Maandag 21/09/2020

Analyse

Het einde van de gemengde school

Amsterdamse concentratiescholen proberen via T-shirts meer blanke kinderen aan te trekken. De actie zorgt voor heel wat discussie.Beeld ANP

Onze klassen moeten gemengd worden. Dat wensen twee Amsterdamse scholen, die hun 'zwarte' scholieren inzetten om 'witte' ouders te overtuigen. Hun droom bestaat ook in Vlaanderen al langer, omdat migrantenkinderen daardoor beter zouden gaan presteren. Maar is dat wel zo?

"Is dit wit genoeg voor u?" Een Nederlandse leerling met buitenlandse roots toont zijn T-shirt. Hij heeft niet zelf voor die opdruk gekozen, dat deed zijn school anderhalve week geleden. Op de Avonturijn en de Catharinaschool, allebei gelegen in gemengde wijken in Amsterdam-Zuid, heeft 95 procent van de scholieren een migrantenachtergrond. De 'ludieke' actie moet blanke ouders aanspreken om hun kinderen daar in te schrijven.

Maar daar blijft het niet bij. Er volgde afgelopen vrijdag ook een persbericht, waarin in niet mis te verstane taal werd aangegeven dat de scholen moeten veranderen. "Wij zijn het zat dat zwarte scholen geen witte kinderen aantrekken", klinkt het. "Alles wordt in het werk gesteld om het percentage witte kinderen drastisch te verhogen."

De Vlaamse onderwijssocioloog Orhan Agirdag (Universiteit van Amsterdam) wist niet wat hij zag. In een opiniestuk in de Volkskrant haalde hij gisteren hard uit naar de schoolbesturen en de leerkrachten. "Wat hebben de gekleurde leerlingen dan geleerd van de actie van de Amsterdamse scholen? Dat hun zwarte school liever een andere kleur had gehad. Dat ze als zwarte leerlingen iets ontberen dat enkel vervuld kan worden door witte kinderen. En het ergste van al: dat ze blanke kindjes nodig hebben om te kunnen leren. Kortom, zwarte leerlingen leren dat ze minder waard zijn dan blanke leerlingen."

Het lijkt uitgesloten dat de Amsterdamse schooldirecteurs racistische bijbedoelingen hadden. Toch blijft die indruk nu hangen en dat is bijzonder frappant. Het streven naar een zogeheten gemengde school stamt doorgaans uit de meer progressieve hoek van onze samenleving. Waarom is deze actie zo veel perverser dan het voornemen van talloze linkse experts en oud-minister van Onderwijs Pascal Smet (sp.a)? Hij meende eveneens dat scholen gemengd moeten zijn om de kansen van migrantenjongeren te vergroten en de werkelijkheid te weerspiegelen.

Een nobel streven, dat spreekt voor zich, maar de oplossing die wordt aangedragen - meer gemengde scholen -, draagt daartoe weinig bij. Niet alleen blijft het bijzonder moeilijk om blanke ouders te overtuigen om hun kinderen naar een zogenaamde zwarte of concentratieschool te sturen, maar vooral ook blijkt dat de migrantenkinderen niet beter gaan presteren als er plotseling veel witte leerlingen in hun klas opduiken.

Die vaststelling is nog te vaak onbekend. Toch wijzen bijna alle Nederlandse en Vlaamse onderzoeken uit dat de kwaliteit van het onderwijs in concentratiescholen niet slechter is dan in witte scholen, zoals Agirdag aanhaalt in zijn opiniestuk en in zijn eigen onderzoek ook heeft aangetoond. Sterker nog, op zwarte scholen boeken de leerlingen - die gemiddeld wel lager scoren dan autochtone leeftijdsgenoten - evenveel vooruitgang als op een witte school. Het zijn, ironisch genoeg, juist de blanke leerlingen die baat hebben bij een zwarte school. Zij presteren daar beter, omdat ze zich kunnen vergelijken met de migrantenkinderen en zich doorgaans als sterker inschatten.

Beeld RV

Wensdromen

Zulke wetenschappelijke conclusies gaan in tegen het buikgevoel, maar vertellen niet het volledige verhaal. Want hoe kan het dat de hogescholen en universiteiten nog altijd veel te weinig studenten van vreemde origine mogen verwelkomen? Veel heeft te maken met de manier waarop de Vlamingen en de leerkrachten zelf naar het onderwijs kijken. Er is een kleurencultus ontstaan, waarbij wit netjes tegenover zwart staat en gemengd het ideaal van progressieve krachten is geworden. Een tegenstelling die weinig tot niets te maken heeft met de werkelijke problematiek.

Onderzoek leert ons dat niet zozeer de afkomst, maar de socio-economische achtergrond van de leerlingen invloed kan hebben op de schoolprestaties. Kansarmoede komt meer voor bij migranten en als hun kinderen uitsluitend naar bepaalde scholen gaan, dan kunnen de gemiddelde scores achteruitgaan. Hetzelfde geldt natuurlijk voor kansarme Vlamingen, waardoor de huidskleur in geen enkel opzicht een verschil maakt. Het zorgt ervoor dat onze blik op het onderwijs moet worden bijgesteld en het heeft ook grote gevolgen voor de wensdroom van een gemengde school.

