Maandag 06/04/2020

Het digitale tijdperk is fel overroepen

Paul Krugman is columnist voor The New York Times en won in 2008 de Nobelprijs voor de Economie.

Herinnert u zich de roman uit 1979 van Douglas Adams nog, The Hitchhiker's Guide to the Galaxy? Die begon met een technologiegrap, waarin de aarde werd afgedaan als een planeet waarvan de levensvormen "zo verbazingwekkend primitief zijn dat ze nog steeds denken dat digitale horloges een goed idee zijn". Maar dat is alweer lang geleden, tijdens de allereerste fase van de IT-revolutie. Sindsdien zijn we op belangrijker zaken uitgekomen, zozeer zelfs dat de grootste technologische vondst van 2015 - tot nu toe - een digitaal horloge is. Maar dat zegt je wel dat je moet gaan staan als je te lang hebt gezeten!

Ok, ik maak een grapje. Maar hier ligt wel een echte vraag aan ten grondslag. Iedereen zegt te weten dat we in een tijdperk van ongelooflijk snelle technologische veranderingen leven, waarin alles anders wordt. Maar als iedereen het nu eens bij het verkeerde eind zou hebben? Ik sta niet alleen met deze mening. Een groeiend aantal economen vraagt zich, kijkend naar de gegevens over de productiviteit en de inkomens, af of al dat gepraat over de technologische revolutie niet enorm overdreven is - zelfs sommige technologen delen die zorg.

We hebben dit al eens eerder beleefd. The Hitchhiker's Guide verscheen in het tijdperk van de 'productiviteitsparadox', een twee decennia durende periode waarin de technologie snel vooruit leek te gaan - pc's, gsm's, de eerste fase van het internet - maar waarin de economie slabakte en de inkomens stagneerden. Er werden veel hypotheses geformuleerd om deze paradox te verklaren, waarvan de populairste was dat het uitvinden van nieuwe technologie en het leren daarvan effectief gebruik te maken niet één en hetzelfde zijn. Na verloop van tijd, zo zeiden economische historici, zouden computers vanzelf goederen (en diensten) opleveren.

Dit optimisme leek gerechtvaardigd toen de productiviteitsgroei rond 1995 eindelijk aantrok. De vooruitgang was terug - en Amerika ook, dat zich in de voorhoede van die revolutie leek te bevinden.

Toen gebeurde er iets raars. Het bleek dat we geen duurzame terugkeer naar snelle economische vooruitgang kregen. In plaats daarvan was het een eenmalige sprint, die al tien jaar geleden langzaam uitdoofde. Sindsdien hebben we in een tijd van iPhones en iPads en iDontKnows geleefd. Maar zelfs als je de effecten van de economische crisis in je overwegingen betrekt, zijn de groei en inkomensontwikkelingen nu net zo sloom als in de jaren 70 en 80.

Met andere woorden: het hele digitale tijdperk, dat ruim vier decennia omspant, lijkt één grote teleurstelling. De nieuwe technologieën hebben tot grote krantenkoppen geleid, maar nauwelijks economisch resultaat opgeleverd. Hoe kan dat?

Eén mogelijkheid is dat de cijfers de werkelijkheid niet adequaat weerspiegelen, met name de voordelen van nieuwe producten en diensten. Ik beleef veel plezier aan technologie die me laat genieten van gestreamde optredens van mijn favoriete artiesten, maar dit wordt niet meegeteld in het bbp. Niettemin zou de nieuwe technologie bedrijven en consumenten moeten dienen, en de productie van traditionele en nieuwe goederen moeten bevorderen. De grote productiviteitswinsten van de periode 1995-2005 deden zich grotendeels voor op terreinen als voorraadbeheer, en doken net zozeer of zelfs vaker op in niet-technologische sectoren. Op dit moment gebeurt niets van dat alles.

Een andere mogelijkheid is dat nieuwe technologieën eerder plezierig dan fundamenteel van aard zijn. Peter Thiel, een van de oprichters van PayPal, heeft ooit gezegd dat we vliegende auto's wilden maar in plaats daarvan 140 leestekens kregen. En hij is niet de enige die erop zinspeelt dat de informatietechnologie die de twitterende klassen zo opwindt, weinig om het lijf heeft voor de economie in haar geheel.

Wat denk ik dan dat er met de technologie aan de hand is? Het antwoord luidt dat ik het niet weet - net als vrijwel alle anderen. Misschien hebben mijn vrienden bij Google gelijk en zal Big Data alles veranderen. Misschien zal het 3D-printen de informatierevolutie in de echte wereld doen doordringen. Of misschien moeten we ons voorbereiden op een nieuwe teleurstelling.

Ik weet in ieder geval zeker dat we de hype moeten temperen. Schrijven en aan één stuk doorpraten over hoe de nieuwe technologie alles verandert, kan namelijk onschuldig lijken, maar leidt in de praktijk de aandacht af van fundamentelere zaken - en is een excuus om daar slecht mee om te gaan. Als je teruggaat naar de jaren 30, tref je veel invloedrijke personen aan die dezelfde dingen zeggen die dergelijke mensen vandaag de dag zeggen: dat dit helemaal niet over conjunctuurcycli gaat, ondanks alle debatten over het macro-economische beleid, maar over radicale technologische veranderingen en een beroepsbevolking die niet over de juiste vaardigheden voor het nieuwe tijdperk zou beschikken.

Dankzij de Tweede Wereldoorlog kregen we destijds eindelijk de stimulans van de vraag die we nodig hadden, en al die zogenaamd 'ongekwalificeerde' werknemers bleken in de moderne economie opeens heel goed mee te kunnen als ze de kans kregen.

Begrijp ik dan niet dat alles nu anders is? Nou ja, ik begrijp waarom de mensen dat graag zeggen. Maar daarom is het nog niet waar.

© The New York Times

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234