. Dat kan bijvoorbeeld in een programma als Classics, waar men er meestal over waakt een song niet zomaar een klassieker te noemen, maar toch wordt verwacht dat het betreffende nummer een zekere maturiteit bereikt heeft.

En jawel, dan kom je al eens de Beatles en de Stones tegen, en af en toe ook plotjes van Tom Jones, maar in de regel levert zo'n programma toch een gezonde mix op van het beste wat de westerse populaire muziek de afgelopen zes decennia te bieden heeft gehad.

Mea culpa

Maar nu klinkt vanop het lelijkste kasteel van de Reyerslaan een soort mea culpa door. Te wit, te mannelijk, die Classics, en al zeker de Top 100 die dit jaar wel fijntjes voorafgegaan werd door een Top 1000, waarin vrouwen, zwarten, niet-Angelsaksische muziek en vergeten parels uitgebreider aan bod kwamen.

Omdat ik het sympathieke radiohoofd Evert Venema een beetje ken, vraag ik hem maar op de man af wat de bedoeling is van die zelfkritiek. Ik stuur 'm een mailtje en krijg er ook een terug van hem, wat altijd fijn is. Daarin staat te lezen: 'We stellen al jaren vast dat een aantal categorieën ondervertegenwoordigd zijn bij de bovenste 100 van wat dit jaar inderdaad een Classics 1000 zal worden', en hij zegt ook nog dat deze beslissing te maken heeft met 'een oprechte zorg om de aanwezigheid te verhogen' van voornoemde zwarten, vrouwen en vergeten parels.

Wat mij spontaan aan 'Go Now' doet denken, van Bessie Banks, een prachtige vergeten parel van een zwarte vrouw, die ik bij deze meteen maar als verzoeknummer aan de samenstellers van Classics overmaak.

Politiek correct willen zijn in de kunsten heeft weinig zin. De zwarte filmmaker Spike Lee denkt daar anders over. Hij is ook iemand die een mogelijkheid tot relschoppen niet graag laat liggen, zeker niet gedurende Oscar-tijd.

Natuurlijk zou het beter zijn dat anders gekleurde mensen in Hollywood en elders wat meer voor en achter de camera gingen staan, maar in plaats van grienend te staan wachten tot hen door het witte establishment een brok filmgeluk toegegooid wordt, zou het beter zijn dat ze zelf het heft in handen nemen en productiehuizen stichten, film- en acteursopleidingen volgen, prachtige scenario's schrijven en films maken die hun werkelijkheid beter reflecteren dan hoe Hollywood dat doet.

Al is daar ook een kanttekening bij te maken: een zwarte filmmaker zou niet verplicht mogen worden alleen maar films over zwarten te maken, net zoals het te verhopen is dat onze eigen filmmakers van allochtone origine niet in een keurslijf zouden worden gedwongen om zich tot verhalen te beperken die te maken hebben met jeugdbendes, drugshandel en zwaaiende politielichten. Afro-Amerikaanse iconen als Eddie Murphy, Will Smith en Chris Rock hebben overigens allang voor comedy gekozen. Het zou fijn zijn als Spike Lee dat ook nog eens deed.

Eisen dat de Oscars zwarter worden, is hetzelfde als eisen dat de olympische finale 100 meter hardlopen vanaf nu witter moet kleuren. Onzin. Je kunt er nu eenmaal niet omheen dat zwarte mensen in de regel harder kunnen lopen dan blanken en dat die laatsten de afgelopen 110 jaar beter waren in het uitvinden, ontwikkelen en beoefenen van de filmkunst.

Zal dat altijd zo blijven? Wellicht niet, omdat het zowel hier als in de rest van de wereld steeds duidelijker wordt dat gekleurde mensen de weg vinden naar mediaopleidingen. Als ze daar dan op de banken zitten, wordt van hen wel verwacht dat ze even hard hun best doen als hun bleke klasgenoten. En dat lukt ook. Tijdens de 29 jaren dat ik lesgaf aan een kunstschool, heb ik altijd gemerkt dat de niet-Belgen vaak bijzondere moeite deden om gunstig op te vallen.

Al had ik ook wel eens met balorige Nederlanders te maken die naar Brussel afgezakt waren omdat ze niet konden verwerken dat ze geweigerd waren bij de Amsterdamse filmacademie.

Eén norm

Politiek correct zijn in de kunsten heeft geen zin. Dat schreef ik hierboven al. Wat nóg minder zin heeft, is de nu overal opdoemende roep om quota. Meer zwarten op het witte doek, meer vrouwen in de blanke mannenburchten die raden van beheer overal zijn, meer doven en blinden in de adviescommissies van de minister van Cultuur? Ik ben geneigd 'ja' te antwoorden als men mij daar iets over vraagt, maar ik denk toch altijd weer 'ja, maar' omdat er ook hier toch maar één enkele goede raadgever kan zijn en die begint met de k van kunst en heet dus voluit: kwaliteit.

