Vrijdag 13/12/2019

Interview

‘Het gaat er alleen maar op achteruit met dat werkbare werk’

Bij het personeel in de zorgsector kleuren de cijfers nog wat roder. Beeld Tine Schoemaker

Minder dan de helft van de Vlamingen (49,6 procent) zegt een ‘werkbare job’ te hebben. Dat blijkt uit de driejaarlijkse werkbaarheidsmonitor van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV). Eén op de zeven hinkt tegen een burn-out aan. Arbeidspsycholoog Sara De Gieter (VUB) over oorzaken en mogelijke oplossingen. 

Hoe zorgwekkend zijn de cijfers?

“Eigenlijk liggen ze in de lijn van de verwachtingen. Het verschil met de vorige meting is niet zo groot. Toen had ook amper 51 procent van de werknemers een werkbare job. 

“Wat niet betekent dat we ons geen zorgen moeten maken. Integendeel zelfs. Het was de ambitie om er tegen 2020 voor te zorgen dat 60 procent van de Vlamingen een werkbare job had. Maar de laatste paar jaar gaat het net de tegenovergestelde kant uit. Vooral het feit dat ruim één op de drie aangeeft met psychische vermoeidheid te kampen is een fors alarmsignaal. Dat cijfer is een indicator voor het risico op uitvallen met een burn-out.”

Wat zijn de oorzaken van dat slechte rapport?

“Een aantal zaken speelt een rol. Zo zitten we in een tijdperk van constante verandering op werkvlak. Bij bedrijven als ING of Proximus is dat heel zichtbaar door de grote herstructureringen die zij aankondigen. Maar het zit hem om ook in kleinere dingen. Ook het invoeren van een nieuw softwaresysteem of de introductie van bijvoorbeeld zelfsturende teams kan een bron van stress zijn.

“Ook alles wat te maken heeft met connectiviteit laat zich in de cijfers voelen. Werknemers zijn tegenwoordig altijd en overal bereikbaar, wat ertoe leidt dat de grens tussen werk en privé vervaagt. Dat wordt in de hand gewerkt door een toename van zaken als flexwerk. Voor wie thuis werkt, is het vaak minder duidelijk wanneer de werkdag erop zit. Het werkt stopt eigenlijk nooit meer.”

In de zorgsector en het onderwijs kleuren de cijfers nog net iets roder. Waar ligt dat aan? 

“Het zijn allebei sectoren waar heel wat vacatures niet ingevuld raken. Ziekenhuizen, onderwijsinstellingen en rusthuizen hebben het lastig om voldoende mensen te vinden. Maar ook als die dienstroosters niet ingevuld raken, moet het werk gedaan worden. Dat maakt dat de werkdruk in die sectoren erg hoog ligt.

“Het zijn ook sectoren bij uitstek die met mensen werken. En die patiënten, leerlingen of hun ouders zijn de voorbije jaren erg veeleisend en mondig geworden. Dat geeft de werknemers, die sowieso gebukt gaan onder hoge werkdruk, extra belasting.”

Wat moet er gebeuren om de cijfers op te krikken?

“Net zoals er niet één oorzaak is, is er ook niet één oplossing. 

“Het is bovendien een gedeelde verantwoordelijkheid van de overheid, de bedrijven maar ook de werknemers. Bedrijven moeten duidelijk aangeven wat ze van werknemers verwachten en er bij hun leidinggevenden op aandringen het goede voorbeeld te geven. Als zo’n leidinggevende in het weekend of ’s avonds voortdurend mails naar het personeel stuurt, geeft dat hen het gevoel dat ze constant bereikbaar moeten zijn. 

“Die werknemers moeten ook zelf hun verantwoordelijkheid nemen. Stel jezelf de vraag of het echt nodig is om ’s avonds je mails te checken. Is er iemand die dat van je verwacht, of doe je het vooral jezelf aan? Het besef dat niemand onmisbaar is, kan al veel doen.” 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234