Zondag 29/01/2023

Het ene beeld van Vlaanderen is het andere niet

'La Libre Belgique' behandelt een bredere waaier aan onderwerpen in relatie tot Vlaanderen. Bovendien is de toon van de berichtgeving genuanceerder en neutraler dan die van 'Le Soir'

Karin Raeymaeckers en Simon Debroey wijzen hoe verschillend Vlaanderen in de kolommen van Le Soir en La Libre Belgique verschijnt

Karin Raeymaeckers doceert mediastructuren en politiek en media aan de vakgroep communicatiewetenschappen (UGent) en is directeur van het Center for Journalism Studies. Simon Debroey is master communicatiewetenschappen, afstudeerrichting journalistiek.@4 DROP 2 OPINIE:Kranten vervullen een belangrijke functie, soms met opzet maar meestal onbewust, in het vormen en sturen van de publieke opinie. De vraag naar de grenzen van die 'bedoelde sturing' is meer dan ooit actueel. Is het publiceren van een column in Le Soir waarin wordt opgeroepen om "alle N-VA'ers op een bootje te verzamelen en hen daarna te laten zinken in het midden van de oceaan" een vorm van politieke satire of daarentegen een uiting van racisme en xenofobie zoals Bart De Wever oppert? En is het toeval dat die uitspraken en andere sterke quotes dikwijls terug te vinden zijn in de kolommen van Le Soir? Of is ook dat louter perceptie en is de toon in andere Waalse kranten evenzeer sterk opiniërend?

In zijn masterproef communicatiewetenschappen onderzoekt Simon Debroey hoe Vlaanderen in 2008 aan bod komt in de kolommen van Le Soir en La Libre Belgique. Welke zijn gelijkenissen in hun berichtgeving, en belangrijker, leggen deze titels andere klemtonen in een poging om bij te dragen aan het communautaire debat in Wallonië?

Al berichten beide kranten dagelijks gemiddeld evenveel over Vlaanderen, toch zijn er verschillen merkbaar in onderwerpskeuze. Terwijl Le Soir zich vooral focust op politieke berichtgeving over Vlaanderen zien we in La Libre Belgique een ruimere en meer genuanceerde waaier aan Vlaamse onderwerpen. Opvallend uit de resultaten van de inhoudsanalyse is ook dat Le Soir vooral bericht over het federale niveau terwijl andere politieke niveaus weinig aandacht krijgen. Voor La Libre Belgique blijft het federale niveau belangrijk, maar daarnaast is er ook aandacht voor andere politieke niveaus zoals het Vlaamse. In beide kranten primeren klassieke politieke nieuwsberichten maar Le Soir heeft wel een groter aandeel aan opinieartikels en lezersbrieven over Vlaamse politieke onderwerpen of politici.

Om meer inzicht te krijgen in de manier van politieke berichtgeving in beide kranten gaat het onderzoek ook na welke Vlaamse politici op de meeste aandacht kunnen rekenen. In Le Soir komen bijna zeven op de tien vermelde politici uit het kartel CD&V-N-VA. Koploper is Yves Leterme, Bart De Wever staat op de derde plaats met de meeste vermeldingen. La Libre Belgique heeft iets minder aandacht voor de politici van het kartel CD&V-N-VA (zes op de tien vermeldingen). Ook hier staat Leterme op de eerste plaats. De Wever verdwijnt echter uit de top drie en de aandacht voor deze politicus in grotere artikels is bijna nihil. Het is een frappante vaststelling dat Le Soir in eenzelfde tijdsperiode een veel grotere aandacht toont voor De Wever dan La Libre Belgique.

Naast een ruim luik met kwantitatieve gegevens uit de inhoudsanalyse besteedt de masterproef bij wijze van experimenteel kwalitatief inhoudsonderzoek aandacht aan artikelvergelijkend onderzoek binnen een zeer korte tijdsperiode. Een goed voorbeeld is de editie van 28 februari 2008, waarin Le Soir en La Libre Belgique duidelijk andere klemtonen leggen.

Zo is het ontslag van Leterme uit het ziekenhuis groot voorpaginanieuws in Le Soir. Dit nieuwsfeit krijgt de ietwat bevreemdende titel: 'Het land is opnieuw gegijzeld door de CD&V'. Vervolgens worden nog eens drie kritische artikels besteed aan de figuur Yves Leterme. Le Soir kruidt het geheel verder door Bart De Wever via een citaat te portretteren als een "nutteloos politicus". De stemming wordt verder opgedreven door een artikel over "flamingantistische affiches" in de Luikse taalgrensgemeente Bitsingen. En ook de lezersrubriek, een rubriek die vooral gestuurd wordt door de selectie van de redactie, vermeldt vooral bijdragen waarin lezers hun angst uiten over de potentiële gevolgen van het Vlaams separatisme. Ten slotte is er nog een kritisch commentaarstuk over Verhofstadt. We zouden het nog vergeten in al dat communautaire geweld, er is ook één (neutraal) nieuwsfeit over minister Vandeurzen.