Welke serieuze zwarte acteur zou nu een Oscar willen krijgen omdat hij zwart is en niet omdat hij een rol op verbluffende wijze vertolkt heeft? Welke serieuze vrouwelijke kunstenaar zou haar werk graag in een museum zien staan, hangen of liggen omdat ze toevallig geen man is? Wie wil nu in een jury of een raad van beheer zitten vanwege wat er tussen zijn of haar benen zit en niet omdat hij/zij competent is op het gebied waarop beoordeeld of geadviseerd moet worden ?

Ik heb in mijn lange leven vaak genoeg in artistieke jury's en commissies gezeten om te weten dat zowel zinnige opmerkingen als stompzinnig commentaar geen privilege zijn van het een of het andere geslacht. Daarom vind ik het geen vruchtbaar instrument om de natuurlijke voortgang der kunsten af te remmen door wetten en wetjes te installeren die uit de kokers komen van al te politiek correcte regelneven en -nichten.

Zal ik eens in eigen hart kijken om te zien hoe ondergetekende het zelf doet op de schaal van de correctheid? Niet slecht, al zeg ik het zelf. In mijn eerste film gaf ik een van de hoofdrollen aan een Marokkaanse acteur die dankbaar was dat hij eens géén drugsdealer moest spelen. In mijn derde film schonk ik een bijzondere vrouw de hoofdrol en liet ik die door een bijzondere actrice vertolken. In een tv-reeks die ik voor de openbare omroep mocht schrijven, behoorden zo goed als alle protagonisten tot de vrouwelijke mensensoort.

In mijn boekenkast is het ook al zo: oude Russen staan er naast jonge Belgische schrijfsters, Gerard Reve prijkt er rug aan rug met Tahar Ben Jelloun en Orhan Pamuk, Stijn Streuvels is er een buurman van Salinger en Roth, maar ook van Boon en Claus. En een zeldzame Afrikaanse dichter. Slechts één norm verbindt hen: alweer kwaliteit. Hoofd en hersenen. Of ze me raken, dus. Of ik even anders naar de wereld kijk wanneer ik hun boeken dichtklap.

Vrouwenlijstje

Van waar ik nu zit, heb ik uitzicht op een handvol modieuze boetieks, maar als ik mijn nek een kwartslag draai, biedt zich een gunstige inkijk op mijn platenkast aan.

Helemaal oké qua gender- en kleurpolitiek, zeg ik er maar snel blij.

Ik heb me weliswaar nog net zestig langspeelplaten aangeschaft van Elvis Presley (een witte neger, let's face it!) en er prijken er zeker evenveel van Bob Dylan. Maar ook geniale zwarte medemensen Miles Davis en Thelonious Monk zijn er serieus oververtegenwoordigd en dus vele tientallen keren aanwezig.

Ik ga me er niet voor verontschuldigen, want ik koester een levenslange bewondering voor het werk van deze vier net vernoemde artiesten. Dat geldt ook voor de oeuvres van vele anderen, waaronder dat van Loudon Wainwright III, John Prine, Jesse Winchester, Lucinda Williams, Nanci Griffith en Bonnie Raitt.

Die drie laatsten zijn vrouwen, dat kunt u misschien al uit hun naam opmaken maar toch vooral uit wat ze met hun stem doen en hoe ze de woorden zeggen en zingen die soms door mannen geschreven zijn, maar vaak ook door henzelf.

Ik zeg voor de gezelligheid nog maar even van welke vrouwen er bij mij ook veel muziek op de plank staat. Sommigen van hen zijn zelfs zwart. En lesbisch. Of allebei. Geen enkele komt voor zover ik weet uit Luxemburg en transgender zijn ze op het eerste gezicht ook al niet. Maar geweldig goede zangeressen zijn het allemaal.

Dit is mijn (onvolledige) lijstje: Brenda Lee, Edith Piaf, Ella Fitzgerald, Bessie Smith, Dusty Springfield, Joni Mitchell, Sandy Denny, Linda Thompson, Karen Dalton, Tammy Wynette, Emmylou Harris, Aretha Franklin, Chrissie Hynde, Dolly Parton, Amy Winehouse, Lily Allen, Rihannon Giddens, Amina, Patsy Cline, Marianne Faithfull, Etta James, Janis Joplin, Rickie Lee Jones, k.d. Lang, Peggy Lee, Juliette Greco, Iris DeMent, Allison Krauss, Stacey Earle, Sister Rosetta Tharpe, Marie Laforêt, France Gall, Gillian Welch, Mary Gauthier, Dionne Warwick, Agnetha Fältskog, Anni-Frid Lyngstad, Wanda Jackson.

You're in my heart, dames, and in my platenkast.

Conclusie : geen quota, nooit ergens, en zeker niet in de kunsten. Hart en hersenen, altijd. En aan de mensen van Classics: thank you for the music. Al mag er van mij ook wel eens een Italiaan of een mof in de mix zitten. Maar wie ben ik? Ik wou dat ik het wist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234