Er zijn namelijk heel wat concentratiescholen die sterke leerlingen afleveren en kwaliteitsvol onderwijs aanbieden. Maar waarom komen leerlingen van vreemde origine dan vaker terecht in het buitengewoon of het beroepsonderwijs? Waarom verlaat bijna de helft van de jongeren met Turkse of Marokkaanse roots zonder diploma de schoolbanken? Zij weten het zelf doorgaans niet, maar veel heeft te maken met onze leerkrachten.

Uit een onderzoek van de UGent, de UAntwerpen en de KU Leuven bleek dat veel leerlingen van Turkse of Marokkaanse origine zich gestigmatiseerd voelen. In diepte-interviews lieten de leraren op hun beurt verstaan dat slechte schoolprestaties van zulke jongeren vaak te wijten zouden zijn aan de andere taal die er thuis wordt gesproken.

Het lerarenkorps bestaat voornamelijk uit etnische Vlamingen en Nederlandssprekenden. In zwarte of concentratiescholen verwachten veel van deze leerkrachten vaak minder van hun leerlingen. Dat mechanisme voltrekt zich niet bewust en wijst zeker niet op openlijk racisme, maar hangt vooral samen met het belang dat de leraren hechten aan een correct gebruik van het Nederlands. Meertaligheid is dan geen troef meer, maar een last. Daardoor worden zulke leerlingen vaker bekritiseerd en krijgen zij minder positieve toekomstadviezen. De Turkse of Marokkaanse leerlingen kunnen weinig veranderen aan hun thuistaal en nemen onbewust de gedachten van de leerkrachten over, waardoor hun zelfvertrouwen daalt en hun studie- en carrièrekansen een forse knauw krijgen.

Beeld © ANP

Burgerschapszin

Om dat te bekampen, zijn er een paar oplossingen mogelijk. Meer kleuters van vreemde origine vroeger op school krijgen en sneller Nederlands laten leren, of hun thuistaal een grotere plaats geven op school. Aan het eerste wordt gewerkt, maar de drastische optie - de leerplicht vervroegen - is een kostelijke operatie en daardoor onmogelijk in besparingstijden. Meer aandacht voor het Turks of Arabisch is in de huidige politieke constellatie dan weer onhaalbaar, hoe hard Agirdag er ook voor pleit.

Een gemengde lerarenkamer zou soelaas bieden, maar een gemengde school vormt in dit opzicht geen antwoord. Het pleidooi daarvoor blijft toch terugkeren, omdat het onderwijs in de ogen van velen niet alleen een kennisfabriek is, maar ook burgerschapszin moet bevorderen. "Wie gescheiden opgroeit, zal later ook gescheiden leven", zei Pascal Smet daarover. "Ik kies niet voor een wij-zijsamenleving en daarom hebben we wij-scholen nodig."

Maar zo simpel is dat natuurlijk niet. Zo'n sociale mix moet ervoor zorgen dat kinderen later meer begrip zullen tonen voor landgenoten met een andere afkomst. Het is het ideaalbeeld van de multiculturele samenleving. Maar dat vertoont al langer barsten. Zo wordt uit sommige onderzoeken duidelijk dat kansarme leerlingen zich minder op hun gemak voelen als zij omringd worden door kansrijke leerlingen en geen extra ondersteuning krijgen.

"Intercultureel contact kan leiden tot minder vooroordelen, maar daarvoor moeten de beide groepen wel een gelijke status hebben en dat is in Vlaanderen niet het geval", zegt Agirdag. "Hoe kun je van gelijkwaardigheid spreken als een kind gestraft wordt omdat het op school zijn thuistaal heeft gesproken? Hoe rijmt die visie met het verbieden van lange rokken, waardoor de laatste tijd islamitische leerlingen geen toegang kregen tot de klas? Zij zijn geen eersterangsburgers en dan heeft dat contact niet meteen positieve gevolgen."

Vriendjes worden

De reportage van Koppen die vanavond wordt uitgezonden (zie hiernaast), bevestigt hoe breekbaar het ideaalbeeld is. Met een eenvoudig experiment wordt aangetoond hoe snel racisme en discriminatie de kop opsteken. Het zorgde ervoor dat stadssocioloog Stijn Oosterlynck (UAntwerpen) eerder in deze krant stelde dat de sociale mix een sprookje is. "Jan wordt niet spontaan de vriend van Mohammed omdat ze samen in de klas zitten. Vandaag is er een brede wetenschappelijke consensus dat het zo niet werkt."

Het voorkomen en bestrijden van armoede bij ouders van een andere origine zal een veel positiever effect hebben. Binnen het onderwijs zelf kan er, naast de al eerder aangehaalde verlaging van de leerplicht of een grotere aandacht voor de thuistaal, ingezet worden op het versterken van de concentratiescholen. Zet er meer ervaren leerkrachten voor de klas, bijvoorbeeld. Maar zorg er ook voor dat alle leraren hun leerlingen beter begrijpen door in de lerarenopleiding meer aandacht te besteden aan de islam en de soms onterecht lage verwachtingen ten opzichte van leerlingen van andere afkomst weg te nemen.

Als dat lukt, dan zullen de gemengde scholen hun utopische karakter niet verliezen, maar plotseling wel niet meer noodzakelijk zijn.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234