Zelfde land, zelfde datum en het lijkt of La Libre Belgique in een andere actuele politieke nieuwswereld leeft. Het eerste nieuwsfeit met duidelijke link naar Vlaanderen is pas terug te vinden op pagina 5: een kort en zakelijk berichtje deelt mee dat Yves Leterme het ziekenhuis mag verlaten. Daarnaast bericht de krant over een aspect van de staatshervorming en is er nog een artikel over minister De Crem. We lezen op die dag ook een kritisch citaat over Leterme, niet onbelangrijk te vermelden dat dat citaat werd overgenomen uit Le Soir. Ten slotte vinden we op de laatste binnenlandpagina, helemaal onderaan, drie kritische eenkolomsberichten terug die voornamelijk over CD&V gaan. Op de opiniepagina's wordt helemaal geen aandacht besteed aan onderwerpen met Vlaamse connotatie.

De resultaten uit deze masterproef zijn slechts een voorsmaakje van onderzoek dat de volgende jaren verder zal worden opgevolgd op ruimere schaal en waarbij ook aandacht zal worden besteed aan de berichtgeving over Wallonië in de Vlaamse titels. Maar ondanks het feit dat dit slechts deelresultaten zijn en dat zeker het kwalitatieve onderzoeksluik eerder experimenteel is, zijn de eerste trends in de data wel significant. Zowel de kwantitatieve analyse als de meer experimentele kwalitatieve tonen aan dat de titel Le Soir, die in Vlaanderen een etiket heeft als neutrale kwaliteitskrant, deze neutraliteit inruilt wat communautaire onderwerpen betreft. Dat was in het verleden ook al merkbaar: inzake communautaire problemen trok Le Soir als Brusselse krant vaak de kaart van het FDF. Anno 2008 blijkt uit het onderzoek dat de berichtgeving over Vlaanderen in Le Soir sterk opiniërend is en dat ook in de keuze van onderwerpen en de selectie van lezersbrieven duidelijk een redactioneel beleid aan de basis ligt waarbij die neutraliteit niet op de eerste plaats komt. Dat is opmerkelijk, temeer omdat de krant door samen te werken met De Standaard wilde meewerken aan een constructieve dialoog tussen de gemeenschappen. Maar in de praktijk van elke dag en een analyse van het nieuwsaanbod lijkt daar niet zoveel van terug te vinden.

Het onderzoek toont aan dat de verschillen in de berichtgeving niet zozeer terug te voeren zijn op verschillen in journalistieke cultuur aan beide kanten van de taalgrens maar wel tot verschillen in journalistieke cultuur tussen titels. Het is immers te kort door de bocht te denken dat in Vlaanderen de journalistieke cultuur steeds verder evolueert in de richting van de neutralere Angelsaksische traditie waarbij dan verondersteld wordt dat in Wallonië meer kenmerken aan te wijzen zijn van de Zuid-Europese journalistieke cultuur, waarbij opiniëring en advocacy journalism of partisan journalism een centralere rol blijven spelen. De strijdbare toon in bepaalde artikels is volgens het onderzoek niet zo sterk terug te vinden in de berichtgeving van La Libre Belgique, een titel die toch historisch (bijnaam La Léopoldine) vooral in Vlaanderen gepercipieerd wordt als zeer kritisch voor Vlaanderen en pro-Belgicistisch. La Libre Belgique daarentegen behandelt anno 2008 een bredere waaier aan onderwerpen in relatie tot Vlaanderen en beperkt haar berichtgeving over Vlaanderen dus niet tot de federale politieke beslommeringen. Bovendien is de toon van de berichtgeving genuanceerder en neutraler.

De twee grote kwaliteitskranten in Franstalig België berichten zo elk op hun eigen manier over de actuele Belgische politieke 'realiteit', dat is wat het onderzoek van Simon Debroey ons toont. We mogen dan vandaag in een situatie leven van politieke hoogspanning voor politici, voor academici creëren deze uitzonderlijke omstandigheden een buitenkans voor communicatiewetenschappelijk onderzoek naar processen van nieuwsframing en naar verschillen in journalistieke en redactionele cultuur.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234